27/12/03
Het is volbracht past als uitdrukking niet bij de Kerst maar wel bij de SM loop van zaterdag. Het traject van de loop is de Tegendraadse Mergelland Marathon Oud Parcours. Hoewel sommige fijnslijpers de loop niet erkennen omdat er geen gemarkeerde start en finish is, de km aanduidingen ontbreken en de publieke tijdwaarneming afwezig is,blijft het 42,195 km lopen.
Bij de start leek dat lopen zeer onverstandig. Stromende regen bij 5ºC en een harde wind waren mijn deel. Dit werd gedeeld door een aantal trainingsmaatjes en een aantal geïnteresseerden die toch de zondag in Valkenburg moesten zijn om de Grottenmarathon te lopen. Je hebt lopers en lopers maar deze zijn van het bijzondere soort dat spreekt van 240 km lopen in de Sahara in 6 dagen, een Tiendaagse Veldtocht van één marathon per dag,100 km wedstrijden lopen en zelfs een marathon in een zoutmijn van 700 m diep. Kortom waar blijf ik met mijn 65e marathon en de 5e van dit jaar. Juist, bengelend in de achterhoede met als enig en pijnlijk argument dat ik de oudste was.
Een oude diesel moet altijd wat aanlopen en daar is de Brakke (=Dronken) Berg vlak na de start geen ideale gelegenheid voor. Pas op het plateau bij 't Rooth begon het wat te gaan maar lekker lopen was anders. De week was verlopen met zaken als een, anders dan met hersenen, gevuld voorhoofd, bloedneuzen, een afgebroken kies en als toegift krampende kuiten. Het resultaat van dit alles is bij een loper pap in de benen.
Waren er dan geen opstekers?. Jawel, velen. Martin, Thea de vrouw van Huub R. en voor het eerste deel ook Leny vormden de onovertroffen begeleiding van het kleine maar zeer selecte gezelschap. Een speciaal woord voor Martin die opgewekt verzorgde ondanks dat hij een rampjaar meemaakt van spierscheuringen en andere loopmotorische ongemakken. Verder liet de regen na en was er boven Maastricht de aldaar, volgens Jo, normale blauwe lucht te zien die langzaam maar zeker naderbij kwam.
Met de wind nu achterlijk in de ruggen liep het op rolletjes, die bij mij echter wat bleven krassen. Klein-Welsden, Groot-Welsden, Margraten, Scheulder, IJzeren en Sibbe werden, met kleine ups en downs in het ook bij dit weer prachtige landschap, vlot genomen en zo rolden we nog binnen de 2 h. Valkenburg binnen in de afdaling langs de Daalhemerweg. Jo temperde daar echter mijn vreugde door mee te delen dat ik 5 min. achter was op het schema van vorig jaar.
Ik loop al een tijdje mee en maak mij na 2 h. nog niet blij of droevig met een dode mus. De klim naar Haasdal op het plateau van Schimmert zou ons niet voor brengen op het schema. Deze is ruim 2 km en boven wachtte ons de krachtig op de kop blazende wind. Op vlakte tussen Schimmert en Genzon bij Ulestraten was het daardoor zoals verwacht stampen tegen de wind. Leny die in Schimmert was ingestapt moest ik daar voor laten benen omdat ik haar niet meer kon bijbenen. Toch ging het gestaag voort en langzaam maar zeker bereikten wij via Waterval, dat zijn naam eer aan deed na alle regen,Meersen. Helaas moesten daar nog twee vervelende rondjes door de stad gedraaid worden. De weg naar Rothem was nog even taai. Paul,die vorig jaar op dit parcours zo stralend zijn 1e marathon liep,dreigde zelfs te stranden op de klim van het spoorwegviaduct. Maar daarna was het gedaan. De twee kilometer langs de Geul mocht geen naam meer hebben en zelfs Paul vond hier zijn gestorven inspiratie terug. Jo moedigde nog even aan voor een eindsprint, juist nadat de lange afstand Profi's dit als ongewenst hadden besproken.
Voor de Nachtegaal troffen wij de Delftse teamleden die daar met erwtensoep aan het stapelen waren voor de Grottenmarathon. Of dat was voor het geurspoor in de grotten of de turbo door de gangen werd niet duidelijk. In ieder geval was het na afloop een genoeglijk koffie-uurtje koffie met Apfelstrudel mit Eis und Sahne om de calorieën weer op peil te brengen. De rest is lopers bekend, even zuchten, in bad, de benen strekken en dan voel je jezelf weer kiplekker.
Zondag rond 9 uur 's morgens belde Jo mij met de verheugende mededeling dat hij lopend op weg was van Maastricht naar Valkenburg om daar de rondrennende holenmensen te gaan bekijken. Daarbij gaf hij mij de raad om uit te lopen, iets wat ik nooit doe na de marathon. Maar eens mens is niet te oud om te leren dus heb ik mijn daad bij zijn raad gevoegd en 's middags de schoentjes aangetrokken.
Eerst was het nog wat stijf maar later liep het best goed ondanks de alweer neerplenzende regen en harde wind. Op een wat gevoelige hielpees na bekwam de raad van Jo mij goed en zo liep ik nog 1 h. 11 min.
20/12/03
De werkverplichtingen van vrijdag in Emmen verhinderde mij voor de zaterdagtraining. Op zich geen probleem na een trainingsweek van 8 h. 37 min. ter voorbereiding van de SM (Simon Marathon) loop van volgende week zaterdag, Toch zal ik normaal gesproken de doelstelling van binnen de 4 h. niet halen. Dat is gewoon een kwestie van de weegschaal. Hoewel ik er niet echt uitzie als een zwaargewicht, zijn er toch sinds de zomer in het gewoel van het goede leven door allerlei jaarafsluitingen een aantal kg's wintervet in het lijf geslopen. Gezien het feit dat 1 kg gelijk staat aan 3 min. op de marathon reken ik dus op 4 h. 11 min. Een verval van 59 min.in 13 jaar moet kunnen.
