N I E U W: Kantoren hebben plaatsgemaakt voor exclusief wonen in een unieke stadsvilla van 444 m2
Lingen, gelegen in het huidige Nedersaksen aan de rivier de Eems, kent een geschiedenis die diep geworteld is in de geopolitieke verschuivingen van Noordwest-Europa. De plaats werd voor het eerst officieel vermeld in het jaar 975. In 1306 verleende graaf Otto II van Tecklenburg Lingen stadsrechten, wat het startschot vormde voor de verdere uitbouw van de nederzetting tot een versterkte vestingstad.
Vanwege de strategische ligging aan belangrijke handelsroutes en de Eems was Lingen gedurende de Tachtigjarige Oorlog een zwaarbevochten sleutellocatie. In 1597 veroverde prins Maurits van Oranje de stad voor de Republiek der Zeven Verenigde Nederlanden. De Nederlandse controle was echter van korte duur; in 1605 heroverden Spaanse troepen onder leiding van Ambrosio Spinola de vesting. Pas in 1632 viel Lingen opnieuw in Staatse handen, waarna de vestingwerken ingrijpend werden gemoderniseerd. De Nederlandse invloed eindigde definitief in 1702, toen de stad na de dood van koning-stadhouder Willem III overging naar het Koninkrijk Pruisen. Na opeenvolgende Franse en Hannoveraanse periodes in de negentiende eeuw werd Lingen uiteindelijk een industrieel centrum, mede dankzij de aansluiting op het spoorwegnetwerk in 1856.
Het historische centrum van Lingen herbergt verschillende bouwwerken die herinneren aan deze dynamische periodes. Het Historische Rathaus, oorspronkelijk gebouwd in 1555 en na verwoestingen in 1663 voorzien van zijn karakteristieke trapgevel, vormt het centrale middelpunt van de Marktplatz. Een ander representatief gebouw is het Palais Danckelmann uit 1646. Dit paleis werd in opdracht van de invloedrijke familie Danckelmann gebouwd in de periode van de Nederlandse heerschappij en dient tegenwoordig als rechtbank. Ook de laatgotische Amtsvogtei en diverse herenhuizen in de binnenstad weerspiegelen de welstand van de zeventiende- en achttiende-eeuwse burgerij. De structuur van de oude vestingstad is nog altijd herkenbaar in het stratenpatroon, waardoor Lingen een waardevol studieobject blijft voor de regionale politieke en militaire geschiedenis.
De Kivelinge: Sinds de middeleeuwen kent Lingen de traditie van de Kivelinge, een vereniging van ongehuwde burgerzonen die destijds hielpen bij de verdediging van de stad en tegenwoordig nog elke drie jaar een historisch volksfeest organiseren. (Kivelinge)
Historische universiteit: In 1697 stichtte de Nederlandse koning-stadhouder Willem III van Oranje het Gymnasium Academicum in Lingen, een instelling met universitaire status die tot 1819 heeft bestaan. (Stadt Lingen)
Industriële transformatie: De opening van de centrale spoorwegwerkplaats in 1856 transformeerde Lingen van een agrarische vestingstad in een industrieel knooppunt, waarvan de historische Hallen IV nog altijd getuigen. (Stadt Lingen)
Overlevende vakwerkarchitectuur: Het Hellmannsche Haus aan de Burgstraße dateert uit 1641 en is een van de weinige historische vakwerkhuizen die zowel de grote stadsbrand van 1648 als de Tweede Wereldoorlog hebben overleefd. (Stadt Lingen)