Indische Oceaan – Zuid-Afrika - Atlantische Oceaan – Zuid-Amerika
Voordat de TJISADANE aan de oversteek van de Indische Oceaan kan beginnen, wordt er olie gebunkerd bij Pulau Bukum, de olieraffinaderij bij Singapore. ´s Avonds na het bunkeren wordt “voor en achter” gemaakt en zetten we koers naar Penang in Malakka, waar nog enkele passagiers aan boord zullen komen.
Mijn chef, de heer Kreb, heeft me ingewijd in de geheimen van het radiostation en ik kan beginnen mijn theoretische kennis aan de praktijk te toetsen. Ik merk al snel hoe ver die twee concepten van elkaar kunnen liggen, maar het een kan niet zonder het ander.
Hier begint de werkelijkheid; korte- en middengolfzenders, ontvangers, generatoren, radar, echolood, richtingzoeker, automatisch alarmtoestel, antennes, noodzenders, accumulatoren, koptelefoons, seinsleutels, isolatoren enz. enz. Het zijn de ingrediënten die het mogelijk maken dat een schip, waar ook ter wereld, over stem, ogen en oren beschikt en daarmee is de begrenzing van de horizon verbroken en naar ver daarbuiten verlegd.
Voor de veiligheid van de navigatie en de communicatie met de wal en andere schepen was deze ontwikkeling van enorme betekenis. Het zinken van de TITANIC met het grote verlies van mensenlevens en de schade aan economische belangen, was de directe aanleiding voor een snelle introductie en praktische toepassing van de nieuwste technische vondsten bij de scheepvaart en een wereldwijd net van kuststations maakte de ontvangst en het verzenden van telegrammen, nieuws- en weerberichten, tijdseinen enz. van en naar schepen, een nieuwe realiteit. Voor een buitenstaander worden in zo´n radiostation aan boord magische handelingen verricht. Het ritueel van een medicijnman. Hij maakt gebruik van mysterieuze elektromagnetische krachten in de natuur en zendt zijn signalen in een geheimzinnige morsecode met de snelheid van het licht de ether in. Een onzichtbare collega medicijnman is op een ander schip of aan de wal met hetzelfde ritueel bezig en die twee schijnen elkaar te verstaan. Maar alles is geheim, dat is onderling afgesproken.
Ik heb Kreb´s hulp nodig. Hij heeft me opdracht gegeven om telegrammen te verzenden via Singapore Radio, de aankomsttijd te melden aan Penang Radio, onze positie te melden aan Scheveningen Radio, het Nederlandse nieuws op te nemen en op de schrijfmachine uit te tikken en een weerbericht voor de route te ontvangen. Omdat we Engels-sprekende passagiers aan boord hebben, zijn de persberichten van Portishead Radio ook belangrijk. Het is nogal wat om mee te beginnen.
De eerste tekenen van zeeziekte dienen zich aan. Ik heb nog geen zeebenen en de bewegingen van het schip, nu buitengaats, missen hun uitwerking op m´n maag niet. Kreb is een aardige vent en hij helpt me wat op weg. Ik voel me niet veel groter dan een muis, een zeezieke muis. Kreb verdwijnt weer snel voor zijn diner met de kapitein en passagiers en ik blijf alleen achter in het half-verlichte radiostation. Nu sta ik er alleen voor en het gaat meteen wat beter zonder de argus ogen van m´n chef in mijn nek en zijn imponerende totaalkennis zo dichtbij. Ik haal een paar keer diep adem, gooi in het toilet wat opstandige nasi goreng uit mijn maag en ga verder met mijn opdrachten. Ik heb wacht tot 6 uur ´s morgens. De slaaphut van Kreb is naast het radiostation en het gekraak van het schip, de geluiden uit de machinekamer, het gepiep van de morsetekens en de klappen van de woelige zee worden nog aangevuld door een luid gesnurk dat bijna al het andere overstemt.
