London, 22 sept 1772
Hartelijk Geliefde Vader!
Zekerlijk zal ue reeds verlangen eenige tijding van mijne aankomst alhier, en de manier op welke ik alles gevonden heb, te verneemen. Overaangenaam is het mij in dit opzigt zo veel goede te kunnen schrijven, en ik heb de grootste reede om der Godlijke goedheid van herten te danken, die mij zo veele agrementen en vergenoeging in deeze mijne situatie gelieft te verleenen. Onze behoude aankomst te Harwich heeft ue zekerlijk reeds uit mijn brief aan Tante verstaan. Dien Maandag zijn wij toen verder tot Colchester voorgereist, hebben dien nagt daar geslaapen en Dinsdagmorgen onzen weg vervolgende zijn wij 's avonds te 5 uur te London en te 6 uur in ons logement gearri veerd. Ik woon in het zelve huis met den Hr. Goodricke. Twee beneedenkamers waren er nog open van welke geleegenheid ik direct profiteerde en dezelve voor een halve guinea per week huurde zolang de familie van den Hr. G. hier ook bleef, dog als die weg zijn en ik nog hier ben, wil de Juffr. van 't huis meer hebben. Eene kamer is groot met 3 schuifraamen en zeer proper gemeubileerd. Hier in is de deur tot de andere kamer, dat een kleyn slaapvertrekje is met een raam. Omtrent het eeten heb ik 't niet minder voordeelig en alleraangenaamst getroffen. De Hr. G. is zo vriendelijk geweest van mij te offereeren met hem te eeten, en hier betaal ik niet meer voor dan 't geen Dr. Ver schuir[5] voor eene middagmaaltijd gaf, te weeten 1½ shilling daags. Ik kan mij niet genoeg over alle de beleeftheeden en gulhartige vriendelijkheid welke die aller beste menschen mij aandoen, beroemen, nog dezelve ooit genoeg erkennen, vooral wanneer ik nagaa, welk een verschil 't zou geweest zijn indien ik hier geheel vreemd en alleen had moeten te regt raaken. Veel visites heb ik nog niet kunnen doen, om dat mijn koffer waar in al mijne brieven zijn nog niet is aangekomen. Bij den Hr. Maty en bij la Chaumette heb ik egter reeds geweest. Van beyde ben ik op de allervriende lijkste wijze gerecipieerd, die men zig verbeelden kan. Maty had mij gezegd indien ik hem spreeken wilde 's morgens te half 9 bij hem te komen dejeuneeren. Dit heb ik dan ook van morgen gedaan en heb bij die occasie veel met hem afgehandelt. In 't Museum[6] zijn allerley mss ook Arabische, dog hij weet niet van welke importantie. Nu zal hij aanstaanden donderdag met Dr. Morton[7] die er 't opzigt over heeft, spreeken en ik zal een Catalogus te zien krijgen van al wat er is. Hier van kan ik dan 't voornaamste noteeren en zenden het aan ue om daar omtrent nader dan geinformeerd te worden raakende ue gedagten wat uit dezelve voornamentlijk te kiezen. Ook raad mij de Hr. Maty ten allersterksten om hoe eer hoe liever na Oxford te gaan. En de reede hier van is om, dewijl 't tog op 't zelve uitkomt of ik daar eerst ben of hier, mij wat meer in 't En gelsch te perfectioneeren wijl ik hier te veel occasie heb om Fransch en Hollands te spreeken, die mij daar geheel man keert. Dus zoude ik indien ue er niet tegen had over 14 dagen of 3 weeken, het welk net tegen die zelve tijd zal loopen dat de Hr. G. zijn huis gaat bewoonen van hier na Oxford vertre kken en brengen daar zo wel als te Cambridge de winter over tot febru ary of maart, wanneer ik dan nog een paar maanden zou kunnen hier blijven. Maty heeft mij belooft overal brieven te zullen