In 2004, manipulatie door Boudewijn Deckers-fractie (PVDA), om te kritische leden politiek en organisatorisch te elimineren en zo revisionisme te beschermen.
In “Kapitalistische belangen ideologisch en politiek beschermd door OBJECTIEVE burgerlijke alliantie van uiterst rechts tot uiterst (reformistisch) links.“ beweer ik het volgende: De OPEENVOLGENDE LOONS-verlagingen (begonnen 35 jaar geleden met de eerste indexsprongen begin jaren '80) “creëerden” “Sociale Zekerheid-tekorten”. Hiervoor volgend OOK opeenvolgende besparingen. Voor (slechts) de ALLERLAATSTE besparingen in de sociale zekerheid progageert de PVDA de “vermogenbelasting”. Met dit op stemmenwinst gericht populisme. In feite BESCHERMT men met dit populisme ..... de belangen van de burgerij(of beter gezegd van de kapitalistenklasse). REFORMISTEN (zoals de PVDA) vervullen zo hun BURGERLIJKE OPDRACHT, door NIET de strijd te richten op de grondoorzaak, het kapitalisme.
Nu, ik stelde ooit (in 2002) voor om het geheel van de opeenvolgende besparingen van de verschillende regeringen en de aantoonbare band met de richtlijnen van de verschillende EU-instanties te analyseren, als het verhogen van de uitbuitingsgraad van de Belgische(of eigenlijk, Europese) werkers. Dit ter vervanging iedere keer enkel
1999, ideologische aanval op revolutionair karakter van PVDA door verburgerlijjkte kaders, geholpen door "dogmatische verblinding" bij veel leden.
In 07-01-16 Waarom ik lid werd van de PVDA, “in het fabriek ging werken” en op basis welke ideologische opvattingen ik die keuzes maakte. vertel ik hoe ik tot mijn keuze kwam om communist te worden en om hiermee in overeenstemming mijn leven te richten. Een zelfstandige studie van teksten van Marx, Lenin en Mao Zedong en met een serieuze poging die analyses te plaatsen in hun historische context behoedde mij (achteraf gezien) voor een hardnekkig dogmatisme dat (ook achteraf bekeken) toch wel heerste bij véél kameraden in de PVDA (waarin ik in 1979 toetrad). Veel kameraden (zo is dat NU pas echt duidelijk voor mij) putten hun "marxistisch inzichten" uit analyses van kaders gemaakt aan de hand van CITATEN UIT werken van Marx,Lenin, Stalin, Mao,.... Als ze dan al eens een marxistisch werk ter hand namen, lazen (en studeerden) zij alleen de aangegeven stukken (waaruit de citaten dan kwamen). Deze kameraden waren dan ook niet gewapend tegen de ontaarding die verschillende van die kaders ondergingen, dezelfde kaders die vroeger dan ongeveeer de status hadden van "partij-ideologen". (Een goed voorbeeld van zo'n kader is Boudewijn Deckers, kort gevolgd door bijvoorbeeld Herwig Lerouge,....)
Dat soort kaders waren verantwoordelijk voor de zogenaamde Resolutie van 1999 zoals u kunt lezen in 12-01-16 1999: PVDA plant vanaf dan, elke “strijd”-campagne in functie van IMAGO-verbetering. Wat met haar revolutionair karakter dat mij deed toetreden in 1979? Moest het algemeen heersend dogmatisme niet zo hebben gewoekerd bij veel van (toen) mijn kameraden in de PVDA dan was "herstel nog mogelijk" geweest, zoals ik vermeld in de titel in 14-01-16 Met Resolutie van 1999 zette PVDA 1e stap van leninistische partijopvatting naar reformistische partijopvatting. Herstel was nog mogelijk.... Nu was de concrete realiteit wispelturig zoals u kun lezen in 24-01-16 Paradoxaal: dogmatisme van Resolutie van 1999 zet PVDA op weg naar reformisme. Maar dogmatische “LEZING” van resolutie “beschermt nog even haar revolutionair karakter”.
