Voorblad > Mate van voorkomen
Definitie van "mate van voorkomen" in een taal
Een gegeneraliseerde aantalsweergave van hoeveel iets dat gebeurt in de taal voorkomt, zich voordoet. Dit kan gaan over woordkeuze, zinsstructuur, een bepaalde klinker als eindklank die een bepaalde klinker als beginklank voorafgaat en andere zaken.
Voor het Kinroois en verwante dialecten komt het begrip mate van voorkomen vooral van pas om iets aan te duiden dat weinig voorkomt.
Voorbeelden van deze gegeneraliseerde aantalsweergave:
De mate van voorkomen is laag. MVV = laag.
De mate van voorkomen is uiterst zelden. MVV = uiterst zelden.
Datgene dat in een bedreigde of tanende taal een laag mate van voorkomen heeft wordt het eerst vergeten.
"Iets dat een laag mate van voorkomen heeft in een taalvariant zal als eerste verdwijnen in een fase van afbraak van die taalvariant."
Voorbeeld van iets dat een laag mate van voorkomen heeft
Op het blad Persoonlijke voornaamwoorden in de onderwerpsvorm als onderwerp beschrijf ik de congruentie die voorkomt in bepaalde zinsconstructies bij de tweede persoon enkelvoud en meervoud tussen de persoonsvorm en voegwoorden en voornaamwoorden.
Bij de tweede persoon meervoud is die congruentie in het Kinroois deels verdwenen of aan het verdwijnen.
Ik heb deze congruentie voor het KInroois kunnen vaststellen omdat Theo van Dael volgende zin opgenomen heeft in zijn website:
" Geluiftj neet alles waat dj'r huuertj en zèktj neet alles waat dj'r dinktj!" (Gelooft niet alles wat ge hoort en zegt niet alles wat ge denkt.)
Dit is dan nog de meest onbenadrukte vorm van deze formulering.
In het Brees, mijn dialect, gesproken enkele kilometers ten westen van Kinrooi, staat deze congruentie ijzersterk overeind.
Aan de hand van mijn eigen taalkennis en mijn onderzoek naar het dialect van het nabijgelegen Stramproy, heb ik de volgende vorm kunnen reconstrueren:
"Wiejtj gae dao woortj waas et sjoeën waer." (Toen jullie daar waren was het schoon/mooi weer.)
Men zal deze zinsconstructie, met een primaire onderwerpsvorm, nog zelden horen in Kinrooi, maar dit hoort wel bij de grammaticale rijkdom van het dialect.
Men zal nu nog eerder horen, met een minder sterk er als onderwerp:
"Wiejdjer dao woortj waas et sjoeën waer." (Toen jullie daar waren was het schoon/mooi weer.)
In het dialect van nabijgelegen Stramproy staat deze congruentie sterker overeind dan in het Kinroois.
#grad_des_auftretens | #degré_d'occurrence | #degree_of_occurrence