10 juni 2011
De wekker loopt om 08:00 u af. Het zijn ongeveer 3½ km lopen naar Santa Maria degli Angeli. Uit voorzorg hebben we allebei onze regenjas meegenomen.
Het is eigenlijk één lange rechte weg naar het stadje waar een immense basiliek staat.
We lopen over een mooi pad waar namen op de klinkers staan, van mensen over de hele wereld. We weten niet wat de betekenis hiervan is. Het is mooi weer, de regenjassen zullen dus wel overbodig zijn.
In Santa Maria degli Angeli aangekomen gaan we ontbijten bij een barretje. Koffie met een croissantje.
Dan zien we twee bekende gezichten aan de overkant van de weg: Angelica en Beatrix. Het is een leuk weerzien. Al gauw worden de belevenissen van de laatste wandeletappes verteld: de regen, de modder etc.
Samen lopen we naar de basiliek die aan de buitenkant al grote indruk maakt. Aan de zijkant waar wij lopen is een groot waterbekken waar vanuit zogenaamde “waterspuwers” constant water in loopt.
Aan de ingang van de basiliek ligt een groot plein. Ze hebben het hier goed geregeld, waar meestal zo’n plein vol staat met souvenirkraampjes is het plein hier leeg. Er zijn wel kraampjes, maar die staan op een ander plekje naast de weg.
De voorgevel van de kerk doet een beetje aan een paleis denken, met zuilen en daarachter een galerij met de grote deuren. Boven op het gebouw staat een imposante koepel, die vanuit de verte, en dus ook vanuit Assisi heel goed te zien is.
Basilica di Santa Maria degli Angeli betekent basiliek van Onze Lieve Vrouw van de engelen.
Maria is nadrukkelijk aanwezig, boven op de voorgevel staat een verguld bronzen beeld van de Heilige Moeder van Jezus.
We gaan naar binnen en komen in een immens grote ruimte. Het gebouw is geheel wit van binnen, en in vergelijking met andere basilieken vrij eenvoudig zonder veel decoraties. Maar in de zijkapellen zijn wel weer veel schilderijen te zien van grote meesters uit de tijd dat de basiliek gebouwd werd. Een indrukwekkend gebouw!
Midden onder de grote koepel staat de Portiuncula, een kapelletje dat als bakermat van de orde van de Minderbroeders diende. In de tijd dat Franciscus leefde lag het kapelletje midden in een groot bos, zo’n 3 km van Assisi. Het was eigendom van de orde van de Benedictijnen. Toen Franciscus pauselijke goedkeuring kreeg voor zijn orde van de Minderbroeders kreeg hij het kapelletje geschonken van de Benedictijnen. Franciscus en zijn metgezellen restaureerden de vervallen kapel, waar bewijzen van zijn dat ze in het jaar 1045 al bestond. Er is echter ook een legende dat de kapel uit de 4e eeuw dateert.
Natuurlijk is deze kapel het middelpunt van de grote basiliek, immers dit gebouwtje ligt ten grondslag aan het grote bouwwerk dat er later overheen kwam.
In het kapelletje zijn enkele mensen in gebed. Iedereen heeft zo zijn eigen reden om hier te bidden. Wij gaan ook even zitten in dit mystieke bouwwerk.
Als er toch al honderden jaren mensen hier naar toe komen om te bidden en Franciscus om een gunst vragen, dan moet dit toch een bijzondere plek zijn.
Er wordt een Hl. Mis opgedragen achter het kapelletje bij het priesterkoor in de basiliek. Dit gedeelte is afgesloten met een dik koord. Je voelt dat de mensen hier intenser deelnemen aan een eucharistieviering. Dat is bij ons toch wel anders.
Franciscus stierf in 1226 in de Transito-kapel, die schuin achter de Portiuncula ligt. Deze kapel was oorspronkelijk een klein gebouwtje dat diende als verblijfplaats voor zieken.
We bezoeken de rozentuin en zien we ook een cel waar Franciscus veel tijd door bracht met bidden, slapen en boetedoening. Er zijn veel legendes over de laatste levensperiode die Franciscus hier doorbracht, zoals het “praten” met duiven, en rozen die spontaan hun doornen verloren toen de heilige zich in de rozenstruiken wilde storten toen hij stervende was.
Na de dood van Franciscus werd de Portiuncula al snel een pelgrimsoord. De toestroom nam elk jaar toe. In de 16e eeuw werd door de toenmalige paus besloten om een basiliek om het kapelletje te laten bouwen. De bouw van de basiliek duurde ruim een eeuw. Het resultaat mag er zijn.
Terug in de kerk nemen we voor even afscheid van Angelica en Beatrix. Wij gaan naar het station om treinkaartjes te kopen voor de reis naar Pisa die morgen op het programma staat. We spreken af om vanavond samen te gaan eten.
Als we de basiliek uit lopen zegt Jack tegen een toezichthoudster dat de wijwaterbakken wel erg hoog hangen. Je komt nauwelijks aan het water. Ze lacht bevestigend.
Op het station moeten we nog even wachten, het loket is nog gesloten. Nadat we de kaartjes gekocht hebben lopen we terug naar Assisi.
We zien het stadje voortdurend voor ons liggen op de heuvel. In Assisi brengen we nog een kort bezoek aan Franciscus. Daarna gaan we op advies van de dames naar de Chiesa Nuova. Deze kerk, die dicht bij ons hotelletje ligt, is in het begin van de 17e eeuw gebouwd op de restanten van een huis dat waarschijnlijk het ouderlijk huis van Franciscus was. In de kerk is een kerker te zien, waarin de heilige een tijdje werd opgesloten door zijn ouders.
In een aangrenzend pand zou Franciscus zijn geboren.
Daarna gaan we naar een reisbureau waar we advies vragen voor een overnachting in Pisa. Het is immers Pinksterweekend en dan kan het druk zijn in die stad. De vriendelijke man helpt ons uitstekend, hij geeft ons enkele adressen en een kopie van een plattegrond. We reserveren een kamer in hotel Minerva.
Zoals afgesproken gaan we ’s avonds uit eten met Angelica en Beatrix. We eten bij een klein restaurantje dat in een smalle steeg ligt, lekker buiten op het terras. We komen ook meer te weten over beide dames. Angelica komt oorspronkelijk uit München, maar woont nu in het Schwarzwald. Beatrix is geboren in het Zwitserse Basel, maar woont tegenwoordig ook in het zuiden van Duitsland. Het wordt een fijne avond.
Na het eten lopen we naar het pleintje voor de Chiesa Nuova waar een popbandje speelt. Best aardig, je hoort dat de muzikanten een redelijk niveau hebben. Ze spelen voornamelijk covers. Daarna nemen we afscheid van de beide sympathieke pelgrims; zij zijn echt met de pelgrimsgedachte aan de tocht begonnen.
Wij lopen nog even een rondje door Assisi, het stadje ligt er inmiddels verlaten bij. De dagjesmensen zijn alweer naar een andere bestemming. We drinken nog een laatste glas op het plein. Daarna gaan we ook slapen.
Meer foto's:
Lees verder Pisa