de boekenreeks over de stormrampen in 1775 en 1776, geschreven door Johan Hermen Heering
Na de grote watervloed van 1775 ontstond een nieuw literair genre: de rampliteratuur. Rampliteratuur kon een pamflet zijn, dat kort na de ramp verscheen en niet heel uitgebreid was. In een gedenkboek waren beschrijvingen van de ramp opgenomen op meerdere plaatsen in het land en de gevolgen van de ramp. Voor een rampboek was veel onderzoek nodig en het werd pas later gedrukt.
Rampliteratuur was een vorm van verwerking van de ramp en haar gevolgen. Een andere bekende verwerkingsvorm was het schrijven van rampliederen. Zo bestaat er over de stormvloed van 1825 een ramplied met 24 coupletten.
1775
Binnen de rampliteratuur is een ontwikkeling te zien. Over de stormramp van 1775 verscheen een eerste deel van een gedenkboek met beschrijvingen van de watersnood. De schrijver is onbekend en de reeks werd niet afgemaakt. Dit boekdeel vond nog duidelijk zijn oorsprong in de lijsten met vergane schepen, die voorheen na stormrampen werden opgesteld. De teneur is dat de stormvloed grote economische schade veroorzaakte en slecht voor de handel van vooral Amsterdam was.
1776
In de zomer van 1776 verscheen een twee-delige beschrijving over de stormvloed van 1775 van de hand van Johan Herman Hering (1731-1794). Hering was hoofdredacteur van de Amsterdamse Courant, een blad dat in handen was van de stad Amsterdam. In 1778 voegde Hering een derde deel toe over de stormvloed van 1776. Zijn boekwerk was voorzien van zeven grote illustraties, de meeste van de hand van Jacob Buijs. De gebruikte gravures van 1775 en 1776 op rampeninkampen.nl komen uit dit boek. Het driedelige werk kent een sterke op Holland gerichte inslag. De conclusie is dat een ramp een straf van God is en dat men uit een ramp lessen dient te trekken voor de toekomst.
1825
Over de ramp van 1825 verschenen allerlei, vooral streekgebonden, gedenkboeken. Hier is de perceptie dat de mens niet kan weten of een overstroming een straf van God is. Het heeft daarom ook geen zin hierover te speculeren. Opvallend is verder dat bijna alle schrijvers over de stormvloed van 1825 lid waren van de Maatschappij tot Nut van 't Algemeen.
Heel bijzonder is een pamflet in dichtvorm over de stormvloed van 1775 rond Kampen, dat bij Tresoar in Leeuwarden wordt bewaard. De buurmannen Lou en Krelis vertellen daarin over de gebeurtenissen tijdens de stormramp in Kampen en omgeving. Het pamflet houdt het midden tussen en literaire beschrijving en een ramplied. De tekst is gesigneerd met W.H., tot nu toe is niet bekend wie er schuil gaat achter deze initialen. Het gedicht is uitgegeven in Sneek door Melchizedek Olingius, boekdrukker en papier- en boekverkoper aan de Vismarkt.
©cultuurZIEN 2022