SchiedamStad in Zuid-Holland. Ook Nieuwendamalgemeen=De zoon van Aleid van Holland, Jan II, werd graaf van Holland. Aleid bezat een kasteel, het huis te Riviere geheten, gelegen bij de toen aangelegde dam aan de mond van de Schie; zij had in het plaatsje, dat zich hier gevormd had een kerk gesticht en vergrootte door aankopen haar grondbezit in die buurt: het was het begin van Schiedam. Haar neef Floris, die sedert 1266 zelf de teugels van het bewind in handen had, steunde haar hierin door er markten in te stellen (1270) en tolvrijheid te verlenen (1273), terwijl in 1275 Schiedam stedelijke rechten kreeg [NNBW 1911, blz. 72; Zee]=Op 12 augustus 1548 is door “secretaris Jan Aertsz gepubliceert die verboten boecken smaeckende nae heresie ofte ketterije” [Tuijn, blz. 6]=Afschriften van registers en akten uit het archief van de stad Schiedam, opgemaakt door Hendrik Willem Launhardt ca. 1800, bezorgd door C. van der Tuijn in Hogenda, 189 blz.belastingenambtenarenDen laetsten dach in Maert anno 35, is geordonneert bij de 24, dat men den exsijsenairs ghijselen sal van 't gundt dat zij de stede sculdich zijn aftervolgende d'kuer van de stede, ende dat zij een herberge kijesen zullen omme te ghijsel te gaen,ende in dien zij geen en kijesen soe sullen d'burgermeesters hem luijden een herberge doen weten bij een bode dair zij te ghijsel leggen zullen,ende indien de baeliu de executie niet en doet soe zullen d'bugermeesters de executie doen van 't 's heeren wegen, ende die bruecken zullen comen de een helft ande heer ende de ander helft ande stede [Tuijn, blz. 20]=mr. Hendrik van der Heim [1751-1799] is ontvanger der convoyen en licenten en heer van Baarland, Bakendorp en Oudelande [Roelants, Gulden, blz. 44,209]=E. van den Bosch is ontvanger der accijnzen te Schiedam [Gosselin, Vervolg, blz. VI]bieraccijnsOp 25 mei 1530 heeft de baljuw Adriaen Willemsz, aangesproken Jacob Ghijsbrechtsz, omdat hij zekere tonnen bier getapt heeft zonder accijns in Matenesse en dat hij “daer an gebruect heeft” Cornelijs Doessoen schout van Matenesse heeft gezegd dat Jacob “niet geweten en heeft dat hij daer an gebruect heeft” Het vonnis luidt dat Jacob “den excijsenairs voldoen sal nae uutwisinge ons previlegie ende Jacob Gijsebrecht heeft bekent dat hij misdaen heeft ende heeft beloeft nijmmer meer te tappen in Matenesse ende heeft d’burgermeesters ende d’stede gebeeden om vergiffenisse ende den exsijsnairs om quijtsceldinge ende alsoe Jacob een arm man is ende veel kinderen heeft soe heeft de stede ende den exsijsnair hem dat puijrlick om goodswille vergeven behoudelick d’stede hoir privelegie” [Tuijn, blz. 17].exuerecht=Opten laesten dach in Februario anno 1500 ende vier ende twintich is geconsenteert bij den 21 der stede van Sciedamme ende eendrachtelick geaccordeert duer vruntlick versoucke gedaen bij Cornelijs van IJsselsteijn ande voirss: 21,dat de voirss: Cornelijs van IJsselsteijn sal vrij vranck hier binnen der stede van Sciedamme comen resideeren ende wonen mit zijn huijsvrouwe ende alle zijn huijsgesinne ende sal van als excijs vrij wesen van allen excijsen der stede aengaende, te weten van bier, broot, koren voir zijn huijsgesinne van scattinge ende van leninge, uiutgesondert van wijnen ende uutemse bieren sal hij mede excijs geven gelijck andere onse poorters, ende indien hij weder uuter stede vertrecken wilde ende elders resideren ende wonen mit zijn geheele huijsgesinne soe mach hij vrij vranck weder uuter stede reijsen tot zijnne beliefte sonder d'stede enich exuwe te geven ende te betalen. Aldus gedaen tendage ende jare als boven [Tuijn, blz. 20].