Washington


20 t/m 22 augustus 2007

Door de vertraging en het tijdsverschil van drie uur, kwamen we pas eind van de middag in Washington aan. Het miezerde een beetje, maar gelukkig stond er buiten, net als in New York, iemand die het taxivervoer regelde. Hij keek even bedenkelijk naar de omvang van onze koffers en beduidde ons, om iets verderop te gaan staan.

Na een paar minuten stopte er een grote SUV met een enorme bagageruimte, onze taxi dus.

Tijdens deze vakantie was ik er achter gekomen, dat taxichauffeurs nou niet het meest spraakzame volkje is op deze aarde. Ook dit keer had ik de grootste moeite om een paar woorden uit deze 'buitenlander' te trekken. Hij was absoluut geen Amerikaan van origine, net zoals al die andere chauffeurs waar we bij in de auto gezeten hadden. Dat wist ik, omdat zij je in gebrekkig Engels antwoordden en als ze telefoneerden, en dat deden ze vaak, gebeurde dat in een onbegrijpelijk klinkend taaltje.

Uiteindelijk, toen we na een half uur uitstapten bij ons hotel, het Washington Plaza, begon hij volop te kletsen en gaf me zijn kaartje. We konden hem gewoon bellen als we weer naar het vliegveld gingen, dan hadden we in ieder geval een auto met voldoende bagageruimte.

Ik weet nog steeds niet, waarom hij zo vriendelijk werd en uit zichzelf begon te praten. Vond hij ons uiteindelijk toch aardig, of had het iets met de 'tip' te maken, die ik hem gegeven had...

 

 

Het hotel was prachtig, maar er was natuurlijk wel een probleempje; de sleutelkaartmachine was kapot. (Tegenwoordig krijg je een soort creditcard, i.p.v. een echte sleutel.)

Dit betekende, dat er iemand van de beveiliging mee naar boven moest om onze deur te openen. Zij hebben namelijk een soort mastercard, waarmee ze elke deur in het hotel kunnen openmaken. Dit ongemak hielden we tot de laatste dag daar, iedere keer ging er iemand mee voor de deur.

 

Daar het al laat was, hebben we die avond in het hotelrestaurant gegeten. Een prima hap, maar de bediening vonden wij maar zozo... Stijf en vormelijk, iets wat absoluut niet past bij ons culinair barbarisme.

De volgende ochtend, bij het ontbijt, was het een stuk beter en heel wat gezelliger. Alleen Nicole vond het nu een stuk minder, want één van de obers zag haar wel zitten.

Hoe dan ook, na een voortreffelijk ontbijt gingen we op zoek naar een taxi. We hoefden gelukkig niet lang te zoeken, want ze stonden gewoon voor het hotel te wachten.

We wilden naar Union Station en die anderhalve kilometer, leek ons beter om met een taxi te gaan. Zo kon ik mijn been nog even ontzien, want we zouden die dag nog heel wat moeten wandelen.

 

Die taxirit zal ik nooit meer vergeten en haalt alles onderuit wat ik hierboven geschreven heb. Achter het stuur zat een superslanke donkere dame, die vanaf het moment dat wij instapten heel af en toe niet praatte, omdat zij soms ook nog moest ademhalen. Hele verhandelingen over het waarom de Amerikanen zo dik waren. Dat kwam, omdat ze alles zomaar doorslikten zonder ook maar enigszins te kauwen. Het slechte gebit en het vaak ontbreken van tanden, was daar de oorzaak van.

Ook het immigratiebeleid kwam uitgebreid aan bod. Als je Amerika binnenkwam, kreeg je vijfduizend dollar als startkapitaal. En als je een huis wilde kopen, dan kreeg je weer vijfduizend dollar om aan een hypotheek te kunnen komen. Terwijl ze dit allemaal vertelde, stootte ze steeds tegen mijn arm en sloeg me verschillende keren op mijn been.

Nou had ik daar absoluut geen problemen mee, het enige wat ik bedenkelijk vond; zij keek me steeds aan... Het leek me een stuk beter, dat ze wat meer op de weg zou letten en wat minder op mij.

Geregeld gebeurde het dan ook, dat zij, terwijl een verkeerslicht al een hele tijd op groen stond, het gewoon niet zag. Hoe dan ook, het was wel oergezellig.

