Start nieuwe serie fotoblogs: Volendam en veer naar Marken.
De Kronkelende Koning van Drenthe.
De Drentsche Aa is geen gewone beek, maar een eigenzinnig stelsel van tientallen stroompjes. Het is het best bewaarde beek- en esdorpenlandschap van West-Europa. Wat dit gebied zo uniek maakt, is dat de beken hier nog steeds hun eigen gang gaan. Terwijl bijna alle andere Nederlandse beken vroeger zijn rechtgetrokken, mocht de Drentsche Aa ongestoord blijven kronkelen.
Het landschap is een levend geschiedenisboek. Het reliëf in het dal ontstond al zo'n 150.000 jaar geleden door smeltwater van de ijstijd. Vandaag de dag zie je een prachtig mozaïek van heidevelden, houtwallen en bloemrijke hooilanden. Je struikelt er over de prehistorische monumenten, van mysterieuze grafheuvels tot robuuste hunebedden. De natuur is er ongekend rijk met ruim 850 verschillende plantensoorten. In de heldere beken zwemmen zeldzame vissen, terwijl de ijsvogel en de bever zich ook prima thuis voelen in het gebied.
Bijzonder is het kwelwater dat uit de bodem omhoog borrelt. Dit ijzerrijke water heeft een constante temperatuur van 8 graden en zorgt voor een glanzend vliesje op de stroompjes. Een grappig weetje is dat de beek in Drenthe zelf eigenlijk geen Drentsche Aa heet. Pas als het water de grens met Groningen oversteekt, krijgt het die officiële naam. In Drenthe wordt elke zijtak vernoemd naar het dorp waar hij langs stroomt, zoals het Amerdiep of het Loonerdiep. Het gebied is meer dan alleen natuur; het is een nationaal park waar mensen ook gewoon wonen en boeren. In de zestien karakteristieke esdorpen, zoals Anloo en Taarlo, lijkt de tijd soms echt even te hebben stilgestaan. Je wandelt er letterlijk door een openluchtmuseum dat elke dag weer een ander gezicht laat zien.
Gevormd door Scandinavische 'bulldozers': Het unieke, golvende reliëf rondom de Drentsche Aa is zo'n 150.000 jaar geleden letterlijk gekneed door gigantische gletsjers uit Scandinavië. Toen dit ijs aan het einde van de ijstijd begon te smelten, sleet het woeste water de diepe geulen uit waar de tientallen beekjes vandaag de dag nog steeds rustig doorheen kronkelen.
Een middeleeuwse zaak van leven of dood: Vroeger was het gebied rond de beek een gigantisch, verraderlijk moeras. Handelaars die van Sleen naar Groningen reisden, konden destijds maar via één smalle corridor van zandwegen veilig oversteken. Wie destijds één verkeerde stap buiten het pad zette, riskeerde te verdrinken in de Drentse modder.
Het enige archeologische reservaat van Nederland: Midden in het stroomgebied van de Drentsche Aa ligt het Strubben-Kniphorstbosch. Dit is het allereerste en enige officiële archeologische reservaat van ons land. Je struikelt er over de prehistorische monumenten: van eeuwenoude karrensporen en hunebedden tot tientallen mysterieuze grafheuvels.
Bomen gemodelleerd door hongerige schapen: In het reservaat zie je opvallende, grillig gevormde eikenbomen die ook wel 'strubben' worden genoemd. Deze bomen hebben hun bizarre, knoestige vormen te danken aan eeuwenoude Drentse schaapskuddes. De schapen knaagden telkens de jonge boomtoppen af, waardoor de eiken veranderden in de mysterieuze houtsculpturen die er nu nog staan.