De 'OvdP-reizen' zijn in het leven geroepen en dat heeft meteen tot concrete plannen geleid. Bijzondere uitstappen brengen leden van verschillende afdelingen dichter bij elkaar en geven een unieke invulling aan de kernwaarden van onze vereniging, amicitia en tolerantia.
De eerste bestemmingen op de agenda: Breda en Gent.
Of het nu gaat om inspirerende dagtochten of om uitgebreidere meerdaagse reizen, steeds staat het verbindend karakter van deze uitstappen centraal: verbinding tussen afdelingen, maar ook verbinding tussen Belgische en Nederlandse leden of zelfs leden uit andere landen.
Dit najaar starten we met twee unieke korte reizen naar bijzondere bestemmingen, georganiseerd vanuit de lokale afdelingen. We stellen graag deze twee parels aan je voor:
Een exclusieve dagexcursie op 25 oktober naar Breda, waar we onder meer het kasteel van Breda bezoeken, de plaats waar Willem van Oranje woonde van 1544 tot 1555 en waar nu de Koninklijke Militaire Academie (KMA) gevestigd is. In de namiddag bezoeken we onder andere het Bredaas Museum, waar op dat moment een tentoonstelling over de Nassaus te zien is, uit de collectie van het Prinsenhof.
Een bijzonder tweedaags weekend in Gent van 7 tot 9 november, gekoppeld aan de Pacificatielezing. Verdere onderdelen van het programma zijn een bezoek aan de Sint-Baafskathedraal met het Lam Gods, een bezoek aan het stadsmuseum STAM, een boottocht op de Leie en enkele culinaire hotspots.
Wat deze reizen écht bijzonder maakt? Ze bieden toegang tot locaties die normaal gesloten blijven voor het grote publiek. Grijp deze kans om samen met OvdP-leden uit verschillende afdelingen plekken te ontdekken die anders verborgen blijven.
Ontdek het volledige programma en schrijf in via OvdP-reizen. Wacht niet te lang, want het aantal plaatsen is beperkt. Om in te schrijven moet je geregistreerd zijn bij de Prince-Academie. Nog niet geregistreerd? Klik dan hier.
Kwartiermakersgroep OvdP-reizen:
Anna de Zeeuw (Breda, voorzitter)
Jan Van Daele (Keerbergen)
Karline Vandenbroecke (Den Haag)
Marinel Gerritsen (Utrecht)
Marleen Haems (Antwerpen - 't Wit Lavendel)
Susanne Lap (Londen)
Wim Impens (Extra-Muros)
Vragen? Stel ze aan Anna de Zeeuw.
Ben jij ook geboeid door de Nederlandstalige cultuur? Dan is deze actie iets voor jou.
De OvdP en de lage landen (voorheen Ons Erfdeel) slaan als prominente Vlaams-Nederlandse spelers de handen ineen. Als OvdP-lid krijg je namelijk een exclusieve korting van 25% op je lidmaatschap op de lage landen. Dat betekent ongelimiteerd context bij cultuur uit Vlaanderen en Nederland.
Over de lage landen
Met een jaarlijks bereik van 500.000 unieke lezers is de lage landen waarschijnlijk de grootste meertalige Vlaams-Nederlandse cultuurorganisatie. Al bijna 70 jaar verruimen we het inzicht in cultuur en prikkelen we door middel van kritische, doordachte artikelen en publicaties. Dat doen we door te focussen op vier belangrijke pijlers: taal, geschiedenis, kunst en literatuur.
Daarnaast richten we ons op de Vlaams-Nederlandse samenwerking. We willen de cultuur van Vlaanderen en Nederland niet alleen dichter bij elkaar brengen, maar ook wereldwijd op de kaart zetten. Dat doen we zo breed mogelijk door de dialoog te stimuleren over de Nederlandstalige cultuur.
Meer weten over onze geschiedenis? Over ons.
Waarom lid worden?
Als lid van de lage landen heb je tal van voordelen! Zo heb je ongelimiteerd digitale toegang tot de boeiendste verhalen over cultuur uit Vlaanderen en Nederland. Wist je trouwens dat ons archief meer dan 14.000 artikelen telt? Ook die lees je rechtstreeks op je smartphone, tablet, laptop of pc, waar en wanneer je wilt.
Bovendien ontvang je vier keer per jaar ons beroemde tijdschrift in de bus. Elke uitgave wordt opgebouwd rond een uitgelicht themadossier en telt maar liefst 190 pagina’s. Je kunt steeds rekenen op onafhankelijke en kwaliteitsvolle stukken.
