Per economische agent (gezinnen, bedrijven, overheid en buitenland) de economische kringloop construeren en bespreken.
Per economische agent (gezinnen, bedrijven, overheid en buitenland) macro-economische grootheden en (deel)evenwichten verklaren, situeren en evalueren.
Per economische agent (gezinnen, bedrijven, overheid en buitenland) de berekeningswijze van het nationaal product, het nationaal inkomen en de nationale bestedingen toelichten.