N I E U W: Kantoren hebben plaatsgemaakt voor exclusief wonen in een unieke stadsvilla van 444 m2
Concentratiekamp Buchenwald werd in juli 1937 opgericht op de Ettersberg nabij Weimar. Het ontwikkelde zich tot een van de grootste concentratiekampen op Duits grondgebied tijdens het nationaalsocialistische regime. Tussen 1937 en 1945 hield de SS hier ongeveer 280.000 mensen gevangen uit meer dan vijftig landen. Onder de geïnterneerden bevonden zich politieke tegenstanders, Joden, Sinti en Roma, getuigen van Jehova en homoseksuelen. Het kamp was geen vernietigingskamp zoals Auschwitz-Birkenau, maar een werkkamp waar gevangenen door middel van dwangarbeid in nabijgelegen wapenfabrieken, zoals de Gustloff-Werke, systematisch werden uitgeput. Naar schatting kwamen 56.000 mensen om het leven door executies, medische experimenten, honger en ziekte.
Het poortgebouw van het kamp bevat een markant ijzeren hekwerk met de inwaarts gerichte inscriptie 'Jedem das Seine' (Ieder het zijne), ontworpen door de gevangen Bauhaus-architect Franz Ehrlich. Dit vormde een bewuste psychologische vernedering voor de gevangenen. Centraal op het kamplegerveld stond aanvankelijk de zogenaamde 'Goethe-Eiche'. Volgens de overlevering zocht de bekende Duitse schrijver Johann Wolfgang von Goethe onder deze boom destijds schaduw. De SS liet het bos rondom de boom kappen voor de kampaanleg, maar spaarde de eik zelf, totdat deze in augustus 1944 door een geallieerd bombardement werd verwoest.
Begin april 1945 begon de SS met de gedwongen evacuatie van het kamp, wat leidde tot dodenmarsen van tienduizenden gevangenen. Een clandestien verzetsnetwerk van gevangenen wist de definitieve liquidatie van het kamp te vertragen en nam op 11 april 1945 de interne controle over, kort voordat troepen van het Amerikaanse Derde Leger arriveerden. Na de Tweede Wereldoorlog kreeg de locatie een nieuwe bestemming. Van 1945 tot 1950 richtte het Sovjet-regeringsapparaat Buchenwald in als 'Speziallager Nr. 2', waar nazi-functionarissen en politieke tegenstanders van het communistische regime werden geïnterneerd. Sinds 1958 functioneert het terrein als een herdenkingsplaats.
Het Bauhaus-verzet in de kamppoort: De inscriptie 'Jedem das Seine' op de kamppoort werd ontworpen door de gevangen architect Franz Ehrlich. Hij koos in het geheim voor een Bauhaus-lettertype, een stijl die door de nazi's als 'Entartete Kunst' was verboden, waardoor het ontwerp een subtiele daad van artistiek verzet vormde. (Gedenkstätte Buchenwald)(https://www.buchenwald.de/de/geschichte/thematische-vertiefungen/franz-ehrlich-und-die-schrift-am-tor)
Een dierentuin naast het prikkeldraad: In 1938 liet de kampcommandant direct buiten de omheining van het kamp een kleine dierentuin aanleggen met onder andere beren en herten. Deze dierentuin was bedoeld ter vermaak van de gezinnen van de SS'ers en werd deels gefinancierd met geld dat van de gevangenen was gestolen, terwijl de geïnterneerden aan de andere kant van het hek leden onder extreme hongersnood. (Gedenkstätte Buchenwald)(https://www.buchenwald.de/de/geschichte/historischer-ort/gelaende/zooruine)
Het verborgen Sovjet-verleden: Na de bevrijding bleef het terrein tot 1950 in gebruik als Speziallager Nr. 2 onder beheer van de Sovjet-geheime dienst NKVD. Gedurende deze vijf jaar werden er ruim 28.000 personen vastgehouden, hoofdzakelijk lagere nazi-functionarissen maar ook politieke tegenstanders van het nieuwe communistische regime, van wie er ruim 7.000 stierven door ondervoeding en ziekte. (Gedenkstätte Buchenwald)(https://www.buchenwald.de/de/geschichte/thematische-vertiefungen/speziallager-nr-2)
De illegale radiozender van het verzet: Het ondergrondse verzetsnetwerk van gevangenen slaagde erin om uit gestolen onderdelen van de kamplatrines en werkplaatsen een geheime kortegolfradiozender te bouwen. Hiermee konden zij niet alleen geallieerde nieuwsberichten opvangen, maar verstuurden zij op 8 april 1945 ook een morsecode-noodoproep naar het naderende Amerikaanse leger. (Gedenkstätte Buchenwald)(https://www.buchenwald.de/de/geschichte/thematische-vertiefungen/chronik-der-befreiung)