N I E U W: Kantoren hebben plaatsgemaakt voor exclusief wonen in een unieke stadsvilla van 444 m2
De historische ontwikkeling van Herentals is nauw verbonden met haar strategische ligging aan de Kleine Nete en de kruising van middeleeuwse handelsroutes. In 1209 verleende hertog Hendrik I van Brabant gemeentelijke stadsrechten aan de nederzetting, waarmee de basis werd gelegd voor een periode van economische bloei. Herentals groeide snel uit tot de belangrijkste handelsstad en de historische hoofdstad van de Kempen, waarbij met name de lakenindustrie en wolweverij vanaf de veertiende eeuw instonden voor de stadsfinanciën.
De economische bloeiperiode uit het verleden is direct afleesbaar aan het bewaarde monumentale erfgoed. In het centrum van de stad staat de Lakenhal, waarvan de oudste kern teruggaat tot het begin van de vijftiende eeuw. Nadat het gebouw in 1512 door een brand nagenoeg volledig werd verwoest, volgde in 1534 de heropbouw in Ledische zandsteen en Oevelse baksteen. De bijbehorende 35 meter hoge belforttoren werd in 1998 door UNESCO opgenomen op de Werelderfgoedlijst. Sinds het midden van de zestiende eeuw herbergt deze toren een historische beiaard, die tegenwoordig 49 klokken telt.
Naast de handelsgebouwen herinnert de militaire architectuur aan de status van Herentals als versterkte vestingstad. Van de middeleeuwse omwalling, die bestond uit aarden wallen en stadsgrachten, resteren onder meer de Nonnenvest en de Bovenpoort. De Bovenpoort dateert oorspronkelijk uit 1361 en is opgetrokken uit gobertange-zandsteen en lokaal ijzererts. Hoewel de stadsbestuurders in 1754 wegens geldgebrek en het verlies van militair nut besloten de poort deels af te breken, leidde een ingrijpende restauratie in 1772 tot de toevoeging van de kenmerkende koperen siervazen op het dak.
Op religieus vlak vormt de Sint-Waldetrudiskerk een belangrijk ijkpunt. Dit bedehuis in Brabants-gotische stijl werd voornamelijk in de veertiende en vijftiende eeuw gebouwd onder leiding van bouwmeester Gillis van den Bossche. Hoewel Herentals in 1566 grotendeels ontsnapte aan de Beeldenstorm doordat het stadsbestuur kostbaarheden vooraf in veiligheid bracht, volgde in 1580 alsnog een tijdelijke calvinistische zuivering. Na de Spaanse herovering in 1584 werd de kerk gerenoveerd en in de daaropvolgende eeuwen rijkelijk voorzien van altaarstukken door de lokale kunstenaarsfamilie Francken.
De gipsotheek van Fraikin: De Herentalse neoclassicistische beeldhouwer Charles Auguste Fraikin schonk zijn volledige levenswerk van honderden gipsen modellen aan zijn geboorteplaats. Sinds 1893 worden deze beelden in de Lakenhal bewaard, waar in mei 2026 de vernieuwde Fraikinzaal op de zolderverdieping na decennia weer officieel opensteld werd voor het publiek. (Stad Herentals)
De klokkenververs: Volgens de legende danken de inwoners van Herentals hun historische spotnaam 'Klokkenververs' aan een incident waarbij vroege stadsbestuurders de klokken van het belfort met verf lieten beschilderen om ze te beschermen tegen roest, waardoor de klokken hun heldere klank verloren. (Brouwerij Perkament)
Eeuwenoud eikenhouten gebinte: De historische gasthuisschuur van het Herentalse gasthuiscomplex herbergt een van de oudste bewaarde houten dakconstructies van de regio. Uit bouwhistorisch onderzoek blijkt dat in het gebinte van deze schuur eikenhouten balken zijn verwerkt die dateren uit het begin van de veertiende eeuw. (Stad Herentals)
Brusselse steun voor de Bovenkerk: De kostbare afwerking van het laatgotische koor van de Sint-Waldetrudiskerk werd in 1427 grotendeels mogelijk gemaakt door priester Petrus Zeelmaeckers, een kapelaan van de Brusselse Sint-Michiels- en Sint-Goedelekerk die een omvangrijke financiële schenking deed aan zijn geboortestad. (Wikipedia)
Naar het fotoalbum van Herentals 2015
Naar het fotoalbum van Herentals 2021