Tine Halkes

Boegbeeld van gelovige feministen

Jeugd

Tine Halkes wordt in 1920 in Vlaardingen geboren als jongste van drie meisjes. Haar vader Bert is procuratiehouder bij een rederij en haar moeder is Grietje van Ham, afkomstig uit een geslacht van bemiddelde kaasboeren uit de omgeving van Gouda. Deze krijgt bij haar huwelijk f.100.000,- mee, waarmee het gezin Halkes meteen tot de gegoede burgers behoort. Tines vader is naast zijn werk druk met vrijwilligerswerk voor de parochie. Gonda, de oudste dochter, gaat voor de ulo-opleiding naar het pensionaat van de zusters ’Franciscanessen van Roosendaal’ in het Westlandse dorp Monster. Als tweede dochter Jeanne 12 jaar is, kan zij naar de inmiddels in Vlaardingen gestarte katholieke ulo. Tine gaat ook naar de ulo, maar stapt na een jaar over naar het gerenommeerde R.K. Lyceum voor meisjes ‘Maria Virgo’ in Rotterdam, ook een nonnenschool. Ze behaalt in 1939 met glans het gymnasiumdiploma.

Havenstraat 18 in Monster, een dorp in het Westland. In dit gebouw was in vroeger jaren het pensionaat van de zusters Franciscanessen van Roosendaal. Gonda, de oudste zus van Tine, volgt er de ulo-opleiding.

Wikimedia Commons

Moeilijke omstandigheden

Inmiddels heeft het gezin Halkes zware klappen gekregen. In 1928 wordt bij Gonda de ongeneeslijke spierziekte multiple sclerose vastgesteld. In 1930 overlijdt vader Bert plotseling door een maagbloeding. Het gezin moet nu leven van de door hem nogal riskant geïnvesteerde gelden. De opbrengsten daarvan vallen bitter tegen. Het in de kistenfabriek ‘Het Westland’ in Loosduinen gestoken geld gaat door faillissement verloren. Ook worden hypotheken aan Westlandse tuinders door de economische crisis niet of slechts gedeeltelijk afbetaald. Als Tine na haar gymnasiumexamen in Leiden klassieke talen wil studeren, blijkt dat financieel niet haalbaar. Ze neemt daarom eerst maar een administratief baantje en doet bij Schoevers de opleidingen voor secretaresse en stenografie. Daarna volgen Engelse en Duitse handelscorrespondentie. In 1941 geeft ze les aan het Vlaardings Handelsinstituut en begint ze aan de studie MO-A Engels. Ze slaagt na twee jaar voor deze driejarige studie, zegt haar baan op en gaat aan huis privélessen Engels geven. Daarnaast steekt ze veel energie in culturele activiteiten bij de Katholieke Actie (KA) Vlaardingen. Ze organiseert er o.a. lezingen waar bekende katholieke sprekers als Godfried Bomans, Anton van Duinkerken en Louis Rogier worden uitgenodigd. Ze organiseert ook een tentoonstelling over religieuze kunst.

Studie en huwelijk

Na de bevrijding in mei 1945 schrijft Tine zich in voor de studie Nederlands in Leiden. Haar moeder blijkt kort daarop aan kanker te lijden en ze overlijdt al een paar maanden later. Tines medestudent Theo Govaart, een van de twintig eerstejaars studenten Nederlands, komt naar de begrafenis. Met hem zal ze in 1950 trouwen. Haar studie verloopt vlot: door de oorlog vertraagde studenten mogen versneld doorstromen. Ze doet eind 1949 haar doctoraal. In het eerste jaar van hun huwelijk werkt Theo op een middelbare school in Den Haag en geeft Tine privélessen. Als de baan van Theo bezet gaat worden door een pater, solliciteert hij bij de Rijks-HBS in Breda en volgt verhuizing naar die stad.

Moeder met grote maatschappelijke inzet

Tine en Theo krijgen drie kinderen: Margriet-Marie, Andries en Casper. Naast het gezin heeft Tine voldoende energie voor vrijwilligerswerk. Ze wordt al spoedig presidente van de Bredase afdeling van het Katholiek Vrouwengilde. Voor de ruim 1000 leden wordt veel georganiseerd, vooral op het educatieve vlak: lezingen en cursussen. Tine is de motor achter het geheel. Haar boodschap is: katholieke vrouwen moeten zich niet laten opsluiten binnen het gezin, ze moeten kennis vergaren en zelfbewustzijn ontwikkelen. Ze draagt dat ook uit in lezingen en artikelen. Ze neemt afstand van de conservatieve krachten binnen de katholieke kerk en wijst het Bisschoppelijk Mandement van 1954 af, waarin katholieken gemaand worden de eenheid te bewaren en geen lid te worden van socialistische verenigingen.