=Den 14e dach in Meije anno 35 is geaccordeert bij de 24, dat meester Gerijt Jacobsz: ende Peternelle Heijnrichsdr: zijn huijsvrouwe geconsenteert is dat zij binnen der stede zullen mogen wonen drie jaren lang, ende indien zij binnen dien drie jaren vertrecken in een ander stede omme aldaer te wonen soe en sal Peternelle zijn huijsvrouwe geen exuwe geven van haren guede ende indien zij oflijvich wordt binnen een vierendel jairs ofte half jare ofte binnen drie jaren nae date van desen soe zullen haren erfgenamen exuwe geven van allen haren aftergelaten guede niet uutgesondert,=Is geaccordeertt bij de 24e dat men tot reparatie van de stede sall moegen ommeslaan den 10e pennick op die huijsen. Is noch geaccordeert bij dat meestendeell van die 24 nopende die exuwee,alsoe tselve den 22e Meije anno 56, lestleeden geaccordeert is, dat wij van Sciedam anderen steeden vrijheijt van de exue zullen geven, die ons vrijheijt van gelijcke exuwe willen laten volgen [25 maart 1547] [Tuijn, blz. 5]naturaheffingenheervaartVan Mieris Deel II, blz. 20 anno 1301 Hoe die van Schiedam in 's Graave heervaart dienen zullen Zoe willen wij dat zij mit hem vaeren ende met hem doen allen costen riem rieme gelijke [Engels Geschiedenis, blz. 27]ontvanger=Martinus Jan Alexander Bannier [1809-......] was ontvanger der directe belastingen, enz. laatst te Schiedam [Leeuw1885, blz. 15]tollenraaf Floris schonk aan die van Schiedam in 1273 vrijheid van tollen in zijn land [Engels, Geschiedenis, blz. 24] of in 1275 [Zee, blz. 20]vrijdomvroedvrouw=In den jare 1491 is an genomen Alijdt Engelrechts wedue om vroede vrouwe te wezen dair zij jairlicx vande stede of ontfangen sal drie pont Hollants ende in elck quartier jairs een vat biers vrij te drincken sonder exssijse dair of te geven verscenen alle jare Jans Dage [Tuijn, blz. 9]=In den jaire 1493 twintich dagen in Februario is Cornelia Engelbrechs dochter angenomen om vroevrouwe te wesen den armen ende reijcken te dienen om redelick loon dair voir is hair gelooft te geven jairlix drie pont Hollants ende vier vaten biers exsijs vrij te drincken verscenen alle jare Jans dage [Tuijn, blz. 9].=Opten laesten dach in Februario anno 1500 ende vier ende twintich is geconsenteert bij den 21 der stede van Sciedamme ende eendrachtelick geaccordeert duer vruntlick versoucke gedaen bij Cornelijs van IJsselsteijn ande voirss: 21,dat de voirss: Cornelijs van IJsselsteijn sal vrij vranck hier binnen der stede van Sciedamme comen resideeren ende wonen mit zijn huijsvrouwe ende alle zijn huijsgesinne ende sal van als excijs vrij wesen van allen excijsen der stede aengaende, te weten van bier, broot, koren voir zijn huijsgesinne van scattinge ende van leninge, uiutgesondert van wijnen ende uutemse bieren sal hij mede excijs geven gelijck andere onse poorters, ende indien hij weder uuter stede vertrecken wilde ende elders resideren ende wonen mit zijn geheele huijsgesinne soe mach hij vrij vranck weder uuter stede reijsen tot zijnne beliefte sonder d'stede enich exuwe te geven ende te betalen. Aldus gedaen tendage ende jare als boven [Tuijn, blz. 20].waakgeldOp 31 januari 1504 hebben “die baeliu, burgemeesters mitten gerechte gekuert ende geordineert dat soe wie de stede wakers sculdich zijn van waeckgelt dat sal die bode rechtevoert uuten huijse halen an pande des sullen