John Knox

De kerkhervormer die de Church of Scotland stichtte

Biografie    Achtergronden    Tips voor verdieping en verwerking
Jeugd en studie
Over het vroege leven van John Knox is vrijwel niets bekend. Hij is in of rond 1514 geboren in Haddington, een marktstadje ten oosten van Edinburgh. We weten niet eens wat zijn vader voor werk deed. Johns beide ouders sterven als hij nog een kleuter is, en hij zal daarna, met zijn broertje William, zijn opgevangen door familieleden. William wordt een succesvol zakenman. Voor de pientere John wordt het priesterschap in de katholieke kerk voorbestemd. Hij leert Latijn op de Haddington Grammer School en gaat waarschijnlijk al op zijn vijftiende jaar naar de universiteit van St. Andrews om theologie en (kerkelijk) recht te studeren. Zijn studiejaren worden afgesloten met de diakenwijding.

‘Notary-apostolic’ en huisleraar
John Knox wordt geen parochiegeestelijke, maar ‘notary apostolic’: geestelijke die namens de bisschop recht spreekt en als notaris optreedt. Hij beslist over eigendomsakten en erfenissen, oordeelt op het terrein van het huwelijksrecht en doet uitspraak in financiële controverses. In 1543 stopt hij met deze werkzaamheden en wordt tutor of huisleraar van verschillende adellijke zonen. Hij komt in dienst van Sir Hugh Douglas en preekt in diens privékapel. John Knox heeft  blijkbaar afstand genomen van de katholieke kerk en is leraar-predikant geworden. Hij raakt in de ban van de charismatische prediker George Wishart en gaat deze ook op diens tochten vergezellen. Wishart wordt op last van kardinaal Beaton wegens ketterij gevangengenomen en in St. Andrews op de brandstapel verbrand. John Knox weet zich op tijd uit de voeten te maken en keert terug naar zijn leerlingen en adellijke beschermers. In St. Andrews keert het tij. Uit wraak voor de dood van Wishart wordt kardinaal Beaton vermoord en nemen felle antikatholieke samenzweerders de macht in het aartsbisschoppelijke kasteel over. John Knox vertrekt met zijn tutorleerlingen naar St. Andrews en wordt gekozen tot predikant van het garnizoen aldaar.

Galeislaaf in Frankrijk
De uit Frankrijk afkomstige, katholieke koningin-weduwe van Schotland, Marie de Guise, vraagt de Franse koning Hendrik II haar te helpen tegen de opstandige edelen. Hij stuurt een vloot om de protestanten een lesje te leren. St. Andrews wordt belegerd en gewapenderhand ingenomen. De overlevenden van het kasteel worden gevangengenomen en naar Rouen, een stad in Frankrijk, overgebracht. John Knox en veel van zijn vrienden worden daar tot het bestaan van galeislaaf veroordeeld. Zij worden overgebracht naar de galeigevangenis van de marinehaven van Nantes. De protestantse Schotse slaven worden verplicht de katholieke mis bij te wonen en beelden van Maria te vereren. Na negentien maanden gevangenschap wordt hij uiteindelijk begin 1549 vrijgelaten. Teruggaan naar Schotland is dan nog levensgevaarlijk en Knox kiest ervoor naar Engeland te reizen.

Vluchteling in Engeland
In Engeland is de kerkhervorming van de inmiddels gestorven koning Hendrik VIII nog in volle gang. John Knox krijgt toestemming voor de anglicaanse kerk te gaan werken en er volgt een aanstelling in het noordelijke stadje Berwick-upon-Tweed, waar veel Schotse protestantse vluchtelingen verblijven. Hij ontpopt zich daar als een voortreffelijk predikant en goed zielzorger. De uit een gegoede familie afkomstige Elizabeth Bowes vraagt hem als haar spirituele adviseur. Zij stimuleert een relatie tussen haar dochter Marjorie en John Knox. Het komt evenwel nog niet tot een formeel huwelijk, omdat de katholieke vader van Marjorie de verbintenis afkeurt.
In 1551 wordt Knox aangesteld tot één van de vijf hofpredikanten van de jeugdige koning Edward VI. Nu krijgt hij meer te maken met de hogere kerkpolitiek in Londen. Hij verzet zich heftig tegen het nieuwe Book of Common Prayer, een handleiding voor liturgische diensten in de anglicaanse kerk, waarin onder meer voorgeschreven wordt dat de gelovigen tijdens het ontvangen van de communie moeten knielen. Dat vindt Knox een teken van afgodendienst. Hij is in vele opzichten radicaler dan de meesten in de Engelse Kerk. Om de invloedrijke Knox in te kapselen biedt men hem aan anglicaans bisschop van Rochester te worden. Hij weigert dat, omdat hij predikant wil zijn en geen kerkpoliticus.
Als koning Edward in 1553 op zestienjarige leeftijd overlijdt, wordt hij opgevolgd door zijn halfzus Maria Tudor, bijgenaamd ‘de Katholieke’. Een waar katholiek schrikbewind volgt en de protestantse predikers zijn hun leven niet meer zeker. John Knox vlucht naar het vasteland.