Naast heel wat leesplezier geniet je als lid ook exclusieve voordelen:
toegang tot de voorverkoop van nieuwe publicaties;
exclusieve kortingen op de ticketprijs van bepaalde evenementen;
boeiende nieuwsbrieven, zodat je steeds op de hoogte blijft
en nog veel meer!
Word dankzij de OvdP nu lid van de lage landen met maar liefst 25% korting. Gebruik de kortingscode OvdP-2025 bij het afrekenen. Grijp hier je korting!
Gijsbrecht Ostyn
Gedelegeerd bestuurder
Als alles goed is gegaan, heb je intussen het maartnummer van 'Noord & Zuid' ontvangen, met als thema 'water'.
Is het je opgevallen dat het blad kleurrijker is dan ooit en dat er meer illustraties in staan? Dat heeft uiteraard met het soort artikelen te maken, maar ook met het feit dat sommige lezers van het blad er in de enquête om gevraagd hadden. Die vraag is bij bestuur en redactie niet in dovemansoren gevallen.
In het februarinummer van PrincEzine hebben we al enkele enquêteresultaten gedeeld. Zo blijkt dat ruim negen op de tien respondenten het blad soms of altijd lezen, en dat driekwart enkele of de meeste artikelen doorneemt. De inhoud en vormgeving worden door een grote meerderheid, meer dan 80%, als goed tot uitstekend beoordeeld. Kortom, 'Noord & Zuid' wordt geapprecieerd door de OvdP-leden.
Uit de verdere analyse van de enquête kwamen waardevolle suggesties naar voren. Er is grote waardering voor de inhoud en vormgeving van het blad, voor de inzet van de redactie en de diversiteit aan onderwerpen. Voor het Bestuur blijft 'Noord & Zuid' een blad dat er moet zijn. Het is een middel ter verdieping, om de leden stof tot nadenken over een bepaald onderwerp te bieden. Maar niet alleen de leden, ook anderen, buiten de OvdP.
Toch zien we ook kansen voor verandering en mogelijke verbetering. Hoewel 72% van de leden de artikelen interessant vindt, ervaart ook een op de vijf leden het blad als moeilijk en niet makkelijk leesbaar. Vooral degenen die het blad maar af en toe openen, ervaren de teksten als moeilijk en zelfs saai. Hun verzoek is dan ook duidelijk: maak 'Noord & Zuid' luchtiger, met een lichtere toon en meer kleur, met foto’s en ander beeldmateriaal, zonder in te boeten aan inhoudelijke diepgang.
Uit de enquête blijkt dat 'Noord & Zuid' niet alleen verdieping zou moeten bieden, maar ook meer verbinding creëren. Dat zou kunnen worden gerealiseerd door het blad ter sprake te brengen in de afdeling, of artikelen daar te bespreken.
Bijna alle respondenten vinden het belangrijk dat er auteurs van binnen en buiten de OvdP aan het woord komen. Dat gebeurde al, maar we streven naar een nog betere mix van externe auteurs en leden-auteurs, waarbij expertise en schrijftalent uiteraard de doorslag geven.
Tot slot, om de band met de leden te versterken, zou in PrincEzine plaats kunnen worden ingeruimd voor nieuws over 'Noord & Zuid' en reacties, suggesties en getuigenissen van die leden.
Blader door het 'Water'-nummer van ‘Noord & Zuid’ met deze ideeën in gedachten. Er waait een nieuwe wind door het tijdschrift, en dat zal in de komende nummers alleen maar duidelijker worden.
Willy Martin, namens de redactie van 'Noord & Zuid'
Ruud Hendrickx, namens het Bestuur
Benieuwd naar nog meer cijfers? Klik dan hier.
Ook deze maand een gedicht waarin het thema van Gedichtendag 2025, 'lijfelijkheid', uitgewerkt wordt, deze keer met betrekking tot de teloorgang van het fysieke.
Jef Leplae, lid van de afdeling Haspengouw, schreef een ontroerend gedicht over zijn moeder, vorig jaar overleden op de gezegende leeftijd van 98 jaar. Een moeder die eeuwig leek te blijven leven en die dan toch vertrok tijdens een dutje - zonder afscheid te nemen, waarna er enkel een omhulsel overbleef.
