Op een dag in januari van dit jaar, toen ik achter het stuur zat, werd ik opgebeld door Sanne en Luuk van groep 8. Dankzij handsfree kon ik toch opnemen en hoorde dat zij enkele vragen voor mij hadden. Zij wilden wat weten over de kerk en vroegen: “Wat ben jij in de kerk?” “Ik ben pastoor in de kerk”, zei ik. “Wat voor een werk doe jij dan?” “Ik doe de diensten in de kerk.” “Wat voor een dienst?” Ik antwoordde: “Elke dag is er ook een dienst van dertig minuten en in het weekend is er op zondag ook een dienst. Ook doe ik dan doopvieringen voor de kinderen. Ik zegen huwelijken in en als iemand dood is dan doe ik de afscheidsdienst.” En als laatste vroegen zij; “En waarom ben je pastoor geworden en vind je je werk leuk?”
In alle oprechtheid moet ik erkennen dat er in dit ambt meer dingen zijn om blij te zijn dan om niet blij te zijn. Dus ‘ja hoor, ik vind het leuk dat ik priester geworden ben,’ was het antwoord. Meteen na dit gesprek dacht ik “ach, had ik hen maar gevraagd een keer naar de kerk te komen. Dan kunnen ze zien wat daar allemaal gebeurt.” Gemiste te kans. Maar als u misschien weet wie deze kinderen zijn geef dit dan maar aan hen door.
Ja, het is inderdaad juist dat er nog weinig mensen naar de kerk komen of geïnteresseerd zijn in de activiteiten. Dat is weer bevestigd in mijn gesprek met Sanne en Luuk. Maar ik vond het ook heel knap dat zij een pastoor durfden te bellen en die vragen te stellen. Dat vonden ze zelf ook zeker heel knap en stoer neem ik aan. Hun ouders zullen het vast ook heel knap gevonden hebben. Misschien hebben ze het de volgende dag wel heel trots aan hun vriendjes verteld. Later realiseerde ik me dat ze wel een wezenlijke vraag hadden namelijk ‘Vind je het leuk om pastoor te zijn?’ M.a.w.: Ben je blij met wat je doet? Die blijdschap is heel belangrijk vooral voor een pastoor. Zonder blijdschap kun je niets opbouwen en niemand de goede weg wijzen.
Met deze gedachten las ik de maandelijkse nieuwsbrief van bisschop De Korte. Ik wilde zien of hij iets te bieden heeft over dit onderwerp. Ja, ik had zowaar gelijk. Hij zegt, ‘Al geruime tijd kennen wij een grote crisis rond de geloofsoverdracht. Het gevolg is dat onze kerken vooral bevolkt worden door mensen met grijze haren en veel minder door jonge mensen…Juist nu is het belangrijk om het geloof in Gods trouw in ons te versterken en verdiepen. …Niemand komt tot geloof als wij met somber gezicht rondlopen. Als wij zelf de vreugde van het Evangelie laten zien, zal dat hopelijk aanstekelijk worden.’
Blijdschap uitstralen en bewaren is heel belangrijk. Alleen dan zijn wij de echte kerk van Jezus.
Op 19 januari kregen we een goede kans om deze blijdschap te ervaren in Helvoirt. Want op die dag wilde bisschop De Korte de zondagsmis komen vieren in de Heilige Nicolaaskerk in Helvoirt. Wat het zo bijzonder maakte was dat hij dat ons slechts een paar dagen van tevoren had laten weten. De bisschop in onze kerk! Zomaar op de komende zondagsmis! Dat is bijzonder! Dat gebeurde nooit eerder. Als een lopend vuurtje ging het nieuws door Helvoirt. Iedereen die ik in die dagen tegenkwam was heel enthousiast en wilde naar de zondagsmis komen. Het middenkoor bofte er mee en vond het geweldig op die dag te zingen en er waren beduidend meer kerkgangers dan andere zondagen. Iedereen ging ook heel blij naar huis terug. De bisschop nam met een handdruk zelf afscheid van alle gelovigen die aanwezig waren in de kerk.
In de mis waren ook onze misdienaartjes Simon en Maren. Ze waren, gelukkig niet zo onder de indruk van dit hoge bezoek.Maar zij waren wel blij en enthousiast en zij hadden alle aandacht voor de mijter en staf en solideo (het kleine mutsje) van de bisschop. Net voor de viering had Freek van Genugten, de secretaris van de bisschop, Simon en Maren gevraagd goed op te letten wanneer de bisschop zijn mijter heeft en wanneer dat kleine mutsje. Dat was een leuke opdracht voor hen. Maren had heel goed gekeken. Wanneer de bisschop zelf ging praten of anderen gingen praten of lezen had de bisschop de mijter op. Freek zei dat ze dat goed gezien had en legde haar ook uit dat de bisschop het kleine mutsje afdoet als hij het brood en de wijn gaat consecreren als Lichaam en Bloed van Jezus. Dat doet hij uit groot respect voor Jezus.
Blijdschap is een van de belangrijke deugden en ook de vrucht van de Heilige Geest. Betekent dat dat wij nooit iets verdrietigs zullen meemaken als wij geloven in God?
Nee, zelfs in dit nieuwe jaar, dat nog maar net is begonnen, heb ik zelf al zoveel onaangename dingen meegemaakt, zowel in mijn werk als privé. Dat hoort bij het leven. Maar zonder die blijdschap kunnen we niet echt kerk zijn. Daarom is het belangrijk om die blijdschap weer terug te vinden. Blijdschap uitstralen is de enige manier om anderen te laten zien dat wij vaak troost en vrede vinden in het bijzijn van de Heer, door ons geloof. Daarom zegt ook apostel Paulus juist, ‘God heeft een blijmoedige gever lief ’ (2 Kor9:7).
Moge de echte blijdschap heersen in ons leven.
Pastoor James Joseph