ONBEÏNVLOED
Twee heren in geruite broek, met petjes op
en tassen vol met clubs, kon men ontwaren
op het strand bij Kwallesande, waar geen spetje sop
ze verhinderde hun kalmte te bewaren.
Zeven holes te gaan nog, doch het ebtij ebde weg,
en’t hoogwater dreigde’t spel te onderbreken
met brekers, rollers, baren, welk een branding zeg!
Da’s een ‘handicap’, zo is al vaak gebleken.
Niet voor deze heren echter,
want al werd de ‘green’ dan slechter
(plukken zeewier kleurden’t beige zand smaragd),
de twee ballen sloegen flegmatiek
hun ballen, statig, deftig, chic,
men hoorde geen gemier, geen zucht, geen klacht.
“Karel”, zei de ene kerel
tegen d’and’re, “niets ter wereld
is patent als pittig putten.” “Zeg je goed, Rolf”,
zei de tweede. “Niets zo heerlijk
als wat watersport, zeg’k eerlijk.
Reuze jofel toch, zo’n mieters potje vloedgolf?”
© Vin 2025