In het klassiek Latijn betekende virus letterlijk "slijmerig vocht", "vergif" of "stank".
Het werd niet alleen gebruikt voor het gif van een slang, maar ook voor het 'venijn' in iemands karakter of taalgebruik. Pas aan het eind van de 19e eeuw werd het woord in de medische wereld geadopteerd voor ziektekiemen die kleiner waren dan bacteriën.
Hoewel we bij "virus" tegenwoordig direct aan de griep of een computerprogramma denken, komt de stam van dit woord op verschillende manieren terug in onze taal:
Dit betekent "giftig" of "krachtig".
Medisch: Een virulente bacterie is zeer ziekmakend.
Figuurlijk: Een virulente aanval op iemands reputatie is een felle, venijnige aanval.
Dit is de mate waarin een micro-organisme in staat is om ziekte te verwekken. Hoe hoger de virulentie, hoe gevaarlijker de indringer.
Dit kennen we vooral van sociale media. Iets wat "viraal gaat", verspreidt zich met de snelheid en onstuitbaarheid van een biologisch virus.
Middelen die de werking van virussen tegengaan (zoals medicijnen of software).
Om het verschil tussen de twee Latijnse stammen te onthouden:
Latijnse stam - Betekenis - Nederlands voorbeeld
Viru- = Gif / Slijm >>> denk aan virulent, virus
Viri- = Groen >>> denk aanviridiaan (blauwgroen pigment)
Vir-= Man >>> denk aan viriel (mannelijk)
Het meervoud van virus in het Latijn is een lastig punt. Omdat het een zogenaamd 'massa-woord' was (zoals "goud" of "slijm"), had het in de oudheid eigenlijk geen meervoudsvorm. In modern Nederlands gebruiken we gewoon virussen.
Wat betekent "Semper virens"? Dit was de naam van een bedrijf dat sedum teelt voor groene daken en tegenwoordig "Semper green" heet.
Waar virus "gif" betekent, betekent (de stam in) virens: groen.
De betekenis van "Semper virens" (vaak aan elkaar geschreven als sempervirens) is letterlijk:
Semper: altijd , immer
Virens: groenend, bloeiend, krachtig (het tegenwoordig deelwoord van het werkwoord virere, "groen zijn").
De volledige vertaling is dus "altijdgroen" of "groenblijvend".
De keuze voor deze naam door het bedrijf (nu Sempergreen) is erg toepasselijk vanwege hun product:
Biologisch: De sedumplanten op groene daken blijven het hele jaar door hun kleur behouden (ze zijn winterhard en groenblijvend).
Botanisch: In de plantkunde is sempervirens een zeer veelvoorkomende soortaanduiding voor planten die in de winter hun blad niet verliezen. Bekende voorbeelden zijn:
Buxus sempervirens (de gewone palmboon/buxus).
Sequoia sempervirens (de kustmammoetboom).
Cupressus sempervirens (de Italiaanse cipres).
Het is een subtiel verschil in de spelling van de stam, maar de betekenis is totaal anders:
Virus = Slijm / gif (denk aan: virulent)
Virens = Groenend (denk aan: Semper virens)
Viridis = Groen (de kleur zelf)
Het bedrijf heeft de naam later "verengelst" naar Sempergreen, wat voor de meeste mensen makkelijker te begrijpen is, maar de Latijnse oorsprong vertelt dus precies hetzelfde verhaal: een dak dat altijd groen blijft.