Cultuur‎ > ‎Kunst‎ > ‎Zonneveld‎ > ‎

interview

I
n de middencirkel van Saltshof staat sinds 1997 een monumentaal kunstwerk. Vooraf was vastgelegd dat het geen geïsoleerd beeldje tussen groen en schommel moest worden, maar een werk waarbij het hele plein werd ingericht. Het moest de vorm van het plein benadrukken, het zou betekenis mogen hebben en het mocht best wel groots worden aangepakt.

De maker is de kunstenaar Jan van IJzendoorn. Over zijn ontwerp was eenieder, zowel de kunstcommissie als vertegenwoordigers van de wijk, enthousiast. De kunstenaar over het ontwerp, over de relatie tussen vorm, ruimte en tijd en over de betekenis van zijn Zonneveld in Saltshof.


door Kees van Galen

Jan van IJzendoorn was al jaren geleden bezig met landschapskunst. Later legde hij zich meer toe op beeldhouwen. Nu is hij teruggekeerd naar de samenhang van kunst en de omgeving.

"De opdracht van Saltshof vond ik een uitdaging en ik was er erg blij mee. Niet alleen dat ik werd geselecteerd, maar vooral ook omdat er al in de wijk en bij de gemeente leefde dat er op die plek iets speciaal zou kunnen komen. Daar was al over nagedacht, ook dat het in die cirkel een geheel moest worden. Het was best wel uniek dat groenvoorziening en cultuur hierin samenwerkten. Dat zou veel vaker moeten gebeuren, de omgeving verdient het.

Als kunstenaar werk je vanuit een opdracht en in een omgeving. Het is net als met architectuur. Kunst wordt niet alleen gemaakt voor een museum. Als kunstenaar kun je zorgen voor een betere leefomgeving. Ik vind dat geen beperking maar een uitdaging, om kunst en omgeving in harmonie te brengen. Een opdracht als in Saltshof beperkt mij niet maar geeft me juist vrijheid om er mijn ideeën en creativiteit in te leggen."

Het kunstwerk heeft duidelijke, geometrische, vormen. Je ziet een aantal grote granieten stenen. Ze staan in twee halve cirkels. In het midden is een bol. De stenen zijn heel precies geplaatst waarbij ook de windrichtingen een rol spelen.


"Bij elkaar is het een soort uurwerk. De cirkel laat de continuïteit van de tijd zien. Je ziet er de weerbarstige, haast tijdloze stenen. Tegelijk zie je gedurende het jaar, door het spel van het licht en het groen er omheen, de veranderingen van de seizoenen. Een cirkel symboliseert ook hoe je zelf ten opzichte van de tijd staat. Een cirkel omringt je; je staat er in of je staat er buiten.

De noord-zuid richting werkt in het hele plan door. In de binnenste ring staan precies op die noord-zuid as opeens twee stenen in plaats van één steen. Daar komen ruwe delen bij elkaar en worden twee scherpe delen met elkaar geconfronteerd. De stenen in de binnenste ring zijn doorboord, met de grootste gaten weer precies op die as. Die doorboringen spelen een spel met het licht en laten ook iets zien van de tijd, van de veranderingen die je daardoor steeds ziet.

Tegenover de binnenste ring staat de buitenste, de grootste ring van stenen. In de buitenste ring hebben de stenen een bepaalde stand in de ruimte, een houding ten opzicht van elkaar. Waar ze op elkaar aansluiten vertonen ze een curve en van binnen naar buiten hellen ze steeds meer opzij. De binnenste steen van de ring weerspiegelt de curve en daardoor wordt die steen extra statig, haast koninklijk.

Er is geen steen zo duurzaam als graniet. Het is bijzonder als zo'n steen uit de groeve komt, als natuur tot cultuur wordt. Dat mag je zien. Heel bewust heb ik de stenen terughoudend bewerkt. Ik heb zelfs de zijkanten die ik eerst wilde slijpen met een brander een ruw oppervlakte gegeven. Je kunt een steen vorm geven door te breken, te zagen of te polijsten. Bij polijsten laat je het binnenste van de steen zien. Als je iets polijst dan komt de optimale kleur van de steen naar voren. Dat heb ik dus gedaan bij die doorboringen in de binnenste ring. Ook heb ik er rekening mee gehouden dat het vaak nat of vochtig is. Dan tonen stenen hun oorspronkelijke kleuren. Ik heb een granietsoort gekozen die van zichzelf heel gemêleerd van kleurtonen is. De nuances van deze siennakleur lopen van oranje naar rood, soms naar paars en grijs. Dat maakt deze steensoort vrij bijzonder."

Tussen de twee halve ringen met grote stenen zien we een blauwe bol en een ovaal die verzonken ligt in een kom, met bij de ovaal een cilinder waarop een gedicht staat. De bol en het ovaal vormen het midden van de cirkels, het zijn de brandpunten van tijd en ruimte in het Zonneveld.

