N I E U W: Kantoren hebben plaatsgemaakt voor exclusief wonen in een unieke stadsvilla van 444 m2
Averbode is historisch onlosmakelijk verbonden met de oprichting van de lokale norbertijnenabdij, die de kern vormt van de ontwikkeling van deze plaats. De nederzetting ontstond in de schaduw van deze religieuze instelling, die in 1134 werd gesticht op initiatief van Arnold II, graaf van Loon. Oorspronkelijk begon de gemeenschap als een landbouwnederzetting waarbij lekenbroeders hielpen het omliggende heide- en boslandschap te ontginnen voor economisch rendement.
Gedurende de middeleeuwen en de vroegmoderne tijd kreeg Averbode te maken met diverse rampen en geopolitieke spanningen. In de nacht van 24 oktober 1499 sloeg de bliksem in op de kerktoren, wat leidde tot een brand die de middeleeuwse kerk en de sacristie grotendeels vernielde. De daaropvolgende Tachtigjarige Oorlog bracht herhaaldelijk plunderingen met zich mee; in 1578 moesten de religieuzen de abdij tijdelijk ontvluchten vanwege het oorlogsgeweld.
De zeventiende eeuw luidde een periode van herstel en vernieuwing in onder leiding van abt Servatius Vaes. Tussen 1664 en 1672 werd een volledig nieuwe abdijkerk opgetrokken naar een ontwerp van de Antwerpse architect Jan van den Eynde. Dit bouwwerk markeert een architectonische overgangsstijl met elementen uit zowel de gotiek als de barok. In deze periode werd tevens het veertiende-eeuwse poortgebouw, het oudste nog bestaande bovengrondse deel van het complex, geïntegreerd in de vernieuwde infrastructuur.
Aan het einde van de achttiende eeuw brachten de Franse bezetting en de daaruit voortvloeiende secularisatie een breuk in de geschiedenis. De abdij werd geconfisqueerd, verkocht en deels afgebroken. In de jaren 1830 kochten de norbertijnen de site terug, waarna de abdij officieel werd heropgericht. Rond 1900 diversifieerde de economie van Averbode zich door de oprichting van een eigen drukkerij en uitgeverij, waarmee de plaats uitgroeide tot een centrum voor educatieve publicaties. Hoewel een grote brand op 29 december 1942 de centrale woonvleugels verwoestte, bleef de historische abdijkerk gespaard en werd het complex in de decennia daarna heropgebouwd.
Oorspronkelijk een dubbelklooster: Bij de oprichting in 1134 was de Abdij van Averbode een dubbelklooster waarin zowel broeders als zusters samenleefden. Aan het begin van de dertiende eeuw verhuisden de zusters definitief naar een eigen onderkomen in Keizerbosch nabij Roermond. (De Abdij van Averbode)
Gefinancierd door bijen: Het zestiende-eeuwse 'Retabel van Averbode' werd in 1514 aangeschaft dankzij de inspanningen van frater Nicolaas Huybs van Poppel. Hij verzamelde de benodigde fondsen voor dit topstuk volledig via de opbrengsten van zijn eigen bijenteelt. (MAS Collectie Online)
Laatste rustplaats voor Ernest Claes: De bekende Vlaamse streekschrijver Ernest Claes, auteur van de klassieker 'De Witte', ligt begraven op het kerkhof binnen de muren van de abdij. (RouteYou)
Het overlevende kruis: Tijdens de verwoestende brand van 29 december 1942, die de bibliotheek en de woonvertrekken van de paters volledig in de as legde, bleef de abdijkerk gespaard en overleefde het grote houten kruis in de refter de vuurzee. (Hola Hageland)