 

In Union Station, een schitterend gebouw, gingen wij op zoek naar een balie van de Hop On - Hop Off bus. Hoe we ook zochten, we konden geen hop vinden. Ook buiten, waar toch heel wat bussen stonden, was geen opstapplaats voor deze bus te ontdekken. Op een gegeven moment zagen wij iets verder een oude Engelse dubbeldekker rijden, waar groot Hop On - Hop Off op stond. Terwijl we in die richting liepen, kwam er nog eentje aanrijden en die hebben we maar aangehouden. De chauffeur, die natuurlijk aan de 'verkeerde' kant zat (in Engeland rijden ze links), schoof zijn raampje open en zei dat het iets van vijftig dollar zou gaan kosten. Ik liet hem de voucher zien, in dit geval het bewijs van boeken en betalen via het internet, hij deed de deur open en wij konden instappen.

Binnen kwam er een verveeld meisje naar ons toe en ook haar liet ik de voucher zien. Zij scheurde drie stukjes papier van een blad af en schreef daar de datum op. Op mijn opmerking, dat we met z'n vieren waren, antwoordde zij dat we die vierde van 'de man' bij het één of ander café, het beginpunt van de bus, zouden krijgen. Toen rinkelde er al een belletje in mijn hoofd, maar gelukkig met het feit dat we konden zitten, sloeg ik daar op dat moment geen acht op...

 

                                                    National World War II Memorial

 

De bus rammelde langs heel wat monumenten en het verveelde meisje was op een bank in slaap gevallen. Naast ons zaten er nog vijf passagiers in die bus en ik vroeg me af, hoe ze dat financieel konden redden.

Door ons werd er nog niet 'gehopt'. We waren bang, dat als we zouden uitstappen en later weer een volgende bus wilden instappen, er wel wat problemen zouden komen met drie plaatsbewijzen voor vier personen. Eigenlijk was het een heel vreemde gang van zaken. Waarom had dat meisje geen vier papiertjes gegeven? Waarom hadden ze geen echte tickets?

 

Na een klein uurtje stopte de bus bij het eind-/beginpunt, ergens midden in de stad. Op dat moment hoorde ik weer dat belletje, maar ook daar lette ik niet op, want ik moest 'de man' vinden. Die vond ik buiten gelukkig direct en met een ferme handdruk, kreeg ik het vierde stukje papier, waar ook weer een datum op stond. Nu ik dat vierde 'bewijsje' had, kon de tour voor ons ook echt beginnen.

Helaas kwam 'de man' weer naar mij toe en vertelde, dat we al die tijd in de verkeerde bus hadden gezeten. Mijn internetboeking was voor een ander bedrijf, die ook met bussen door de stad reed.

Op dat moment kwam er een gloednieuwe bus voorbij, ook dubbeldeks maar wel met het stuur aan de juiste kant. Deze werd voor ons aangehouden en na het tonen van de teruggekregen voucher, kregen wij 'echte' plaatsbewijzen.

                        Lincoln Memorial

Dat Hop On - Hop Off systeem is fantastisch, zolang je maar in de juiste bus zit en ook echt in en uit kunt stappen. De juiste bus voor ons, zoals later bleek, had zijn begin/eindpunt niet voor, maar achter het Union Station, in een soort overdekte parkeerplaats.

 

Nu kon het voor ons ook echt beginnen en de rest van die dag hebben we wat af gehopt.

Onze eerste stop was het Lincoln Memorial, imposant om er voor te staan en nog meer om er binnen te lopen.

 

 

 

 

Daar in de buurt ligt ook het Vietnam Veterans Memorial, met een lange muur. Deze is bedekt met zwarte granieten platen, waar 58.249 namen op staan van hen, die daar omkwamen of nog steeds vermist worden.

 

                            Vietnam Veterans Memorial

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

                    Robert F. Kennedy

 

 

De volgende stop was Arlington National Cemetery, een begraafplaats met meer dan 250.000 graven. Hier ligt ook John F. Kennedy begraven, samen met zijn vrouw en twee van hun kinderen, bij een 'eeuwig brandende vlam'. Iets verder ligt zijn broer Robert F. Kennedy helemaal alleen, aan de voet van een groene heuvel, bij een wit kruisje. Door de wijdheid en dat eenvoudige kruisje, ervaarden wij dit als 'groots'.

Het Washington Monument, een grote 'naald' op een heuvel en het National Air & Space Museum, we kwamen ogen te kort. Ook deze dag was veel te kort, het was al eind van de middag en de bussen moesten gaan rusten. Wij stapten in de buurt van Chinatown uit, om vervolgens een Starbucks binnen te stappen.

 

 

 

 

Helemaal opgekikkerd door die overheerlijke koffie gingen wij, al wandelend, op zoek naar een eetgelegenheid. We wilden geen 'fastfood' of te 'stijf en vormelijk', maar gewoon lekker eten. In één van de achteraf straatjes, zagen we een restaurantje waar continu mensen naar binnen gingen. Eerlijk gezegd zag het er niet uit, het leek van buiten wel een kleine opslagplaats met de toepasselijke naam 'MatchBox', maar als er zoveel gasten kwamen dan moest het toch wel goed zijn. Ook wij wurmden ons naar binnen en kregen daar te horen, dat we een minuut of tien moesten wachten. Normaal gesproken ben ik dan direct verdwenen, maar in dit geval was ik veel te nieuwsgierig waarom het daar zo druk was.