Het team zal deze rekenwijze absoluut niet gedogen. Hoewel ik van een aantal lopers de vader had kunnen zijn,is respect een onbekend woord. Integendeel hoon en spot zal mijn deel zijn bij het overschrijden van de limiet. Gelukkig ben ik hun vader dus niet; Jammer dat ik ze niet meer kan gadeslaan als zij mijn leeftijd hebben. Natuurlijk maakt mij dat zeer nerveus en dus is de week voor de marathon zoals gebruikelijk een week van het bekende lijden. Onzekerheid, opkomende verkoudheden en onbekende spiersdystrofiën worden mijn deel in deze donkere dagen voor Kerst. Gelukkig wordt de aandacht afgeleid door Opa Rob (ex DSM Gist uit Delft) die het in zijn hoofd heeft gekregen om de zondag na de SM een Grottenmarathon te gaan lopen in Valkenburg. De afstand is voor hem geen probleem maar de training met 's avonds met een soort van mijnhelm op zijn hoofd is dat wel. Zijn de mijnen dicht gaan ze dit doen.
Zondag was het noordwest 7, 4ºC en regen met de eerste sporen van hagelachtige natte sneeuw. Dat weer in Limburg betekent in de Hoge Venen een sneeuwstorm. Op het plateau van Ubachsberg en Baneheide was het echter ploeteren door de natte prats van löss. De Bergloop van Mesch had ik voor gezien gehouden. Het is een mooie loop maar minder dan een week voor de marathon te riskant voor de wat strammer wordende pezen en spieren. Zo'n loopje onder deze omstandigheden haalde het luie zaterdagzweet er wel uit. Dit werd echter onverwijld afgevoerd door het aanvankelijk neerplenzende hemelwater. Na een half uurtje gingen de sluizen gelukkig dicht en werd het, al zoekend naar wat luwte van bosjes en holle wegen, een leuke winterloop van precies 2 h.
Dat was de laatste training van afgelopen week ook. Uit werkoverwegingen liep ik 's morgens niet in de Emmerdennen van Emmen maar in de omgeving van Epen. Een rondje Vijlnerbos omhoog, Vijlen, Mechelen en de Schweiberg naar Eperheide is een echt wakkerwordertje met rond 500m klimmen op de nuchtere maag. Nu dus lekker lui naar de zaterdag toe. Hopelijk heeft de begeleiding ook goed getraind want anders moet ik nog het tempo maken.
13/12/03
Na 3 h. 13 min lopen zaterdag was ik weer terug bij af. Als Frans zo lang zou trainen als ik dan zou hij eindelijk mijn PR op de marathon eens kunnen doorbreken. Deze staat op 3 h. 12 min. maar ik was toen al veel ouder dan hij maar ook veel jonger dan nu.Waarom is iemand zo idioot om in regen en wind zo lang door lössige heuvelland te lopen. Het antwoord is simpel dat moet van Jogger Jo. Hij heeft van de Tegendraadse Mergelland Marathon Oud Parcours van vorig jaar een traditie gemaakt. Deze ook wel de Simon Marathon (SM) genoemd was toen bedoeld om mij, vanwege het uitvallen van Etten-Leur, op mijn zestigste jaar nog aan 60 marathons te helpen. Dit onder de éénzijdig door Jo gestelde voorwaarde dat ik onder de 4 h. moest blijven. Hetgeen onder de bezielende begeleiding van het team lukte.
Hoewel de training startte met zo'n 15 man/vrouw kwam ik moederziel alleen terug bij de Nachtegaal in Meersen. Het was waarschijnlijk de jaarafsluiting van afgelopen donderdag op Kasteel Vaalsbroek die nog in de benen zat. Het rondje Drielandenpunt voor het eten in de vorm een cross door de bossen & beemden en het verpozen had er in kennelijk gehakt.
Edwin maakte het wel heel bont. Met de Kerstmarkt van Valkenburg in zicht keerde hij om met een vaag verhaal over een trap plaatsen, samen met een mannetje, en het nog naar Maastricht moeten. Het team had echter het donkerbruine vermoeden dat hij, gelet op zijn verdere verburgerlijking na zijn trouwen, een omtrekkende beweging maakte naar de Kerstkribbe. Na Edwin en Oda verdween de 2e groep na het nemen van de Cauberg van de trappenkant en de trappen naar de Wilhelminatoren. De 3e en laatste groep veroorzaakte een scheuring na het bestijgen van de Sibbegrubbe en zo begon ik na een dik uur aan de doelstelling van 3 h.
Via IJzeren en Scheulder werd via het Gerendal het plateau bij de Berghof beklommen en na de afdaling de Keutenberg via de achterkant. Via Schin op Geul langs de Geul kon ik de lust niet bedwingen om de kuitenbijter naar de Kluis op de Schaelsberg nog mee te nemen. Daarna was het langs de Geul een voortkabbelend eitje.
Zondag waaide het zo mogelijk nog wat harder. De stijfheid was er redelijk uit maar achtereenvolgens speelde het stoten van de achillespees bij de verhuizing van mijn dochter, de belendende onderkuit en de knie aan de andere kant wat op. Maar toen dat allemaal warm gelopen was liep het voortreffelijk en eindigde ik met de 2 h. 11 min., de tijd die Frans op de marathon wil lopen. Kortom, nog een paar kilometertjes deze week en ik ben weer klaar voor de SM Marathon.
7/12/03
Het nieuws is dat er geen weekendnieuws is anders dan dat zaterdag het verhuizen van mijn dochter resultaat heeft gehad ten koste van een (lichte) achillespees door het stoten aan een kast en de stress door de "sleufse schreufjes" (Youp van 't Hek) van Leenbakker. Zondag overviel mij een lichte ongesteldheid die hopelijk niet uitmondt in de noordwaarts oprukkende griep. Het lopen werd dus dubbel niks in het weekend. Dat wordt dus leuk met Sylvester. Wie toch wat werk wil bewonderen mag genieten van mijn prille pogingen om Internet op te gaan. Kennelijk als maagdenkwaal van lopers in het team.
