Management of surgical patients taking glucocorticoids (UpToDate)
Glucocorticoid withdrawal (UpToDate)
Oorzaken: auto-immuun destructie bijnier (bv. ihkv polyglandulair autoimmuun syndroom type 1 of 2), hemorrhagisch infarct, infiltratie (metastasen, sarcoidose, amyloidose, lymfoom, hemochromatose), infectie (septische shock, meningokokkensepsis, TBC, schimmelinfecties, HIV, CMV, lues), medicatie (o.a. immuuntherapie, ketoconazol, rifampicin, fenytoine, abiraterone), genetisch
Symptomen: verminderde eetlust, gewichtsverlies, misselijkheid/braken, buikpijn, hypotensie, salt craving, zwakte/moeheid, koorts, verwardheid
Bevindingen: hyperpigmentatie (door stimulatie melanocortinereceptoren door hoog ACTH), orthostatische hypotensie, hyponatriëmie, hyperkaliëmie, soms hypoglycemie
Aanvullend onderzoek: bloedbeeld, natrium, kalium, kreatinine, lipidenspectrum
Op indicatie: bij auto-immuun adrenalitis: HbA1c, TSH, vrij T4, anti-TPO, ferritine, plasma-renine activiteit, anti-TTG (+ IgA), vitamine B12, anti-IF, anti-parietale cellen, side-chain cleavage antistoffen (bij vrouwen <40 jaar voor POF)
Crisis:
Symptomen: malaise, vermoeidheid, misselijkheid, braken, buikpijn, hoofdpijn, spierpijn, krampen, dehydratie, verwardheid/gedaald bewustzijn.
Uitlokkende factoren: gastroenteritis/voedselvergiftiging, overige infecties, operatie/tandheelkundige ingrepen, ongelukken, myocardinfarct, allergische reactie, ernstige hypoglycemie in patiënten met diabetes, psychologische stress, incompliantie
Aanvullend onderzoek: hyponatriemie, hyperkaliemie, stijging kreatinine (prerenaal), hypoglycemie, milde hyperalciemie
Oorzaken: (pan)hypopituarisme (tumor/metastase, radiotherapie, resectie), traumatisch hersenletsel, apoplexie, infarct hypofyse (bv. hypotensie na post-partum bloedverlies), steroidonttrekking (na corticosteroiden >2 weken), infectie (abces, meningitis, encefalitis), infiltratie (sarcoidose, histiocytose X, hemochromatose), medicatie (hoge-dosis progestagenen, opiaten [meestal ≥100 mg morfine-equivalent], hypofysitis door checkpoint inhibitors)
Verschil met primaire bijnierschorsinsufficiëntie: doorgaans milder dan primaire bijnierschorsinsufficiëntie door intacte mineralocorticoid productie en partiële bijnierschorsinsufficiëntie. Voorts geen hyperpigmentatie, geen dehydratie, minder vaak hypotensie, geen hyperkaliemie, soms hyponatriemie (door SIADH door cortisoldeficiëntie), minder vaak gastrointestinale klachten, vaker hypoglycemie
Aanvullend onderzoek: diagnose bevestigd bij nuchter cortisol <83 nmol/L.
