Terug naar Zuid-Oost Azië via Zuid-Afrika
Na ruim vijf dagen verblijf in Buenos Aires vertrekken we voor de terugreis naar Zuid-Oost Azië via Zuid-Afrika. In Rio komen nieuwe passagiers aan boord en wordt lading ingenomen voor Zuid-Afrika.
Ik ben nu in staat zelfstandig mijn wachten te lopen en Kreb hoeft steeds minder tijd aan mij te besteden. Tijdens de oversteek naar Zuid-Afrika wordt er iedere 24 uur een half uur aan de locale tijd toegevoegd. Ik controleer dagelijks de scheepschronometer met de tijdseinen van Washington Radio en die van Hawaii. Het valt me op dat er minimale verschillen optreden bij de aflezing van de chronometer. In Oost-West richting zijn de verschillen positief en in West-Oost richting negatief. Er is geen verklaring voor, maar ik vermoed dat het mogelijk verband houdt met het aardmagnetisme.
Dolfijnen en scholen vliegende vissen houden ons voortdurend gezelschap gedurende de lange oversteek. De zee verveelt nooit. Niets is zo veranderlijk en kleurrijk, niets is zo onmetelijk in zijn uitgestrektheid. Midden op de oceaan kan hij zo vlak als een spiegel zijn. Alleen een lichte deining verraadt dat we met een slapende reus te maken hebben. Je kunt vertrouwen op zijn onbetrouwbaarheid. Als de cycloop ontwaakt, gooit hij rotsblokken naar Ulysses. De vlakke zeespiegel verandert in een berglandschap in wording. De heuvels gaan over in bergen, die steeds hoger worden en met sneeuw bedekt raken. Je kunt je voorstellen dat zo de wereld is gevormd; het land ontstaan als een orkaan op zee. Aan boord van een schip kan je die oerkracht nog voelen. Je zou hem als vriend willen hebben, maar dat laat hij niet toe en je wordt op een eerbiedige afstand gehouden.
Bij het naderen van de evenaar beginnen de luchten te koketteren met de oceaan. Pauwenstaarten dansen boven de horizon. Van je onbescheiden blikken trekken ze zich niets aan.
Er zijn twee plekken op het schip waar ik graag kom. Boven de brug is het “schavotje”, daar zit je als het ware op de rug van een stalen vis die zich een weg baant over een oneindige watervlakte en een andere plek is op het achterschip, waar de draaiende schroef je de hartslag van het schip laat voelen en een wit geploegd kielzog achter zich laat als een langzaam verdwijnend spoor.
Na Kaapstad en Durban volgt opnieuw de oversteek van de Indische Oceaan naar Singapore. Daar ontvangen we bericht dat de volgende bestemming Hongkong is en dat daarna Japan op het reisschema staat. De afstand naar Hongkong is bijna 1500 mijlen en dat komt neer op ruim vier dagen vaartijd.
In Hongkong liggen we voor anker bij Kowloon en de verbinding met de wal wordt onderhouden met de motorsloep. Ik krijg de tijd om te passagieren en rijd met het kabeltreintje naar de “Peak”, het hoogste punt van het eiland en vanwaar ik ver beneden in de baai de Tjisadane voor anker zie liggen. Met enkele collega´s eet ik “sizzling prawns” in een drijvend restaurant in Aberdeen.
De Chinese bemanning is nu thuis, d.w.z. de rondreis Hongkong-Hongkong is voltooid en zakelijk met succes is fgesloten. Volgens traditie wordt aan de officieren een Chinese Chow aangeboden in een van de restaurants in Wan Chai, een van de bekende uitgaanswijken van Hongkong.
