Belgische Christadelphians

De Gezondene

Rond Jezus Christus, de Zoon van God. De Beloofde Redder of Messias.

“Als uw dagen voleind zijn en gij bij uw vaderen rust, zal Ik de nazaat die gij verwekt hoog verheffen en zijn koninklijke macht in stand houden. Hij zal een huis bouwen ter ere van mijn naam en Ik zal zijn koninklijke troon voor altijd in stand houden. Ik zal hem tot vader zijn en Hij zal mijn zoon zijn. Als hij de verkeerde weg opgaat, zal Ik hem kastijden met slagen en striemen, even goed als andere mensen. Maar nooit zal Ik hem uit mijn gunst verstoten, zoals Ik gedaan heb met Saul, die Ik verstoten hem om plaats te maken voor u. Zo zullen uw huis en uw koninklijke macht bestendig zijn voor altijd; uw troon staat vast voor eeuwig.’ Al deze woorden, heel dit visioen, bracht Natan over aan David. Toen ging koning David het heiligdom binnen; hij zette zich neer voor Jahwe en zei: ‘Wie ben ik, Heer Jahwe, en wat is mijn huis, dat Gij mij zover gebracht hebt? En nu is U dit alles nog niet genoeg, Heer Jahwe: ook over de toekomst van het huis van uw dienaar spreekt Gij. Is dit voor een mens wel weggelegd, Heer Jahwe? Wat kan David nu verder nog tot U zeggen? Gij weet wat er in uw dienaar omgaat, Heer Jahwe!” (2 Samuel 7:12-20 WV78)
 
Jehovah spreekt niet dat Hij zal komen, maar dat Hij iemand zal sturen. Jezus is diegene die door JHWH naar de aarde gezonden is.
 
“Zeg dan tot hem: Zo spreekt Jahwe van de machten: Daar is de man die de telg heet; hij schiet omhoog waar hij is en hij bouwt de tempel van Jahwe. Hij bouwt niet alleen de tempel van Jahwe, maar hij zal ook met luister bekleed worden en als heerser zetelen op zijn troon. Ook een priester zal zetelen op zijn troon en er zal vrede zijn tussen die twee. Wat de kroon betreft, hij zal ter ere van Cheldai, Tobia, Jedaja en de welwillende zoon van Sefanja als aandenken in de tempel van Jahwe blijven. Mensen uit verre landen zullen komen en meebouwen aan de tempel van Jahwe. En gij zult weten, dat Jahwe van de machten mij tot u gezonden heeft. Dit zal geschieden, wanneer gij nauwlettend luistert naar de stem van Jahwe, uw God.” (Zacharias 6:12-15 WV78)
 
JHWH heeft het duidelijk over een man die zal komen.

Die man zal naast het Koningschap (Jeremia 23:5-6) ook dienaar zijn (Zacharias 3:8) die nog zal ontluiken (Jesaja 4:2), terwijl God er was van het begin in al Zijn volheid, zou Jezus opgroeien als kind dat ook de dingen van de dag moest leren en zich houden aan de regels van de mensen. Het is pas bij het doopsel dat Christus tot de volheid van prediker in de Naam van Zijn Vader komt. dan openbaart God ook deze Zoon van Hem als de uitverkorene.

“Terwijl al het volk zich liet dopen, en Jezus na zijn doop in gebed was, geschiedde het dat de hemel openging en de heilige Geest, in lichamelijke gedaante als een duif, over Hem neerdaalde, en een stem uit de hemel sprak: ‘Gij zijt mijn Zoon, de welbeminde, in U heb ik mijn behagen gesteld.’” (Lukas 3:21-22 WV78)

Hier ook weer stelt JHWH de mens en neef van Johannes de Doper voor als Zijn Zoon en niet als een verpersoonlijking van Jehovah (Hemzelf).