meegeeven en geoffereerd in al wat ik nodig heb mij te regt te helpen. Mag ik ue verzoeken om eens zo wel aan den Hr. G. als aan Maty al is 't maar een klein briefje te schrijven, want onbeschrijffelijk is de vriendelijkheid die zij beyde mij bewijzen. Voorl[aatsten] Donderdag heb ik 20 guineas gaan haalen 't welk gevoegd bij 't geen ik van rotterdam heb meegenmoen te zaamen 282-19 uitmaakt. Hier van heb ik nu uitgegeeven 190-16 en morgen denk ik den kleermaaker te betaalen dat omtrent 70 gl. zijn zal zo dat er al wakker wat geld gesprongen is, dog als ue van die eerste 190 gl. 93 gl. aftrekt die ik den Hr. G. voor de reys betaalt heb een een guinie voor een hoed benee vens 6 gl. voor een paar kousen dan kan ue meteen zien dat ik nog niets buiten noodzaak heb uitgegeeven want het andere is ook altemaal aan nodige dingen besteed gelijk ik ook alles heb opgeschreeven en tot een duit toe kan vereekenen. Meer kan ik mij niet herinneren dat ik voor tegenwoordig te schrijven heb. De stad, het land, de menschen, eeten en drinken alles staat mij bijzonder wel aan. Morgen is mijn voorneemen na Kew een van des konings lusthuizen te rijden om den Hr. Salgas te spreeken. Wilt ue zo goed zijn en verzoeken den Hr. May om zijn beloofde brief na Oxford. ue heeft de hartelijke groete nis van de geheele familie van den Hr. Goodricke, Dr. Maty en la Chaumette. Ik verzoek insgelijks Mama en Tante mijnentweege hartelijk te groeten. Wil ue aan Tromp[8] zeggen dat ik aan hem of aan Colonius[9] de volgende post schrijven zal en indien hij een Comment. in Jobum[10] wil hebben kan ik hem een bezorgen voor 28 shillings dat is 15-8. Een morsig slegt exemplaar van Herbelot[11] kost 9 guinies, Golius[12] meede geen duit minder Menin ski[13] 20 guinies de editie van Jones[14] zal uit gebrek van inteeke naars waarschijnlijk wel geen voortgang hebben. Adieu mijn lieve Vader ik moet eyndigen om dat de hr. G. hier nog wat wil bij schrijven. Ik recommandeer mij aan uwe voorbiddingen bij den Heere dat die steeds met mij zij en mij bewaare in die voor mij ongewoone omstandigheeden waarin ik tans geplaatst ben terwijl ik hoope dat deeze reys ten mijnen beste ingerigt ook tot uwe wezentlijke vreugde en vergenoeging zal mogen uitvallen. Ik ben altijd met de grootste liefde en eerbied Hartelijk Geliefde Vader Uw Onderd. en Ge hoors. Zoon. H.A. Schultens
Hoogeerwaarde Heer en zeer Geagte Vriend,
Van onze reis, gelukkige overkomst alhier &c.&c. zal onze waarde Fellowtraveller U een omstandige narigt medegedeeld hebben, des ik de pen thans alleen opneme (te meer, wijl ik nog vele beslommeringen heb) om UHE. te betuigen het genoegen, dat wij vinden, in het gezelschap van den Hr. Schultens, en om eenigen letteren van Uw waarde hand met de eerste gelegenheid te solliciteeren. Ik ben zeer nieuwsgierig naar tijding uit Holland, ook met betrekking tot mijn Boek: zeg, bid ik, aan le Mair[15], dat hij al wat hij aan mij te bezorgen heeft, zendt te Rotterdam aldus To Mrs. S. Bradshaw at Rotterdam, for Henry Goodricke Esqr. Ik wagt ten eersten een Exemplaar van mijn werk; dog zou gaerne met de post verwittigd zijn, zo dra het uitkomt! In vervolg van tijd meer; thans eischen beide tijd en papier, dat ik afbreke, met vele Complimenten aan alle goede bekenden, inzonderheid v.d. Kees - V. Doweren - Hollebeek.
T.T.H. Goodricke