Toedracht
- Waar: thuis of buitenshuis?
- Wanneer: moment van de dag?
- Activiteit: bij opstaan, na maaltijd, bij hoesten of lachten, bij toiletgang, bij emoties of pijn, bij inspanning, bij hoofddraaien?
- Voorafgaand aan de val: prodromale verschijnselen (duizeligheid, palpitaties, misselijkheid?), gelaatskleur (bleek?), bewustzijnsverlies?
- Tijdens of na de val: trekkingen, tongbeet, incontinentie, parese, verwardheid? zelf in staat om op te staan?
- Valgeschiedenis: in het afgelopen half jaar vaker gevallen? valfrequentie? risicogedrag?
Risicofactoren
- Mobiliteit: gebruik van hulpmiddel? balans- of loopprobleem? verminderde kracht extremiteiten? pijn of stijfheid gewrichten of extremiteiten? verminderde lichamelijke activiteit? vermijden van bepaalde activiteiten?
- Valangst: bang om te vallen? overmoedig?
- Perceptie: klachten van het gezichtsvermogen? klachten van het gehoor? duizeligheid? vertigo? gevoel in de voeten?
- Cognitie: cognitieve stoornissen?
- Uitscheiding: incontinentie voor urine? nycturie?
- Middelenmisbruik: alcohol?
- (Risico)medicatie: dosis, tijdstip van inname en frequentie?
Zie ook: Syncope in Acute Boekje