Een telwoord (numerale, mv. numeralia) is een woord waarmee een aantal of een rangnummer wordt aangeduid. Men onderscheidt hoofdtelwoorden (cardinal number), rangtelwoorden (ordinal number) en telbijwoorden (counting adverb).
A Numeral/number
Telwoorden worden bepaald genoemd als men daaraan kan zien hoeveel het precieze aantal is.
Voorbeelden: drieëntwintig, achtentachtigste, duizend, miljoenste
Een hoofdtelwoord geeft een aantal of een nummer weer.
Voorbeelden: een, twee, drie, vier;
hoe schrijf je ze?
5, 17, 400, 2.500
Een rangtelwoord geeft de rangvolgorde in een rij weer.
Voorbeelden: eerste, tweede, derde, vierde.
hoe schrijf je ze?
één word eerste
drie word derde
alle andere krijgen gewoon een -ste, -de, of -e toegevoegd
eerste -1ste
tweede - 2de
derde - 3de
vierde - 4de
vijfde - 5de
zesde- 6de
zevende- 7de
achtste- 8ste
negende- 9de
tiende- 10de
etc....
Een telbijwoord is een speciale vorm van een telwoord. Voorbeelden zijn: eenmaal, tweemaal, honderdmaal enzovoort
We zien dus achter de standaard uitgang maal verschijnen. Ook de uitgang werf komt voor, zoals in tweewerf en driewerf. Een telbijwoord drukt bijgevolg een kwantiteit uit.
Deze telwoorden gedragen zich letterlijk als een bijwoord: ze staan als aanvulling bij een werkwoord, adjectief of ander bijwoord. Voor de verduidelijking staan hieronder een aantal voorbeeldzinnetjes.
Hij liep zesmaal rond het schoolterrein.
Bepaling van een werkwoord.
Hij antwoordde tweemaal goed en driemaal fout.
Bepaling van een ander bijwoord.
Driewerf hoera!
Het telbijwoord op werf wordt meestal vóór de bepaling geplaatst.
Het Latijnse telbijwoorden bis en in mindere mate ter wordt ook in het Nederlands gebruikt, bijvoorbeeld bij huisnummers (23 bis) en wetsartikelen/-paragrafen/-hoofdstukken (artikel 10.6ter IB, hoofdstuk 10bis IB).
Merk op dat 10bis komt na 10, maar 10b komt na 10a, wat na 10 komt. Het Latijnse telbijwoord voor 2 duidt dus net als het modernere a op de eerste invoeging na het gewoon met een getal aangeduide item.
Telwoorden worden onbepaald genoemd als men daaraan niet kan zien wat het precieze aantal is.
hooftelwoorden
alle
enige
geen
sommige
veel
weinig
rangtelwoorden
laatste
middelste
hoeveelste
zoveelste