Dagboek herborist 2004

2004. Het jaar dat ik een uitgebreid dagboek over mijn leven met planten heb bijgehouden. Het jaar ook dat ik nog meer dan andere jaren, leefde tussen België en Frankrijk, tussen Keerbergen en Bellegarde. Hier een uitreksel uit dat dagboek. De volledige brochure is voor de prijs van 10 euro bij mij verkrijgbaar. Of digitaal voor 8 euro. vlaamseherboristen@gmail.com

1 Januari 2004: een oude Franse nieuwjaarswens ‘Au gui l’an neuf’

Met de Maretak (Gui) en met al de andere mensen en kruiden uit Bellegarde het nieuwe jaar ingewandeld.

Onze eerste wandeling op de eerste dag. We volgen het pad 87 / 88 achter het huis van de familie Ditman naar omhoog. Mijnheer en mevrouw Ditman versieren in de zomer zowat 1 km straat / oprit naar hun huis en geven ons zo de indruk dat ook de straat van hen is. De rest van de vallei (hellingen, beek en weiland) is ook echt hun eigendom en ik eigen (dom) het mij met mijn ogen en mijn neusgaten nu ook een beetje toe. Misschien heeft een mens daar nog meer aan dan het materieel bezit ervan. Wel de lusten en niet de lasten van het landschap.

Bij een klein colletje klimt pad 88 verder naar de grote col, maar dat is niet voor vandaag, wij dalen naar een ander valleitje Combe Limbert. Een prachtige plek met een oude boerderij tot voor kort in gebruik door Rolf en Rosie als gîte en chambre d’hôte voor motorfanaten. Helaas met de vele regen van begin december is de hele berg met huis en al 15cm gezakt. Niet veel maar genoeg om het hele gebouw te ontwrichten en het onbewoonbaar te maken. Rolf en Rosie wonen nu verderop bij de weg naar Bellegarde in een huisje dat ze eerder als vakantieverblijf verhuurden. De natuur in Bellegarde, mooi maar ook een beetje onverbiddelijk, zeker in de winter.

We zijn eigenlijk 14 dagen op retraite in de bergen van Bellegarde-en-Diois. In een leeg huis, een ruimte met alleen maar een matras en een flesje lavendelolie. Zonder radio of TV, geen muziek maar wel enkele boeken en een laptop.
De keuken met 1 tafel, 2 stoelen en een houtkachel. Een vuur dat we brandend houden met afvalhout, vloerplanken en antieke afbraakbalken uit het huis van onze buren.

'Savonds in ons vegetarisch hotelletje een gesprek gevolgd tussen ‘un professeur de yoga’ en anderen over het vasten (le jeune) en over (weer eens) alles is geest, of eerder materie bestaat niet. Zelf heb ik alleen maar gedacht en gezwegen, ook al omdat mijn Frans niet goed genoeg is om filosofische gesprekken te voeren. Gelukkig maar! Gedacht heb ik dus wél en ik dacht, geef mij toch maar ‘de geest van de materie’. De geur van hout en roet, de ruwheid van oude planken, de krassen van bramen op mijn huid, het tateren van Tineke (heel even maar). En ik dacht ook, maar deed het niet, als ik de professeur een klap op zijn kop geef, zou hij dat ook als geest ervaren?

Comments