In Genève en Frankfurt
In Genève discussiëren Knox en Calvijn over allerlei geloofszaken en blijken ze veel standpunten te delen. Knox radicaliseert er nog verder in zijn antikatholieke opvattingen. Na korte tijd wordt hij uitgenodigd om predikant te worden in de Engelse vluchtelingengemeenschap van Frankfurt. Al snel heeft hij spijt van zijn besluit aan die oproep gehoor te geven. Hij komt terecht in een heftige strijd over de ritus binnen de anglicaanse kerk. Teleurgesteld wendt Knox zich af van de Church of England en vertrekt weer naar Genève. Maar hij blijft er niet lang. De gevaren in Schotland zijn geweken. Marie de Guise, de regentes en moeder van de jonge Schotse koningin Mary Stuart, wenst voorlopig geen nieuwe godsdiensttwisten en laat nu de protestantse predikers ongemoeid. Tijd dus om naar huis terug te keren.

Terug in Schotland en weer naar Genève

Tijd ook om terug te keren naar zijn geliefde Marjorie Bowes en nu komt het wel tot een huwelijk tussen de inmiddels 42-jarige John Knox en zijn achttien jaar jongere bruid. Knox trekt predikend rond en weet met adellijke bescherming zelfs in het nog grotendeels katholieke Edinburgh diensten te verzorgen. Dan komt er een krachtig verzoek om naar Genève terug te keren. De calvinistisch gezinde, Engelse en Schotse vluchtelingengemeenschap in die stad heeft hem in zijn afwezigheid tot voorganger gekozen. Knox vertrekt met vrouw en schoonmoeder naar Geneve. Van 1556 tot 1559 volgen dan enkele gelukkige jaren. Zijn twee zoons, Nathaniel en Eleazar, worden geboren en het jonge gezin maakt vele vrienden.
Knox schrijft in deze jaren pamfletten waarin hij zijn radicale opvattingen uiteenzet. In één ervan fulmineert hij tegen het recht van vrouwen op de troon in het algemeen, maar in het bijzonder tegen katholieke vorstinnen als Maria Tudor en Marie de Guise.

Schotse Reformatie
Als Maria Tudor overlijdt, wordt zij opgevolgd door haar anglicaanse halfzus Elizabeth en kunnen de Engelse vluchtelingen in Genève veilig terug naar hun land. De gemeente van John Knox loopt leeg en hij besluit in 1559 naar Schotland terug te keren. Daar houdt hij een reeks felle antikatholieke predicaties. In Perth, St. Andrews en Edinburgh leiden ze tot een beeldenstorm en de verwoesting van kloosters. Regentes Marie de Guise moet nu wel reageren. Ze brengt een leger op de been en krijgt steun uit Frankrijk. De Engelse koningin Elizabeth stuurt dan ter verdediging van het protestantse Verbond van edelen een landleger en een vloot naar Schotland. Door de plotselinge dood van Marie de Guise wordt een bloedbad voorkomen en het Verdrag van Edinburgh gesloten. De Franse en Engelse troepenmachten trekken zich uit Schotland terug en alle regelingen met betrekking tot de godsdienst worden aan het Schotse Parlement overgelaten. Dat wordt gedomineerd door protestantse edelen, die dus van Schotland een protestantse natie maken. John Knox kan zijn stempel drukken op de nieuwe leer, de kerkorde en de liturgie van de Church of Scotland, die daarmee een sterk calvinistisch karakter krijgt. De katholieken worden vanaf nu gediscrimineerd: het opdragen en bijwonen van de H. Mis wordt hun verboden.