Nou, daar ben ik heel plezierig achtergekomen; de daar geserveerde schotels, vooral het voedsel daarop, waren in één woord fantastisch. Ze werden in 2004 niet voor niets “Best New Restaurant” in Washington genoemd.

Alle vier bestelden we een pizza, Nicole en Pascal een medium en wij een mini. Medium dorsten wij niet aan, want dat is een formaat wat we hier 'extra large' zouden noemen.

Het was de honger, of hun eigenwijsheid, maar die enorme pizza's gingen echt op.

 

En toen moesten we terug naar het hotel. Nicole nam de kaart en we spraken af, dat als het voor mij niet meer ging, we een taxi zouden aanhouden. Stug naar de grond kijkend en vooral niet vooruit, want dan zag ik die eindeloos lijkende straten, ging het best goed. We hebben het hotel lopende gehaald en nadat een beveiligingsmedewerker onze deuren had geopend, konden we languit op bed vallen.

 

De volgende dag volgden wij Pascal op zijn missie. Hij wilde gefotografeerd worden voor The White House, in zijn T-shirt met opdruk: 'Good Bush, Bad Bush'. Ik bleef op een veilige afstand staan, want het wemelde daar van de agenten. Zichtbaar twee in uniform, maar elke passerende toerist kon natuurlijk een 'stille' zijn.

Na het maken van die foto zijn we doorgewandeld naar het National World War II Memorial, ter nagedachtenis aan de meer dan 400.000 gesneuvelde soldaten.

Vervolgens gingen we nogmaals naar het Washington Monument, om te kijken of er nog tickets voor de rondleiding waren. Die waren voor deze dag al helemaal vergeven en wij liepen door naar de opstapplaats van de bus.

                                                                    Botanic Garden

 

                                Capitol

Ook deze dag ging dat hoppen weer heel goed. Union Station, het Capitol, de Botanic Garden, Georgetown en nog veel meer, hebben we die dag nog kunnen bezoeken. Helaas niet alles, want daar zijn twee dagen echt te kort voor. Het Holocaust Memorial Museum is daar één van.

Onze laatste Hop Off was in de buurt van het Old Post Office Pavilion, vanwaar de avondtour zou vertrekken. Na ergens een 'niemendalletje' gegeten te hebben, konden we dus weer instappen. We kwamen langs en stopten bij verschillende plaatsen, waar we de afgelopen dagen ook geweest waren. Toch konden we nog een paar nog niet bewonderde plaatsen bezoeken, waaronder het Franklin Roosevelt Memorial, het Thomas Jefferson Memorial, het Iwo Jima Memorial en het Netherlands Carillon. Van deze laatste had ik nog nooit gehoord, maar het bleek dat Nederland dit carillon geschonken had, als 'bedankje' voor de

 

bevrijding in 1945 en het wordt tweemaal per dag bespeeld.

Als laatste bezochten we het Korean War Veterans Memorial, waar negentien levensechte beelden van soldaten, de daar gelegen graven bewaken. Deze negentien weerspiegelen, zelfs in het duister, in de naast gelegen granieten muur, zodat het er 38 lijken te zijn. Dit is een symbolisch getal, daar rond de 38e breedtegraad, de grens tussen Noord- en Zuid-Korea, toen het meest werd gevochten.

 

Ook ditmaal konden we na de tour, het hotel wandelend bereiken. De sleutelkaartmachine was vervangen en er ging dus niemand mee om onze deuren open te maken, dat konden we nu zelf.

De laatste ochtend, na wederom een voortreffelijk ontbijt, ging de rest van de familie op 'slipperjacht'. Ik bleef in de lobby, een beetje computerend en onze bagage bewakend.

Het telefoontje naar 'onze' taxi werkte heel erg goed. De grote SUV kwam ruimschoots op tijd voorrijden. Daardoor waren we vroeg op het vliegveld en hadden voor alle eventuele tegenslagen, die vandaag gelukkig uitbleven, meer dan genoeg tijd.

Ook de vlucht naar Amsterdam lukte zonder enige vertraging en toe we eindelijk met koffers en al, om 7.30 uur, bij de taxibalie kwamen, zat 'onze' chauffeur al te wachten. De rit naar huis geschiedde wonderwel zonder files. De koffers werden naar binnen gedragen en ik kon direct een afspraak maken met de fysiotherapeut.

 

Nu nog even zien af te kicken van een geweldig avontuur.