In zijn gedicht verwoordt Jef Leplae hoe een mens op leeftijd tegen het begrip 'tijd' aankijkt, in combinatie met 'het eigen zelf', en hoe ze daarover mijmert - nog aanwezig, al afwezig…
Tijd - Mijn moeder mijmert
Mijn zinnige tijd raakt op,
mijn nut verdwijnt, mijn zelf
al werd ik achtennegentig.
Ik spartel tegen de tijd
die mij nog rest
maar die strijd is ongelijk.
De drive is weg
waarom nog vechten tegen tijd
die onomkeerbaar is
en het laatste restje dat nog is
verdoezelt slechts
het slot.
Ooit was ik jong
en toen was tijd een eeuwigheid
die ik genoten heb
met man en kroost.
Maar heimwee is wat rest
naar toen
die eindeloosheid van de tijd.
Jef Leplae
Toelichting door de dichter
Een klein jaar geleden is mijn moeder overleden. Haar leeftijd in acht genomen (98 jaar) was ze nog fit en helder. Maar tijdens haar laatste levensdagen zat ze soms in gedachten verzonken voor zich uit te staren en ver weg te zijn. Lijfelijk was ze nog aanwezig, maar er was een ring van stille afstand rond haar opgetrokken.
Ik denk dat dit veel te maken had met het besef dat ze haar lijfelijkheid echt begon te voelen en waarschijnlijk ook het einde ervan. Haar 'fysieke omhulsel' begon haar in de steek te laten en dat besefte ze, vermoed ik.
Ik vroeg mij af wat er in haar hoofd omging. Ik probeerde mij in haar in te leven en ik schreef 'Tijd - Mijn moeder mijmert'.
Voor het juninummer is genomineerd: Herma de Beer, lid van de afdeling Zwolle.
Het was al eerder aangekondigd, maar vanaf nu kan het echt: iedereen kan 'Vriend van de OvdP' worden. Met een abonnement op onze publicaties willen we onze inspirerende vereniging bekendmaken bij het grote publiek en - wie weet - ook nieuwe leden aantrekken.
De OvdP mag gezien worden. Voor een kleine bijdrage kan iedereen met ons kennismaken.
Snuffelen aan de OvdP
Waarschijnlijk ken je wel mensen die net als jij geïnteresseerd zijn in taal, cultuur, geschiedenis en gezelligheid. Misschien hebben ze daarom ook wel interesse in de activiteiten van de OvdP.
Alleen zien ze het niet zitten om lid van de OvdP te worden. Ze zijn te druk met hun baan, hun kinderen of kleinkinderen. We kennen de argumenten.
Maar misschien hebben ze wel zin en tijd om te lezen over de activiteiten van de OvdP en er zelfs af en toe aan deel te nemen. Daarom is er nu 'Vrienden van de OvdP'. Als vriend kunnen ze komen snuffelen, zonder verplichtingen maar wel met veel mogelijkheden.
Formule
Voor een kleine bijdrage kan iedereen 'Vriend van de OvdP' worden. Vrienden betalen 25 euro per jaar (30 euro buiten België en Nederland) en krijgen daarvoor:
twee nummers van het blad 'Noord & Zuid', thuisgestuurd;
tien nummers van de digitale nieuwsbrief 'PrincEzine';
toegang tot de lezingen, debatsalons en taalcafés van de Prince-Academie.
Vrienden hebben geen toegang tot de OvdP-website en de ledenlijst, en worden als niet-lid ook niet opgenomen in de ledenlijst.
Praktisch
Heb je vrienden, kennissen, collega's, buren of contacten van wie je vermoedt dat ze geïnteresseerd zijn in de OvdP? Laat hun 'Noord & Zuid' en PrincEzine zien, spreek met hen over de Prince-Academie en nodig ze uit om 'Vriend van de OvdP' te worden.
Aanmelden als 'Vriend van de OvdP' is eenvoudig. Gewoon surfen naar https://bit.ly/ovdp-vriend.
Samen maken we de OvdP bekend als een boeiende en gezellige club!
Ruud Hendrickx
Portefeuillehouder Communicatie in het Bestuur
Op zaterdag 14 juni organiseert de afdeling Rijsel (Lille) de gewestdag van het grensoverbruggende gewest West-Vlaanderen in de Franse historische stad Sint-Omaars (Saint-Omer). Leden en niet-leden zijn van harte welkom.
