Inleiding
Een goede voorbereiding is het halve werk. Het bergwandelrondje Gruben-Zinal-Gruben als opwarmer voor de Cross du Mont Blanc leek de party van zes lopers daarom een uitstekend idee. De roadmaster Otto spaarde zijn meelopers (Leny, Helmie, Marion en Simon) niet met zijn plannen. Met de auto naar Gruben, uitstappen en gelijk aan de slag om vijfmaal de hoogte op te te zoeken. Achteraf gezien was de bus van Zinal naar Saint Luc en de lift naar Tignousa vanwege het weer een goede ingreep. .
Het verhaal
Ter elfder uren moest de roadmaster in verband met zijn werk zijn deelname met een dag uitstellen. Zonder de meester verviel daardoor voor de niet-laatkomers het geplande retourtje Barnhorn. Als goedmaker kregen we daarvoor een extra retourtje Turtmann Huette naar Gruben voor het ophalen van de laatkomers.
De reis van Nederland naar Gruben verliep zonder problemen anders dan de bekende wegwerkzaamheden in Duitsland en Zwitserland die standaard in de vakantietijd worden gepland.
Op het parkeerterrein (1901 m) even voor bij Gruben werd geparkeerd en alles op de bult gehesen. De tocht naar de Turtmann Huette (2519 m) was een mooie namiddag wandeling langs de Turtmanna en de lage kant van het bijbehorende stuwmeer. Het enige bewerkelijke was het laatste deel. De hut staat namelijk als een kasteel hoog op een rots. De rest was met eten en drinken tot zonsondergang uitzakken van de reis en slapen.
Het retourtje was in feite een extra inloopdag bij schitterend zomerweer. Hiervoor kozen we voor de afwisseling de hoge kant. Deze is wel iets bewerkelijker maar de beloning was de rust en schitterende uitzichten met wild. Bovendien konden we van deze kant de laatkomers zien aankomen. Het werd al met al een kuier-luierdag in de zon om onze roadmaster aan boord te krijgen. In de avondzon werd de dag met een vooruitblik over wat zou kunnen komen afgesloten.
Met de roadmaster aan het roer was het luieren afgelopen. Vandaag moest via de Forcletta (2874 m) overgestoken worden naar Zinal (1675 m). Dat betekende eerst weer afdalen en na het meertje, omhoog en weer afdalen. Alles bij elkaar ca 800 m klimmen en 2000 m dalen. Het eerste dalen en klimmen liep voorspoedig met hier en daar fotomomenten anhex drink en knabbelpauze om op de been te blijven. De pas lag van onze kant nog dik in de sneeuw en dat werd nog sneeuwstampen. Eenmaal boven bleek lag de andere kant bijna sneeuwvrij voor ons open.
De afdaling van ca 1200 m naar Zinal was dat niet. Een groot deel bestaat uit een mooi hoogtepad op ca 2100 m over de rotsen. Dat voelde in de volle zon echter aan als een oven. Het pad loopt bovendien eerst als lekkermakertje boven Zinal langs om vervolgens als toegift nog 500 m steil naar beneden te gaan. Oververhit en met in brand staande voeten bereikten we Zinal. Hier wachtte ons het in 1999 al onvolprezen gevonden hotel La Pointe de Zinal. Onze lofprijzingen bleken nog steeds geldig. Met bier, wijn, eten en aftersun brachten wij op het terras onze lijven weer op orde.
Deze dag stond de Cabane d'Arpitettaz (2786 m) op het programma. Deze opende normaal gesproken pas eind juni dus werd voor de zekerheid maar eigen proviand ingeslagen. Ook werd het smeren ter hand genomen. De zon brandde al vroeg in de morgen en de staalblauwe lucht beloofde meer.
De route leek op de kaart goed te belopen De roadmaster had echter een verrassing ingebouwd in de vorm van de Pas des Chasseurs. Dat bleek echter geen pas maar een ongeveer loodrechte schoorsteen te zijn. Gelukkig wel met kettingen en galante heren als rugzakkoelies voor de dames. Eenmaal uit de schoorsteen bevestigde een bord ons de moeilijkheid van de klim. met deze troost was het leed snel geleden. Verder liep het eigenlijk vanzelf en tegen halfvier stonden we voor de cabane. Deze was inderdaad nog onbemand en bij gebrek aan andere gasten hadden wij het rijk dus alleen.