Krachtmeting met Mary, queen of Scots
In augustus 1561 keert de achttienjarige katholieke koningin van Schotland, Mary Stuart, terug naar haar land vanuit Frankrijk. Haar man, de jeugdige Franse koning Frans II, is inmiddels overleden. De Schotse edelen verwachten dat het hun zal lukken haar over te halen protestant te worden. Voorlopig wordt haar toegestaan binnen haar paleis de katholieke mis bij te wonen. John Knox is het daar absoluut niet mee eens en hij protesteert er fel tegen vanaf de kansel in St Giles’ Kirk in Edinburgh. Hij wordt daarop in Holyroodhouse, het koninklijk paleis, ontboden. De stevige discussie tussen Queen Mary en Knox leidt niet tot een vergelijk. Knox blijft fulmineren tegen de uitzonderingspositie voor Mary en zij blijft hem beschuldigen van opruiing. Verschillende gesprekken volgen. Knox wordt in staat van beschuldiging gesteld en vervolgens weer vrijgesproken. Hij blijft Mary aanvallen. Hij veroordeelt ook haar huwelijk met haar katholieke neef Henry Stuart, Lord Darnley. Omdat nu wel zeker is dat Mary niet zal toegeven aan de wensen van de protestantse edelen breekt er een burgeroorlog uit, waardoor Knox uit Edinburgh moet vluchten. Hij gebruikt een deel van zijn tijd nu om een boek te schrijven over de reformatiegeschiedenis van Schotland: History of the Reformation in Schotland. Hij keert pas in Edinburgh terug als Mary Stuart aftreedt. Ze wordt daartoe gedwongen na haar overhaaste huwelijk met de graaf van Bothwell. Deze is de belangrijkste verdachte van de verraderlijke moord op haar man, Lord Darnley, en daarmee lijkt Mary zelf ook medeplichtig te zijn. Het dertien maanden oude zoontje van Mary en Darnley, Jacobus VI, wordt nu tot koning gekroond en John Knox houdt tijdens de kroningsplechtigheid de predicatie.

Laatste jaren
In 1560, het jaar van zijn grootste triomf, als Schotland een protestantse natie wordt, krijgt Knox privé een grote klap te verduren. Zijn geliefde vrouw Marjorie overlijdt. De twee zoontjes komen dan onder de hoede van hun oma, Elizabeth Bowes. Na vier jaar trouwt Knox voor de tweede keer. Opnieuw met een jonge vrouw: nu de zeventienjarige Margaret Stewart, dochter van een oude vriend, die nota bene een familielid van koningin Mary Stuart is. Maar Margaret is wel protestant en samen zullen ze drie dochters krijgen: Martha, Margaret en Elizabeth.
De laatste jaren van het leven van John Knox worden getekend door een slepende burgeroorlog, waarin hij opnieuw een aantal malen moet vluchten. Zijn geest blijft ongebroken, maar zijn lichamelijke krachten nemen  af. In 1569 wordt hij getroffen door een beroerte. Hij krabbelt weer op, houdt nog een aantal vurige preken, maar overlijdt op 24 november 1572 in zijn huis in Edinburgh. De hervormer van Schotland is begraven op het kerkhof naast de St. Giles’ Kirk, de kerk waar hij als een oudtestamentische profeet zo vaak met pathos heeft gepreekt. Door zijn gedrevenheid en doorzettingsvermogen is de Church of Scotland niet anglicaans, niet luthers, maar calvinistisch of gereformeerd geworden.

John Knox

George Wishart (1513-1546). John Knox raakte in de ban van deze charismatische prediker, die wegens ketterij gevangen werd genomen en op de brandstapel werd verbrand.
Wikimedia Commons

Het Auditoire de Calvin in Genève. Tijdens jaren van ballingschap in deze stad hield Knox zijn preken in dit auditorium. De ruimte wordt tegenwoordig gebruikt door protestanten niet alleen uit Schotland, maar ook uit Nederland en Italië.
Wikimedia Commons

Op het centrale gedeelte van de Muur van de Reformatie staan vier grootheden afgebeeld: Farel, Calvijn, Bèze en Knox (rechts).
Wikimedia Commons

Op een van de zijmuren van de Muur van de Reformatie In Genève  is een tafereel opgenomen, waarin Knox in de St. Gileskerk in Edinburgh preekt voor de hofhouding van Maria Stuart.
Wikimedia Commons

St. Giles' kathedraal in Edinburgh
Wikimedia Commons

Het graf van John Knox bevindt zich onder een parkeervak (nr. 23) achter de St. Giles' kathedraal in Edinburgh.
Wikimedia Commons