29/11/03
Haantje de voorste was zaterdag het loopmotief. Jo was kennelijk verlost van zijn B(l)oktor blessure en dat zouden we weten ook. Eerst hield hij zich nog rustig en liet het trio Paul, Huub R. en Frans wat uitdollen maar toen was het raak ook. Om zijn minuutjes te tellen heeft Jo tegenwoordig een op een pacemaker gelijkend apparaat en als dat piept dan versnelt hij reflexmatig.
Het bejaarden clubje (Karel, Huub, Leny, die er natuurlijk niet bijhoort, en ik) reageert door doofheid en slechtziendheid geplaagd natuurlijk absoluut niet. De rest probeert in den beginne Jo wel bij te houden maar stierven na enige één minuutjes compleet af. Jo kakelt daarna niet van trots maar beperkt zich tot uitermate frustrerende aanmoedigen. Goed, de rangorde was weer geheel hersteld.
Frans werd natuurlijk ook slachtoffer van Jo maar ook van zijn grootspraak. Hij gaf aan om onder mijn (verleden) tijd van 3 h. 12 min. te gaan lopen op de marathon. Zijn instorting na 2 h. staaft zijn grootse plannen vooralsnog niet echt. Voordien was het weer het spel van de tien nikkertjes. Eerst keerde de geplaagde Oda om met Peter en de gelukkig weer herstellend lopende Martin in haar kielzog. Daarna was het de beurt aan de jeugd die geplaagd door bezigheden als boodschappen doen en bezoek krijgen in tijdnood kwamen.
Intussen was er al veel besproken. Zo opperde Herbert vriendelijk de mogelijkheid dat de B(l)oktor ook van Jo’s grijze hersenmassa zaagsel had gemaakt. Verder behandelde Edwin de potentie van Herbert maar dat bleek na een kort misverstand om diens carrière planning te gaan. Daarop sloeg Herbert weer terug door Edwin’s plotselinge voorliefde voor baby’s aan de kaak te stellen. Kortom, het ging weer als vanouds.
Het resterende groepje bleef aan de gang met Frans als dader en slachtoffer. Het daderschap betrof het feit dat hij na jaren van meelopen nog niet had meegekregen dat de laatste altijd moet worden opgehaald. Omdat dit in een aantal gevallen de krakende Karel betrof, werden tussen die twee wat invalshoeken uitgewisseld. Eerlijk is eerlijk Frans stal de show door te stellen: “Omdat ik mij voel zoals jij er uitziet kan ik niet terugkomen”. Hoewel Karel niet achterbleef door te stellen dat als Frans niet doorlopend aan de kant ging om alle heggen in Limburg met zijn water op te groenen hij alle tijd van de wereld had om terug te komen.
De speelsheid zette zich ook door in het lopen. De kabelbaan van de Wilhelminatoren werd genomen omdat Peter H. zich op Mesch wilde voorbereiden. Daarna wilde de club het reeds lang overwoekerde Chamonix trainingstraject lopen van voor het patattijdperk. Verbaasde kreten als: “Je moet hier echt klauteren waren het gevolg”. In de Sibbegrubbe kregen we in de klim motorescorte. De agenten vertelden dat het hun taak was rijdend te kijken naar lopers die liepen. Ook de buurt bemoeide zich er mee in de persoon van een jeugdige dame die Jo verweet dat heren altijd maar aan beklimmen dachten. Dat Jo verwees naar Leny ten bewijze dat dames soms ook omhoog lopen pleit niet voor zijn masculien bevattingsvermogen. In Sibbe werden wij verrast door een ooievaar die met optisch bedrog met z’n kop door het raam leek te zijn gegaan om zijn verrassing af te leveren. Na enige moeite slaagde Karel er toch in om Frans dit natuurverschijnsel uit te leggen. Hoewel, de vragen noopte Karel om volgende week met Frans de kindertjes en de rooie kool te gaan behandelen.
Terug bij het vogelhuisje heb ik Peter H. en Paul nog een eindje op weg naar huis gebracht. De terugweg naar Valkenburg was echter een beproeving. Ik was met wat interne systeem klachten opgestaan en dit sloopte mij voortijdig. Dat wil zeggen dat ik i.p.v. de drie uur van mijn plan op een magere 2 h. 48 min. bleef steken.
Zondag was een nieuwe dag met nieuwe kansen. Na een eindeloos gepruts met beperkt succes om mijn gloednieuwe homepage operationeel te maken en de finishing touch aan een in het Oud Nederlands geschreven “Lofdigt op …door Copernicus” was ik ’s middags aan het uitlaten toe.
NB: Met één couplet als voorbeeld mag het duidelijk zijn waarom Edwin zijn Schotse wortels in ere houdt.
De huidige Clerus is my overigens vreemdt te moede,
zy fpreecken gelyk boerse Angelen en geen deftig Latyn.
Hunne woordtkeusch kan ick alsoo niet bevroeden,
Over het lopen zelf valt weinig te vermelden. De bug was uit het systeem, het weer aangenaam, de zon was glazig en de weg was breed. Het was dus goed rusten in de schoentjes. Halverwege werd het wel bang op het hard. Gisteren klapte bij het afdalen naar het Vogelhuisje mijn voet lelijk weg en stond volgens de ooggetuigenis van Huub F. even onder een hoek van 90 graden.
Nu deed het wat pijn. Deze trok gelukkig al lopende weg en kon ik het enen na het andere lusje aan de tocht vastknopen. Het werd uiteindelijk 2 h. 37 min en dat bracht het weekendtotaal op een 5 h. 25 min. Voorwaar ik denk nog aan een marathon maar durf niet op eigen initiatief de Sylvester Marathon te herhalen. Mijn hoop is daarbij op Jo gevestigd maar ik denk dat hij zelfs in mijn tempo zo’n lang stuk nog niet aankan. Over de patatekes praat ik maar niet.
23/11/03
Ik ben er nog niet aan toe” is zaterdag lelijk ondergraven. In het kader van een afscheid stond ik zaterdag tot mijn stomme verbazing op de golfbaan de Gelpenberg (geen berg te zien) in Drenthe in plaats van in de schoentjes voor de zaterdagmorgentraining.
