ALGEMEEN
godsdienstOp 30 april 1855 zijn de wetten in Nederland zo aangepast, dat er officieel gesproken mag worden van de Heilige Lucasparochie. landbouw en veeteeltOp woensdag 18 april 1855 om 10.00 uur wordt door de Ontvanger der Registratie en Domeinen in Elst, W. Macalester Loup, ten huize van J.T. Erdkamp in Elst openbaar verpacht voor het seizoen 1855 het grasgewas van de Kleidijk, lopende langs de grote weg der eerste klasse van Elden tot Nijmegen en van het 'lies en onkruid, groeiende in de Grift langs die dijk [PGNC 11 april 1855, blz. 2].
Op 12 december 1855 om 13.30 uur wordt door de Ontvanger der Registratie en Domeinen in Nijmegen, Masman, in het koffiehuis De Gallerij aan de Waal in Nijmegen in het openbaar verpacht voor een periode van drie jaar ingaande 1 april 1856 op de grote weg der 1e klasse nr. 2 van Nijmegen naar Arnhem [1] de tol Gabel nr. 13 te Elden [2] de tol Gabel nr. 14 in Elst. Voorwaarden ter inzage o.m. bij de logementhouder Daames aan de Praast [PGNC 1 december 1855, blz. 2]
onroerend goedOp woensdag 4 juli 1855 wordt door de Dijkstoel van het polderdistrict Overbetuwe om 17.00 uur in het Ambtshuis te Elst in het openbaar aanbesteed het verhogen van de bandijk onder Elden vanaf de Griftdijk tot aan de Paal van Holthuizen, zijnde een lengte van circa 2700 ellen, benevens het leggen van bermen aan de binnenzijde van den dijk aldaar. De voorwaarden liggen ter inzage o.m. bij kastelein T. Janssen in Elden [PGNC 27 juni 1855, blz. 2]
politiekIn 1855 is E.L. baron van Voorst tot Voorst uit Elden lid van Provinciale Staten [Zaltbommelse Almanak 1855, blz. 22]waterstaatOp 4 maart 1855 komt het water tussen Huissen en Elden op drie plaatsen op de Over-Betuwse dijk, die opgekist wordt. 's Avonds loopt het water over de Westervoortse dijk [Middelburgsche Courant 10 maart 1855, blz. 1]
Op 5 maart 1855, in de vroege morgen, ontstaat in de lengte van de Over-Betuwse dijk, tusschen Huissen en Elden een diepe scheur, ongeveer 60 à. 70 el lang en 0.02 el wijd, waardoor meer dan de helft van het dijklichaam dreigt weg te zinken, daar op enkele plaatsen de kruin reeds meer dan 0.20 el is gedaald. In de binnenglooiing en aan de teen van de dijk worden gedeelten van juffers stevig ingeheid, daar planken aangespijkerd en tegen de bovenste rij planken aarde van de „binnenkruin gebragt, waardoor de dijk sterkte en de kruin „minder zwaarte krijgt. Op het meest bedenkelijke punt „worden planken op haar eind in den dijk geslagen. Door „dezen maatregel is de verzinking gestuit. (blz. 15-16) [Thomas Johannes Stieltjes, Naschrift tot de beschouwingen over spoorwegbruggen, Tjeenk Willink Zwolle, 1860, blz. 15-16]
Op 5 maart 1855 om 00.30 uur staat het water aan de peilschaal op 6.90 el ofwel 13.82 el boven A.P., een record na 19 november 1824.
In de nacht van 6 maart 1855 is de Broekdijk tussen Arnhem en Westervoort, over welke dijk de grote weg naar Duitsland loopt, boven het Malburgse veer op twee plaatsen doorgebroken, één opening van 35 ellen lang en één van 6 ellen lang. De Rijnbandijk stroomde over [Middelburgsche Courant 10 maart 1855, blz. 1]