Als we bij elkaar zitten om het boek te bespreken blijkt dat er twee versies van het boek zijn. Een korte en een lange versie. We hebben dus min of meer twee verschillende boeken gelezen. In grote lijnen gaat het boek over Nazar Tsjagatajev na vijftien jaar economiestudie in Moskou op zoek naar zijn moeder ergens in de volstrekt onherbergzame woestijn van Centraal-Azië, zelfs ‘in de steek gelaten door het briesje’ dat hem tot dan vergezeld had. Maar hij zet door, hij heeft nu eenmaal besloten ‘op zijn geboortegrond een wereld van geluk te grondvesten, anders begreep hij niet wat hij aan moest met zijn leven’. Het volk dat hij het geluk wil brengen heet Dzjan, wat ‘ziel of leventje’ betekent, ook wel ‘het vermogen om te voelen en te lijden’, ‘dat was hun hele bezit’. De groep mensen woont ver verlaten van iedereen in de woestijn en zonder middelen van bestaan op de grens van leven en dood. (men eet vochtig zand) Tsagatajev ontmoet zijn moeder weer en probeert de mensen moed in te spreken en samen hun leven wat dragelijker te maken. Het lukt Nazar uiteindelijk zijn Dzjan terug te voeren naar Sary-Kamysj, aan de voet van de Oest-Oert. Hij bouwt vier stevige huizen, waarvan er een zelfs van een kachel is voorzien. Om de winter door te komen ontvangen ze van het Centraal Comité van de partij hulpgoederen uit Tasjkent. Eind goed, al goed. Maar zo is het niet.
In de bespreking kwam vooral de schrijfstijl en werd het sprookjesachtige van de gebeurtenissen genoemd. De beschrijvingen van de situatie van de mensen zijn zo onwerkelijk en vreemd dat je denkt met een niet reëel verhaal te maken te hebben. Het is onwerkelijk hoe deze mensen leven van nauwelijks water en eten. De personen zijn niet erg uitgewerkt. Naast Tsjagatajev speelt een jong meisje Ajdym een leidingevende steunende rol voor de andere mensen van het volk. Maar ook van haar kom je weinig te weten. Opmerkelijk en zeer mooi zijn de beschrijving van de natuur, de planten en dieren.
Maar het boek blijft uiteindelijk vreemd en niet makkelijk te begrijpen. De vragen die overbleven gingen over de versies en de positie van de schrijver ten opzichte van het communisme. De korte versie eindigt in de woenstijn/ het berggebied waar de mensen nadat ze zijn gevoed door de uit Tasjkent aangevoerde levensmiddelen vanuit het huis wegtrekken naar verschillende richtingen op zoek naar geluk. De lange versie eindigt erin dat het volk naar de stad Moskou trekt en in een betere levenssituatie terecht komt. Het is onduidelijk wat de eerste of originele versie is.
Duidelijk is dat Platonov moest dealen met de voorschriften van de overheid. Veel van wat hij schreef werd niet gepubliceerd. Dzjan werd pas in 1964 gepubliceerd in de korte versie en werd vele malen herdrukt. In 1978 verscheen de tweede lange versie als enige echte versie. Met name in de eerste versie heeft de overheid namen en situaties veranderd.
Platonov die technisch ingenieur was en aan een schrijversloopbaan zocht erkenning als schrijver. Maar hij had te maken met de veranderende verhoudingen in de nog jonge idealistische communistische staat. In de secundaire literatuur wordt gezocht naar redenen waarom hij zo de kwetsbare kant van de Russische samenleving wil laten zien. Mensen hebben bijna niets, maar ook dat bezit dreigen ze te verliezen in de onafzienbare ellende waarin men moet zien te overleven. Platonovs hoofdpersonen bevinden zich vrijwel altijd in een diepe crisis. Oorzaken van allerlei aard hebben hen op een soort existentieel nulpunt gebracht. Als je Platonov gaat lezen, begeef je je in een wereld die wankelt of ronduit zinloos is, maar die heel misschien toch nog zin kan voortbrengen. Je wandelt mee met berooide mensen door armzalige dorpen en streken en af en toe vang je onverwacht en kortstondig de blik op van iets wat hoopvol stemt. Mogelijk probeert Platonov te laten zien dat de mensen zich door de ellende gedrongen voelen, om te kiezen tussen alles of niets, goed of kwaad, hoop of vertwijfeling. En is het de taak van Tsjagatajev al die fysiek en mentaal uitgeleefde lichamen te bezielen en hen te motiveren voor de universele heilsstaat. De korte versie echter eindigt echter met het uiteengaan van de mensen die ieder hun eigen geluk gaan zoeken. Persoonlijk leven en heilstaat botsen met elkaar.