“Karakter"
De Gelpenberg is gelegen in bos en heide, Er is een interessante waterpartij.
De baan heeft op de 18de hole een van de grootste natuurlijke bunkers van Europa.
Het gebruik het statement is aan te raden als je geen discussie wilt met golfspelers maar toch onderhoudend bezig gehouden wil worden. Het statement etaleert een kwetsbare houding maar je ligt op feestjes en partijen direct onder een prachtig spervuur. Het wordt afgemeten tegen iets waar je kennelijk wel aan toe bent dus worden al je bezigheden doorgenomen in vergelijking met hun golf. “Ja dat voel ik zo” is een vervolgantwoord waardoor de heren zich walgend van je afkeren. Bij de dames wakkert het echter moederlijke gevoelens van zorg aan en ik ga nu eenmaal liever met vrouwen om dan met mannen.
Maar goed ik heb wel eens op de golfbaan hardgelopen maar nooit gestaan. Aangezien ik met een keurig driedelig pak met een krijtjesstreep in mijn van Bommels stond haalde ik qua aanzien wel gelijk veel in. Een golfoutfit lijkt namelijk nergens op maar dat maakt alles zo speciaal en vooral duur dat je voor de rest in je hemd staat.
Het ondergraven zit in de resultaten. Natuurlijk hoor ik de hoon al opstijgen van het loopjesvolk maar lach niet. Waarschijnlijk omdat het knikkeren met een stokje is volgens Youp van ’t Hek en ik vroeger goed kon knikkeren bleek ik meer dan een talent te zijn. Vijf keer mochten wij na enige inleidende instructies en oefeningen het balletje in zo’n gat met een vlaggetje proberen te krijgen en drie keer sloeg ik een “hole in one” oftewel met één klap in het gat. Ik bleef naar men mij vertelde op 15 als par (proven average result) maar liefst 7 daaronder.Natuurlijk stom geluk van die blokkendoos hoor ik Jo al zeggen maar Herbert kan de onwaarschijnlijkheid zeker bewijzen (als hij het zou willen). Kortom mijn contract voor het senioren circuit kwam gelijk op tafel met op mijn netvlies de tartende gezichten van mijn golfspelende bekenden op de achterwand. Ha, ha nu moet hij er aan geloven!
Het was zaterdagnacht wat laat toen ik uit Emmen weer in Heerlen aankwam. De motoragent die mij bij Weert achtervolgde was daar debet aan. Ik had het geheel aan motoren en wuivende lichtjes begrepen als een “Siegerehrung” bij het binnenrijden van de provincie Limburg maar zij bedoelde een alcohol controle en daarvoor had ik moeten stoppen. Omringt door bloedhonden die je hoorde grommen: “Grote auto, krijtstreeppak en doorrijden dat is in kat het bakje”, moest ik blazen. Gelukkig was ik zo nuchter als een kalf en zo onschuldig als een pas geboren kind maar het was tegen vieren dat ik Morpheus armen viel.
Bij het ontwaken zondag zag ik Margraten niet zo zitten. Volgens mijn informatie was Karel niet van de partij en dan loop ik ook niet. Je raakt namelijk zo aan elkaar gewend bij het samen finishen. Het werd dus behaaglijk baggeren door de beemden in de driehoek Heerlen – Simpelveld – Ubachsberg. Aan publiek was vanwege een wandeltocht compleet met km aanduiding geen gebrek. Verder was het bij definitie een gewonnen race want je haalt alle wandelaars in. De bedoeling was 2 h. om van mijn wat zware hoofd af te komen. Geen drank op en toch een punthoofd zou niet mogen.
Het was misschien de ondraaglijke spanning van het gegolf. Het punthoofd ging niet weg maar de km’s wel en zo werd het een uitgestelde zaterdagtraining van 3 h. 02 min. Ik was echter minder moe dan na het doorlopen of beter gezegd doorstaan van die “holes”. Je wordt doodmoe van dat slenteren. Verder was ik warmer geworden van het lopen dan van het slaan. Ik kwam zaterdag in het clubhuis terug met 10 dooie vingers die ik in de keuken heb mogen ontdooien. Dus voorlopig ben ik er nog steeds “Niet aan toe” maar nu met de wetenschap van het talent dat in mij schuilt.
Rest mij nog nader in te gaan op de B(l)oktor van Jo. Je kan wel zien dat die jongen volkomen in de computers en aanverwanten zit. Alles wat niet gekend is wordt een virus genoemd. Nee Jo lees, huiver en realiseer het effect op een zogenaamde lopende eik.
De huisboktor is een insect waarvan de larve veel schade veroorzaakt in gebouwen en meubelen.
De larve van de boktor is geelachtig wit tot wit en wordt ongeveer 11 millimeter groot.
Het wijfje van de huisboktor legt eitjes op het hout.
Als de larve uit het eitje komt, boort het zich meteen in het hout.
Er worden hele gangen gemaakt, die gevuld zijn met boormeel.
Dit boormeel, gekoppeld aan de gaatjes in het hout, maakt de mensen veelal attent op de aanwezigheid van de boktor.
Het komt echter voor, dat men niet eerst visueel iets waarneemt.
Dikwijls stort het de vermolmde houtconstructie dan bij verrassing in.
15/11/03
Ik loop beter zonder bril, de boktor zit in eikenhouten Jo en nee, ik trakteer niet op taart want dat ben ik zelf al. De zaterdagtraining is altijd wel goed voor een paar mooie stijlbloempjes van de Nederlandse taal. Hoewel, ondanks de afwezigheid van Jos V. en Piet werd toch ook de Maaskantse gewoonte besproken om vrouwen met hij of hem aan te duiden. Anna zei “hem” wel te kunnen waarderen maar het werd niet duidelijk of zij daarmee Herbert bedoelde.
Het trainingsgezelschap was te hoop gelopen om Leny te verwelkomen in de gedwongen VUT omdat ze haar kantoor hadden dichtgeplakt en verder om Edwin te zien lopen zoals een getrouwd man dat betaamd. Het trainingsgezelschap was te hoop gelopen om Leny te verwelkomen in de gedwongen VUT omdat ze haar kantoor hadden dichtgeplakt en verder om Edwin te zien lopen zoals een getrouwd man dat betaamd.