die wakers den geenen overleveren in gescrifte ende die sullen den burgemeesters visiteren ende doersien, ende als dan zullen die wakers affirmeren bij haren eede dat men hem luijden soe veel sculdich is, ende dat sal die stede bode an pande in halen als voirscreven" [Tuijn, blz. 12]bestuuralgemeen=in Tuijn is regelmatig sprake van besluitvorming door de 24 ["geaccordeert bij de vierentwintich"] [o.a. Tuijn 15]baljuw=Op 6 maart 1504 legde Jacob Anthonijss de eed af als baljuw van Schiedam; zijn substituut is Huijch Adriaenss [Tuijn, blz. 12]=in december 1586 was Huuch Adriaenz baljuw [Tuijn, blz. 27] =Cornelis Voogd [1694-.....] is raad van 1741, 1752, 1755 en 1762 [Roelants, Gulden, blz. 169, 306]burgemeester=Den derden dach in Novembri anno 1493 hebben die guede luijde van de gerechte mit die gemene vroetscap geconcludeert ende gesloten dat alle jare eenen ouden burgemeester ende eenen ouden tresorier an den dienste bliven sullen noch een jair omme bij den ouden ende den nijenwen die alsdan gecoren sullen worden der stede saicken te bet beleedt sullen mogen worden. Dit is weder verandert op 't oude nae inhout der hantvesten actum anno 1499 twaelf dagen in Octobri [Tuijn, blz. 9]=in januari 1486 waren Cornelis Evertsz en Sijmon Woutersz burgemeester [Tuijn, blz. 9]=in 1498 waren Pieter Veenlant en Willem Sijmonsz burgemeester [Tuijn, blz. 11]=in 1499 waren Pieter Veenlant Jacobz en Anthonus Jacob Muijss burgemeester [Tuijn, blz. 11]=Op 11 juni 1537 waren Jacob Anthoniss en Jacob Janss burgemeester [Tuijn, blz. 15]=in januari 1538 waren Jacob Thonijs Muijss en Heijnrick Cornelijsz burgemeester [Tuijn, blz. 23]=in maart 1585 en december 1586 waren Cornelis Evertz en Sijmon Wouterz burgemeester [Tuijn, blz. 27] Abraham Jacobsz van Cleeff is vroedschap [Roelants, Gulden, blz. 34]Leendert den Beer is burgemeester [Roelants, Gulden, blz. 42]Elant Adriaansz is burgemeester [ANF1888, blz. 194]In 1601 is Pieter Pietersse van den Burg burgemeester [ANF1888, blz. 104]Jan Aldertsz Hodenpijl is burgemeester [Roelants, Gulden, blz. 267]Johan Hodenpijl is burgemeester [Roelants, Gulden, blz. 96]In 1678 is dr. Adam van der Heim burgemeester [Roelants, Gulden, blz. 35]Cornelis Voogd is burgemeester [Roelants, Gulden, blz. 169]Jan Willemse van Haarlem Suijderhoeff was raad en burgemeester [Navorscher 1852, blz. 118-119]Jan Alderts Hodenpijl is burgemeester [Roelants, Gulden, blz. 94]Nicolaas Elias [1690-1752] is burgemeester [Roelants, Gulden, blz. 295]Anthony Hodenpijl [....-1749] is raad en burgemeester [Roelants, Gulden, blz. 97-98, 280]In 1717 is mr. Jan van der Heim [1680-1753] burgemeester [Roelants, Gulden, blz. 37]In 1757 is mr. Jan van der Heim burgemeester [Roelants, Gulden, blz. 43]In 1759 is mr. Diederik Christiaan Pielat burgemeester [Roelants, Gulden, blz. 156]In 1761 is mr. Hendrik van Bulderen burgemeester [Roelants, Gulden, blz. 156]Leonardus den Beer [1743-1806] is burgemeester [Roelants, Gulden, blz. 157]Anthony Gijsberti Hodenpijl [1733-1812] is burgemeester [Roelants, Gulden, blz. 107]Adrianus Kappert [1737-1808] is in 1789-1794 burgemeester [Roelants, Gulden, blz. 12]dr Joan le Roy is president-burgemeester [Roelants, Gulden, blz. 241]mr Martinus den Beer [1750-1815] is burgemeester [Roelants, Gulden, blz. 13]mr. Bernard Johan Pielat van Bulderen [1755-1818] is burgemeester [Roelants, Gulden, blz. 159]Jan Loopuyt [1761-1846] is burgemeester [Roelants, Gulden, blz. 177]In 1783 worden door de