Sint-Huibrechts-Lille (Neerpelt)

Ouderdom: 14de eeuw

Materialen en verwerking: baksteen met ijzerzandstenen lijsten.

Patroonheilige: Sint Monulphus en Gondulphus

Sporen van weer-functie: De toren was aanvankelijk vrijstaand en gesloten. Het westportaal is neogotisch en recenter.

Speciale opmerkingen: 1651: vernieling en brandstichting door de Lorreinen, waarbij een dertigtal inwoners de dood vonden en de oudste parochie- en gemeentearchieven verloren gingen.

Apotropaëische metselaarstekens (extra calvaries) en natuurstenen inserties. Deurbeslag in vorm van levensboom.

Neerpelt, Sint-Huibrechts-Lille, Dorpsstraat, St Monulphus en Godulphus, IBE-80301, (In XIV, bouw van het gotische bedehuis. Laatgotische toren met gebruik van ijzerzandsteen voor afzaat van sokkel, waterlijsten tussen de bouwl. en delen van het portaal; geprofileerde houten kroonlijst waarboven ingesnoerde, van enkele dakkapelletjes, met twee schilden vooraan, voorziene naaldspits (leien) met bolbekroning, smeedijzeren kruis en windhaan; r. van de ingang, twee kleine ingemetselde hardstenen grafkruisen, deel uitmakend van een kruisfiguur van gesinterde baksteen; l. van de ingang, twee kruisfiguren van gesinterde baksteen, ditmaal zonder grafkruisen bovenaan; op de O.-zijde, ook twee kruisfiguren; in de N.-zijde, twee ingemetselde verweerde maskers van grijze steen halverwege en twee dezelfde geometrische figuren van gesinterde baksteen op de eerste bouwl., mogelijk het gildeteken van de metselaars. Gebouw van vier geledingen, met versneden steunberen, ten W. overhoeks. Neogotisch W.-portaal van rode baksteen met ijzerzandstenen basement en boogveld, diep insnijdende dagkanten met telkens twee colonnetten, voorzien van ijzerzandstenen bladwerkkapiteeltjes, en gelijkaardig geprofileerde spitsbogige archivolten met aflijnende ijzerzandstenen druiplijst op vrouwenhoofden, waarboven een rechth. venstertje; korfboogdeur in afgeschuinde omlijsting met bewaard neogotisch houtwerk en ijzerbeslag, waarboven een drielobbige nis met witbeschilderd St.-Hubertusbeeld, met twee flankerende betraliede drielobbige venstertjes; Tweede geleding met keperboogvormige muuropeningen ten N. en Z., telkens twee spaarvelden met spitsboogfries; gelijkaardige spaarvelden op de steunberen aldaar, alsook op de derde geleding. Vierde geleding met telkens twee afgeschuinde spitsbogige galmgaten, waarboven een aflijnende spitsboogfries. Aansluitende traptoren met lichtgleuven.)