Love is not all: it is not meat nor drink

Nee, liefde is geen vlees en ook geen drank,

Geen sluimer en geen afdak bij slecht weer;

Geen wrakhout waarmee je je redden kan,

Eerst boven, dan weer onder, op en neer;

De liefde biedt de long geen ademstoot,

Heelt geen gebroken been, ververst geen bloed,

Toch sluiten velen vriendschap met de dood

Alleen omdat men, denk ik, liefde zoekt.

Het kan best zijn dat in een moeilijk uur,

Geveld door pijn, ik om verlossing huil,

Dat ik, gepest door pijn van lange duur,

Het liefst jouw liefde voor mijn vrede ruil,

Of voedsel voor de nacht met jou verkies.

Het kan best zijn. Maar toch denk ik van niet.

Love is not all: it is not meat nor drink

Nor slumber nor a roof against the rain;

Nor yet a floating spar to men that sink

And rise and sink and rise and sink again;

Love can not fill the thickened lung with breath,

Nor clean the blood, nor set the fractured bone;

Yet many a man is making friends with death

Even as I speak, for lack of love alone.

It well may be that in a difficult hour,

Pinned down by pain and moaning for release,

Or nagged by want past resolution's power,

I might be driven to sell your love for peace,

Or trade the memory of this night for food.

It well may be. I do not think I would.