Het is ironisch dat onder leiding van de later verguisde en buitengezette Nadine Rosa-Rosso dat de overgang naar puur electoralisme juist nog wat werd afgeremd. (hoewel niet echt tegengehouden zo bleek later...). De brochure "Omkeren - een dwarse kijk op paarsgroen" concretiseerde deze "poging" zoals ik uitleg in 26-01-16 “Omkeren – een dwarse kijk op paarsgroen” (2000), een poging om zowel het revolutionair karakter PVDA én het electoralisme van Resolutie van 1999 te waarborgen.
In 13-02-16 1mei-speech in 20000, Nadine Rosa-Rosso: Bezorgdheid om behoud revolutionair karakter PVDA, maar toch de (naar reformisme leidende) Resolutie van 1999 toepassen. leest u hoe in de 1 mei-speech die toenmalig Algemeen Secretaris van de PVDA, Nadine Rosa-Rosso in 2000 hield, aan de ene kant een lans wordt gebroken voor het revolutionair karakter van de PVDA, ondermeer door het gebruik van de brochure in de komende verkiezingscampagne, maar ook wordt gepleit voor de toepassing van de Resolutie van 1999. De zin “Wij moeten erkennen dat een vermindering of een vermeerdering van ons stemmenaantal een oordeel inhoudt over de kwaliteit en de hoeveelheid van ons werk.” in het laatste deel van haar speech, betekent in feite een capitulatie aan het revisionisme dat bepaalde kaders bewust IN de partij wilden binnenbrengen. (hetgeen hen na 2004 uiteindelijk is gelukt)....en waarbij Nadine Rosa-Rosso uiteindelijjk UIT de PVDA is gezet door de “zichzelf benoemde nieuwe leiding” (olv Boudewijn Deckers ...en Peter Mertens.)
Hardnekkig dogmatisme, heersend bij veel PVDA-kaders en -militanten, maakte hen blind voor de pertinente revisionistische oriëntatie van Resolutie van 1999. In 14-03-16 Na gemeenteraadsverkiezingen 2000: van proletarische klassenpositie, via de kleinburgerij, naar burgerlijke klassenpositie...in 2004 wordt de ontwikkeling geschetst van een kader , Kris Hertogen, ooit verantwoordelijk voor de werking van de partijmilitanten in de bedrijven en in de vakbonden en het optreden van de PVDA in de klassenstrijd en met een schijnbaar stevige proletarische klassenpositie naar een burgerlijke klassenpositie wegens een door dogmatisme gedreven "blindheid" voor revisionistische ontaarding.
Elementen van "voorgeschiedenis"
Als communistisch arbeider...
Een nog verder uit te werken document met links naar nota's, rapporten, artikels in Solidair die ik schreef, o.a. over mijn werk in de fabriek, hoe ik mijn engagement als communist trachtte in te vullen, ook daar de rapportering van, mijn kritieken op zaken waarvan ik vond dat ze verkeerd begonnen te gaan in de partij....... Werkdocument met de verwerking van alle beschikbare documentatie
de klassen-striijd te richten op (alleen) de LAATSTE besparing. Dit voorstel werd afgewezen als zijnde “economistisch” (reformistisch)Is mijn beschuldiging (reformisme) nu juist...of was de beschuldiging (“economisme” dus ook eigenlijk reformisme) in 2002 op mij juist?Even wat voorgeschiedenis in “Wordt de ideologie van AMADA (1970), op9e PVDA-congres (2015) gewist uit collectief geheugen?(1)“In 1978 nam ik twee beslissingen:ik trad toe tot de PVDA (via een aanvraag om lid te mogen worden door het volgen van een kandidatencyclus) én ik besloot definitief als arbeider te gaan werken (en wilde de keuze van welk bedrijf laten afhangen van een gesprek hierover mét de PVDA).Ik had ooit “Het Kapitaal” van Marx gelezen (in feite slechts deel 1, dus “Het Kapitaal (deel 1)”, het enige dat in het Nederlands was vertaald) en later “Staat en Revolutie”.van Lenin.... In het programma van de PVDA (uit AMADA voortgekomen in 1979) vond ik analyses, conclusies en programma-punten die het meest overeenkwamen met hetgeen ik had gelezen bij Marx en Lenin. Dit in vergelijking met andere organisaties die zich op het marxisme en op noodzaak van revolutie beriepen.Nu ik bepaalde inzichten had verworven, moest ik wel, als ik ideologisch consequent wilde blijven met die verworven inzichten, communist worden én gaan werken als arbeider (liefst in een groot productiebedrijf)... hetgeen ik dan ook deed!In “Wordt de ideologie van AMADA (1970), op 9e PVDA-congres (2015) gewist uit collectief geheugen?