de kustroute


28 en 29 juli 2007

                                                                                               Highway 1

Het was weer tijd om verder te trekken. Los Angeles had ons alles gegeven, waar wij aan toegekomen waren. Eerst moesten we nog langs een Wal-Mart in West Hills, dat was de dichtstbijzijnde op onze route, om een koelbox en andere benodigdheden te kopen.

Die koelbox hadden we snel gevonden, een grote van plastic voor maar dertien dollar. Wat water, fruit en ijsblokjes, het ging allemaal voorspoedig. Alleen wilden we nog een prepaid telefoon hebben. Ook die hadden ze daar te kust en te keur.

Terwijl de rest van de familie druk bezig was tussen de kledingrekken en de DVD stellingen, stond ik te twijfelen welke telefoon te nemen.

Mijn oog viel op een prachtige Motorola voor maar achttien dollar. Op dat moment kwam er een goedwillende verkoper naast mij staan, die me die keuze ten zeerste afraadde. Was veel te ingewikkeld met starttarieven en dure belminuten. Nee, de juiste telefoon was die Nokia van dertig dollar met 300 minuten beltegoed. Dat tegoed vertegenwoordigde een bedrag van dertig dollar, zodat ik eigenlijk de telefoon gratis had.

 

Nou, dan is de keuze natuurlijk snel gemaakt…

De behulpzame verkoper bood ook nog aan om het apparaat voor mij te activeren, want dat was een ingewikkelde procedure. Ook die hulp nam ik natuurlijk gretig aan en na een minuut of 10, vermeldde de display dat de telefoon succesvol aangemeld was en er een tegoed op zat van 300 minuten.

Op dat moment was ik dolgelukkig met mijn aankoop, hetgeen eigenlijk de miskoop van de eeuw was. Alleen, dat wist ik toen nog niet. Daar kwam ik pas een paar dagen later achter.

 

Ook waren wij op zoek naar een wegenkaart van Rand Mc.Nally, in een speciale uitvoering van de Wal-Mart. Toen ik daar om vroeg, stond de verkoper mij stomverbaasd aan te kijken. Daar had hij nou echt nog nooit van gehoord en als het niet bij de andere wegenkaarten lag, dan hadden ze ‘m niet.

Bij die andere kaarten lag het gezochte inderdaad niet, zodat we er maar vanuit gingen, dat deze vestiging, met ongeveer een oppervlakte van twee voetbalvelden, niet groot genoeg was om zoiets speciaals te mogen verkopen. Noodgedwongen kochten we toen maar een gewone kaart van Californie, want je moet toch iets van een kaart bij je hebben.

 

We vervolgden onze reis en mochten wederom deel uitmaken van gigantische files.

Zelfs toen we eindelijk op Highway 1, de kustroute zaten, schoot het niet echt op. Misschien zaten wij wel helemaal verkeerd, maar tot San Simeon, onze overnachtingplaats, hebben wij weinig kust gezien. Hoe dan ook, het was wel een prachtige route.

 

                                                  Maar de kamers waren wel groot...

 

Aan het eind van de middag bereikten we het Courtesy Inn, met de onvolprezen hulp van Tommie.

Onze kamer was groot, er zou heel gemakkelijk nog een koelkast inpassen, maar die was er helaas niet. Een beetje jammer.

De ombouw van ons bed bleek vreselijk gammel, het gedeelte bij het hoofdeinde hing zo ongeveer op halfzeven. Echt, ik deed helemaal niets, ik keek alleen maar en toen viel ‘ie met een grote klap naar beneden.

Voor ons niet zo’n probleem, wij slapen toch wel, met of zonder dat schot. Maar wat zouden ze in het motel over ons denken. Dat wij die nacht al slopend door de kamer waren gegaan? Dat idee, ik heb helaas een levendige fantasie, ging me echt te ver en ik ben het direct maar even gaan melden.

 

De volgende ochtend hebben we snel een kop koffie en een droge muffin verorberd en zijn snel op weg gegaan. We wilden nog naar Hearst Castle en eventueel een rondleiding meemaken. Wij waren daar om 10.30 uur en alle tours begonnen pas om 12.30 uur. Daar konden we dus echt niet op wachten en zijn als een soort compensatie maar even de gift shop ingegaan.