Erfstadhouder tot burgemeester benoemd Pieter Schouhamer, mr Pieter Loquet en Isaak Tromer [Roelants, Gulden, blz. 251]Isaac Tromer is burgemeester [Roelants, Gulden, blz. 156]Op 3 oktober 1787 overlijdt regerend burgemeester mr. Philippus Theodorus van Cloon [Roelants, Gulden, blz. 251]In mei 1790 zijn door de Erfstadhouder tot burgemeester benoemd Thomas Joannes Pigeaud, Adrianus Knappert en dr. Anthony Gijsberti Hodenpijl [Roelants, Gulden, blz. 252]Laurentius Knappert [1796-1878] is burgemeester [Roelants, Gulden, blz. 10, 248]mr. Dominicus Doom Jacobszn [1801-1875] is burgemeester en schepen [Roelants, Gulden, blz. 119]Pieter Jacob van Dijk van Mathenesse [1825-....] is heer van Mathenesse en burgemeester van Schiedam [Roelants, Gulden, blz. 11]gecommitteerdeWillem Jan Aartsz is van 21 september 1597 t/m 1601 gecommitteerde in de Admiraliteit van Amsterdam namens Schiedam en Holland [Repertorium]pensionaris Den eedt van pensionaris,secretaris in 1500. Dat zweer ick pensionaris ende secretaris te wesen en van der stede van Schiedamme de K: M: de burgermeesters ende mijn heeren van de 24 gehou ende ghetrou te wesen de stede zaecken te bewaeren te dijnun na mijn wijste weetenscap ende mijn vijf zijnen, ende voorts alle te doene dat een goet pensionaris ende secretaris sculdich is te doen. Soe wairlijck moet mijn godt helpen ende zijn heijlich woordt [Tuijn, blz. 22]mr. Gijsbert van Staveren [.......-1793] is pensionaris [Roelants, Gulden, blz. 158]mr. Bernard Johan Pielat van Bulderen [1755-1818] is in 1775 pensionaris [Roelants, Gulden, blz. 159 299]Willem Nieupoort is in 1658 pensionaris van Schiedam, rentmeester van de Rekenkamer van Holland en van 1658-1672 eigenaar van het huis Polderburgh bij Delft [ANF deel 1, 1883-1884, nr. 2, 5 juli 1883, blz. 3]raadLeendert den Beer is raad [Roelants, Gulden, blz. 42]Adriaan van der Does [1609-1665] is raad [Roelants, Gulden, blz. 261]In 1665-1667 is Hendrik van der Heim raad [Roelants, Gulden, blz. 33]Cornelis Voogd [1694-.....] is raad van 1725-1772 [Roelants, Gulden, blz. 169, 306]Anthony Hodenpijl [...-1749] is van ...... tot 1740 raad [Roelants, Gulden, blz. 97-98, 280]mr. Pieter den Beer [1707-1746] is raad [Roelants, Gulden, blz. 42]In 1747-1760 is mr. Diederik Christiaan Pielat schepen [Roelants, Gulden, blz. 156]In 1747-1768 is mr. Jan van der Heim raad [Roelants, Gulden, blz. 43]Jan Schieveen [1731-1822] is raad en schepen [Roelants, Gulden, blz. 5]Anthony Gijsberti Hodenpijl [1733-1812] is raad [Roelants, Gulden, blz. 107]mr. Bernard Johan Pielat van Bulderen [1755-1818] is raad [Roelants, Gulden, blz. 159]In 1773 is mr. Hendrik van der Heim raad [Roelants, Gulden, blz. 44]Leonardus den Beer [1743-1806] is raad [Roelants, Gulden, blz. 157]Op 30 oktober 1787 worden de volgende raden aangesteld: Pieter Schouhamer, mr. Pieter Loquet, Jan Jacob Mispelblom Beyer, mr. Carel Joan Bosschaart, mr. Dominicas Doom Jacobsz, Nanning de Greve, Isaac Tromer, Daniel Pichot, mr. Willem van Walwijk, Adrianus Knappert, dr. Anthony Gijsberti Hodenpijl, Cornelia Heereman, Arnoldus van den Berg, Hendrik van den Heuvel Lzn, mr Ysbrand de Kock Cz, Adrianus van Schaik, Daniel Pietermaat, mr. Adriaan Maasdam, Jan van Wijck, Jan van der Valk, Kornelis Ruighart en Ruth Verboon [Roelants, Gulden, blz. 251]schepen=Op 17 april 1499 waren Pieter Luu, Lambrecht Jacobz, Dirck Allaertz, Willem Ghijsen, Willem Adriaenz, Cornelus Doze en Dirk Aerent Ludolfsz schepen [Tuijn, blz. 12].