De stad Sint-Omaars - Saint-Omer in het Frans - vormde eeuwenlang het kruispunt van Frans-Vlaanderen en Artesië. Met haar indrukwekkende gotische kathedraal, het voormalige jezuïetenklooster en de uitzonderlijke historische bibliotheek ademt ze Vlaamse geschiedenis en cultuur.
De centrale uitvalsbasis voor de gewestdag is het charmante MAC (Le Moulin à Café), een 19e-eeuws theater in Italiaanse stijl, gelegen aan het centrale plein van de stad. Vanuit deze locatie vertrekken de deelnemers voor gegidste wandelingen langs de vele bezienswaardigheden die Sint-Omaars rijk is.
In de namiddag komen alle aanwezigen opnieuw samen voor een academische zitting. Hoofdspreker is prof. em. Herman Pleij, die een lezing zal geven met als titel: “Liever een koe in de wei dan Christus aan het kruis – Over de uiteenlopende opvattingen inzake verbeelding in Noord en Zuid”.
Tijdens deze zitting wordt ook de tweede Prijs van de Orde van den Prince – Gewest West-Vlaanderen uitgereikt. De dag wordt afgesloten met een feestelijke cocktailreceptie, waar volop gelegenheid is om na te praten en nieuwe contacten te leggen.
Het belooft een feestelijke dag te worden vol cultuur, ontmoeting en verbondenheid, op een plek die onze taal en traditie weerspiegelt en waar verleden en heden samenkomen.
Praktisch
Zaterdag 14 juni 2025, 13.30 uur
MAC - Moulin à Café, Place Maréchal Foch, 62500 Saint-Omer
Veel meer praktische informatie in de brochure.
Inschrijven via het aanmeldformulier.
Sinds kort is Michel Zegers lid van de afdeling Haspengouw. Na zijn studie rechten in Antwerpen en Leuven, ging hij aan de slag als advocaat. In 1987 werd hij parketmagistraat bij de krijgsraad van Antwerpen, en even in Keulen, een functie die nu afgeschaft is. Bij het parket van Tongeren werkte hij daarna als substituut, later eerste substituut. Uiteindelijk werd hij in 2014 politierechter in de politierechtbank Limburg, in Maaseik. Sinds februari is hij met pensioen. Meer tijd voor cultuur! En de OvdP.
Zoals vele nieuwe leden van onze vereniging, werd Michiel door een lid van de OvdP attent gemaakt op een mogelijk lidmaatschap van de vereniging. "Ik kende enkele leden van de Prince en toen de concrete vraag kwam, heb ik ja gezegd", blikt Michel Zegers terug. "Het leek mij interessant om in contact te komen met mensen die ook cultureel geïnteresseerd zijn. Ik heb zelf een brede culturele belangstelling, maar cultuur komt in de algemeenheid van het dagelijkse leven te weinig aan bod. Kunst, geschiedenis, klassieke muziek, literatuur, het kan mij allemaal boeien. En het zijn precies die dingen die ik terugvind bij de Orde van den Prince."
Daginvulling
De culturele interesses van Michel Zegers zorgen voor een ruime daginvulling. "Ik lees veel - op dit moment Dius van Stefan Hertmans. Dat vele lezen brengt mij soms in de problemen: de boeken die mijn partner uit de bibliotheek meebrengt, wil ik tegen inlevertijd ook gelezen hebben. De gekochte boeken moeten dan even wachten! Ik ga ook graag naar de bioscoop, ik hou van sciencefictionfilms."
Taal
Iemand die veel leest, hecht natuurlijk veel waarde aan taal. "Onze Nederlandse taal is de achtergrond en het stramien waardoor onze cultuur vorm krijgt. We hebben dat niet zelf gekozen, onze taal werd bepaald door onze geboortestreek. Wanneer ik in Frankrijk geboren zou zijn, dan sprak ik Frans."
"Even een parenthese: Nederlands vind ik niet meteen de mooist klinkende taal. Talen met een Latijnse achtergrond zijn in dat opzicht mooier, Frans en Italiaans klinken toch melodieuzer. Maar Nederlands is wel 'onze' taal, en dus belangrijk. Ik lees uitsluitend in het Nederlands, alhoewel ik soms de wat houterige vertalingen betreur." Een pleidooi voor het beroep van literair vertaler, dat we alleen maar kunnen bijtreden…
Geschiedenis
Michel Zegers is geboeid door de geschiedenis van zijn streek, Tongeren en omgeving. "Ik heb net nog enkele oud-collega's van de politierechtbank wegwijs gemaakt in de archeologische kelder van Tongeren. Tongeren is op gebied van oudheidkunde belangrijk. Je kunt hier geen spade in de grond steken, of je vindt wel wat. En dat leidt soms tot grote ergernis bij de eigenaars van bepaalde percelen. De buurt rond de Beukenberg bijvoorbeeld, een Romeins aquaduct dat nu een gewone heuvel is, werd onlangs archeologisch gebied. Dat wil zeggen dat iedereen die daar in de buurt een stuk bouwgrond heeft, rekening moet houden met strikte eisen. Dat is niet altijd makkelijk."