Voor de lezer is dit een onwaarschijnlijk verhaal. Het vertelt over vier kinderen in een afgelegen gebied in Groningen dat het 'Ruige Land' wordt genoemd. Na het overlijden van haar man blijkt hun moeder grote moeite te hebben om het gezin draaiend te houden. Zij ontloopt voortdurend haar verantwoordelijkheden, werkt het gezin steeds meer in de schulden en verdwijnt vaak voor lange periodes van huis. De vier kinderen in leeftijd tussen 8 en 15 jaar Kai, Kurt, Shirley Jane en Deedee waren soms weken alleen in huis en op het terrein zonder dat er volwassenen zich met hen bemoeiden. Het vrije leven in en rond het het huis lijkt voor deze kinderen een groot en speels avontuur. Maar, en Auke Hulst vertelt hier over in het programma de wandeling, zorgde deze grote vrijheid ook voor stress en spanning in het kinderleven. Want als moeder weer thuis was van een mysterieuze reis, observeerden de kinderen hoe ze omging met de mannen die haar opzochten en zagen ze hoe ze omging met de vele aanmaningen en schuldpapieren die zonder te openen in een grote kist werden gegooid. De schrijver laat zien hoe hij en zijn broer in zijn studententijd vervreemd is van de wereld en niet goed met leeftijdgenoten weet om te gaan. Met dit autografische verhaal verwerkt de schrijver deze geschiedenis en probeert hij de balans op te maken van wat die vrije leven voor hem en zijn broer en zussen betekent heeft. Met name het deel waarin hij beschrijft hoe hij zijn moeder ophaalt in Zuid Frankrijk waar zij een soort zwerversbestaan leeft is verwarrend en vreemd. Wat maakt dat een moeder haar rol niet op kan pakken en wat doet dat met het zelfvertrouwen en levenskeuzes van kinderen?
Dit boek riep heftige discussies op tijdens de bespreking. Voor een deel van de groep maakte deze sterk autobiografische roman diepe indruk. Ondanks het trieste gegeven van de situatie is het een allerminst eenduidig verhaal over verwaarlozing en de gevolgen daarvan. In sprankelende stijl, op vaak komische toon, beschouwt Kai zijn chaotische leven en dat van zijn familieleden. Met de lichtheid en onbevangenheid die zo uniek is voor de kindertijd. Dit boek bewijst dat een situatie nooit zwart-wit is en dat schuld een betrekkelijk begrip is. Anderen waren waren niet louter positief en vonden het meer een opsomming van gebeurtenissen zonder een duidelijk romanthema of het moet het thema 'verre land' zijn. Een derde groep las het boek als een verwerking. Bij deze lezers stond het geraakt en geschokt zijn van wat werd vertelt op de voorgrond. En vandaar uit kwamen we op vragen over hoe het is om een maand zonder volwassenen in de omgeving te leven en of deze vrijheid juist fijn is voor je zelfstandigheid en ontwikkeling. Je zou dezelfde gebeurtenissen net zo goed kunnen zien als verwaarlozing van relatief jonge kinderen en schokkend dat de school en de mensen in het netwerk niet ingrepen zodat er hulpverlening zou kunnen worden ingezet.
Kortom een boek dat veel verschillende kanten heeft en veel vragen op roept. Bekijk hier de uitzending van De Wandeling.