=Den eedt van schepenen in 1500. Dat sweer ick scheepen der steede van Schiedam te weesen die privilegien en hantvesten der selver steede te helpen maintineeren en stercken, partie recht te doen, en vonnisse te wijsen tusschen twee mans dingtale nae wetenschap mijner vijf zinnen, het secreet van de camer te heelen en voorts al te doen dat een goed ende getrouw scheepen behoort ende schuldich is te doen. Soe wairlick moet mij godt helpen en alle zijn heijligen [Tuijn, blz. 21] =in 1547 zijn Adriaen Jansz, Hubrecht Willemsz, Eerland Adriaensz en Anthonis Muijs Jacobz schepen [Tuijn, blz. 3, 5]=in 1548 zijn Tielman Oem en Jacob Mathijsz, Jan Heinrichsz, Dammaesz en Sebastiaen Anthonisz schepen [Tuijn, blz. 3-4]=in 1549 zijn Tielman Oem Danielsz, Jan Heinrichsz, Jacop Pietersz, Jacop Mathijsz, Gijsbrecht Hugensz , Elandt Adriaensz en Sebastiaen Anthonisz schepen [Tuijn, blz. 3-4]=in 1550 zijn Jacob Mathijsz, Adriaen Jansz, Jacop Danielsz en Arent Pietersz schepen [Tuijn, blz. 3]=in december 1586 waren Philips Hugez, Willem Wouterz, Jan Claisz, en Pieter Lew Jacobz. schepen [Tuijn, blz. 27]In 1596 zijn o.a. schepen Mathys Muylewyk en Jan Wilemsz van Haerlem [Roelants, Gulden, blz. 274]In 1655 is Hendrik van der Heim schepen [Roelants, Gulden, blz. 33]In 1670 is dr. Adam van der Heim schepen[Roelants, Gulden, blz. 35]in 1677 is Jan Hodenpijl schepen [Roelants, Gulden, blz. 280]Gerrit Sam is schepen [Roelants, Gulden, blz. 97]Cornelis Voogd [1694-.....] is schepen van 1725-1726, 1728-1729, 1731, en in 1733-1735 [Roelants, Gulden, blz. 169, 306]Leendert den Beer is schepen [Roelants, Gulden, blz. 42]In 1742 is mr. Jan van der Heim schepen [Roelants, Gulden, blz. 43]Jan Schieveen [1731-1822] is raad en schepen [Roelants, Gulden, blz. 5]Anthony Gijsberti Hodenpijl [1733-1812] is schepen [Roelants, Gulden, blz. 107]Adrianus Kappert [1737-1808] is in 1774-1786 schepen [Roelants, Gulden, blz. 12]In 1730 is Johannes Henricus van der Heim [1702-1738] schepen [Roelants, Gulden, blz. 33]In 1732-1733, 1736 en 1744-1745 is Hendrik van der Heim [1685-1762] schepen [Roelants, Gulden, blz. 40-41]mr. Pieter den Beer [1707-1746] is schepen [Roelants, Gulden, blz. 42]In 1745-1746, 1749-1750, 1753-1754 en 1757-1758 is mr. Diederik Christiaan Pielat schepen [Roelants, Gulden, blz. 156]In 1772-1787 is mr. Hendrik van der Heim schepen [Roelants, Gulden, blz. 44]In 1783 worden door de Erfstadhouder tot schepen benoemd mr. Hendrik van der Heim, Jan David Pichot, mr. Willem van Walwijk, Adrianus Knappert, dr. Anthony Gijsberti Hodenpijl, Jan Burgwal en Cornelis Heereman [Roelants, Gulden, blz. 251]Leonardus den Beer [1743-1806] is schepen [Roelants, Gulden, blz. 157]mr. Bernard Johan Pielat van Bulderen [1755-1818] is in 1778 schepen [Roelants, Gulden, blz. 159, 299]mr. Dominicus Doom Jacobszn [1801-1875] is burgemeester en schepen [Roelants, Gulden, blz. 119]schout=Scoudt ambocht. Op 21 september 1504 heeft die baeleu Hujch Adriaenss: verpacht tscoutampt van Scieamme om 35 rinsgulden tsaeirs drie jair lang gedurende op condicien heir nae verclaert te weten ist bij alsoe dat d'stede enige molenstatie ofte moeijenesse heeft 't eerste jair omme die betalinge van de pachte soe sal die voirss: baeliu off staen mit dat eerste jair ende d'stede sal 't scout ambocht an hem houden ende hair wille mede doen, ende voir 't eerste jair van de pacht hebben geloeft Wouter Wittesz ende Wouter Hugezoen elck voir die helft van de somme