Justitielandschap
Natuurlijk blijft Michel Zegers het reilen en zeilen van het justitielandschap volgen. "Ik heb behoorlijk wat bedenkingen bij de huidige gang van zaken, vooral wat media-aandacht betreft. Die heeft te grote proporties aangenomen. Kranten besteden tegenwoordig aandacht aan elk proces. Op de koop toe vellen ze al een oordeel, zonder enige kennis van zaken, nog voor er een uitspraak is. Ik vind dat we op deze manier afglijden naar een bigbrothermaatschappij. En dat wil ook zeggen dat de veroordeelde naast de straf die hem of haar wordt opgelegd door de rechters, nog eens een extra mediastraf erbovenop krijgen. Dat kan niet."
Chris Vermuyten
Lid van de redactie van PrincEzine
Steve De Veirman, directeur Marketing & Communicatie
Lincy Van Twembeke, departementshoofd Lerarenopleiding Hogeschool Gent
Michel Zegers, oud-magistraat
Thierry Rouckhout, directeur basisschool Het Groene Lilare
Soms is een vertaler ook een hertaler. Hoewel Nederlanders en Nederlandstalige Belgen dezelfde standaardtaal gebruiken, zit er in de praktijk wel wat variatie in. Een Vlaming weet niet wat een 'kliko' is en een Nederlander kijkt raar op wanneer het woord 'goesting' valt.
Miet Ooms (Leuven-Arenberg) verzorgde onlangs de hertaling van de novelle Nieuw in Rotterdam. Anderstaligen in Vlaanderen kunnen met deze novelle op een vlotte manier Nederlands leren.
Miet Ooms is taalkundige, zij vertaalt en hertaalt. Ze studeerde af aan de KU Leuven als germaniste, heeft meegewerkt aan het Woordenboek van de Brabantse Dialecten en het Woordenboek van de Limburgse Dialecten, schreef de leestekengids Tot in de puntjes, geeft gastcolleges over taal, maakte de podcast Kinderen van het ABN en geeft lezingen alom. Deze maand verschijnt haar nieuwste boek: Van Vogala tot Noncha. Het historische verhaal van de Nederlandse taal. De Nederlandse taal in al haar facetten is haar dus welbekend.
Nieuw in Rotterdam
In Nederland verscheen onlangs het boek Nieuw in Rotterdam van Max Koedood, een novelle voor anderstaligen die in Nederland Nederlands leren. Miet Ooms hertaalde het boek naar Nieuw in Antwerpen en richt zich hiermee naar anderstaligen die in Vlaanderen Nederlands willen leren. "Er bestaan uiteraard al een hele reeks lesboeken waarmee anderstaligen onze taal kunnen aanleren", stelt Miet Ooms. "Alleen zitten die meestal vol saaie dialogen. Een gewone, vereenvoudigde novelle of roman leest vlotter, maar ook dan is de taal te hoog gegrepen voor een beginneling."
Anders
Max Koedood pakte het anders aan. "Hij maakte een mooie combinatie van de basiswoordenschat - nuttige woordenschat! - met eenvoudige grammatica. Bijvoorbeeld: hoe bestel ik iets? Hoe maak ik met iemand kennis? Dat verpakt hij in een mooi verhaal. Alles blijft heel concreet: alle straten bestaan, alle gebouwen zijn echt, je kunt ze bezoeken als je wilt. Kortom, hij combineert een leuk verhaal met een bestaande omgeving, in dit geval Rotterdam. Je leert de taal, maar je leert meteen ook een stad kennen, samen met de dagelijkse geplogenheden van het land waar je woont."