Oorzaken: chronisch gebruik glucocorticoiden ≥5 mg voor >3 weken (gevolg: verminderde CRH synthese waardoor verminderde ACTH secretie), na behandeling M. Cushing. Hoger risico bij gelijktijdig gebruikt lokale of topicale inhalatiecorticosteroiden en remmers van glucocorticoid metabolisme (bv. itraconazol, ritonavir)
Onderdrukking hypothalamus-hypofyse-bijnieras:
Waarschijnlijk indien
Prednison >20 mg/dag gedurende >3 weken
Prednison >=5 mg per dag in de avond
Onwaarschijnlijk indien:
Prednison in elke dosering gedurende <3 weken
Prednison <=10 mg om de dag
Onzeker indien:
Prednison 10-20 mg/dag gedurende >3 weken
Prednison <10 mg/dag gedurende meer dan enkele weken
Stap 1. Maak inschatting van risico
Zeer hoog risico: Addisonse crise of Cushingoid uiterlijk bij voorgeschiedenis van gebruik glucocorticoiden. NB: iatrogene Cushing duidt op zeer hoge systemische dosis glucocorticoiden waarbij aangenomen moet worden dat zij een volledig onderdrukt bijnieras hebben
Hoog risico:
Symptomen van bijnierschorsinsufficiëntie bij huidig of recent gebruik glucocorticoiden of;
Prednisongebruik icm sterke CYP3A4 remmers, of;
Prednison ≥5 mg/dag voor ≥4 weken, of;
Hoge dosis inhalatiecorticosteroiden (met name fluticason-proprionaat) of gebruik >12 maanden
Matig risico:
Geen symptomen bijnierschorsinsufficiëntie maar langdurig gebruik glucocorticoiden wat gestaakt is <1 jaar geleden
Prednison ≥5 mg gedurende 2-4 weken
Prednison <5 mg/dag gedurende 4 weken
Meerdere kuren prednison van <2 weken
Langdurige behandeling met om-de-dag therapie
Laag/intermediaire dosis inhalatiesteroiden gedurende 6-12 maanden
Laag risico:
Geen symptomen en glucocorticoiden gestaakt >1 jaar geleden
Pulse therapie
Enkele prednisonkuur <2 weken
Laag/intermediaire dosis inhalatiesteroiden gedurende <6 maanden
Stap 2: doe analyse conform algoritme
Instructies belangrijk bij chronische glucocorticoiden, bv. hydrocortison 15-5 of prednison 5 mg
Regel 1: verdubbel verdriedubbel dagelijks dosis indien
Ziekte die (1) bedrust vereist en/of (2) antibiotica vereist en/of (3) gepaard gaat met koorts boven 38 graden. Doorgaan tot herstel.
Ingrepen waarvoor men niet nuchter hoeft te zijn
Regel 2: intramusculair glucocorticoiden (bv. hydrocortison 50 mg i.m. elke 6 uur) in geval van:
Orale inname niet mogelijk (bv. braken)
Ernstige ziekte
Ernstig trauma
Bij verwardheid, somnolentie of coma
Ingrepen die anesthesie of langdurig nuchter zijn vereisen (bv. colonoscopie)
Diagnose reeds bevestigd bij nuchter cortisol <83 nmol/L (zonder ACTH-stimulatietest) en zo goed als uitgesloten bij nuchter cortisol >400 nmol/L
Protocol iProva
Bij centrale bijnierschorsinsufficiëntie is de Synacthen test alleen afwijkend bij langer bestaande insufficiëntie
Insuline-gemedieerde hypoglycemie leidt onder normale omstandigheden tot een stressrespons met stijging van plasmaconcentraties van ACTH, cortisol, groeihormoon, prolactine en catecholamines.
In tegenstelling tot de Synacthen test wordt de volledige hypothalamus-hypofyse-bijnieras gestimuleerd.
Metyrapon remt de laatste stap in de cortisolsynthese, de omzetting van 11-deoxycortisol naar cortisol door het enzym 11β-hydroxylase.
Metyrapon wordt 's avonds gegeven, opname is nodig vanwege risico bijnierschorsinsufficiëntie. Test niet doen bij patiënten die ziek zijn.
Onder normale omstandigheden leidt toediening van metyrapon tot daling van plasmacortisol gevolgd door stijging van ACTH, waardoor de 11-deoxycortisol in plasma zal stijgen. Bij een centrale bijnierschorsinsufficiëntie zal het 11-deoxycortisol in plasma niet stijgen.
Normale cortisolproductie door bijnier: 5-10 mg/m2 BSA/dag
Suppletie: hydrocortison ca. 15-25 mg/dag verdeeld over 2 tot 4 doses (bv. 10-5 mg of 10-5-5 mg).
Eventueel hydrocortison modified release 1x per dag.
Indien primaire bijnierschorsinsufficiëntie: ook fludrocortison 0.05-0.20 mg/dag en voldoende zoutinname