Dit dikke boek van meer dan 500 pagina's gaat over Aaron Bachman en zijn vader en moeder. Nadat zijn vader voor de deur een man heeft doodgeslagen, blijft hij alleen achter met zijn moeder. Een vrouw die onmachtig is om van haar kind te houden en hem haar ellendige leven verwijt. Als dan ook nog zijn oma overlijdt, lijkt hij volkomen alleen op de wereld te staan. Hij woont in Vlaardingen, heeft een Surinaams vriendje, vrijt al op jonge leeftijd met een buurmeisje, en zijn schoolwerk lukt niet echt. En hij heeft nachtmerries. Om die de baas te kunnen, schrijft hij zijn demonen van zich af, in schriftjes die hij onder zijn matras verstopt. Toch zijn er ook mensen die hem niet loslaten: zijn opa in Japan, Broere zijn oud-muziekleraar en Art, de eigenaar van de hondenkennel waar hij een klein baantje heeft, zijn kickboksleraar die hem discipline en zelfrespect bijbrengt. Alex Boogers schreef zo vonden we een roman over een wereld die we niet goed kennen. De wereld van de straat, van het onvermogen om emoties te verwoorden of behoeften uit te spreken. Het gaat niet de mooie mensen in de bladen, maar de wereld van simpele baantjes, weinig geld en overleven. Juist dat is de meerwaarde van het boek. Omdat hij uit deze wereld komt, en het goed op kan schrijven raakt hij de lezer met een van binnenuit beleefde intensiteit: rauw, gemeen, schurend en tegelijk poëtisch en hoopvol. Wel vonden we de gebeurtenissen soms wat te schematisch. De moeder die nooit een goed woord over had voor haar zoon gaat door haar ziekte wel met hem praten. Het vriendinnetje blijkt een positieve invloed te hebben op de stappen in zijn leven. Dan laat de schrijver zien dat ook hij zoekt naar hoe het komt dat hij wel uit zijn milieu is weggegroeid. In de gesprekken met de schrijver die op internet te vinden zijn verwoord hij misschien nog wel beter dan in zijn boek hoe het is om in de arbeiderswereld en de wereld van de schrijvers te verkeren. Hij vertelt hoe zijn ouders zich optutten voor een concert van Lee Towers dat wordt aangeboden door het werk van de vader. Maar al na 10 minuten van hun vertrek zijn ze al weer thuis. In de auto hadden ze bedacht dat zo'n concert niets voor hun soort mensen was. Zie
Daniel Kehlman is een van de meest gelezen schrijvers in Duitsland op dit moment. We lazen van hem eerder De wereld meten. Het boek Tijl speelt zich af tijdens de dertigjarige oorlog en de schrijver gebruikt de fictieve figuur van Tijl Uilenspiegel om iets te vertellen over deze tijd, de maatschappelijke verhoudingen, de beleving van tijd, hemel en hel. Naast Tijl is er allereerst een rol weggelegd voor koning Friedrich V en koningin Elisabeth van Bohemen die al snel na de installatie moeten vluchten en zonder status en geld door Europa zwerven. En een belangrijk persoon is de Jezuiet Kircher die betrokken is bij het proces en de gerechtstelling van de vader van Tijl - Claus Uilenspiegel die als een amateur onderzoeker gezien wordt alsof de duivel in hem werkzaam is.
Het boek hebben we met plezier gelezen, omdat het goed geschreven is en je helemaal in deze tijdperiode wordt ingezogen. Een paar scenes sprongen er uit: de komst van het circus van Tijl in het dorp waar het boek mee begint. Dan de jeugd van Tijl en het heksenproces tegen zijn vader. Tenslotte ook het stuk waarin een ambtenaar van de Keizer van Wenen de opdracht krijgt om Tijl op te halen in een klooster. Soms is het lezen ook lastig en wordt je als lezer behoorlijk aan het werk gezet. Kehlman schrijft geen doorlopend verhaal, maar losse afgebakende hoofdstukken, waarbij steeds een ander persoon de hoofdrol heeft.