Andere setting
Een boek geschreven vanuit een dergelijk standpunt, kun je uiteraard niet zomaar publiceren in een andere setting. De locatie moest aangepast worden, dat was meteen duidelijk, maar er was meer. Miet Ooms: "Max Koedood, de auteur van het oorspronkelijke boek, vroeg me voor de hertaling. Ik was immers al vertrouwd met het hertalen van bedrijfsinformatie uit het noordelijke Nederlands naar het Belgische Nederlands. Bijvoorbeeld: wanneer men in Nederland over een kliko spreekt weet iedereen wat dat is. Hier weet niemand dat dat een rechtopstaande vuilbak is. Ik was dus al vertrouwd met de problematiek."
Concrete situaties
Door de concrete situaties die in dit boek voorkomen en door de eigenheid van de novelle Nieuw in Rotterdam, kon die niet zomaar in Vlaanderen op de markt gebracht worden. Miet Ooms: "Ik verving Rotterdam door Antwerpen, omdat Antwerpen ook een multiculturele stad is, met niet alleen veel expats, maar ook andere migranten. Restaurants, straatnamen, adressen: het speelt zich nu allemaal in Antwerpen af. Ik heb ervoor gezorgd dat alle straatnamen en plaatsen ook effectief kloppen."
Kinderdijk
In de Rotterdamse versie gaat men op uitstap naar Kinderdijk, een plaatsje met allerlei typisch Nederlandse kenmerken: vlak, water, molens. "Dat heb ik vervangen door een tripje naar Leuven, want daar is geschiedenis te vinden, denk maar aan het begijnhof. Op de koop toe grenst Leuven aan de taalgrens. Dat gaf de mogelijkheid om over de taalproblematiek in België te spreken. Vertrekkend vanuit Leuven, kan ik dus uitleggen hoe België in elkaar zit. Het boek heeft zo een Vlaamse insteek gekregen: de inhoud is afgestemd op iemand die zich in Vlaanderen wil integreren."
Aangepast
Miet Ooms heeft niet alleen plaatsen en situaties aangepast, maar ook de taal. "Hier begon het echte hertalen. De dialogen heb ik moeten herwerken. In Nederland begint men een zin dikwijls met 'nou'. Dat doen wij niet, we zeggen: 'wel'… of 'goh'… Ik gebruik de taal die men hier op straat hoort, en die komt niet helemaal overeen met de officiële schrijftaal. Want het moet wel herkenbaar blijven voor de nieuwkomers."
Fout
Het boek van Miet Ooms bevat ook woorden die ooit 'fout' werden genoemd. "Zo heb ik het bijvoorbeeld over een tas koffie en niet een kopje koffie. Ik schrijf 'goesting' in plaats van 'zin' en 'ambetant' in plaats van 'vervelend'. De bedoeling is immers dat de lezer begrijpt wat hij in zijn omgeving hoort. Ik schrijf spreektaal op. Er is van het boek trouwens ook een audioboek aangemaakt, gratis via Spotify te beluisteren. Het boek wordt ingelezen door Saar Patyn, die zelf Nederlands aan anderstaligen geeft en de contactpersoon is voor Vlaanderen."
Nieuw boek
Deze maand verschijnt het nieuwe boek van Miet Ooms, Van Vogala tot Noncha. Wat is 'noncha'? "Noncha is het tienerwoord van 2024 en het staat voor 'nonchalant'. Ik heb het boek gemaakt op vraag van uitgeverij Borgerhoff & Lamberigts. Zij vroegen me een geschiedenis van het Nederlands te schrijven. Ik stond eerst wat afwijzend tegenover het project. Er zijn recent al twee uitgebreide en uitstekende geschiedenissen geschreven, een door Jelle Stegeman en de andere door Nicoline van der Sijs."
Vulgariserend
De uitgeverij was echter op zoek naar een meer vulgariserend werk, minder gespecialiseerd, voor een breder publiek en uitgaande van sleutelmomenten. "Die momenten plaats ik in een breder kader: hoe zag de maatschappij eruit, welke rol speelde de Nederlandse taal toen, hoe zag de taal eruit? Uiteindelijk werden het 58 hoofdstukken, die de geschiedenis van het Nederlands vanaf het eerste opgetekende Oudgermaanse woord tot nu vertellen. En dan begin ik niet met de vogala die we allemaal kennen, maar wel met dat eerste woord dat teruggevonden werd als inscriptie op een helm, namelijk harigastiteiva. Pas veel later volgen de vogala!"