Het was duidelijk dat in de personen van Leny, Karel, Huub, Opa Rob en bij verrassing binnenkort ook Peter, die vervroegd uittreedt om ontspannen bij te gaan klussen, de GRIJZE VUTTERS POWER nu echt aan de macht gaan komen. Het wordt binnenkort moeilijk zo niet onmogelijk voor de jeugd om tegen deze mature garde op te boxen die gezegend is met een oneindige trainingstijd.
Waarschijnlijk was dat de reden dat Edwin op aanmoediging van Jo, die de weg gelukkig wees want ander had ik de schuld gekregen, direct na de start steil omhoog vloog. Zijn nieuwe status heeft hem vleugels gegeven maar ik hoorde hem nog spreken over mijn vriendin. Ik hoop dat dit een vergissing was.
De blessure van Oda houdt jammerlijk aan maar was als geluk bij een ongeluk ook goed voor een mooie uitspraak. Oda voerde naar haar zeggen het veld met ferme tred aan omdat ze beter hard kan lopen met een blessure. Of dit vrouwelijk gedrag is weet ik niet maar Leny zegt altijd harder te moeten lopen als ze moe is. Ze valt anders om in plaats van dat het andersom is. Kortom, de sfeer zat er weer goed in dus werd er weer harder gepraat dan gelopen.
Na het teruggaan van Oda haakte ook Jo, Paul en Yuri af. Jo omdat hij morgen een wedstrijd van 10 km moet lopen! en Yuri omdat hij volgende week met zijn vriendin in Stutgard naar dansles moest gaan. Wie het nog snapt mag het zeggen maar kennelijk wordt het tijd voor een nieuwe uitgave van het “Groot Lopers Smoezenboek”.
Ik ben overigens volgende week verhinderd vanwege DSM verplichtingen in het Hunebed land.
Op het plateau van Bemelen nabij ’t Rooth ontstond, na de verkenning van het tramlijn tracé en verschillende mergelgrottengrotten in de helling, plots onrust. Zodra iemand wil afkorten krijgt Leny sympathische gevoelens en voert dan de argumentatie aan voor het waarom. Deze was verpletterend voor mij. Ik had niet het vertrouwen bij Karel, Frans, Peter B. en Peter H. dat ik de loop op 2 h. zou houden! Het werd dus een afsplitsing met de vertrouwelingen Herbert, Anne, Edwin, Raymond en Leny met haar gedachte in het andere kamp. Gelukkig liep het horloge van Anne 5 min. achter of van mij 5 min voor zodat er enige marge was.
De schisma groep van 1 h. 30 min. heeft heel veel gemist. De tocht over het plateau van Margraten leek wel een kerststukje met de alle denkbare kleuren besjes die, op één na, nog als versiering aan de kale bomen en struiken hingen. Verder was er in de afdaling van Berg naar Geulhem een heuse snelheidscontrole ingebouwd die ook voor lopers was. De stand werd, met alleen de eerste poging als geldig:
De VUTTERS Leny en Huub amuseerde zich langs de zijlijn en Edwin moest passen vanwege zijn opspelende hamstring. Het verschil tussen top fit voelen en in de put zitten was voor hem maar enkele tientallen km’s.
Onder aan de berg was het mijn tijd om af te splitsen. Eerst werd Leny op 2 h. 03 min voor de deur afgezet. Daarna werd het nog een rondje Raarberg, Waterval en Meerssen. Al met al bracht ik zo 2 h. 46 min. op de klokken. Iets minder dan gepland maar dat halen we morgen wel weer in (hoop ik).
Zondag was het tijd voor een archeo-tour. In Bochholtz aan de grens bij Aken is deze week bij het ploegen een sarcofaag uit de Romeinse tijd gevonden en de vindplaats te gaan zien geeft een welbesteed doel aan het lopen. Dat Bochholtz op een plateau ligt is niet erg als het aangenaam zomerweer is. Het is wel erg als het bij 6º C regent uit een laaghangende bewolking die als en mistige deken over de plakkerig natte löss ligt.
Heen een uur lopen, een half uur zoeken en weer een uur terug was het resultaat. Het was zoeken naar een spelt in de hooiberg. Op de grens van Nederland en Duitsland zijn de wegen in de driehoek Bochholtz – Baneheide- Oirsbach (D) schaars. Dus geen sarcofaag gezien, zeik nat, koud tot op het bot maar wel een boeiende loop van 2 h. 29 min. Jullie moeten het dus maar doen met het krantenartikel Sarcofaag gevonden in bietenveld Bocholtz.
Sarcofaag
Bocholtz - Eén wereldberoemde sarcofaag heeft Simpelveld al, mogelijk komt daar nu een tweede bij. Tijdens graafwerkzaamheden op een bietenveld in Bocholtz is namelijk een tweede Romeinse grafkist opgedoken. Medewerkers van de Rijksdienst Oudheidkundig Bodemonderzoek (ROB) zijn sinds deze week bezig met het blootleggen van een grafkist. Of de sarcofaag onderdeel is van een begraafplaats of dat het een op zichzelf staand graf is, moet onderzoek uitwijzen.
De sarcofaag is per toeval ontdekt door de eigenaar van de landbouwgrond. Boer Wiel Hupperetz merkte dat hij op een bepaalde plek moeite had met ploegen. Daarop ging hij zelf graven en ontdekte een stenen kist. Aanvankelijk, zo vertelt Hupperetz, was er geen interesse voor zijn vondst. Maar dat is inmiddels wel anders.
Sinds maandag zijn onderzoeker Tessa de Groot en veldtechnicus Klaas Greving van de ROB aan het graven. Een klus waarvoor aanvankelijk tweeënhalve dag was gepland, maar die zeker langer gaat duren. Tijdens het graven is namelijk een vrij gave bronzen strigilis (een apparaatje om olie van de huid te schrapen) gevonden, met spijkers en glasscherven. De onderzoekers gaan er vanuit dat er nog meer voorwerpen in de buurt van de sarcofaag kunnen liggen, en graven daarom grotendeels handmatig verder. Dat het blootleggen van Romeinse resten geen alledaagse klus is, bevestigt Greving. In de 38 jaar dat hij werkzaam is bij de ROB is dat pas zijn derde opgraving.