Het feest begint om acht uur ´s avonds. De Chief Steward, Bootsman en Number One zijn onze gastheren. Op ronde, roterende tafels staan tientallen gerechten; suckling pig, sweet and sour fish, prawns, gekookte en gebakken rijst, birdnests, enz, enz. Bier en whisky vloeien rijkelijk. Het is zo goed als onmogelijk om bij te houden hoeveel je hebt gedronken. Na iedere teug wordt je glas opnieuw opgevuld. De stemming stijgt en loopt hier en daar over. Zo gaat het urenlang door. Als sluitstuk wordt altijd een kleine bowl met rijst geserveerd. Als teken dat je voldaan bent, proef je daar even van en laat de rest staan. Het is een ritueel waaraan strikt gehouden wordt en er vindt een soort Europees-Chinese verbroedering plaats binnen de gebruikelijke hiërarchie aan boord. Het gebruik van de chop-sticks levert bij de nieuwelingen nogal wat hilariteit op. Steeds worden opnieuw toasts uitgebracht. “Yamsing”, “Op je gezondheid”. De Chinezen zijn slim, ze drinken niet teveel. Hun grootste voldoening is ons teveel te laten drinken. Dat lukt ze uitstekend en iedereen vermaakt zich kostelijk.
Tegen middernacht komt er min of meer een eind aan het feestelijk gebeuren. Min of meer, want enkelen besluiten terug te gaan naar het schip, terwijl anderen het feest nog voort willen zetten elders in de buurt. Elders is in een van de tientallen bars, die praktisch dag en nacht geopend zijn.
Hongkong is samen met Singapore het economische centrum in het Verre Oosten. In de zestiger jaren is het nog steeds een Britse kroonkolonie, direct grenzend aan het Chinese vasteland. Hier staan twee economische en politieke systemen in schril contrast tegenover elkaar. De expansieve activiteiten van de Westerse Wereld, onder leiding van Portugezen, Spanjaarden, Engelsen, Fransen en Nederlanders hebben hun sporen en littekens achtergelaten. Aan de haren werd het Verre Oosten de moderniteit in gesleurd. Na de Tweede Wereldoorlog kwam er een eind aan het koloniale stelsel als eindbalans van dit conflict. Een ander systeem kwam ervoor in de plaats, maar de westerse invloed bleef aanwezig.
De bedrijvigheid in een stad als Hongkong is ongekend. Het is een mierenhoop, dag en nacht in beweging. Het is alsof de stad nooit slaapt of zelfs maar even tot rust komt. Honderden sampans varen af en aan. Hele families wonen en leven permanent aan boord. Op sommige plaatsen liggen tientallen schepen naast elkaar afgemeerd. Op de rede tussen Hongkong en Kowloon liggen voortdurend schepen van diverse nationaliteiten voor anker. Daartussen nemen de schepen van de KJCPL altijd een vooraanstaande plaats in. Het is hun thuishaven, ondanks de Nederlandse vlag achteruit en de naam Amsterdam vermeld op de achtersteven.
Kai Tak is een van de drukste en gevaarlijkste vliegvelden ter wereld. De start- en landingsbaan ligt voor een deel in de baai en er is maar één aanvliegroute. De landing moet direct goed zijn; er is geen ruimte voor doorstarten door de bergrug aan het eind van de landingsbaan.
Na enkele dagen vertrekt de Tjisadana uit Hongkong met bestemming Yokohama in Japan. De 1700 mijlen tussen beide steden worden in vijf dagen afgelegd. De route voert ons door de Taiwan Straat tussen het Chinese vasteland en het eiland Taiwan (het vroegere Formosa).
Er heerst een soort gewapende vrede tussen deze twee in conflict zijnde gebieden. Tsjang K'ai-Sjek, gesteund door de Verenigde Staten en Europa, als exponent van de kapitalistische wereld tegenover het Rode China van MaoTse Toeng. Tijdens het passeren van deze smalle zeestraat komen voortdurend patrouillevaartuigen van beide landen in zicht. Iedereen mag zich voorstellen wat de consequenties kunnen zijn van een mogelijke confrontatie.