Hier ligt een bos met vooral zomereik en de ruwe berk, typisch voor de droge en voedselarme Kempische zandgronden.
In de onderlaag vind je lijsterbes, sporkehout en twee inwijkelingen uit Noord-Amerika: de Amerikaanse vogelkers en het Amerikaans krentenboompje. Het krentenboompje is heel mooi in de herfst door de prachtig roodgekleurde bladeren.
De Amerikaanse vogelkers is een lastige klant. Vroeger werd die soort in onze bossen gebracht om de strooiselkwaliteit te verbeteren. Maar later bleek dat de Amerikaanse vogelkers zich heel snel verspreidde. Veel bosbouwers en natuurbeheerders willen de vogelkers weg. Anderen hebben een meer genuanceerde kijk op het boompje.
In het loofbos vinden we
als bomen
zomereik
Amerikaanse eik
berk
en als ondergroei
vogelkers
lijsterbes
en op de bodem
verschillende mossoorten
bosbes