We liggen slechts enkele uren op de rede van Penang en nadat de nieuwe passagiers aan boord zijn gekomen, begint de Tjisadane aan de oversteek van de Indische Oceaan met als eerste bestemming het eiland Mauritius.
Het staartje van een tyfoon in de Golf van Bengalen beïnvloedt het weer in onze omgeving. De zware zeegang bemoeilijkt het lopen op dek en in de gangen van het schip. Ik ben zeeziek, maar wil en mag er niet aan toegeven. Veel van het eten houd ik niet binnen en door het gebrek aan rust, of liever gezegd slaap, begin ik me behoorlijk slap te voelen.
Vanaf het brugdek gezien biedt de oceaan een wild chaotisch schouwspel. De zwaarbewolkte lucht lijkt samen te spannen met de golven die het schip bespringen. De boeg wordt tientallen meters omhoog getild om dan weer met een dreun de zee te splijten in fonteinen van schuim en water. Het schip is omringd door een onstuimige massa van grijs-groen water, dat direct schijnt over te gaan in de donkere wolkenformaties. De bewegingen van het schip worden steeds heftiger en het lijkt of alle natuurkrachten zijn losgebroken en samenspannen om dit brutale schip te laten weten wie er de baas is. Om deze weersomstandigheden tijdens mijn vuurdoop aan boord mee te maken, is een heftige ervaring.
De volgende dagen bedaart de storm en de passagiers komen tevoorschijn uit hun hutten en beginnen hun plaatsen in te nemen in de salon en messroom. Mijn zeeziekte heeft zich gelukkig ook afgemeld.
Er blijft alleen een lange deining zonder golven over en het schip trekt een lang bruisend spoor door het diepblauwe water van de Indische Oceaan op haar koers naar Mauritius. Ver naar het noorden ligt de enorme landmassa van India en in het zuiden het Antarctische continent. Verspreid langs de route naar Zuid-Afrika liggen vele eilanden en groepen van eilanden, zoals o.a. het Christmaseiland, de Cocos eilanden, Diego Garcia, Reunion, Mauritius en Madagaskar. De afstand tussen Singapore en Kaapstad is bijna 6.000 zeemijlen en Mauritius bevindt zich ongeveer halverwege, een vaartijd van ongeveer 10 dagen.
Enkele dagen voor aankomst in Port Louis op Mauritius krijgen we met een motorstoring te maken. Er moet een zuiger getrokken worden en we liggen enkele uren stil op de deining van de oceaan. Een enorme haai zwemt langzaam om het schip. Passagiers en bemanning hangen over de railing om het dier te bewonderen. Een van de bemanningsleden gooit een lijn, met haak en daaraan een stuk vlees bevestigd, overboord. De haai zwemt er langzaam naar toe, opent z´n enorme muil en heeft het aas beet. We kijken allen gespannen naar wat er nu gaat gebeuren. De haai blijft stil langs het schip liggen, terwijl een aantal Chinezen aan de lijn begint te trekken. Langzaam wordt de haai omgetrokken en ligt met z´n wit-grijze buik naar boven gekeerd. Dat verbaast ons. Gaat het zo gemakkelijk? Maar dan, met een flinke klap van zijn staart, draait het dier zich razendsnel om en laat de haak met het vlees los. Rustig zwemt hij weg en verdwijnt in de diepte.
Na tien dagen komen we in de buurt van Mauritius. Een statige bergtop, “The Thumb”, verschijnt aan de horizon onder een strak blauwe hemel. Daarna komt het eiland zelf in zicht met een weelderige tropische plantengroei, afgewisseld door witte zandstranden en palmbomen. We meren af langs de kade in Port Louis voor het innemen van vers water.
Eens stond het eiland, dat zijn naam dankt aan Prins Maurits, onder Nederlands bewind en speelde een belangrijke rol op de route naar Oost-Indië. Nu waait de Franse vlag van het gouvernementsgebouw. Het huidige Nederland is eigenlijk ondenkbaar zonder haar maritieme geschiedenis van ontdekkingsreizen, kolonisatie en internationale handel. Onze buitenlandse bezoeken werden niet altijd op prijs gesteld, daar kunnen we niet omheen, maar het heeft ons gemaakt tot wat we zijn. Dat is misschien niet het beste wat er is, maar we moeten het er wel mee doen.