Vermoed wordt dat de eigenaar van de al eerder blootgelegde villa Vlengendaal, die op een steenworp afstand ligt, in de kist begraven is. Duidelijk is in elk geval dat het om iemand met geld gaat, alleen welvarende mensen konden zich in de Romeinse tijd een sarcofaag veroorloven.
De onderzoekers hopen dat de vondst op het bietenveld in Bocholtz meer informatie oplevert over de wijze van begraven in de Romeinse tijd. Duidelijk is dat in die periode, die van 12 voor Christus tot 406 na Christus loopt, geen eenduidige manier van begraven bestond. Wel werd iedereen , al dan niet gecremeerd, apart begraven. Vaak gingen er giften mee de grond in, zoals voedsel of sieraden en gebruiksvoorwerpen. De ene keer werden die in de kist gelegd, de andere keer in speciaal uitgegraven gangen.
Het boeiende van de loop was de grensstreek. Om te beginnen struikel je bij de binnenkomst van Duitsland over het smokkelaarpad in de buurt van Oirsbach nog over een heuse anti tankwal van drakentanden uit de 2e WO. Deze moest Aken beschermen maar dat heeft niet zoveel geholpen. Nu slingert deze zich, keurig begroeid met struiken, door het landschap. Verder is deze streek al vele eeuwen bewoond maar de tijd lijkt stilgestaan te hebben. Boerderijen als burchten en de bewoners net zo verweerd als de muren daarvan. Bij het langslopen ontwaarde ik een boerin met nog een autochtoon hoofddoekje om. Hoezo Islam, ook de Christenen schreven enkele tientallen jaren geleden nog voor dat vrouwen de haren moesten bedekken maar dat zijn we vergeten.
De totaal stand in het weekend werd dus 5 h. 15 min. Dit lijkt wellicht veel maar echte wetenschappers zoals Edwin en Herbert kunnen dit haarfijn uit de doeken doen. Doordat met het stijgen der jaren de prestatie van het hart wat afneemt wordt het zuurstof opnemend vermogen minder en daalt de snelheid. In verhouding met vroeger is mijn duursnelheid afgenomen van 13 tot 11 km/h. Dus om dezelfde prestatie te leveren moet ik nu ca 1,4 maal zoveel lopen. Dat wil zeggen dat, met Frans als willekeurig voorbeeld, deze dit weekend dus minstens 3 h. 39 min, gelopen moeten hebben. Ik twijfel daar natuurlijk aan want anders had hij allang onder mijn PR op de marathon gelopen.
8/11/03
Het sprookje dat de halve marathon van Monster een monstertocht is werd ook dit jaar weer ontkracht. In plaats van regenbuien bij 4 graden C en een zuidwester met windkracht 9 was het stralend blauw. Goed, er waren wat handicaps. De wind blies schraal uit het oosten met windkracht 5, het was inderdaad hoog water en een deel van het strand werd juist opgespoten met als keuze door het drijfzand of klunen door het rulle zand. Kortom een ontspannen najaarsloopje voor gevorderden.
Jos B. had de deelname weer perfect georganiseerd. De ontvangst bij DSM Gist, het transport, het afhalen van de nummers, zijn begeleiding onderweg en het afsluitende eten. Wij hebben al onder leiding van Kamal voor hem geapplaudisseerd maar doen dat hier nog dunnetjes over.
Met een zelf geblesseerde Jos B. en een afwezige Jo omdat deze geen twee wedstrijden meer achterelkaar aan kan lag de bal nu bij Ger. Ondanks dat de tegenstand op de foto te zien slechts bestond uit strandjoggers en dus niet al te zwaar leek kwam hij net iets te kort voor de 1e plaats. Hij stond dan ook bij de prijsuitreiking nog uitgebreid te douchen toen nummer één al werd gehuldigd. Hierdoor kwam Jos B. toch nog op het podium voor een niet verdiende prijs in zijn thuiswedstrijd. Met een sportief gebaar kreeg Ger later wel de bloemen.
Ik begon de wedstrijd na één dag rust met een trainingsweek van 8h. 28 min. in de benen. Niet bepaald een ideale voorbereiding maar Monster is voor mij eerder een ontspannen zaterdagtraining dan een wedstrijd om ingewikkelde dingen te doen, zo ik dat nog zou kunnen. Maar goed, na rustig achteraan gestart te zijn kreeg ik het toch al in de ronde door het dorp op mijn heupen en wist zo over de trottoirs crossend binnen 2 km een niet onbelangrijk deel van het veld te verschalken. Onopgemerkt passeerde ik zo Karel, Leo, Jos van W., Anne en Sheila. In de duinen kwam ik kort daarop nog twee genoeglijk keuvelden hunebedjes. Zij zagen elkaar zo weinig, dus vandaar want Emmen groot.
Hierna heb ik wat gedimd door op duurloop tempo over te schakelen. Het strand viel mee en was afgezien van de op- en afgangen en het deel waar opgespoten werd best goed. Ook de wind werkte mee door schuin achter te staan. Halverwege kwam Leo in een treintje voorbij maar ik vond het nog te vroeg om aan te pikken. Het liep lekker en de laatste 4 km’s tegen de wind in moesten nog komen. De afstand liep op tot 100 m maar daarna bleef die gelijk.
Eenmaal van het strand af en tegen de wind in ging de turbo er op. Lekker optornen tegen de wind maakt pas het duurvermogen zichtbaar. Mijn verbazing was dan ook groot toen ik een schaduw langzaam naar mijn toe zag glijden. Het was Karel wiens gewrichten los waren gelopen en mij dus stilletjes met soepele tred besloop. Het wordt een gewoonte van ons om samen over de finish te gaan. Op verzoek van de speaker en met instemming van Karel mocht ik daar als eerste over sprinten. De tijd bleek na het optrekken van de zweetdampen best aardig met een tijd van 1 h. 58 min.
