De coach speelt lobs naar 3 verschillende zones. Speler moet richting kiezen: cross, rechtdoor of naar glas.
Analyseer: positie onder bal, bladopening, landing.
Bandeja zonder bal (zwaaibeweging).
Lage bandeja op rustige lobs.
Richting kiezen met pionnen.
Laat ze zelf bepalen: geven ze de bal breed, diep of veilig?
Let op zijwaartse stappen, niet achteruit rennen.
a. Spelonderwijs – Overhead = controle.
b. Didactiek – Eerst 1 richting → dan 3 richtingen.
c. Methodiek – Beweging → richting → snelheid.
d. Tactiek – Breed spelen opent veld.
e. Techniek & Positionering – Blad halfopen, contactpunt schuin voor lichaam.
① Gerichte oefening: Benoem drie positieve punten per drill en geef één tip.
② Analyse: Observeer effect van positieve benadering op motivatie en focus.
③ Spelverloop: Noteer verbetering in rally’s en enthousiasme.
④ Vragen: Hoe vind ik balans tussen aanmoediging en correctie?
⑤ Bewegingsleer: Demonstratie: kern actief, voeten stabiel, armen ontspannen.