Sebastian Elcano, onder Magelhaes, keerde na de drie jaar durende reis om de wereld in Spanje terug met slechts zeven overlevenden van de 300 bemanningsleden bij het begin van de reis. Dat waren de omstandigheden in die tijden. Men wist dat de overlevingskansen gering waren. Hoeveel naamloze Hollandse zeelieden toen het leven hebben gelaten, is een open vraag. Niet voor iedereen was het een Gouden Eeuw.
Het water laden in Port Louis duurt maar kort en na enkele uren wordt koers gezet naar Mozambique. Na vier dagen lopen we zonder verdere wetenswaardigheden de haven van Lourenço Marques binnen.
De Portugese kolonies in Afrika hadden toentertijd een gezellige en aangename uitstraling. Veel Zuid-Afrikaners, die het systeem van “apartheid” onverdraaglijk vonden, brachten hun vakanties in Mozambique door. Mozambique en Angola werden door Portugal als provincies beschouwd en de locale Afrikaanse bevolking die Portugese scholen bezocht, de Portugese taal beheerste en het katholieke geloof beleed, werd door de Portugese regering als “asimilados” erkend en beschikte over dezelfde rechten als de Portugezen zelf. In Portugal had Salazar de touwtjes nog strak in handen. De “Revolucion de las Rosas” was nog ver weg en voorlopig heerste hier nog steeds de stilte voor de storm. LM was een gezellige stad en in een restaurant deden we ons tegoed aan “Galinha piri-piri”, gebakken kip in pikante saus en “Vinho Verde”. De Afrikaanse bevolking is goedlachs en vriendelijk en van enige spanning tussen de rassen is weinig te merken.
Enkele dagen later meerden we af in de haven van Durban en kreeg ik tijd om wat in de stad rond te kijken. Op het eerste gezicht een Europese stad, verhuisd naar het zuidelijk halfrond. Het is zomer en de temperatuur omstreeks 30 graden. Ik maak een ritje in een soort riksja met enorme wielen, getrokken door een in vol ornaat uitgedoste Zoeloe. Het is een vrolijke kerel en hij roept ons de namen van de gebouwen en de straten af die wij passeren. ´s Middags breng ik met een paar collega´s een bezoek aan een Zoeloekraal in de Valley of the Thousand Hills. Onder veel tromgeroffel, voert een Zoeloegezin, bestaande uit man, vrouw en een tiental kinderen, een soort krijgsdans uit en laten zich door ons fotograferen. Het is vreemd om deze mensen als een toeristenattractie tentoongesteld te zien.
's Avonds laat de agent van de KJCPL ons iets van het nachtleven proeven en drinken we hier en daar een glas. We zijn natuurlijk benieuwd wat de politiek van “Apartheid” in de praktijk betekent en we krijgen allerlei argumenten te horen die het systeem moeten rechtvaardigen. Op het prachtige strand van Durban staan bordjes met aanduidingen zoals: ”White ladies only” en “Black women only”. Overal heerst rust, maar de spanning is te snijden. Ook hier de stilte voor de storm.
De volgende dag spelen we een voetbalwedstrijd tegen de bemanning van een Engels schip van de New Castle Line. De wedstrijd is georganiseerd door de “Flying Angel”, een evangelische organisatie, die zich inzet voor zeelui in de Britse Commonwealth landen. Ik krijg een paar mooie kansen voor het doel en schiet driemaal raak. We winnen de wedstrijd tenslotte met 4-1. Later aan boord wordt er flink commentaar geleverd en die drie doelpunten hebben me geen kwaad gedaan. Zelfs Kreb komt er ´s avonds op terug met een vriendelijke opmerking.