voirss [Tuijn, blz. 23]=Schiedam koopt van de Staten in 1576 het recht om de schout te benoemen [Ripperda, Politie34]secretarisScipion Henri Vernède is secretaris [Roelants, Gulden, blz. 107]In 1596 is Gerard Muys secretaris [Roelants, Gulden, blz. 275]in 1753 is Jacob Doorn secretaris van Schiedam [Groot Charterboek deel 1 blz. 30]thesaurier=Den derden dach in Novembri anno 1493 hebben die guede luijde van de gerechte mit die gemene vroetscap geconcludeert ende gesloten dat alle jare eenen ouden burgemeester ende eenen ouden tresorier an den dienste bliven sullen noch een jair omme bij den ouden ende den nijenwen die alsdan gecoren sullen worden der stede saicken te bet beleedt sullen mogen worden. Dit is weder verandert op 't oude nae inhout der hantvesten actum anno 1499 twaelf dagen in Octobri [Tuijn, blz. 9]=Anthonis Willemsz was op 13 april 1551 thesaurier [Tuijn, blz. 8]tresorier van oorlogAdrianus Kappert [1737-1808] is in 1786 tresorier van oorlog [Roelants, Gulden, blz. 12]In 1737 is Johannes Henricus van der Heim [1702-1738] tresorier van oorlog [Roelants, Gulden, blz. 33]Cornelis Voogd [1694-.....] is tresorier in 1727 [Roelants, Gulden, blz. 169, 306]vierentwintigDen eedt van de 24 persoenen in 1500. Dat sweer ick 24, te weesen der steede van Schiedamme die K: majt: ende die steede gehoudt ende getroudt te weesen, te helpen raeden in der steede saecken nae wetenscap mijnder vijf zinnen ’t secreet van die camer te heelen ende all te duene dat een guedt raidt van der steede behoirt te doene. Soe wairlick moet mij godt helpen en alle zijn heijligen [Tuijn, blz. 21]vroedschap=in 1594 wordt Willem Jan Aartsz lid van de vroedschap [Prometheus 1999, blz. 180; Repertorium]Abraham Jacobsz van Cleeff is vroedschap [Roelants, Gulden, blz. 34]In 1673-1723 is dr. Adam van der Heim lid van de vroedschap [Roelants, Gulden, blz. 35]Adrianus Kappert [1737-1808] is in 1781 vroedschap [Roelants, Gulden, blz. 12]In 1722-1753 is mr. Jan van der Heim [1680-1753] lid van de vroedschap [Roelants, Gulden, blz. 37]In 1734-1738 is Johannes Henricus van der Heim [1702-1738] vroedschap [Roelants, Gulden, blz. 33]In 1737-1747 is Hendrik van der Heim [1685-1762] lid van de vroedschap [Roelants, Gulden, blz. 40-41]mr. Bernard Johan Pielat van Bulderen [1755-1818] is in 1787 vroedschap [Roelants, Gulden, blz. 159 299]=De haringvaart werd een goudmijn: ‘meer goud en zilver dan andere volken met zwaren arbeid uit den grond delven, visschen de Hollanders uit de zee,’ zegt Keizer Karel's lijfarts, Marliani. ‘Hoe zal ik de voordeelen der haringvaart naar waarde beschrijven,’ vraagt Hadrianus Juniuns, een halve eeuw later, ‘daaraan hangt het heil en het bestaan van niet maar een enkele stad, maar van vele steden; Oudewater, Woerden, Rotterdam, Schiedam, Den Briel, geen onaanzienlijke plaatsen voorwaar, leven meest van deze nering, van het varen, van het uitrusten der schepen, van het touwslaan en het netten breien. Naar de vangst goed of kwalijk uitvalt, vaart de menigte insgelijks goed of kwalijk’. De jaarlijksche opbrengst der visscherij wordt door Guicciardini op een half millioen. ponden Vlaamsch berekend [Fruin, tien, blz.192] .=er is rond 1900 een kaarsenfabriek Apollo aan de Buitenhaven; er bestaat een ingekleurde ansichtkaart van [Bezemer, Arie, blz. 96]=in 1909 waren er 102 branderijen [Wink, blz. 1059]advocaat=Op 12 juli 1499 werd bij de gemeijnen vroetscap an genomen meester Jacob Holij van Sciedam om Advocaet van de stede te wesen in den hove van Hollant in saicken die de stede te doen sal hebben voir den selven hove, mits jairlix hebbende te wedden van de stede acht pont groot sjaers durende tot wederseggen an bijden zijden [Tuijn, blz. 12].