Het boek veronderstelt enige kennis van de dertig jarige oorlog en de religieuze groepen, de onderlinge culturele verhoudingen en gebruiken van de adel, maar ook iets van het dagelijks leven van gewone burgers en de mensen die voor hun inkomsten op reis zijn zoals de scharenslijpers en artiesten. Het is daarom zinvol om naast het lezen van de hoofdstukken (en zelfs twee keer lezen) ook wat achtergrondinformatie te verzamelen. Kehlman geeft zelf in een lang gesprek ook een toelichting bij zijn overwegingen om het boek zo te schrijven in een uitzending vanuit de Buchmesse. Zie verder Winterkoning
Pierre en Rachel beleven een korte maar intense affaire in de jaren vijftig. Zij raakt zwanger, maar hij wil niet trouwen omdat hij niet onder zijn klasse wil of kan trouwen en zij joods is. En zo duurt het lang voor hij het kind erkend. Het is in dit boek de dochter Christine die terugblikt op haar jeugd en de relatie met haar moeder Rachel. Ze doet dat met een zekere afstand maar toch heel gedetailleerd en zeker niet zonder liefde. Duidelijk is dat het leven voor een alleenstaande moeder niet makkelijk was en steeds komt de afwezige vader en het wel of niet erkennen van de dochter terug in het verhaal. In het slotdeel komen de puzzelstukjes bij elkaar en wordt duidelijk waarom de moeder en de dochter lange tijd geen contact met elkaar hebben gehad. N.l. wanneer duidelijk wordt dat de vader zijn dochter als tiener heeft misbruikt en hoe dit doorwerkt in de relatie tussen moeder en dochter.
Als je dit boek leest heb je lange tijd niet goed door waar het om draait of waar het naar toe gaat. Het is beschrijvend, intiem totdat de dochter in gesprek met de moeder in een Parijs café haar analyse van de gebeurtenissen geeft. Dan is ze heel scherp en geeft een keiharde analyse van de maatschappelijke verhoudingen die ook nog steeds in Frankrijk bestaan. Angot heeft zo lezen we in de recensies al eerder in boeken openlijk verteld over het misbruik door haar vader. In deze biografische roman doet ze dit opnieuw.
‘Weet je dan niet dat hun slag mensen niets met de waarheid te maken wil hebben. Absoluut niets.’ ‘Denk je dat?’ ‘Ja. Helemaal niets. Het is hun probleem niet. De waarheid is datgene wat ze zelf verkondigen. Niet datgene wat waar is.’ ‘Dat zou kunnen.(..) Hij heeft het fundamentele taboe doorbroken dat ouders verbiedt seksuele relaties met hun kind te hebben. Het mocht dan wel een fundamenteel taboe zijn, dat maakte hem niets uit. Hem niet. Alsof hij niet mijn vader en ik niet zijn kind was. Hij stond daarboven, boven jou, boven ons, en boven de sociale regels in het algemeen. Met inbegrip van de fundamentele sociale regel, dus heel hoog verheven boven alles. Een taboe negeren dat op iedereen van toepassing is, is meteen de hoogste onderscheiding. p 95.
De mening van de groepsleden over dit boek was divers, maar gaandeweg de bespreking groeide de waardering. Steeds meer gingen we ons afvragen waarom ze het boek heeft geschreven zoals ze het geschreven heeft. Wat ze wilde bereiken. Ze schrijft eigenlijk nauwelijks over het misbruik, maar legt in het slotdeel alle accent op de arrogantie en het boven elke waarheid en taboe verheven gedrag van de vader. Daarmee psychologiseert ze niet over de gebeurtenissen en het foute gedrag van deze specifieke vader, maar zegt ze iets het gedrag van mensen in de zogenaamde 'hogere klasse' die zich van alles permitteren en over maatschappelijke verhoudingen in deze tijd van neo-liberalisme. Iets wat niet vaak meer wordt verwoord. Misschien is dat de reden dat dit boek in Frankrijk een bestseller is geworden. De onmogelijke liefde is die tussen moeder en dochter die elkaar dreigen kwijt raken door het gedrag van de vader, maar ook die tussen een vader van een andere 'klasse' als die van de moeder. Wij gaven het boek 3 tot 4 sterren.
Zie de recensie van Joke Hermsen