(2)” maak ik de beschuldiging verder concreet, dat de poging NU, VANDAAG van de PVDA om de leiding te verwerven van het “sociaal verzet” tegen de recente regeringsmaatregelen gebeurt op basis van louter een beschrijving van “de aanval tegen de lonen”. Deze “beschrijving” van de LAATSTE besparingen op het loon maar met wat “historische” verwijzingen betekent nog niet dat er een marxistische analyse wordt gemaakt. En uiteindelijk leidt zij juist tot de “oproep” om te strijden “tegen elke indexsprong en voor het recht op collectieve loonsverhogingen”.Als vroeger zo'n “analyse” en “strijdplan “ een artikel zou verschenen zijn in wat men zou noemen “trotskistisch” weekblad, zouden de militanten (bv voorbeeld op basis van een vorming uit “De geschiedenis van de Communistische Partij van de Soviet-Unie (bolsjeviki)” (EPO had voor de studie en vorming van de partijleden zelfs een eigen druk gemaakt van dit boek) over het ECONOMISME.“Jamaar”, zullen Boudewijn Deckers en Peter Mertens (huidige nationale leiders van de PVDA) zeggen,”Nico, één van de redenen waarom je in 2005 uit de PVDA was gezet, was juist het propageren van een economistische lijn, het willen opleggen van een economistische lijn aan de partij!”En inderdaad, in een kritiekrapport (globaal handelend over al mijn voordien ingediende rapporten) gemaakt in opdracht van de zich toen reeds ontwikkelende “fractie Boudewijn Deckers” kan u lezen ( de “gekleurde” citaten zijn door mij gekleurd al naargelang de oorsprong uit een bepaald rapport van mij): “Het noodzakelijk buigen voor de economische eisen, dat is het precies wat Lenin economisme noemt! Snapt N wel dat de manier waarop hij "strijd voor loon " en "huisvesting" stelt hem juist in deze richting duwt?”In “Wordt de ideologie van AMADA(1970), op 9e PVDA-congres (2015) gewist uit collectief geheugen?(3)” leg ik uit, mét concrete feitelijke argumenten over gevolgde strategie van revisionistische PVDA-kaders. Ik toon aan welke subtiele perverse “strijdmethode” gehanteerd werd in 2004-2005 tegen partijleden die het revolutionair karakter van de PVDA wilden vrijwaren. Men probeerde ze, OF te doen zwijgen, door ze een “statutair” blind activisme op te leggen, OF ze buiten te zetten. Waarna de “nieuwe coup-leiding” de handen vrij had om de GEHELE PVDA op subtiele manier in reformistische richting te sturen (Dit laatste leg ik uit in het document “De PVDA: Hervorming eerst, niet het socialisme”)Ik leg dit uit door “voorlopig” te vertrekken van één deeltje uit een door de hogere leiding opgesteld “kritiekrapport”(het GEHELE rapport is hier te lezen), daar waar men mij beschuldigt van “economisme”.Ik stelde ooit (in 2002) voor om het geheel van de opeenvolgende besparingen van de verschillende regeringen en de aantoonbare band met de richtlijnen van de verschillende EU-instanties te analyseren, als het verhogen van de uitbuitingsgraad van de Belgische(of eigenlijk, Europese) werkers. Dit door het begrip “arbeidsloon” (met al zijn directe, indirecte, uitgestelde en soms bedekte en verborgen aspecten) op een Marxistische manier te bepalen en zo alle componenten te bepalen van dat “loon”, die er heden ten dage in een ontwikkeld imperialistisch centrum (in haar verschillende lid- of deel-staten) bestaan. Zo kon op basis van die analyse een revolutionaire strategie kunnen worden opgesteld, meende ik, die de klassenstrijd, die zich spontaan richt op de “laatste” besparingen (die als druppel beschouwd wordt die de emmer doet overlopen) op een zo hoog en zo breed mogelijk revolutionair bewustzijn zou moeten proberen te krijgen. Mijn rapport werd geringschattend afgewezen, geen discussie waardig. Het werd “samengevat” als “een voorstel voor strijd voor loon” en zo als “economisme” geklasseerd .....Dit “economisme” was één van de 15 kritieken die in een “kritiekrapport” werden geuit, waarmee men “nu eindelijk is antwoord ging geven op al die rapporten die Nico de afgelopen jaren had ingediend”..... en waar nooit antwoorden of enige reacties op waren gekomen.Het hele kritiekrapport, maar dit blijkt al uit dit beperkt citaat, is geen ANTWOORD of BESPREKING van mijn rapporten, het is een verantwoording naar derden toe voor de (subjectieve) beoordeling die van mij gemaakt wordt. ..... De “citaten” zijn gekozen uit door mij ingediende rapporten, om deze beoordeling op zijn juistheid “te bewijzen”.