=Op 28 augustus 1503 is an genomen meester Jan van Haerlem omme advocaet van de stede te wesen in de hove van Hollant in zaecken die stede te doen zal hebben voir denzelven hove mits jairlicx hebbende te wedden van de stede acht pont groot tsjairs durende tot wederseggen an beijden zijden [Tuijn, blz. 16]dragershavenmeesternachtwakers=Op 19 juni 1578 zijn bij mijn heeren schout burgermeesters en wethouders aengenoemen en beëdicht Claes Janz en Arien Jacobz en Leendert Arienz en Jan Drusz of Deusz de welcke boven het voorsz waechgelt noch van de stede ordinans tot gagie zullen hebben alle vierendeel jaers vier gulden [Tuijn, blz. 28,30] pachters=in januari 1486 verpacht de stad de steenplaats en de aanwassen in de Maas voor 20 jaar tegen 12 pond Hollands per jaar [Tuijn, blz. 9]steenplaatser vroedvrouw=In den jare 1491 is an genomen Alijdt Engelrechts wedue om vroede vrouwe te wezen dair zij jairlicx vande stede of ontfangen sal drie pont Hollants ende in elck quartier jairs een vat biers vrij te drincken sonder exssijse dair of te geven verscenen alle jare Jans Dage [Tuijn, blz. 9]=In den jaire 1493 twintich dagen in Februario is Cornelia Engelbrechs dochter angenomen om vroevrouwe te wesen den armen ende reijcken te dienen om redelick loon dair voir is hair gelooft te geven jairlix drie pont Hollants ende vier vaten biers exsijs vrij te drincken verscenen alle jare Jans dage [Tuijn, blz. 9].=Int jair 1500 ende drie 24 dagen in Octobri [24 oktober 1503] is angenomen heijl moede om vroevrouwe te wesen den armen ende reijcken te dienen om redelick loon dair voir is hair gelooft te geven jairlix 24 pont Hollants ende vier vaten biers exsijs vrij te drincken verscenen alle quartiers jairs vijfthien scellinge grote Vlaemsch.=Den 8e Maij anno 29 [8 mei 1529] is Marijtgen Heijnen angenomen omme vroevrouwe te wesen dair zij jairlicx van de stede of ontfangen sal acht rinsgulde sjairs te betale alle vierendel jare twee rinsgulde sonder meer. Actum bij de burgermeesters Jacob Thonijs Muijss ende Heijnrick Cornelijsz: scepenen omnes. Is geaccordeert bij den 24 den 27 Januarij anno 38 [24 en 27 januari 1538] elck quartier jairs een halft vat biers exsijs vrij.gemeentealgemeen=in 1910 groot 32039 inwoners [Wink, blz. 1059]=in 1968 een gemeente met 85.000 inwoners; de gemeente omvat Bijdorp, Kerkbuurt, Kethel, deel Maasland, Nieuwland, Tuindorp, Windas [ter Laan, blz. 378]burgemeesterdr Laurentius Knappert [1795-1843] wordt tot burgemeester benoemd op 8 juni 1854. Hij vervult dit ambt tot 1 juni 1866 [Roelants, Gulden, blz. 248-249]raadslidJohannes Roelants [1772-1835] is lid van de gemeenteraad [Roelants, Gulden, blz. 45, 209]dr Laurentius Knappert [1795-1843] is als raadslid gekozen op 4 oktober 1827 [Roelants, Gulden, blz. 20, 248]Hendrik Willem Roelants [1796-1880] is raadslid [Roelants, Gulden, blz. 209]Jan Dijkmans [1812-1896] is lid van de gemeenteraad [Roelants, Gulden, blz. 15]=In 1820 is J. Burgerhoudt lid van de raad [Nieuwenhuis, Algemeen, A-B, blz. X]Hendrik Adriaan Marius Roelants [1827-.......] is raadslid [Roelants, Gulden, blz. 225]Adrianus Knappert [1830-....] is raadslid [Roelants, Gulden, blz. 20]Hendrik Philippus Gijsberti Hodenpijl [1780-1845] is raadslid [Roelants, Gulden, blz. 120]Pieter Loopuyt [1859-.....] is raadslid [Roelants, Gulden, blz. 185]wethoudermr. Pieter Loopuyt [1791-1872] is wethouder [Roelants, Gulden, blz. 178]Simon Adrianus Maas [1841-1898] is wethouder [Roelants, Gulden, blz. 185]oorlogIn 't jair 1489 is joncker Fransoijs van Brederode uut Rotterdamme gecomen mit een seker getal van knechten omme in Schiedamme te comen ende op Sinte Valentijns dach 'tsavons te zeven uren hebben die knechten leggende onder Wittenhorst een cappitein hebben een opstal ende oploop gemaect binnen Schiedamme jegen die banieren van Hollant te weten van Haerlem, Delf, Leijden,Aemsterdamme ende 't Scravenzande ende stelden een verraedt omme die vianden ende quaet willende van den lande in Schiedamme te laten ende die banieren ter neder te trecken, ende banieren ende die stede van Schiedamme behielden die overhandt [Tuijn, blz. 9].BRONNENgeraadpleegde bronnenNavorscher 1851-1852literatuurAvis, Directe, p. 10(1280)Becht, Statistische, p. 140 (1584)Bergh, Handboek, blz. 82Bezemer, Tom, Arie in 't Hol.....Een eigenzinnige avonturier, in: Gens Nostra 2021, blz. 86-99Blécourt, Heerlijkheden, p. 105(1412; 1451)Blécourt, Rechtshistorische, p. 86 (1272)Diepeveen, Vervening, pp. 113 e.v. (16e e)Dillen, Stukken, pp. 72(1681), 76 (id)Dobbelaar, Opgaven, p. 135 (18e e)Dobbelaar, Statistiek, p. 211 (1753)Doorman, Brouwerij, p. 75 (1317)Elias, Bijdrage, p. 58 (18e e)Engels, Geschiedenis, pp. 23-24 (1273), 27 (1301), 51 (1553), 66 (1557), 119 (1605), 124(1792), 143(1791) Fruin, Informacie, pp. 371 (1514), 469-478 (id)Engels, Geschiedenis, blz. 24 (1273), 27 (1301]Fruin, R., De tachtigjarige oorlog. Tien jaren uit den tachtigjarigen oorlog 1588-1598, 7e druk, Martinus Nijhoff, ‘s-Gravenhage 1899, blz. 192Gabriëls, Edel, p. 556 (18e e)Goes, Register I, pp. 36 (1525), 60 (1526), 195 (1528), 198 (id); IV, pp. 74 (1555), 87 (id), 102 (id), 177(id); V, p.93 (1557) Gosses, Stadsbezit, pp. 12 (1345), 13 (1282) Gosses, Welgeborenen, pp. 52 (1301), 185 (1280) Hall, Stedelijke, p. 579 (1301) Halma, Tooneel I, p. 423 (1468)Heeringa, K. Uit de geschiedenis van Schiedam, in: BVGO 1912, blz. 195-240Heeringa, K., Schiedam in de Patriottentijd, in: BVGO 1903, blz. 376-445Heeringa, K., Beschrijving van Schiedam. Schiedam vóór 1600, deel 1. Roelants Schiedam 1910Heeringa, K., Rechtsbronnen der stad Schiedam, Oude Vaderlandsche Rechtsbronnen, 2de reeks, deel VI. 's Gravenhage, Mart. Nijhoff, 1904 Houtzager, Hollands, p. 156 (1652)Kruisheer, Oorkonden, pp. 324 (1273), 327 (1274), 346(1281) Meerkamp van Embden, Goudsche, pp. 108 (1525), 124 (1526), 240 (1539) Meyroos, Onze, pp. 10-11(1339) Navorscher 1852, blz. 30, 118-119; XL, p. 189 (19e e); XLVIII, p. 17 (18e e) Nierop, Aanvang, p. 197 (1747) Nieuwenhuis, G., Algemeen woordenboek van kunsten en wetenschappen A-B, Thieme, Zutphen 1820. blz. XOldewelt, Beroepsstructuur, pp. 100 (1742), 244 (id) Rees, Geschiedenis I, p. 74 (1505) Smidt/Strubbe, Chronologische I, pp. 35 (1501), 389 (1503), 468 (1501-02) Tuijn, C. van der, Afschriften van registers en akten uit het archief van de stad Schiedam, opgemaakt door Hendrik Willem Launhardt ca. 1800, te vinden in HogendaVries, Ontduiking, p. 356 (18e e) W.D.B.I.U.A. 1872, 5 oktober, p. 4 Wijnpersse, Statistiek, pp. 382 (1854), 395 (1853)Zee, C.A. van der, Het wapen van Schiedam, in: Ons Voorgeslacht 1948, nr. 11, blz.19-20Zee, C.A. van der, Het wapen van Schiedam, in: Ons Voorgeslacht 1949, nr. 16, blz. 20