Met Jos B. ben ik daarna nog de laatsten wezen ophalen want je bent een team of niet en bovendien had ik mijn duur km’s nog niet gemaakt. Anne deed Herbert persoonlijk en dus zijn Jos B. en ik maar voor Sheila gegaan. Daarna bleek Jos van W. nog zoek. Hij werd echter weer teruggevonden, maar wel heel ver achter. Hem uit de wind houdend werd hij met vereende krachten binnengeloodst.Hiermee zat Monster er weer op tot hopelijk volgend jaar want eens moeten we die weerselementen eens meemaken!
Op verzoek van Herbert, die toepassingen zoekt voor de doos met gist die hij bij DSM Gist meekreeg, eerst wat theorie en vervolgens een recept met gist dat hij met zijn voorraad nu voor jaren kan klaarmaken:
Eerst zal de gist in de aanwezigheid van zuurstof gaan groeien (vermeerderen). Wanneer alle zuurstof is opgebruikt begint de gisting (fermentatie) in afwezigheid van zuurstof. Voor beide processen gebruikt de gist suiker als voornaamste energiebron.
a. Groei of respiratie (ademhaling), hierbij worden voornamelijk koolhydraten (suikers) afgebroken door de gist in aanwezigheid van zuurstof (aërobe conditie). Er worden o.a. CO2 en veel energie gevormd. Deze energie wordt weer gebruikt bij de vorming van nieuwe gistcellen (= vermeerdering). Er wordt (nog) geen ethanol geproduceerd.
Groei of aërobe gisting:
1 Glucose + 6 zuurstof (O2) -> 6 water + 6 koolzuurgas + energie (2831kJ)
b. gisting of fermentatie, het proces waarbij voornamelijk koolhydraten in een groot aantal stappen door levende organismen worden afgebroken zonder dat zuurstof of oxiderende verbindingen eraan deelnemen. Bij de gisting komt energie vrij welke de gist nodig heeft om te kunnen leven.
De meest eenvoudige voorstelling van fermentatie (anaërobe gisting) is:
1 Glucose -> 2 koolzuurgas (CO2) + 2 ethanol + energie (75 kJ)
Onder de anaërobe condities (afwezigheid van zuurstof) wordt hoofdzakelijk ethanol en CO2 geproduceerd en uiteraard een groot aantal aromastoffen.
Kort gezegd: in aanwezigheid van zuurstof zal de gist suikers verbruiken om zich te vermeerderen (groei). Wanneer de zuurstof verbruikt is dan zullen de gistcellen de suikers verbruiken ten behoeve van hun metabolisme, dus om in leven te blijven (fermentatie). Alleen in afwezigheid van zuurstof wordt als afbraak product van de gist ethanol gevormd.
Men onderscheidt onder meer:
alcoholische gisting, door o.a. gisten. Gistingsproducten: ethanol en kooldioxide (CO2);
homofermentatieve melkzuurgisting. Gistingsproduct: uitsluitend melkzuur. Treedt op o.a. in spieren en door melkzuurbacteriën (verzuring van elk; yoghurtbereiding);
boterzuurgisting. Gistingsproducten: naast boterzuur, CO2 en H2 tevens azijnzuur, ethanol, n-butanol, isopropanol en aceton. Clostridium acetobutylicum wordt industrieel toegepast voor de bereiding van o.a. aceton.
Koolhydraat metabolisme: groei en gisting
En dan nu het recept:
Hertenbiefstukjes op preipannenkoekjes met spruitjes en gefrituurde schorseneren.
Benodigdheden voor 4 personen:
2 ½ ons verse champignons;
8 x 60 gram hertenbiefstukjes (door de slager of poelier laten snijden)
potje preiselberenjam
4 ons kleine spruitjes
4 ons aardappels (in fijne reepjes gesneden =julienne)
4 ons prei (julienne)
1 schorseneer
1 potje wildsaus
pannenkoekbeslag:
100 gram bloem - 2 dl melk
2 eieren
5 g suiker
10 g. verse gist
Werkwijze:
Het pannenkoekbeslag volgens recept maken en op een warme plaats wegzetten. Ongeveer 1 uur laten gisten;
Na 1 uur bet beslag omroeren en de julienne aardappel en prei met toevoeging van een snufje peper onder elkaar mengen;
Daarvan kleine pannenkoekjes bakken (4 stuks);
De hertenbiefstukjes mooi rosé bakken;
De schorseneer schoon vegen en in hele dunne schijfjes snijden, zoals chips;
De schorseneerschijfjes frituren, totdat ze goudbruin zijn;
De spruitjes schoonmaken en gaar koken;
De spruitjes op smaak brengen met boter, zout en een beetje nootmuskaat;
De champignons schoonmaken en klein snijden, dan in hete boter bruin bakken;
De wildsaus (fond) aan de champignons toevoegen en eventueel bij binden met wat maïzena.
Opmaak:
Voor het serveren de borden verwarmen (in heet water of in de oven);
De preipannenkoekjes op de warme borden leggen en een lepel preiselberen erboven op doen;
De rosé gebakken hertenbiefstukjes daar weer bovenopleggen:
De saus met de champignons om het preipannenkoekje met de biefstuk serveren en enkele spruitjes rondom in de saus leggen;
Als laatste de chips van de schorseneer over het gerecht en de saus strooien;
1/11/03
Het was vrijdagavond een daverend bruiloftsfeest bij Brechtje en nu haar Edwin. Hoewel de afvaardiging van het RT de ceremonie niet had bijgewoond, leed het geen twijfel dat het jawoord was gesproken. Zondag vond ik immers al een trouwfoto op Internet met de trotse bruidegom in zijn clan tartan
Met een kort maar zeer serieus woord hebben wij dus de geldelijke gave van het team overhandigd met als verrassing de gelegenheidsdichtbundel. Eten, drinken, dansen en vrolijk zijn was verder het motto. Niet opvallend was dat Edwin door zijn vrienden en collega’s herkenbaar treffend werd neergezet.
