Gedachten en gevoelens rijzen op en jij handelt naar aanleiding van die gevoelens.
De stroompjes in je hoofd rijzen op en het organisme handelt.
Als in advaita wordt gezegd dat niemand iets doet wordt daarmee bedoeld dat er geen mannetje of vrouwtje in het midden van het brein zit dat alles regelt.
Tegelijk geldt dat er natuurlijk wel iemand is die iets doet namelijk het organisme. Het organisme doet van alles, maar doet dat niet omdat er een centrale persoon aan de knoppen zit, maar als gevolg van de genen, ervaringen uit het verleden, programmering, externe en interne (lichamelijke) stimuli. Er is wel een ik gevoel en een ik gedachte, maar ook dat zijn slechts stroompjes die oprijzen en weer verdwijnen. Dus op een bepaalde manier is er wel iemand die iets doet (het organisme), maar op een andere manier niet (er is geen centraal commandocentrum). Oefening:
Als je denkt dat jij de denker bent probeer dan maar eens een paar uur niet te denken. Of de rest van je leven alleen positieve gedachten te hebben.
Is er een ik die dat kan doen?
Als het antwoord nee is dan is die ik kennelijk niet meer dan een gedachte die niet iets kan doen.
Ervaar je bewuste zijn. Daarin verschijnen de ik gedachte, gevoelens en emoties, de wereld.
Al die dingen kunnen nooit datgene zijn wat je bent. Het subject (wie je bent) kan alleen objecten waarnemen. Het subject kan nooit zichzelf waarnemen.
Dus alles wat je kunt waarnemen ben jij niet.
Het subject (ik) is het onwaarneembare.