"De noord-zuid as is maatgevend voor de structuur van het plan. Op die as staan daarom ook deze twee elementen. De blauwe bol is als het ware een verzonken planeet. Het glas in beton, het blauw, heeft natuurlijk ook een symbolische betekenis. Het prachtige Venetiaanse blauw is de kleur van de oceanen, de weerspiegeling van de hemel.
Dan is er ook die krater met daarin die een beetje scheef liggende ovaal. Het lijkt wel iets dat is weggeworpen of dat van buiten is ingeslagen. De ovaal is ook van graniet, maar uit verschillende stenen opgebouwd. Daardoor maakt hij een meer gecultiveerde indruk dan de andere stenen.

En dan hebben we natuurlijk die cilinder waar het gedicht op staat. Dat is het eigenlijke centrum van het kunstwerk. Het is niet het geometrische centrum. Heel bewust heb ik op die noord-zuid as de elementen iets verschoven. Symetrie kan namelijk doodslaan. Door het schuiven werd het ruimtelijk veel spannender.
Die verschuiving naar een kant zie je ook terug in het grote plan, in het geheel van de middencirkel. Zo krijg je meer ruimtelijke diversiteit, met aan de ene kant de beelden en aan de andere kant het groene veld. Als je je in die ruimte begeeft dan verschuift steeds de afstand die je inneemt tot bijvoorbeeld de bomenkrans of de beelden. Dat vind ik spannend.

Ik ben steeds meer bezig met ruimte en tijd. Soms kun je iets zeggen door iets weg te laten. Die zeggingskracht boeit me bijzonder in de binnenste cirkel. Die doorboringen maken dat de de bindende factor eigenlijk leegte is en daardoor hebben die beelden een heel sterke band met elkaar. Zoiets fascineert me."

Het groen speelt ook een duidelijke rol in dat spel van ruimte en licht?

"Ik ken in Nederland niet één plek die zo'n bomenkrans heeft. En hoe dat er straks uit gaat zien is ook voor mij een grote vraag. Natuurlijk heb ik er wel een idee van, maar hoe wordt het werkelijk? Gaan al die stammetjes dan inderdaad werken als een soort zuilengalerij met vensters? Dat lijkt me heel mooi, dat ritme daarvan. Maar ik weet ook dat het kwetsbaar is. Het zal door de gemeente goed moeten worden onderhouden, anders werkt het niet.

Rond de bomenkrans is een plint van rozen geplant. Als je zoiets bedenkt heb je natuurlijk wel hele mooie rozen voor ogen. Dus ook al doe je een zo goed mogelijke keuze uit het beschikbare assortiment, je weet nooit of het precies dat effect heeft wat je hoopt. Ik ben ook niet zo ervaren met het werken met bloeiende dingen. Maar ik moet er wel bijzeggen dat ik harstikke goed werd geholpen door de gemeente.

Op het terrein staat een aantal beuken. Ik heb eerst nog gedacht aan lindebomen, maar dat zijn bomen die worden geleid en geschoren en vaak als beschutting dicht bij een huis staan. De beuken zijn een veel betere keuze. Ze maken het tot een totaal, tot een homogeen geheel. Bovendien worden die beuken heel mooi, als ze lang worden bijgehouden, al die takjes die je zo ziet kronkelen, dat ziet er prachtig uit.
Je kunt er een prachtig verhaal over houden, maar alles wat groeit en bloeit is risicovol. Die stenen die staan er wel goed, dat kan ik gewoon al zien. Maar of die bomen het ook allemaal goed gaan doen?

Ook die poorten in de bomenkrans zijn kwetsbaar. Ik zou ontzettend graag zien dat die er lekker strak in zitten. Maar het moet wel de kans krijgen. Die bomen moeten gewoon naar boven, en een verband met elkaar gaan krijgen. Hoe dat het beste kan, ik geloof wel dat ik daarin deskundig in bij gestaan ben. Ik heb wel gemerkt dat de gemeente de ambitie heeft om het ook goed te doen."

Als beginnend kunstenaar is Jan van IJzendoorn bezig geweest met het gestileerde en minimale van Japanse en Chinese tuinen. Komt dat nu, in een rijpere en geëigende vorm, weer terug? Ook in het Zonneveld lijkt de macrokosmos in een kleine ruimte vervat.

"Inderdaad hebben die Zen-tuinen een soort verstilling die mij buitengewoon boeit. Het is niet zo dat ik dat wil of ga bestuderen of het na zou willen doen. Ik hoef het niet eens helemaal te begrijpen om er toch iets te kunnen beleven. Ik laat het op me inwerken en er zitten elementen in die zich verenigen met mijn wezen als kunstenaar.

De beweging die verstild is in een besloten ruimte, daardoor word ik geraakt. Op die manier kan een besloten ruimte, dat geldt soms ook voor een patio, een extra dimensie toevoegen aan wat je daarbuiten ziet. De kunst, de cultuur, maakt dat daarin de natuur op een bijna abstract niveau wordt teruggeven aan de wereld. Naar die magie ben ik op zoek."

Maar er valt nog meer te ontdekken. Van boven af zie je een halve cirkel en een bol erboven. Dat lijkt erg veel op een halve maan met een zon. Dat doet sterk denken aan symbolen die je in Tibet ziet, vaak op huizen geschilderd: de maan met de zon als principe van de kosmos.

