Beschrijving
De medaille werd ingesteld op 26 augustus 1974 Het besluit werd op 12 september 1974 gepubliceerd in het "Gesetzblatt". De medaille kan worden toegekend aan individuen voor bijzondere cultuurpolitieke en artistieke prestaties op het gebied van volkskunst.
Tot het indienen van voorstellen voor onderscheidingen zijn bevoegd
de burgemeesters van de steden, stadsdistricten en gemeenten;
de besturen van de "Kreise" en stadsdistricten van de SED, FDGB, FDJ, Kulturbund, DSF en het Nationale Front.
De voorstellen moeten worden gemotiveerd en telkens uiterlijk op 1 augustus van elk jaar worden ingediend bij de voorzitter van de raad van de kring. De raad van de kring onderzoekt de voorstellen. De goedkeuring ervan vindt plaats bij besluit van de raad.
Het maximum aantal onderscheidingen was beperkt tot vijf per stadsdeel of district per jaar. De minister van Cultuur van heeft het recht om mensen te onderscheiden bij bijzondere gelegenheden. Voor het 25-jarige bestaan van de DDR werden 16 personen onderscheiden door de minister van Cultuur.
De uitreiking van de medaille vindt doorgaans plaats op 7 oktober, de Dag van de Republiek.
Bij de uitreiking van de medaille hoorden een oorkonde en een premie van 350 mark.
De medaille wordt op de linkerborst gedragen.
In de "DDR Spezialkatalog Band I" van Bartel worden twee typen onderscheiden van de "Medaille ausgezeichnetes Volkskunstkollektiv der Deutschen Demokratischen Republik".
(1974 - 1983) type a: non-ferrometalen
(1984 - 1989) type b: ijzer vermessingd
Op deze pagina is de medaille van type a afgebeeld; de losse Interimsspange ontbreekt.
De ronde medaille heeft een witte achtergrond en heeft een diameter van 30 millimeter. Op de voorzijde is een gestileerd volkskunstmotief afgebeeld, samen met de tekst: "· FÜR VERDIENSTE · IM KÜNSTLERISCHEN VOLKSSCHAFFEN DER DDR". De tekst is aangebracht in goudkleurige letters.
De achterzijde van de medaille draagt de volgende tekst: "UNSERE LIEBE, / UNSERE KUNST / UNSEREM / SOZIALISTISCHEN / VATERLAND".
De medaille is bevestigd aan een rood geëmailleerd metalen lintje.
Het losse draagteken is identiek daaraan en heeft een miniatuur van de het motief van de medaille daarop aangebracht.
In mijn collectie heb ik ook een exemplaar met lintje met een rood overtrokken stof. Ik weet niet of dit een officiële versie was, of een product van huisvlijt.
Frank Bartel, Auszeichnungen der Deutschen Demokratischen Republik von der Anfängen bis zur Gegenwart, Berlin 1979, p. 171.
Frank Bartel, DDR Spezialkatalog 1949-1990 Band I, Staatliche Auszeichnungen, Berlin, 2003, p. 153.
Gesetzblatt der Deutschen Demokratischen Republik, 12 September 1974, Teil I, nummer 43, p. 397 - 399.
Günther Tautz, Orden und Medaillen. Staatliche Auszeichnungen der Deutschen Demokratischen Republik, Leipzig, 1983, p. 96.
Staatliche Auszeichnungen der DDR. (Herkunft: Zentralbibliothek der Gewerkschaften; Standort: Haus 901 / Raum 040). Die Kartei wurde 2017 konvertiert und anschließend makuliert. (www.bundesarchiv.de) p. 119.