Auteur: Mieke Tromp-Meesters
Excursie Kil van Hurwenen op 26 juni 2011
Om kwart over zeven gingen we met z’n zessen op pad: Beppie Schothorst, Jan Heins, Harry Kolman, Dirk Muller, John van de Werken en Mieke Tromp Meesters. Eerst werd ik door Dirk opgehaald; Harry zat bij hem in de auto. Bij het Esso station kwamen Beppie en Jan erbij en John kwam met zijn eigen auto naar het startpunt aan de dijk richting Hurwenen, bij de Roerdompweg.
Het beloofde een prachtige dag te worden, maar gelukkig was het zo vroeg nog niet te warm.
Voor Jan en John was het de eerste keer dat ze meegingen en het werd al direct een vuurdoop voor Jan: Beppie en Dirk doken enthousiast de berm in en hadden daar gerust 30 minuten met de plaatselijk flora aan de slag kunnen gaan. Bij het uitstappen hoorden we de koekoek, de tjiftjaf en een fazant in de verte. We gingen echt op pad na de eerste opname van Dirk en Beppie, met o.a. de vertakte leeuwentand, een madeliefje, rolklaver, duizendblad, margriet, Jacobs kruiskruid, kleine klaver en Canadese fijnstraal. We liepen de verharde weg af, waarbij John als enige een ree zag wegschieten. In de verte graasde een familie grauwe ganzen op z’n gemak in het weiland. We gingen een bosje in, waar bevers actief zijn. We zagen veel sporen van de bevers, maar de dieren zelf lieten zich niet zien. Ons wandelpad werd af en toe gekruist door een wildwissel of een oversteekplaats van bevers: duidelijke sleepsporen van afgeknaagde stammen.
We zagen wel de nodige vogels onderweg langs en in de plas: een heggemus, scholekster, winterkoninkje, lepelaar, kleine karekiet, fuut, nijlgans, grutto, fitis, grote bonte specht. Ons gezelschap is opgedeeld in twee plantenexperts – Beppie en Dirk -, vogelkenners – Harry, John en Mieke – en Jan is overal voor in. Hij schreef ijverig mee. Voor John is ook alles interessant: hij gaat Dirk bijstaan als gids van de excursies en wil graag nog het nodige over landschapsontwikkeling en geschiedenis van Dirk te weten komen.
Nadat we uit dat mooie bosje waren teruggekomen, liepen we door voormalig weiland dat nu al een prachtige gevarieerde ruigte was geworden. Daar zaten het mannetje en vrouwtje van de rietgors prachtig zichtbaar te zingen. Grutto’s vlogen over ons heen, en de zwarte stern vliegt met een duikvlucht over een zijarm van de Waal; de gierzwaluwen lieten ook van zich horen. We wisten een sprinkhaan te vangen, die door Harry mooi op de foto werd gelegd: nadere bestudering door Dirk op basis van deze foto wees uit dat het om een krasser gaat – de veldsprinkhaan.
Dirk loodste ons naar een plekje waar hij voorgaande jaren een mooie verzameling Engelse alant wist te staan. Helaas was de plant nu in geen velden of wegen meer terug te vinden. Waarschijnlijk was het ten prooi gevallen aan het hoge water, waarbij er een stuk van de oever bij het hoge water was afgekalfd. Verderop op de dijk langs de Waal stonden we wel middenin velden vol kruisdistel: erg mooi maar ook stekelig – opletten met lopen dus. Aan de oever van de Waal trippelde een kleine plevier. We zien en horen ook de veldleeuwerik; op het strandje lopen de kleine mantelmeeuw en de kokmeeuw.
Inmiddels waren we al ruim 3 uur onderweg en een klink eind van de auto’s verwijderd. John had een sport afspraak om half een en dus gingen we in flinke wandelpas terug.
Het was weer een fraaie excursie geweest, met veel, heel veel verschillende plantensoorten. Dirk heeft ze allemaal op Waarneming.nl gezet, maar een paar bijzondere soorten moeten hier toch zeker worden vermeld: grote centaurie, groot warkruid, wede, late stekelnoot, blaassilene, beemdooievaarsbek, zomerfijnstraal en hertsmunt.
Beemdooievaarsbek, foto: Dirk Muller
Hertsmunt, foto: Dirk Muller