Als in 1957 getrouwde vrouwen het recht terugkrijgen in overheidsdienst te zijn, begint Tine meteen aan een kleine baan als lerares Engels en Nederlands. Ze vertrekt bij het Gilde, maar wordt wel in 1960 landelijk actief als presidente van het Katholiek Vrouwendispuut. Ook treedt ze toe tot de redactie van het progressieve theologisch-culturele katholieke tijdschrift ‘Te Elfder Ure’. Ze schrijft verschillende artikelen, o.a. over de positie van leken in de r.-k. kerk, over de knellende kerkelijke standpunten met betrekking tot geboorteregeling en seksualiteit en over het priestercelibaat. In de redactie ontmoet Tine de theoloog en priester Frans Haarsma, met wie ze een langdurige intiem-vriendschappelijke relatie krijgt. Ze is daar open over. Tine en Theo vinden dat binnen een huwelijk relaties met derden ‘moeten kunnen’.

Theo Govaart (1921-2013), echtgenoot van Tine Halkes. In 1972 zijn zij van elkaar gescheiden. Theo publiceert tal van essays over o.a. Bernlef, Blaman, Bordewijk, Reve, Vestdijk en Wolkers. Zijn Vestdijkbibliotheek (met eerste drukken) heeft hij nagelaten aan de Vestdijkkring.

Opening van het Tweede Vaticaans Concilie (1962). Enkele bisschoppen - aangeduid als concilievaders - op het St. Pietersplein. Tine heeft een aantal zittingen van het concilie bijgewoond.

Peter Geymayer / Wikimedia Commons

Kerkelijk en publicitair actief

Tijdens het Tweede Vaticaans Concilie (1962-1965) is Tine verschillende malen in Rome met Frans Haarsma, die daar adviseur is van kardinaal Alfrink en directeur van het Nederlands Documentatie Centrum aldaar. Tine assisteert hem. Ze beijvert zich ook, o.a. met oud-minister Marga Klompé, om meer vrouwen als toehoorder op het concilie toegelaten te krijgen. Ze hebben succes, maar geen van beiden wordt als zodanig benoemd. Op verzoek van uitgeverij Ambo schrijft Tine vervolgens haar eerste boek: ‘Storm na de stilte, de plaats van de vrouw in de kerk’. Hierin wordt o.a. een discussie geopend over de vrouw in het priesterambt. Van de eerste royalty’s van het boek koopt ze een wasmachine! In 1965 krijgt Tine haar eerste betaalde baan in de kerk. Ze wordt in Breda adjunct-directeur van de ‘Maartenshof’, een parttime opleiding voor pastoraal werkers. Zelf gaat ze de tweejarige deeltijdcursus pastoraal-theologie volgen aan de universiteit van Utrecht.

In 1967 publiceert het Amerikaanse weekblad Time een artikel over de ‘ultra progressieve’ katholieke kerk in Nederland. Voor dat geïllustreerde artikel worden kardinaal Alfrink, Tine Halkes en de Nijmeegse theoloog prof. Schillebeeckx geïnterviewd. In dat interview geeft Tine desgevraagd toe de anticonceptiepil te gebruiken. In de pers geeft dat wereldwijd de nodige deining. Een jaar later zal paus Paulus VI in de encycliek ‘Humanae Vitae’ het verbod van kunstmatige geboorteregeling voor katholieke vrouwen herbevestigen. Volgens de inmiddels tot ver over de landsgrenzen bekende Tine Halkes heeft de paus daarmee weer eens óver vrouwen gesproken en niet mét hen.

Vanuit het bisdom Breda wordt Tine een actieve deelneemster aan het Nederlands Pastoraal Concilie, dat van 1968 tot 1970 in Noordwijkerhout wordt gehouden. Het thema ‘vrouw en ambt’ wordt hier overigens vrijwel ondergesneeuwd door het meer urgente onderwerp van het verplichte priestercelibaat. Het aantal priesteruittredingen in 1968 is namelijk ongekend hoog: 196! De meerderheid van de conciliedeelnemers en 75% van alle Nederlandse priesters spreken zich uit voor het loslaten van de celibaatsverplichting. De bisschoppen beloven dit in Rome te gaan aankaarten.

