Ontstaan van de Kloosterwiel
De Kloosterwiel is vermoedelijk in de 10de eeuw ontstaan als gevolg van een doorbraak van de oeverwal langs de rivier de Waal ten westen van Zaltbommel. De langgerekte vorm duidt erop dat het hier niet om een dijkdoorbraak gaat, die meestal een diep uitgekolkt wielrond gat achterlaat. Een oeverwal is minder hoog en bij doorbraak heeft het water een minder verwoestende uitwerking, zodat een minder diep en meer langgerekt wiel ontstaat. Aan het begin van de 15de eeuw werd op initiatief van de Vrouwe van Brakel aan de oostoever van de wiel een Benedictijner klooster gesticht. Op de fundamenten van dit klooster is in 1406 door Augustijner monniken een nieuw klooster gebouwd. Later, in de 16e eeuw werd het complex op last van hertog Karel van Gelre afgebroken omdat het gebouw werd gebruikt als basis voor aanvallen op de stad Zaltbommel. De restanten van het klooster zijn tegenwoordig helaas niet meer zichtbaar. De wiel en het natuurgebied daaromheen (zie foto) zijn echter nog steeds aanwezig en toegankelijk gemaakt voor wandelaars.
Beheer
Door vrijwilligers van de Natuurwacht Bommelerwaard wordt sinds 1994 het 9 ha. grote natuurreservaat De Kloosterwiel onderhouden. Aanvankelijk was dit gebied eigendom van Staatsbosbeheer; in 1999 is het verkocht aan de gemeente Zaltbommel. Na jaren van achterstallig onderhoud en oprukkende bebouwing was de natuurwaarde van dit gebied deels verloren gegaan. Het intensieve beheer door de Natuurwacht heeft inmiddels een positief effect gehad op de natuurwaarden van het terrein. Om de drie jaar worden de vele honderden wilgen geknot. Het essen-eikenbos wordt gedund, paden worden onderhouden en rommel wordt opgeruimd. Vrijwilligers inventariseren tevens de rijkdom aan flora en fauna.
tekst: Natuurwacht Bommelerwaard
Foto: Dirk Muller; Kloosterwiel september 2011