Toch werden ons nog wat zaken gewaar. Dansen was tot nu toe een onbekende hobby maar Edwin als Edwin zo liep als hij de rock and roll praktiseert dan zagen we Jo niet meer. Brechtje’s sterkte is buikdansen en dat verklaart weer waarom Edwin zo snel (achter haar aan) loopt. Dat Edwin kan koken mag geen verbazing wekken want dat is immers een typische mannenzaak. Het zonder receptuur koken wekt eveneens geen verbazing want hij is en blijft een researcher.
Zaterdag was het loopbusiness as usual. Met vla van de jarig wordende Huub R. in het vooruitzicht werd er al direct flink aan getrokken. Leny en Jo namen onbevreesd de kop en begonnen gelijk het veld uiteen te rukken. Dit deed een VUTTER in de achterhoede, waarvan ik de naam niet weet omdat het Karel was, roepen: “Kijk die ouwe gekken eens. Kan je nagaan als Leny in VUT is en tijd krijgen om te trainen”.
Karel was toch al op dreef want toen de geblesseerde Oda de kop nam hoorde ik hem roepen: “Hé, je hebt toch twee gebroken benen”. Daarna nam Karel , samen met de op zijn laatste benen lopende Frans, zelf maar de kop. Tenslotte had hij ons uitgelegd dat hij zijn alweer aangepaste bionische schoenen heel rustig moest inlopen. In ieder geval werd het weer een afvalrace toen eerst Oda en Peter teruggingen en later Karel, Frans en Paul.De enige die niet van ophouden wist was de herboren Anne. Niet alleen liet ze zich overhalen tot een extra rondje met het bejaarden trio Leny, Huub F. en mijzelf, maar ze liep bij terugkomst nog 30 sec. door om 2 h. 20 min. op de klokken te krijgen.
Hoe het komt dat ik nog maar 2 h. 13 min. op het klokje had weet ik niet maar vermoedelijk verglijdt de tijd sneller bij de jeugd. Huub F. gaf op dit punt nog een statement af. Toen ik met betrekking tot een snel voorbij razende Herbert opmerkte dat ik nieuwsgierig was of hij dat over 30 jaar ook nog kon, merkte hij berustend op: “Dat zullen we niet meer meemaken”. Zaterdag zat de vorm voor de Jan Oltshoorn Loop er fysiek en psychisch dus wel goed. Ger kreeg nog wel even een dip omdat hij vorige week één plaats was teruggezet wegens het verkeerd laten lopen van een concurrent. Dat was echter voor het oppeppen als loper en chauffeur volgende week.
Zondag was het waaiweer en weer wat ongerief in het loopgestel. Zaterdag een glibbertje in het in het bos en dus een treiterig balansspiertje in de onderkuit. Zonder veel verwachting toch maar voorzichtig op pad want soms verdwijnen dit soort fenomenen bij het warm worden en dat bleek gelukkig bijna zo. Met 2 h. 25 min. kreeg het weekendtotaal weer wat aanzien.
Monster zal dus wel weer lukken volgende week en ander ga ik het strand op voor de sfeerfoto’s. Gezien de waterstand lijkt mij dat overigens veel beter. Sinds ik een tijdje in Scheveningen woonde weet ik wat hardlopen bij hoogwater is en het is hoogwater volgens Rijkswaterstaat.
26/10/03
Het echte nieuws is dat er vanwege planningsproblemen een kink in de kabel van de Marathon Brabant kwam. Even slikken en dan gewoon de zaterdagtraining en zondag naar de ½ Marathon van Echt. Echt ligt echt in Limburg maar het is daar zo vlak als een biljartbal.
De adel van een running coach verplicht en zodoende moest ik, via de tijd op de halve, de waardigheid van een palmares voor een virtuele 5e marathon van dit jaar waarmaken. Om geloofwaardig binnen de 4 h. te komen moest ik dus tenminste 1 h. 55 min. lopen.Gestresst als een haan begon ik dus aan deze opgave. Gelukkig voorzien van een chip zodat de tijd geen discussie zou oproepen bij de altijd even kritische teamleden.
Na een redelijke zaterdagtraining op de hellingen van het Geulbos tussen Valkenburg en Meersen van 1 h. 19 min. liep het niet slecht. De start was zelfs wat sneller dan in Hasselt maar dat kon ik niet vasthouden. De 1 h. 45 min. slipte langzaam weg naar de 1 h. 50 min. Door de afwezigheid van Karel en het gegeven dat de teamleden het na hun finish te druk hadden met toekijken en zo niet aan helpen toekwamen was de eindsprint net niet scherp genoeg en werd het 1 h. 51 min.
Al met al geen reden tot droefenis want 2*(1 h. 51 min.) + 10 min. = 3 h. 52 min. Helaas zal de werkelijkheid ongeweten blijven maar het blijven van de moraal is voor mij geweten en geen gewetensvraag.
Hoe het met de moraal van de andere teamleden is natuurlijk de grote vraag. Breekt de jeugd door of worden zij nog steeds afgeleid door hun nesteldriften? Blijven de oudjes nog steeds doorstomen of daagt de verkalking langzaam maar zeker aan de horizon? Wordt de tussen categorie nog steeds in beslag genomen door hun broedzorg? Het zijn de prestaties die hierop zonneklaar het antwoord moeten geven.
Herbert 12e en Edwin 13e bij de pupillen blijft op de tijd na hoop geven al doet de 13e plaats van Edwin mij zeer vrezen voor vrijdag a.s.
Ruud 18e en Youri en 51e bij de half wassen lijkt te wijzen op een lichte terugval. Dit ondanks het feit dat Youri bij de pupillen nog 32e geworden zou zijn als hij niet had “am Kreuz” gefraudeerd met zijn naam en leeftijd.
Jo 2e en Paul 8e bij de vijftigjarigen begint op het het echte werk te lijken. Het gat tussen de broertjes wordt ten voordelen van Paul steeds kleiner. De toenemende geruchten van een op handen zijnde broedermoord “on the road” lijken dus grond van waarheid te krijgen.
Bij deze junioren speelden Huub R. 12e en Peter B. 15e een ondersteunende rol.