Belgische Christadelphians

Rond God de Allerhoogste

Betreft Hij die was, is, en steeds zal zijn. De God zonder begin of einde. De Schepper van alles, wiens Naam Heilig is.


Jehovah, God

A.         Gods naam

„God” vage term; onze Heer heeft persoonlijke naam.  1Kor 8:5, 6; Ge 22:14; Ex 17:15; Ri 6:24

Wij bidden dat zijn naam worde geheiligd.  Mt 6:9, 10

Gods naam is Jehovah.  Ps 83:18; Ex 6:2, 3; 3:15; Jes 42:8

Jehovah in Waarheid God Jer 10:10

Jehovah, God zijn Naam, waardig gebruiken Ex 20:7; Sp 18:10;

Naam in v.d. Palm-vert. o.a. in Ex 6:1, 2 Þ2, 3Ü.  Ex 32:5; 34:5, 6; Ps 83:19 [18]; Jes 42:8

Jezus maakte naam bekend.  Jo 17:6, 26; 5:43; 12:12, 13, 28

B.         Gods bestaan

Hij die is en zal zijn en steeds geweest is, de “Ik ben die ben” die er voor iedereen is Ex 20:2; Ps 81:10; Ho 13:4; Ro 3:29

God zien en toch blijven leven onmogelijk.  Ex 33:20; Jo 1:18; 1Jo 4:12

Onnodig God te zien voordat men gelooft.  Heb 11:1; Ro 8:24, 25; 10:17

God gekend door zijn zichtbare werken.  Ro 1:20; Ps 19:1, 2

Vervulling der profetie bewijst Gods bestaan.  Jes 46:8-11

Aan die god behoort alles toe Ex 9:26

Wiens wil geschied Han 21:14

Sterke Eeuwige Vader Jes 9:6

C.         Gods eigenschappen

Jehovah is de God der goden De 10:17; 2Sa 22:32

Schepper van hemel en aarde Ge 1:1; 1:27; jes 4:5; 65:17; Jak 1:17; Opb 4:11

Almachtig Opb 19:6

Geest 2Co 3:17

Eigenaar van het Koningschap Ps 22:28; 47:7; Ps 125:2; Jes 66:1;

Wiens deel het volk is De 32:9; 1Co 10:26; 2Ti 2:19

Onze Vader en Jezus Christus Zijn Vader 2Co 1:3; Ps 2:7; 89:26; Jes 64:8; Mt 6:9

Diegene die Leven en dood geeft 1Sa 2:6; 1Sa 17:47; Jak 4:15

En tot wie Redding behoort Ps 3:8; Ps 18:10; Sp 21:31; Jes 26:4

Is almachtig, bezit alle macht.  Job 37:23; Opb 7:12; 4:11

Munt uit in wijsheid.  Job 12:13; Ro 11:33; 1Kor 2:7

Die welke elk hart doorgrond 1 Sa 16:7

God is liefde.  1Jo 4:8, 16; Ex 34:6; 2Kor 13:11; Mi 7:18

De Goedheid zelve Ps 34:8

Jehovah een God barmhartig Ex 34:6

En Helper Heb 13:6; 12:6

Een heilige, volmaakte god Le 19:2; Ps 19:7; Opb 4:8

De Geduldige langzaam eer Hij zich kwaad maakt Na 1:3; 2Pe 3:19

Maar ook de God van wraakoefeningen, een verterend Vuur De 4:24; Ps 94:1

Leider der Legerscharen Jes 1:24; 8:13; 9:7; 47:4 Ju 9

Rechter boven alle rechters Jes 30:18; 33:22; Ps 75:7

Is rechtvaardig, oefent gerechtigheid.  De 32:4; Ps 37:28

D.      Niet allen dienen dezelfde God

Jehovah onze enige God horen wij te aanbidden Mr 12:29; Mt 4:10

Weg die goed schijnt, is dit niet altijd.  Sp 16:25; Mt 7:21

Twee wegen, slechts één leidt tot leven.  Mt 7:13, 14; De 30:19

Vele goden, maar slechts één ware God.  1Kor 8:5, 6; Ps 82:1; Ex 20:3; De 7:16

Voor leven kennis van ware God noodzakelijk.  Jo 17:3; 1Jo 5:20

E.         Gods naam aanroepen

Wij horen Gods Naam te gebruiken en kenbaar te maken Jes 12:4; Ex 6:3; 9:16; 20:7

Wij horen gods Naam te eren om redding te verkrijgen Ps 50:15; 55:16; 145:18; ; Ro 10:11-13; 15:11;  Han 2:21; Lu 4:8; Fil 2:9

Vol liefde De 6:5

Hem alleen erend Ex 20:3,5; 23:24; 34:14; 2Ko 17:35 De 4:25; 5:7,9; Lu 20:25;; Nu 25:11; Mt 4:10; Lu 10:27; Pr 12:1;Sp 3:9

Aan Jehovah horen wij exclusieve toewijding te geven Na 1:2

 

-_-_-_-