Na Durban wordt er koers gezet naar Kaapstad, een afstand van ruim 800 zeemijl. We varen in een sterke zuidelijke stroming, de Agulhas current. Het is een prachtig natuurgebied, rijk aan vogels en vissoorten.
Ieder jaar vormt zich voor de kust een enorme school van sardines, die soms 13 tot 14 km lang kan worden en zich langzaam naar het noorden beweegt tot aan de grens van Mozambique. Niemand weet precies waarom dit verschijnsel zich voordoet. Het schijnt te maken te hebben met de temperatuur van het zeewater, dat daalt als een koudere stroming vanuit het Zuidpoolgebied de Zuid-Afrikaanse kust bereikt. Miljoenen sardines vormen als het ware een enorme vis die zich langzaam langs de kust naar het noorden beweegt. Tijdens de traject verliest deze vis meer dan 20% van zijn massa, door de aanvallen van vogels, robben, haaien, walvissen en natuurlijk de mens.
Onder bijzondere omstandigheden kan het gebied gevaarlijk zijn voor grote zeewaardige schepen door de vorming van z.g. “freak waves”. Golven van 20 tot 30 meter hoog kunnen aanzienlijke schade berokkenen aan de scheepvaart. Dit kan voorkomen als passerende stormsystemen met snel veranderende windrichtingen de golven tegen de de richting van de Agulhas stroom opstuwen. We bevinden ons op 35 graden zuiderbreedte en soms worden zelfs ijsbergen op deze breedte waargenomen.
Bij Kaap de Goede Hoop passeren we de scheiding tussen de Indische en de Atlantische Oceaan en er ontstaat een nauwelijks waarneembaar kleurverschil tussen beide oceanen, daar waar de Agulhas current in aanraking komt met de Benguela current, die later langs Atlantische kust naar het noorden afbuigt.
Vasco da Gama vond, na het ronden van Kaap de Goede Hoop (Cabo de la Buena Esperanza), de route naar India en de specerij-eilanden. Jan van Riebeeck was de eerste gouverneur en stichter van Kaapstad en de Kaapkolonie en daarmee vele jaren vóór op Peter Stuyvesant met Nieuw Amsterdam.
De rol van de Hollandse kolonisten in de geschiedenis van Zuid-Afrika is bepalend geweest voor de ontwikkeling van het land. Het waren verbeten Calvinisten die met hun trek naar het noorden en oosten naar het beloofde land zochten. De geschiedenis hiervan lijkt in Nederland bijna vergeten.
De geharde ”Boers” stichtten Transvaal en Oranje Vrijstaat en ze maakten zich vrij van het gezag in Nederland. Ze hielden zich voor een door God uitverkoren volk. Taai hielden ze vol in de ongelijke strijd tegen de Engelse expansiepolitiek in de 19e eeuw. Ze verloren die strijd, maar bleven hun stempel drukken op de politieke en economische ontwikkelingen van het land. Militaire en politieke leiders als Paul Kruger, Smuts en Retief verdienden hun sporen in die tijd en hun nazaten zijn nu de “Verkrampten”, die tegen alles en iedereen de Apartheid blijven verdedigen. Maar het tij is gekeerd. Als een anachronisme uit een koloniaal verleden gaan de Afrikaners ook deze strijd verliezen. Maar hun fundamentele koppigheid zullen ze nog lange tijd behouden, als een erfenis uit een lang verbleekte band met een klein land in Europa. Hun taal, het Afrikaans, is voor een Nederlander nog goed te verstaan en wordt door grote delen van de bevolking, zowel blank als zwart, door bijna geheel Zuid-Afrika gesproken.
Het aanlopen van Kaapstad met op de achtergrond de Tafelberg is spectaculair. Bij helder weer komt de Tafelberg op tientallen mijlen afstand in zicht. Het maakt Kaapstad, tezamen met Rio de Janeiro en New York tot een van de meest opvallende en mooiste havens ter wereld. Behalve de schepen van de KJCPL zijn ook de schepen van de Koninklijke Rotterdamse Lloyd en de Engelse New Castle Line trouwe bezoekers van Kaapstad.