De luxe van een van alle gemakken voorziene schone kamer was een grote overgang die wij heel snel verwerkten. na een uitstekend ontbijt was onze eerste gang naar Nima om met hem de problemen met de gids en de permits te bespreken. Dit kost natuurlijk tijd, thee en koekjes. De aangeboren directheid van de "Hollandsche botte muilen" is daarbij niet gewenst want gezichtsverlies van beide kanten moet voorkomen worden. Het punt dat Otto vanwege zijn ziekte alles heeft geannuleerd speelt nog tussendoor zonder een rol te hebben gespeeld in de Tibetaanse problemen . Gesprekken moeten nu eenmaal ondersteund worden met zijsprongen.
Nima wil een en ander graag compenseren en komt zoals een goed leverancier betaamd gelijk met mogelijkheden. Een paar dagen dagprogramma's rond Kathmandu en een uitstapje naar Chitwan spreken ons zeer aan. De Kathmandu valley heeft veel te bieden en daar kom je normaal niet aan toe. Het tropische natuurpark van Chitwan staat haaks op het geschoffel in de Himalaya en is dus bij definitie een nieuw avontuur. Met goede zin gaan we hierna naar Pashupati en later naar Boudhanath.
De entree naar Pashupati blijkt compleet veranderd. De toegang moet betaald worden. In ruil daarvoor is de uitgebreide vaste en ambulante handel geruimd. Het ziet er overzichtelijker uit maar toch missen we de gezellige chaos enigszins Pashupati zelf is onveranderd. De lijkverbranding, de heilige mannen, familie ceremonies, het baden in de smerige rivier en de apenkolonie zijn zoals het was. Wij hebben nu echter meer tijd om te kijken en lopen lang en veel fotograferend rond.
Natuurlijk blijven wij aangeklampd worden door verkopers en gidsen. Het afwimpelen gaat meestal gemoedelijk maar nu hebben we pech. Bij uitzondering treffen wij een agressieve gids die maar niet begrijpt dat wij graag ongestoord zelf rondkijken. Wij moeten zelf hulp inroepen om hem weg te krijgen.
Daarna gaan we van het Hindu geloof naar het Boedhisme van Boudhanath. Het is een compleet andere setting met een andere menigte. Rond de grote stupa draaien de gelovige hun gebedsrondjes met een bijna jaloers makende overtuiging.
De grondtoon blijf echter de wat chaotische drukte en de armelijke omgeving waar toch ook de laatste elektronische snufjes te koop zijn.
's Avonds eten we bij Kami en Sonam en zien zo wat van het huiselijke leven. Kami woont in verband met de school van zijn kinderen in Kathmandu. Zijn vrouw woont in hun geboortedorp. De woonruimten in het appartementsgebouw zijn klein en de vele bewoners moeten het doen met een gezamenlijke WC in de kelder. Er is elektriciteit en dus ook een TV met vele zenders. Het beschikbare aantal kW's is echter beperkt en met de TV aan kunnen slechts een paar peertjes branden.
De gastvrijheid is omgekeerd evenredig met de in onze ogen gebrekkige huisvesting. We krijgen een prima maal en er wordt nog lang nagepraat. Over de problemen in Tibet spreken zij niet veel. Het zit niet in de vriendelijke en wat fatalistische aard. Het heeft zo moeten gebeuren is het denken. Eenmaal met de taxi terug in het hotel praten we met een biertje nog na over de dag en vooruit over de komende dagtochten.