Het ontbijt was na de uitgebreide inkopen van de ploeg gisteren in Chame weer geheel op peil voor zover het vers voedsel betrof. De pancake met appel en honing spande tot groot genoegen van Prem, de kroon . Na het ontbijt en inpakken was het in de lodge "Super View" betalen geblazen voor de thee, de elektriciteit en de befaamde “hot shower”. Korting vanwege de twee fotosessie en de toezegging om de foto’s op te sturen (is gebeurd) was niet aan de orde.
Via de stadspoort van Koto stortten wij ons daarna op de “route touristique” van de standaard Annapurna track. Het erg druk zijn naar de maatstaven van Otto bleek in de praktijk nogal mee te vallen. De 11 september gebeurtenissen hadden ook hier sporen achtergelaten of beter gezegd niet, want er waren nauwelijks toeristen op pad. De controle post hield ons nog even op. Mochten we gisteren op basis van onze fotografische activiteiten en met de belofte dat we slechts een dagwandeling maakten nog ongehinderd door, nu was het weer onnuttige formaliteiten geblazen, die we zoals gewoonlijk rustig ondergingen. Ambtenaren tegen maken heeft geen zin en zeker niet in verre landen.
Het pad liep schilderachtig mooi door de pijnboombossen en velden langs de rivier. Hier en daar doken wat akkertjes met gerst en aardappels, boomgaardjes met petiterige appeltjes en verspreide huizen op. De Kippendief sloeg hier natuurlijk weer zijn slag. Althans uit een tuin toverde hij nog een lading appeltjes en een kool.
De lunch stop van deze natuurwandeling werd doorgebracht in een schilderachtige keuken annex woonkamer, slaapkamer en boudoir van de daar wonende dame. Hoe dat geregeld wordt is ons altijd ontgaan maar het gaat gewoon. Nou ja gewoon, er wordt wat met elkaar gekletst en vervolgens trekt de hele bups het huis in en begint vrolijk de koken en eten.
Na de lunch werd onder grote hilariteit van de ploeg nog even gemeten hoe het met mijn hersengewicht stond. Tot hun en onze vreugde bleek de inhoud zo licht als een veertje te zijn. Kennelijk is deze meetmethode voor intelligentie universeel. Daarna waren de broertjes Krishna en Nartha zeer vereerd om met de heuse dame Leny op de foto te kunnen gaan, althans zo aan hun ernst te zien waarmee zij poseerden. De één ongeveer twintig en de andere even dertig. Nartha kon net zo goed zijn vader zijn.
Het dorpje waar het huis stond was overigens lieflijk met zelfs bloembakken onder de ramen. Minder lieflijk was de poster over dragers. Deze duidde er op dat toch nog veel misbruik wordt gemaakt van deze zo aardige en goedwillende mensen.
Bij het vervolg begon het rivierdal zo langzamerhand te ontaarden in een kloof met aan het eind een ons imponerend opstapje in de vorm van een morenenwal uit vroegere ijstijden. Het werd even goed aanpoten maar het klom makkelijk over het nog steeds goede pad. Boven kwamen we zoals verwacht in een grote vlakte uit met aanvankelijk bos maar later veel kaalheid.
Verrassend was wel de minimarkt in het bos. Geduldig zat een koopman met zijn koopwaar te wachten op de toeristen die niet kwamen. De standaard middagwolken lagen nu achter ons want hier begon het drogere deel van de route. Hoewel de zon scheen was het laatste stuk naar Pisang taai door de harde, gure en stoffige tegenwind. Oom moest zelfs afhaken op dit stuk.
Pisang (N 28° 36´52,3´´ O 84° 08´ 54´´ 3207 m) ligt aan weerszijde hoog boven de diep in de leem ingesleten rivier. Wij bleven in het “nieuwe” deel met veel lodges en toch nog wat toeristen. De ploeg kon daardoor aanvankelijk zijn draai niet vinden. Een goed veld om te kamperen was kennelijk schaars en er werd veel heen en weer gelopen zonder veel resultaat. Dus in de stoffige dorpsstraat maar op de krent en wachten.
Uiteindelijk kwamen we uit op een stuk kaalslag met douche en toilet er op en koeien. Tussen de douche en het toilet was geen verschil want het waren gewoon smerige hokken. De yak-achtige koeien waren vreedzaam ondanks dat er niet te vreten was op de kaalslag, dus waar alle koeienkak vandaan kwam bleef een mysterie.
Het werd overigens wel een gevecht met die beesten want zij bleven de tent in hun weide negeren gezien het feit dat zij er steeds overheen wilden lopen en dat geeft vooral ’s nachts wat onrust. De dag eindigde verder volgens het ritme. Na het eten valt de nacht echt en veel avondleven in de donkere en koude nacht is er niet. Slapen leer je wel in Nepal want de hoogte stimuleert dit nog extra.