Voor kinderen, jongeren, volwassenen en ouderen
De speler leert de bal laat te laten stuiteren voordat hij slaat, om zo meer tijd, controle en balans te krijgen. De nadruk ligt op rust creëren vóór het raken, vooral bij lage of diepe ballen.
Start met langzame rally’s waarbij de coach bewust lage, diepe ballen speelt.
Spelers leren om niet te haasten, maar de bal te laten zakken tot kniehoogte.
Analyseer:
Gewicht op voorvoet?
Racket laag genoeg?
Is de speler in balans voordat hij slaat?
Wordt de bal beter geplaatst bij een late bounce?
Oefening 1: De speler moet de bal pas slaan zodra hij onder heuphoogte komt.
Oefening 2: Speel vanuit stilstand: coach speelt 5 lage ballen → speler wacht → slaat rustig cross.
Oefening 3: In tweetallen: steeds 1× hoge bal, 1× lage bal. Speler herkent het verschil en past timing aan.
Oefening 4: Extra makkelijk niveau voor kinderen: “Tel tot 1 → dan pas slaan.”
Wanneer kies je voor een late bounce?
Bij diepe ballen richting achterveld.
Bij harde ballen die anders te snel bij je zijn.
Wanneer je tijd wilt winnen om beter te plaatsen.
Keuzevarianten:
Sla een blokkende bal of een gecontroleerde lob na een late bounce.
Bij twijfel: kies controle boven kracht.
Speler leert:
Stapje achteruit → zak door knieën → racket laag.
Oog op de bal houden tot het laagste punt.
Coach observeert:
Voetenwerk (staan ze klaar?)
Rust in bovenlichaam
Of de speler stabiliteit heeft in zijn ‘laat-timing’
Extra voor ouderen: focus op balans, niet op kracht.
Uitleg volgens stappen a t/m e
Leer spelers begrijpen dat timing belangrijker is dan kracht. Door laat te raken, ontstaat rust → meer controle → minder fouten.
Werk met herhaling, rustige aanvoer en mondelinge bevestiging: “Wacht… laat hem komen… nu!”
Begin stilstaand → dan rustig lopend → dan in echte rally’s → eindig in spelsituaties 2-tegen-2.
Late bounce = tijd maken = slim spelen.
Gebruik het voor:
verdedigende ballen
diepe ballen
situaties waarin je de tegenstander wilt neutraliseren
Racketpunt laag
Stabiele stand
Knieflexie
Contactpunt voor het lichaam maar laag
Stapje terug in plaats van te vroeg slaan
① Gerichte oefening: Stel tijdens een drill één open vraag aan de speler: “Wat zou je anders kunnen doen?”
② Analyse: Observeer hoe speler het antwoord toepast in de volgende slag.
③ Spelverloop: Noteer effect van vraag op rally-uitkomst.
④ Vragen: Stel ik vragen die écht inzicht geven?
⑤ Bewegingsleer: Demonstreer correcte houding en voetenstand terwijl je vraag stelt.