Het opstaan was even een koude bedoeling. Het had 's nachts flink gevroren onder de heldere hemel en dat was gezien de sneeuw die wachtte maar goed ook. De aanloop naar de Col Milon (2975 m) werd een gezellig en simpel potje sneeuwstampen in de door de zon de snel zachter wordende sneeuw. De col werd al snel bereikt maar die had een verrassing in petto. Nog helemaal vol gesneeuwd met daarin vastgevroren kettingen en niet onbelangrijk bovendien heel steil.
Toch werd voorzichtig de eerste stap gezet en dat voorzichtig was maar goed ook. Het had zomaar de laatste kunnen zijn want deze veroorzaakte een heuse lawine. Soms komt er toch wat wijsheid met de jaren al moesten de dames deze helpen ingeven. Er werd dus na enig beraad besloten om via Roc de Vache terug te lopen naar Zinal om morgen via een andere route naar Hotel Weisshorn te gaan. Het onderkomen in Zinal was ons goed bevallen en waarom moeilijk doen als het makkelijk kan. Het werd toch nog een aardige tippel met nu 1300 m afdalen. Na Lac Louchelet ging het mooie van het weer af. In het laatste stuk van de afdaling begon het zelfs te druppelen. De echte regen wachtte echter tot wij binnen waren.
Bij het opstaan was het met een stromende regen echt hondenweer en het bleef hondenweer. Goede raad was echter niet al te duur. Onder het motto boven de wolken schijnt de zon werd met de bus naar Saint Luc gereden en daar werd in de kabeltrein naar Tignousa gestapt.
Op 2200 m klopte de zon boven de wolken bijna. De koffie stond daar klaar onder een droge maar bewolkte hemel. Het werd een aangename wandeling naar Hotel Weisshorn. De vrijwel horizontale route is een lang balcon met doorlopend uitzicht op het dal.
Voor het geval dat uitzicht gaat vervelen heeft de SAVAR (Société d'astronomie du Valais Romand, l'astronomie) langs de route ons planeten stelsel op een schitterende wijze op schaal uitgezet.
De dames en heren grepen deze unieke tentoonstelling eensgezind aan om voorgoed te bewijzen dat zij respectievelijk van Venus en Mars kwamen.
Wij hadden gehoord dat Hotel Weisshorn iets bijzonders moest zijn en dat was het ook. Het statige hotel uit 1882 voerde ons terug naar die tijd. Het was toen zeker niet minder dan nu. Alle voorzieningen tot en met het schakelbord voor de telefoon, keurige kamers en prima eten werden ons deel. Naast dit alles was er ook nog het schitterende uitzicht.
Vandaag, op onze laatste dag, waren de weergoden ons met stralend weer goed gezind. Verder lagen wij met de Meid Pas voor de boeg weer keurig op schema. Alle voorwaarden voor een plezierige wandeling waren dus aanwezig en dat werd het. met natuurlijk enige inspanning. ook. Goed beloopbare paden en overzichtelijke sneeuwvelden maakten het eenvoudig. De belangrijkste factor was echter het weer dat ons trakteerde op prachtige uitzichten. De col werd makkelijk opgelopen en de afdaling werd dikke pret in de sneeuw in de sneeuwvelden.
Lopende de middag vielen we Gruben binnen en vonden onderdak in het Hotel/Dortoir Schwartzhorn. De overgang van de Weisshorn naar de Schwartzhorn was voor wat betreft het comfort niet groot alleen was de laatste op een wat moderne leest geschoeid.
In de tuin werd in de middagzon de tocht geëvalueerd. Het plan was niet helemaal uitgekomen maar het gedwongen bij stellen was niet ten kosten van ons plezier gegaan. Kortom, een mooie tocht met op een dag na goed weer met onderweg uitstekende onderkomens.
Vandaag stond het vertrek naar Chamonix voor de Cross du Mont Blanc van morgen op het programma. Dat werd een ontspannen rit door het Rhone dal tot aan Martigny en vervolgens omhoog via de Col de Forclaz naar Chamonix. Ter voorbereiding op de cross hadden wij gisteravond natuurlijk al koolhydraten gestapeld. Nu dronken wij ons op de col bij de rifugio mat de zelfde naam met koffie de benodigde moed in.