Vos Reynaerde
Ook Van den Vos Reynaerde krijgt een hoofdstuk. "De oorspronkelijke versie uit Oost-Vlaanderen is verloren gegaan, maar er zijn wel nog twee afschriften bewaard. Ik vertel onder meer waarom de meeste moderne uitgaven vertrekken van het jongere, Comburgse afschrift: dat is uit Oost-Vlaanderen, de regio waar het origineel waarschijnlijk geschreven is. Maar evengoed komen Suske en Wiske aan bod, en wanneer en waarom Willy Vandersteen plots Hollands ging schrijven."
En zo zijn we terug bij het hertalen beland! De novelles van Miet Ooms en Max Koedood na elkaar lezen, kan ons een interessante inkijk geven in de geplogenheden van de Nederlandse taal. Of het nu Vlaams of Hollands is.
Chris Vermuyten
Lid van de redactie van PrincEzine
Het boek Van Vogala tot Noncha komt van de pers op 27 mei en wordt gepresenteerd op 12 juni.
Van Vogala tot Noncha. Het historische verhaal van de Nederlandse taal, Miet Ooms, Uitgeverij Borgerhoff & Lamberigts.
Nieuw in Antwerpen, Max Koedood, Miet Ooms, Uitgeverij Neandertaal.
Nieuw in Rotterdam, Max Koedood, Uitgeverij Neandertaal.
Website van Miet Ooms.
Website van Saar Patyn.
Het Bestuur ziet ledenwerving als een belangrijke doelstelling. Daarom is een nieuwe subsidiemogelijkheid voor NT&C-projecten ontwikkeld. Afdelingen konden afgelopen jaar specifiek een subsidie aanvragen voor een 'uitstralingsproject' in het kader van de Nederlandse Taal en Cultuur. Uitstralingsprojecten zijn gericht op vergroting van de naamsbekendheid en ledenwerving.
Een afdeling krijgt door de subsidie wat meer financiële speelruimte. De subsidie kan aangewend worden voor een bijzondere spreker, een interessante locatie en/of voor promotie. Let wel: kosten voor eten of drinken komen niet voor subsidie in aanmerking.
Tien afdelingen
De afdelingen Graafschap Loon, Den Haag, Arnhem, de drie Gentse afdelingen (Princehof, Willem I en Schelde-Leie), Halle, Heerlen, Rotterdam, Limburg I en Haspengouw en het gewest West-Vlaanderen vroegen het afgelopen jaar al subsidie aan voor een uitstralingsproject. Wellicht volgen er nog een paar aanvragen. Wat kunnen we van hun ervaringen leren? Hoe pak je een uitstralingsproject aan? Hoe maak je je activiteit extra aantrekkelijk en hoe bereik je een nieuw doelpubliek?
Interessante spreker
Een interessante spreker trekt belangstelling. Een mooi en kwaliteitsvol aanbod is bovendien ook goed voor de interne werking van de afdeling. Zo werden bijvoorbeeld Rik Torfs, Frits van Oostrom, Luc Devoldere, Wouter Duyck, Justus de Visser, Herman Pleij en de schrijvers Frank Westerman en Geur Gaarlandt (Otto de Kat) uitgenodigd.
Aantrekkelijk locatie
De subsidie kan ook worden gebruikt om een aantrekkelijke en ruime locatie te huren. Er worden immers meer deelnemers verwacht. Denk bijvoorbeeld aan de kathedraal van Hasselt, de Grote Zaal van de Haagse Sociëteit De Witte, de Historische Zaal van de Rotterdamse Roei- en Zeilvereniging De Maas, het Heerlense Museum Schunck of het Dordrechts Museum.
Samenwerking
Samenwerking met meerdere afdelingen en/of met het gewest vergroot uiteraard ook de mogelijkheden. Zo was er samenwerking binnen het gewest Limburg, tussen de drie afdelingen in Gent, tussen de afdelingen St.-Genesius-Rode-Beersel en Halle en tussen Den Haag en Rotterdam. Het is heel goed dat de meeste gewesten bereid zijn de uitstralingsprojecten mede te ondersteunen!
Doelpubliek
Het is belangrijk om na te denken over je doelpubliek. Hoe kun je belangstellenden bereiken die nog niet eerder met de OvdP in aanraking zijn gekomen? Wie zouden buiten de directe kennissenkring van de leden belangstelling kunnen hebben om lid te worden van de OvdP? Verschillende afdelingen probeerden een nieuw doelpubliek te bereiken door samenwerking met een lokale culturele speler, zoals een cultureel centrum, museum, bibliotheek, boekhandel of een andere culturele vereniging. De leden van deze organisatie wordt dan uitgenodigd. Zo werken Graafschap Loon en Rotterdam samen met de lokale boekhandel, Heerlen met Museum Schunck, Halle met het Huis van Teirlinck en Den Haag met de Vlaamse Tafel van Sociëteit De Witte en de Belgische Vriendenkring.