Pastoraal Concilie in Noordwijkerhout bijeen voor een driedaagse vergadering (1969)

Nationaal Archief / Wikimedia Commons

Kardinaal Alfrink aan het woord op het Pastoraal Concilie in Noordwijkerhout (1970)

Nationaal Archief / Wikimedia Commons

Van student-assistent tot hoogleraar

Vanaf 1 februari 1969 heeft Tine Halkes een contract van vijf dagdelen per week als student-assistent bij de vakgroep pastoraaltheologie van de universiteit van Nijmegen, waar Frans Haarsma hoogleraar is. Ze volgt zelf de opleiding voor pastoraal supervisor. Een jaar later wordt ze op grond van haar verschillende cursussen en ervaringen parttime wetenschappelijk medewerker. Door haar bestuurlijke functies in katholieke organisaties als de St. Willibrordvereniging voor oecumene, haar spreekbeurten en media interviews, en haar aanwezigheid op internationale congressen wordt ze gerekend tot de gezaghebbende vrouwen in de katholieke kerk.

Frans Haarsma (1921-2009) is in de jaren van het Tweede Vaticaans Concilie adviseur van kardinaal Alfrink. In 1967 wordt hij de eerste hoogleraar pastoraaltheologie in Nijmegen. Tine Halkes krijgt een intiem-vriendschappelijke relatie met hem.

Reformatorisch Dagblad

Het jaar 1972 brengt blijdschap rond haar benoeming tot ridder in de Orde van Oranje-Nassau en verdriet vanwege de scheiding van Theo. Hij zal spoedig hertrouwen en een nieuw gezin stichten. Tine gaat in Nijmegen wonen, zal single blijven en door de media – waarschijnlijk vanwege haar scheiding - minder worden uitgenodigd. In haar werk komt ze steeds meer onder invloed van Amerikaanse vrouwelijke theologen die de feministische theologie beoefenen. Terwijl de Nederlandse kerkprovincie met de benoemingen van de bisschoppen Simonis en Gijsen in conservatiever vaarwater is gekomen, groeit op de progressieve Nijmeegse universiteit de belangstelling voor de door Tine gestimuleerde studierichting Feminisme & Christendom. Ze wordt fulltime wetenschappelijk hoofdmedewerker daarvan en een boegbeeld van gelovige feministen. Ze publiceert het feministisch-theologische boek ‘Met Mirjam is het begonnen, opstandige vrouwen op zoek naar geloof’. In 1980 ontvangt ze een eredoctoraat aan de Amerikaanse Berkeley Divinity School at Yale University in New Haven: een belangrijke internationale erkenning van haar pioniersarbeid. Drie jaar later volgt in Nijmegen haar benoeming tot bijzonder hoogleraar Feminisme & Christendom op de leerstoel voor ‘emancipatievraagstukken’.

Commotie rondom het pausbezoek van 1985

Voor de invulling van het programma rondom het pausbezoek aan Nederland in mei 1985 worden de grotere landelijke katholieke vrouwenorganisaties het er onderling over eens, dat namens hen de internationaal bekende Tine Halkes het woord tot de paus moet voeren. Dat stuit aanvankelijk op een negatief oordeel van kardinaal Simonis, omdat zij als persoon een polariserend effect zou hebben. Die afwijzing wordt geïnterpreteerd als een spreekverbod en dat gaat de hele wereld over. Twee weken later is de kardinaal bereid tot een compromis: naast Tine moet vanwege het evenwicht ook het woord gevoerd worden namens de kleinere conservatieve ‘Vereniging van Vrouwen in de R.K. Kerk’. De overige vrouwenorganisaties gaan hiermee akkoord, maar Tine weigert. Ze voelt er niet voor de verdeeldheid in de kerk te etaleren en overigens vind ze dat er al te veel in haar concepttekst is gesneden. Het is niet verrassend dat ze vervolgens na haar toespraak tijdens een alternatieve bijeenkomst van progressieve katholieken op 8 mei op het Malieveld in Den Haag een ovationeel applaus krijgt.

Laatste fase

Drie maanden na die manifestatie op het Malieveld neemt Tine vanwege het bereiken van de pensioengerechtigde leeftijd afscheid van de universiteit. Ze blijft daarna nog lang actief. Ze ontwerpt een cursus ‘Inleiding in de theologie’ voor belangstellenden van buiten de universiteit. Uiteraard geeft ze hierin zelf de colleges van het blok ‘feministische theologie’. De respons is groot; er worden zelfs drie vervolgcursussen opgezet. De erkenning voor haar werk blijft zowel internationaal als nationaal groot. Ze wordt bevorderd tot officier in de Orde van Oranje-Nassau. Haar negentigste verjaardag wordt gevierd in de volle aula van de Radbouduniversiteit. Tine Halkes overlijdt op 21 april 2011 aan de gevolgen van een herseninfarct. Ook voormalig echtgenoot Theo Govaart is aanwezig bij de begrafenisplechtigheid, waar Tine wordt gekenschetst als hét gezicht van feministisch-theologisch Nederland.