Schrijf een zin voor elk van de onbepaalde hoofdtelwoorden
maak een shopping lijst voor Aldi
Beschrijf je familie
Plan een vakantie
Rangschik de volgende dingen met onbepaalde rangtelwoorden.
schrijf alle modale hulpwerkwoorden in je schrift. Schrijf ook alle persoonsvormen en de vertaling als je het nodig hebt.
We gaan nu korte zinnen schrijven met de volgende werkwoorden en voegwoorden :
rennen
vb: Ik kan rennen, maar ik will niet rennen.
springen
zwemmen
wandelen
sporten
We lezen samen het volgende dagboek
Maandag:
Vandaag was een drukke dag op school. We hadden veel huiswerk en ik moest na school ook nog naar de volleybaltraining. Gelukkig was het wel gezellig met mijn vriendinnen op school en hebben we samen gelachen tijdens de pauzes.
Dinsdag:
Ik was vandaag erg moe omdat ik gisteren laat opbleef om mijn huiswerk af te maken. Gelukkig had ik een leuke dag op school. Na schooltijd ben ik naar huis gegaan en heb ik wat tijd besteed aan het lezen van mijn favoriete boek.
Woensdag:
Vandaag had ik geen school vanwege een studiedag voor de leraren. Het was fijn om uit te slapen en wat langer in bed te blijven liggen. 's Middags ben ik met mijn hond naar het park gegaan en heb ik lekker in de zon gezeten.
Donderdag:
Op school hadden we vandaag een toets Engels. Ik was een beetje zenuwachtig, maar ik denk dat het wel goed ging. Na schooltijd ben ik met mijn vriendinnen naar de ijssalon gegaan en hebben we samen van een lekker ijsje genoten.
Vrijdag:
Yes, het is eindelijk vrijdag! Ik keek de hele week al uit naar het weekend. Op school hadden we vandaag een sportdag en het was superleuk om met mijn klasgenoten verschillende spellen te spelen en te rennen.
Zaterdag:
Vandaag ben ik met mijn familie naar het strand geweest. Het was een mooie dag en we hebben samen gepicknickt en in de zee gezwommen. Ik heb ook schelpen verzameld om mee naar huis te nemen.
Zondag:
Op zondag slaap ik altijd een beetje uit. 's Middags heb ik met mijn broertje buiten gespeeld en hebben we verstoppertje gespeeld in de tuin. Het was een leuke afsluiting van de week voordat ik me weer klaarmaak voor een nieuwe schooldag morgen.
Waarom was het meisje op dinsdag erg moe?
Waarom had het meisje geen school op woensdag?
Wat heeft het meisje gedaan op donderdagmiddag na school?
Wat vond het meisje leuk aan vrijdag op school?
Wat heeft het meisje op zaterdag gedaan met haar familie?
Waarom slaapt het meisje op zondag altijd een beetje uit?
Wat heeft het meisje met haar broertje gedaan op zondagmiddag?
Hoe voelde het meisje zich op dinsdag en waarom?
Stel dat jij een studiedag had zoals het meisje op woensdag, wat zou je dan willen doen?
Als je een ijssmaak mocht kiezen die het meisje op donderdag at, welke smaak zou je dan kiezen?
Als je een sportdag mocht organiseren zoals het meisje op vrijdag had, welke spellen zou je dan willen spelen?
Als je naar het strand zou gaan zoals het meisje op zaterdag, welk dier zou je dan willen zoeken in het zand?
Wat zou jouw ideale zondagochtendactiviteit zijn voordat je gaat buitenspelen, zoals het meisje op zondag?
Als je een geheim plekje in de tuin zou hebben om verstoppertje te spelen zoals het meisje op zondag, waar zou dat dan zijn?
De Tour de France is een beroemde fietsrace die elk jaar in Frankrijk plaatsvindt. Het is een grote sportgebeurtenis waar veel mensen over de hele wereld naar kijken. Tijdens de race fietsen wielrenners lange afstanden, soms wel meer dan 3000 kilometer, gedurende een paar weken.
In de Tour de France zijn er veel wielrenners die meedoen uit verschillende landen. Ze dragen kleurrijke shirts en hebben vaak sponsornamen op hun shirts en fietsen. Sommige bekende wielrenners zijn Chris Froome uit Groot-Brittannië, Peter Sagan uit Slowakije en Egan Bernal uit Colombia.
De wielrenners racen door prachtige landschappen, zoals hoge bergen en groene velden, en passeren ook door kleine steden en dorpen. Ze rijden heel snel en werken samen in teams om de race te winnen. De wielrenner die aan het einde van de race de snelste tijd heeft, wint de Tour de France en krijgt een speciale gele trui.
Mensen over de hele wereld juichen en moedigen hun favoriete wielrenners aan tijdens de Tour de France. Het is een opwindende gebeurtenis die veel mensen inspireert om zelf te gaan fietsen en actief te zijn. De Tour de France is een geweldige manier om te genieten van sport en de schoonheid van Frankrijk te ontdekken.
Wat doen alle wielrenners?
Wat doen geen van de wielrenners?
Wat doen weinig van de wielrenners?
Wat doen veel van de wielrenners?
Wat doen sommige van de wielrenners?
Vul aan
Dit is al de ___ keer dat ik dit probleem tegenkom.
Hij was de ___ persoon die de kamer binnenkwam.
Het antwoord op de vraag stond op de ___ bladzijde van het boek.
Maak 3 zinnen met de volgende rangtelwoorden. Deel ze met een student die naast je zit. Verbeter elkaar's zinnen.
Zoveelste
Laatste
Middelste
Vul de juiste modale hulpwerkwoorden in de volgende zinnen in. Elke ww wordt maar een keer gebruikt.
Mijn moeder ____ heel goed koken.
Wij _____ morgen allemaal een uur later naar school komen.
Hij ______ elke dag voetbal oefenen, zegt de coach.
_______ jullie ijsjes eten of taart voor mijn verjaardag?
Zij ________ morgen all hun huiswerk gedaan hebben.
Elke Modale Hulpww wordt maar een keer gebruikt. Vul in.
Wij _________ betere zwemmers worden.
Onze coach vertelt ons dat we meer ________ oefenen.
We vragen onze ouders om meer te __________ oefenen.
Ze geven ons toestemming dus nu ____________we meer oefenen.
We ________ vanaf volgende week elke dag zwemmen.
Je bent een student op school. Er zijn dingen die mogen, dingen die kunnen, enz. Schrijf regels voor onze studenten op school.
KIES VAN DE VOLGENDE TWEE
Schrijf nu zelf een dagboek voor de krokusvakantie. Schrijf in de tegenwoordige tijd en beschrijf wat je hebt gedaan.
Schrijf een training plan voor de week, waarin je rekening houd met school en familie. Schrijf het in volle zinnen.