Ten eerste spreekt uit het hélé kritiek-rapport een koude, vooringenomenheid (van de hogere kaders) en zeker niet de bezorgdheid om een “kameraad te helpen”. Nee ik ben blijkbaar een interne
tegenstander, die men bestrijdt!Ten tweede zegt een bepaald gekozen citaat NIETS over het hele rapport waaruit het is gekozen en geeft de auteur van het kritiekrapport (of in dit geval het kader “Simone” of “Boud”, dat de basismilitant “Pirre” de opdracht gaf auteur te zijn) geen antwoord op de vragen en gestelde problemen.Ten derde is het rapport (dat in ingediend had), waaruit het citaat kwam, gewoon een te verwachten, een gevraagd, néé OPGEDRAGEN, rapport over de inhoud van een campagne-richtlijn. Op dit rapport hadden Simone of/en Boud direct moeten reageren als kader. Zij hebben dat nooit gedaan!Ik geef het (bijna)VOLLEDIGE rapport weer (met het overgenomen citaat in de overeenkomstige kleur)IN mijn rapport geef ik in feite reeds antwoord op het verwijt dat mij in het kritiekrapport (achteraf!) gemaakt wordt: in hoeverre zijn allerlei analyses gemaakt door individuele kaders uitgewerkt in één partij-strategie waar alle leden weet van hebben en ook hebben geassimileerd en waarop de opeenvolgende campagnes op ge-ent moeten zijn.Vervolgens wordt door zeer beperkte en uitgezochte citaten uit twee van mijn rapporten weergegeven, om mij te kunnen beschuldigen van “economisme” (dat is eigenlijk reformisme, maar “economisme” is de term die Lenin gebruit in “Wat te doen”)In “Wordt de ideologie van AMADA (1970), op 9e PVDA-congres (2015) gewist uit collectief geheugen?(4)” bespreek een derde rapport van mij, van waaruit héél selectief en subjectief uitgekozen wordt geciteerd om maar een kritiek van “economisme” ineen te kunnen steken.
Er was dus zoals gezegd (in oktober 2003) een besluit gekomen “om eindelijk nu eens een antwoord te geven op al die rapporten die Nico geschreven had”. Maar het ging niet om “een antwoord” te geven. Nee, in alles werd een aanleiding en argument gezocht (en gefabriceerd, zoals ik zal aantonen) om een KRITIEK te kunnen formuleren (er was dus de vooringenomenheid dat ik “hoe dan ook” verkeerde veronderstellingen maakte en dat mijn kritieken en bezorgdheden niet juist waren). De hoofd-inspirator was Boudewijn Deckers (“coup-leider” eind 2003-begin 2004), geassisteerd door Herwig Lerouge en Wim Kenis.
