Twee kinderen staan aan het net en proberen samen 10 zachte volleys te spelen.
Observeer contactpunt, stabiliteit, en gezamenlijke timing.
Volley–vang–volley.
Statische volley’s zonder voetenwerk.
Laat duo’s kiezen: links spelen, rechts spelen, of midden.
Voetjes licht stuiteren, racket voor het lichaam.
a. Spelonderwijs – Netspel = teamwork.
b. Didactiek – Korte rally’s → langere rally’s.
c. Methodiek – Start stilstaand → beweging erbij.
d. Tactiek – Smal doel = precisie, breed doel = verdediging.
e. Techniek & Positionering – Kleine korte slag, racket vast vóór lichaam.
① Gerichte oefening: Stel haalbare doelen en vier ze met speler.
② Analyse: Observeer verbetering in focus en zelfvertrouwen.
③ Spelverloop: Noteer effect op rally-intensiteit en precisie.
④ Vragen: Hoe kan ik succeservaringen optimaal benutten?
⑤ Bewegingsleer: Toon correcte swing, voeten actief, kern stabiel.