Dorothee Sölle

Een omstreden profetes

Na de Eerste Wereldoorlog wordt in Duitsland de kiem gelegd voor de Tweede. Hoewel het Duitse leger niet meer in staat was weerstand te bieden aan de geallieerden en de totale ineenstorting nabij was, werd de capitulatie vooral gezien als een eerloze daad van politici, die een eind hadden gemaakt aan het keizerlijk gezag. Bovendien had de strijd zich niet op Duits grondgebied afgespeeld. Toen de Duitse generaals verklaarden dat het Duitse leger nooit was verslagen, werd dat door veel burgers maar al te graag geloofd. Bovendien werden in het Verdrag van Versailles aan Duitsland gigantische herstelbetalingen opgelegd.

Opkomst rechts

Als Dorothee Sölle in 1929 wordt geboren, kort voor de ineenstorting van de Amerikaanse effectenbeurs, krijgen extreme partijen van links en rechts de wind in de zeilen. De beurscrisis van 1929 maakt een eind aan hoopvolle ontwikkelingen en biedt een partij als die van Hitler nieuwe kansen. Uiteindelijk leidt dat tot zijn rijkskanselierschap. Als in 1934 de Duitse president Von Hindenburg overlijdt, “aanvaardt” Hitler ook het presidentschap. Daarmee is de machtsovername van de nazi’s een feit en krijgt de terreur van het Derde Rijk vrij baan.

Nazibewind

Wat nationalisme en gekrenkte trots kunnen bewerkstelligen is duidelijk zichtbaar geworden tijdens Hitlers bewind. Hoewel een kleine minderheid zich wel degelijk tegen Hitler en zijn nazi’s probeerde te verzetten, steunde een meerderheid van de Duitse bevolking hem. Het is verbijsterend om vast te moeten stellen dat ook veel Duitse christenen, zowel katholieken als protestanten, positief stonden tegenover Hitlers plannen. De officiële evangelische kerk in Duitsland werd door Hitler “gelijkgeschakeld”, d.w.z. onder leiding van een nazi-bisschop geplaatst. Met de katholieken sloot hij een overeenkomst, een concordaat, dat hun op papier godsdienstvrijheid beloofde. In de praktijk werden ook kritische katholieken tegengewerkt en vervolgd. Heldere officiële protesten van kerkelijke zijde bleven uit.

Auschwitz

In de oorlog komt Dorothee Sölle in contact met ondergedoken joden. Na de oorlog wordt ze geconfronteerd met de verschrikkingen van Auschwitz. In 1950 leest ze het dagboek van Anne Frank als dat uitkomt in de Duitse vertaling. Ze is verbijsterd: hoe heeft zoiets kunnen gebeuren? Ze is vooral verbijsterd over de houding van de gewone Duitse christenen, en door het in haar ogen beperkte verzet van enkelen. Dat veel mensen slechts toekijken als er verschrikkelijke dingen gebeuren, heeft haar verdere leven en werken bepaald. En na Auschwitz kan volgens haar ook nooit meer in de traditionele termen over God worden gesproken. Als Hij almachtig is, waar was Hij dan?

Werk aan de winkel

In de naoorlogse tijd is er heel veel om je druk over te maken. Het verdeelde Duitsland is druk met de wederopbouw van het verwoeste land. Men wil eigenlijk verdergaan waar men in 1933 was gebleven. Voor kritische vragen gunt men zich geen tijd. West-Duitsland sluit zich zo snel mogelijk aan bij de westelijke geallieerden, waarmee het partij kiest in de koude oorlog tussen Oost en West. Ook leidt deze politiek tot een wapenwedloop, zeer tegen de zin van diegenen die zich een ander Duitsland hadden voorgesteld. Er ontstaat een kleine vredesbeweging rond de pacifistische “Gesamtdeutsche Volkspartei”, die eind jaren ’50 opgaat in de “Ostermarschbewegung” tegen atoombewapening. Deze wordt echter bestreden door de kerkelijke en politieke gevestigde orde. Voor Sölle is dit onbegrijpelijk en onaanvaardbaar.

Nieuwe wegen

Vanuit de beweging voor joods-christelijke samenwerking en de vredesbeweging komen katholieken en protestanten in gesprekskringen bijeen. Men is het erover eens dat geloof ook politieke consequenties moet hebben. Gestimuleerd door de uitkomsten van het Tweede Vaticaans Concilie (1962-1965), initiatieven als van Roger Schutz in Taizé en de arbeiderspriesters in Frankrijk wil men op de Katholiekendag in Essen (1968) een politieke gebedsliturgie organiseren. Dat mag wel, maar dan na 23.00 uur…. Zo is het “politiek nachtgebed” ontstaan. Het begint met een demonstratie tegen de oorlog in Vietnam, en in de opeenvolgende thema’s zie je de onderwerpen van de jaren 1968 – 1972 weerspiegeld: Vietnam, Chili, de Zuid-Amerikaanse bevrijdingstheologie, vrouwen-emancipatie etc. Er ontstaat ook een beweging “Christenen voor het socialisme”, waarbij Dorothee zich aansluit en waarvan ze een belangrijk pleitbezorger wordt.

Zichtbare problemen

Dan is er de problematiek van de Derde Wereld. De ongelijkheid tussen rijk en arm. Het gebrek aan sociale rechtvaardigheid. Sölle wil problemen in elk geval zichtbaar maken. Dat geeft haar veel passie voor verandering. Ze roept mensen op mede-schepper te zijn naast God. In orthodoxe kring wordt deze opstelling haar niet in dank afgenomen. En ook haar inzet voor gelijke rechten voor vrouwen botst stevig met de opvattingen van diegenen die de Bijbel “letterlijk” nemen.

Tegen onrecht

Sölles gedrevenheid en haar daaruit voortkomende felle toon roepen veel weerstand op. “God zien als een kracht tot verzet in een wereld die dronken is van het bloed van onschuldigen” wordt niet door iedereen als een geloofsbelijdenis opgevat. Ze ging theologie studeren om de waarheid te vinden. Ze stelt de vraag: “Hoe werkt God in onze tijd en hoe bekeert Hij ons van onze verkeerde wegen?” De kerk moet volgens haar die waarheid onderwijzen. Daarbij past geen verbond met het kapitalisme. De strijd tegen onrecht is volgens Sölle kern van het christelijk geloof.

Hedendaagse foto van het vernietigingskamp Auschwitz. Dorothee Sölle vroeg zich af waarom zoveel Duitse christenen de verschrikkingen hadden laten gebeuren en zich beperkten tot toekijken.

Wikimedia Commons

Een demonstratie door de Ostermarschbewegung vanuit Hamburg (1960). Voor Sölle was het onbegrijpelijk dat zo'n beweging vanuit de kerk werd bestreden.

Wikipedia

De Evangelisch-Lutherse kerk in Duitsland organiseert om de twee jaar in steeds een andere Duitse stad de zg. Kirchentag. De postzegel is ter gelegenheid van de Kirchentag in Keulen in 1965. Dorothee Sölle hield toen een belangrijke redevoering.

Wikimedia Commons

Dorothee Sölle tijdens een redevoering tot militairen.

Ralf Boedler