Hoewel Nadine Rosa Rosso, tot begin 2004 Algemeen Secretaris, in principe als eindverantwoorde hiervoor kan geacht worden (en ik had mij in mijn kritieken in mijn rapporten regelmatig tot haar gericht, zonder dat zij mij ooit antwoordde), speelde zij geen rol in deze “kritiekcampagne” tegen mij. INTEGENDEEL zie ik, in de manier waarop de “kritiekcampagne” tegen mij is gevoerd inclusief mijn uitsluiting, dezelfde leugenachtige manipulatie als waarin de Boudewijn Deckers-fractie dat tegen haar gedaan heeft. (Hierover kunt u één en ander lezen in deel 1 en deel 2)
Voorlopige conclusies
In 2003 was al een groot deel van de kaders van de PVDA gewonnen voor het afstappen van voorhoedekarakter van de PVDA, omdat het doel van de PVDA niet meer was het bewustzijn van de werkende klasse te verhogen en zo voor te bereiden voor haar taak, de revolutionaire opheffing van de kapitalistische productieverhoudingen. Maar formeel was dit nog wel zo en zolang het programma van 1979 niet “geactualiseerd” was, was het nog formeel “het” partijprogramma. Die partijleden die nog appeleerden aan dit voorhoede-karakter en kritieken leverden en discussies begonnen over het feit dat het openlijk optreden van kaders, de “nieuwe” mogelijkheden van lidmaatschap verwerven, de manier waarop de statutaire “veiligheidsregels” werden genegeerd (door zelfs de hoogste kaders), de politieke verantwoording van campagnes die minder en minder beantwoorden aan wat men kan verwachten van een revolutionaire partij, welnu dié partijleden moest het zwijgen worden opgelegd. Die “lastige” partijleden werden aangemaand de richtlijnen komend van een hoger niveau door te voeren (en de eventuele kritiek achteraf te geven, bij het maken van het bilan, waar men dan “geen tijd voor heeft want een nieuwe campagne dient zich aan .....). Door middel van MANIPULATIE (zoals bepaalde foute opvattingen aanwrijven door middel van gebruik van citaten uit hun verband gerukt) werden de kritieken uitgehold en van hun betekenis ontdaan.
En zo kon het zijn dat een kader mij een beschuldiging van “economisme” kon op-kleven (en formeel was de PVDA nog altijd revolutionair en bestreed zij het ”economisme”), daar waar ik juist een voorstel deed om een “economisme”, dat ik meende waar te nemen, TEGEN TE GAAN! Het was een voorstel, waar ik over wilde discuteren, waar ik een reactie op verwachtte en dat ik zeker niet beschouwde als de ultieme (revolutionaire) waarheid. Maar in het licht van de HUIDIGE politieke opstelling (zie “Kapitalistische belangen ideologisch en politiek beschermd door OBJECTIEVE burgerlijke alliantie van uiterst rechts tot uiterst (reformistisch)links.” en “Wordtde ideologie van AMADA (1970), op 9e PVDA-congres (2015) gewist uit collectief geheugen?(2)”) was de beschuldiging “economisme” TOEN op zijn minst merkwaardig.
In feite bewijst de handelwijze (die omdat het mezelf betrof en die ik dan ook volledig kan documenteren) hoe het in 2004 moet gegaan zijn met het buitenzetten van een hele groep kaders (waaronder Nadine Rosa Rosso en Luk Vervaet). Toen werden in de partij ook “kritiekrapporten” verspreid waar op basis van héél beperkte citaten uit bepaalde rapporten van hen (maar waar de gehele rapporten nooit beschikbaar waren voor partijleden) wer “verantwoord” waarom de nieuwe zichzelf aangestelde leiding, die partijkaders had buitengezet. Ook werden die buitengezette kaders van zaken beschuldigd, die men later zélf doorvoerde. Lees bv maar “Peter Mertens (2005): «Zet de met pseudo-marxisme,in reformisme volhardende Peter Mertens van 2014 uit de PVDA!»” en ““Fouten” waarvoor Peter Mertens (en co), Nadine Rosa-Rosso in 2004 BUITENZETTE, zijn nu gangbare praktijk in PVDA”.
Het hele “verhaal” betreft veel meer rapporten van mij, het gehele kritiekrapport met een hele reeks “kritieken en beschuldigingen”, een aantal rapporten achteraf van mij, enz.... Maar het “verhaal” eindigt met de sanctie: uitsluiting....
In “Wordt de ideologie van AMADA(1970), op 9e PVDA-congres (2015) gewist uit collectief geheugen?(5)“ besluit ik dan ook met mijn LAATSTE intern rapport, als reactie op de aankondiging van mijn uitsluiting.