Als je er eentje kent, dan ken je ze allemaal, maar deze gift shop had toch wel iets heel bijzonders; een opgetuigde kerstboom… Ik heb echt drie keer in mijn ogen gewreven en toen de kinderen kwamen vragen, waarom daar een kerstboom stond, kon ik weer op mijn ogen vertrouwen. Zij zagen het ook, dus er was niets mis met mij. Maar een kerstboom vol met ballen, linten en nog veel meer, en het was toch echt eind juli…

Misschien zagen wij iets over het hoofd, of heeft het een speciale betekenis, wij waren op dat moment zo verbaasd dat we het ook vergeten zijn te vragen.

Later zijn we nog zo’n boom tegengekomen…

 

De route was schitterend! Highway 1 is echt onze favoriet. Zo rijd je in de zon en zo zit je in de mist. Zo rijd je vlak bij de oceaan en zo zit je weer hoog in de bergen.

De zeeolifanten waren, zoals altijd, heel nadrukkelijk aanwezig. Een stuk of dertig lagen er te slapen op het strand, terwijl er twee in het water aan het dollen waren. Wat een leven hebben die gasten.

 

zeeolifanten

Het werd steeds later en wij begonnen heel sterk te merken, dat het ontbijt niet echt geweldig was geweest. Er werd dus unaniem besloten om bij het eerstvolgende restaurant te stoppen.

En dat hebben we geweten. Het eerstvolgende restaurant was Ventana in Big Sur, prachtig gelegen hoog boven de kustlijn.

Toen we de parkeerplaats opdraaiden, had ik het al kunnen weten; zoveel Porches, BMW’s en Ferrari’s… Maar honger maakt blind en ik had pas iets in de gaten, toen we naar een tafeltje gebracht werden. Het uitzicht, het bestek, de enorme uitstalling wijn en de houding/kleding van de obers, het snobgehalte van de aanwezige gasten, het sprak boekdelen. Op dat moment werd het ook zeer duidelijk, dat wij daar absoluut niet op onze plaats waren, maar ja, wij hadden al een plaats toegewezen gekregen en zaten net.

Zoals altijd besloten we er gewoon het beste van te maken en bestudeerden aandachtig de kaart, die ons met een lichte buiging werd gepresenteerd.

                                                                       het uitzicht

 

Dit was de eerste keer, dat ik het ‘culinaire barbarisme’ in praktijk heb gebracht. Als aperitief bestelde ik een kop koffie…

Onze ober, een slechte kopie van Jack Nickelson, keek me verbaasd aan, tenminste dat veronderstelde ik gezien zijn plotselinge gespannen houding, want die grote donkere zonnebril verborg zijn ogen goed. De rest van de familie bestelde cola en sinasappelsap en onze ‘Jack’ verdween weer net zo geruisloos als hij gekomen was.

De menukaart was er echt eentje uit duizenden. Een steak voor 38 dollar en heel veel wijn. Wij besloten toch maar om een hamburger te nemen, de duurste hamburger die ik ooit gehad heb, namelijk 17 dollar!

Op die kaart werd de meeste ruimte in beslag genomen door hun enorme collectie wijn. Als ik me goed herinner, was de goedkoopste iets van 45 dollar. Het ‘mooiste’ stond helemaal onderaan op die kaart: “Corkage Fee; $ 25,00”. Dus bij iedere fles wijn, kwam er nog een toeslag bovenop om ‘m te ontkurken.

Of wij begrepen het verkeerd, of dit is te belachelijk voor woorden. Althans onze woorden, misschien niet voor de geregelde gasten van dat restaurant.

Heel eerlijk gezegd; het was wel de lekkerste hamburger die ik ooit gegeten had.

 

De rest van de reis verliep voorspoedig en ondanks de bedelaars, eentje zelfs in een rolstoel, die zich bij de verkeerslichten gewoon als kamikazepiloten voor onze auto wierpen, zijn we veilig en wel bij het Town House Motel in San Francisco aangekomen.

 

Eindelijk kwam dan de dag nabij, dat ik de verrassing kon laten zien. De rest van het gezin was van de hele route en alles wat we gingen doen op de hoogte, behalve dat ene tochtje van overmorgen, 31 juli.

Highway 1

 

Gereden: 784 km.