"Ja, ik moet toegeven, de maan en de zon die zitten er in. Maar die had ik er eigenlijk voor mijzelf in verstopt, ik had niet verwacht dat dit eruit gehaald zou worden. Het is iets dat eigenlijk niet geanalyseerd moet worden. Omdat ik weet dat, als je gewoon door dat plan loopt, je het waarschijnlijk niet zult zien. Ik gebruik wel vaker elementen die je eigenlijk niet kunt zien. Elementen die, omdat ze er in zitten, zorgen voor samenhang. Een samenhang die je misschien niet kunt benoemen maar die je wel kunt voelen. Dat vind ik heel intrigerend, spannend zelfs."

Die magie is niet alleen in Azië te vinden. Ook in oude stenen Keltische monumenten is de oerkracht van de combinatie van natuur en cultuur voelbaar. Ook met deze traditie heeft Jan van IJzendoorn affiniteit. Dat Wijchen, zo blijkt immers uit opgravingen, een zeer oude Keltische of Bataafse historie heeft, speelde voor hem geen rol, hoewel hij het wel een mooie gedacht vindt om het Zonneveld daarmee in verband te brengen.

"In mijn academietijd en ook later heb ik veel Keltische monumenten bezocht, in Bretagne, Engeland en Ierland. Dat sprak me toen aan. Ook weer die verhouding met het landschap. Zo rudimentair of zo basaal is dat eigenlijk. Maar ik heb nooit behoefte gehad om het na te doen. Het is meer een soort analogie, er ligt een zelfde soort emotie aan ten grondslag.

Maar zulke plekken dreigen soms hun mystiek te verliezen. Zoals Carnac in Bretagne, daar schrik je je tegenwoordig rot. Zo'n weg die er dwars doorheen snijdt, de vele stalletjes waarin ze menhirs verkopen. Er is ineens iets waardoor het niet meer werkt, waardoor die dingen bij wijze van spreke souvenir van zichzelf worden. Dat mist dan precies die verstilling die het nodig heeft."

Het Zonneveld is dus ook kwetsbaar, afhankelijk van het gebruik van de ruimte?

"Als je er kritisch naar kijkt is het zeker kwetsbaar. Ik geloof dat je dat hele plan kapot kunt maken door het vol te zetten met parasolletjes, met dat soort gezelligheid laat ik maar zeggen. Als het gebruikt zou worden voor een centrale barbeque, daar heb ik het erg moeilijk mee. Ik denk eerlijk gezegd dat het plan daar niet tegen bestand is. Dus het is toch kwetsbaar. Aan de andere kant zit ik over kinderen wat die plek betreft helemaal niet in. Het verstoppertje spelen achter die stenen is natuurlijk het beste gebruik van die ruimte. Dat gaat prima. Daar hoef je helemaal niet over in te zitten. Ik denk dat zo'n kuil bijvoorbeeld ook iets zou kunnen gaan betekenen in het spel of zo'n platformpje. Je kunt er een balletje trappen en zo. Dat zie ik allemaal best goed gaan."

Het Zonneveld is de kern van de wijk, de monumentale Salts waaromheen de Saltshof is gebouwd. Gaan mensen in de wijk zich het kunstwerk snel eigen maken?

"Ik denk dat kinderen wat dat betreft in het voordeel zijn, die kunnen het gemakkelijkst onbevangen met iets omgaan. Je weet dat mensen betekenis toekennen aan de dingen en dat plekken daarin een belangrijke rol spelen. Wat ik heb geprobeerd te doen is een plek te maken die in ieder geval de potentie in zich heeft om dat te kunnen gaan betekenen. Of het dat doet, een garantie, daar kun je wel om vragen, maar die kan ik je niet geven. Wat je dan probeert is om zo'n plek kwaliteiten te geven waarvan je dan hoopt dat die gezien en wellicht ook gewaardeerd worden."

Op de steen in het midden staat een gedicht, `Het Zonneveld'. Aan de beelden wordt door middel van taal betekenis toegevoegd.

"Ja, het gedicht. Ik heb er hartstikke lang over gedaan om daar uit te komen. Taal is zo dominant hè, wij zijn zo talig. Als je eenmaal iets zegt..., een verkeerde ondertitel bij een plaatje en dat plaatje wordt voortdurend door die ondertitel geteisterd. Ik vond het dus heel moeilijk een goede tekst te maken. Ik heb nu wel het gevoel dat er een goede tekst op die steen staat, maar wat er nou precies staat dat weet ik niet eens uit mijn hoofd. Maar ik ben er wel tevreden over. Ook de naam Zonneveld vond ik prima geschikt. Het is een naam die de inhoud dekt en tegelijk wilde ik een naam die niet al te pretentieus zou zijn."

ZONNEVELD

licht wordt schaduw
schaduw volgt de bron
de bron is het licht

een boog in de tijd
de tijd wordt zichtbaar
stilstaand en bewegend

aarde is ontvankelijk
ontvankelijk is ‘t veld
leeg en vol tegelijk
Comments