De afdamming van het riviertje de IJe was de basis voor het ontstaan van Volendam.
Alençon, gelegen in het zuiden van de regio Normandië aan de rivier de Sarthe, ontwikkelde zich vanaf de tiende eeuw rondom een strategische vesting. De nederzetting groeide al snel uit tot de operationele basis van de heren, en later de graven en hertogen van Alençon. Gedurende de Honderdjarige Oorlog (1337-1453) vormde de stad een frequent strijdtoneel tussen Franse en Engelse troepen, waarbij de controle over het gebied herhaaldelijk wisselde. Na de definitieve annexatie door de Franse kroon in de vijftiende eeuw transformeerde Alençon van een militaire grenspost naar een belangrijk administratief en industrieel centrum.
De architectuur van Alençon weerspiegelt deze historische functies direct. Het Château des Ducs d'Alençon getuigt van het middeleeuwse verleden van de stad. Hoewel grote delen van het oorspronkelijke dertiende- en veertiende-eeuwse complex in de loop der eeuwen zijn gesloopt, zijn de monumentale toegangspoort, het zogenaamde Châtelet, en de Tour Couronnée bewaard gebleven. Dit bouwwerk diende vanaf de Franse Revolutie tot ver in de twintigste eeuw als de lokale gevangenis.
Een ander beeldbepalend monument is de Basilique Notre-Dame d'Alençon, gebouwd tussen de veertiende en achttiende eeuw. De kerk staat historisch bekend om haar flamboyante gotische westportaal, ontworpen aan het begin van de zestiende eeuw. Het portaal is voorzien van gedetailleerd steenhouwwerk dat bijbelse scènes afbeeldt. In het interieur bevinden zich zestiende-eeuwse gebrandschilderde ramen die de overgangsperiode van de Franse godsdienstoorlogen illustreren.
In de zeventiende eeuw verwierf Alençon internationale bekendheid door de introductie van de Point d'Alençon, een hoogwaardige naaldkanttechniek. Onder impuls van Jean-Baptiste Colbert, minister onder Lodewijk XIV, werd in 1665 een koninklijk atelier opgericht om de Franse luxe-industrie te stimuleren en de import van Italiaans kant te counteren. Deze economische bloei stimuleerde de bouw van prestigieuze herenhuizen, zoals het vijftiende-eeuwse Maison d'Ozé, en openbare infrastructuren zoals de Halle au Blé. Deze cirkelvormige korenbeurs uit de vroege negentiende eeuw kreeg later een karakteristieke glazen koepel, wat symbool stond voor de modernisering van de lokale handelsinfrastructuur.
Eerste bevrijde stad door Franse troepen: Tijdens de Tweede Wereldoorlog was Alençon op 12 augustis 1944 de allereerste Franse stad die expliciet door Franse strijdkrachten zelf werd bevrijd, specifiek door de Tweede Pantserdivisie onder leiding van generaal Philippe Leclerc. (Alençon Histoire)
Gecanoniseerd echtpaar: Alençon is de geboorteplaats van de heilige Thérèse van Lisieux, maar historisch unieker is dat haar ouders, Louis Martin en Zélie Guérin, in 2015 het allereerste echtpaar in de geschiedenis van de Katholieke Kerk werden dat gezamenlijk heilig is verklaard. (Sanctuaire d'Alençon)
Arbeidsintensief immaterieel erfgoed: De traditionele naaldkanttechniek Point d'Alençon is zo complex dat er voor de productie van slechts één vierkante centimeter tussen de zeven en vijftien uur nauwkeurig handwerk vereist is, wat in 2010 leidde tot een officiële opname op de UNESCO-lijst van immaterieel cultureel erfgoed. (UNESCO)
De innovatie van de Halle au Blé: De opvallende glazen koepel van de cirkelvormige korenbeurs werd in 1865 geplaatst nadat een eerdere houten constructie door brand was verwoest, en diende destijds als een van de vroegste regionale toepassingen van grootschalige ijzer- en glasarchitectuur. (Ministère de la Culture)