Promotiemateriaal
Aantrekkelijk promotiemateriaal zoals flyers, folders en posters is uiteraard belangrijk. Je kunt denken aan specifiek materiaal gericht op deze bijeenkomst in het cultureel centrum of de boekhandel, maar ook aan de 'algemene' OvdP-folder die kan klaarliggen tijdens het evenement. Denk ook aan de websites van de organisaties waarmee wordt samengewerkt. Op de website van het Huis van Teirlinck staat het logo van de OvdP. Een persbericht gericht op de lokale pers levert misschien vooraf of na afloop een artikel op. Het is het proberen waard. Vergeet ook de sociale media niet!
Contactgegevens
Ten slotte is het belangrijk dat de afdeling de contactgegevens van de belangstellenden noteert of hen de mogelijkheid geeft zich ergens in te schrijven, zodat zij later voor een afdelingsbijeenkomst kunnen worden uitgenodigd.
Resultaat
Het is lastig om op korte termijn te weten hoeveel nieuwe leden een uitstralingsproject heeft opgeleverd, maar we kunnen wel zien hoeveel niet-leden hebben deelgenomen, hoeveel van hen belangstelling hebben getoond voor de OvdP en/of hebben aangegeven graag eens uitgenodigd te worden voor een afdelingsbijeenkomst. Elk nieuw lid is er een!
Hoe nu verder?
Als je als afdeling subsidie wil aanvragen voor een project (uitstralingsproject of doelgroepenproject), vul je het digitale formulier om subsidie aan te vragen in. Dat is te vinden op de website van de OvdP onder NT&C. Als je eerst aanklikt dat het om een voorlopige versie gaat en daarna op verzenden klikt, krijg je het voorlopige formulier terug in je mailbox. Je kunt dan met je medebestuursleden en met het gewest overleggen. Als iedereen het eens is, ga je terug naar je formulier en zet je 'voorlopig' om in 'definitief'. Laat het me weten, als je hulp nodig hebt!
Dank en succes
Mijn complimenten aan de afdelingen die het afgelopen jaar met succes een uitstralingsproject hebben georganiseerd en veel succes voor wie de komende tijd een dergelijk project wil organiseren!
Mieke Langenberg
Bestuurslid NT&C
Op 11 maart 2025 overleed ons gewaardeerde lid Christophe Sevenster op de leeftijd van 54 jaar.
Christophe is in 1970 geboren in Leiden als telg van een familie van enerzijds dominees en invloedrijke protestantse hoogleraren theologie en anderzijds een Italiaanse grootmoeder.
Na zijn studies aan de Universiteit Leiden werkte hij in de Bordeauxstreek in de wijnhandel, waar hij grote kennis van wijnen en van de Franse taal ontwikkelde. Later was hij de drijvende kracht achter de nieuwe wijnafdeling van veilinghuis Christie's.
Altijd zoekend - als pelgrim, zoals de pastoor hem bij zijn uitvaart omschreef - raakte hij via de abt van een Franse abdij onder de bekoring van het katholieke geloof. Dat was geen vanzelfsprekendheid met zijn protestantse achtergrond. Desondanks trad hij toe tot de rooms-katholieke kerk.
Hij heeft daarna, immer rusteloos, op vele plaatsen gewoond en gewerkt. Zijn zoeken naar de waarheid en naar een praktische invulling van zijn overtuigingen kregen vorm in studie aan 'de Tiltenberg' in Vogelenzang, contacten met de jezuïeten van de Krijtberg in Amsterdam, het lidmaatschap van zangkoor en bestuur van de parochie H. Lodewijk in Leiden en het verrichten van werkzaamheden voor 'Missio', de pauselijke instelling voor de verkondiging van het geloof.
Met zijn vaste overtuigingen bleef Christophe een minzame, geliefde vriend voor velen. In 2020 werd hij - vanwege zijn kennis van talen, geschiedenis en cultuur in het algemeen - lid van de afdeling Leiden van de Orde van den Prince. In ons midden discussieerde hij graag over religieuze en spirituele onderwerpen en over zijn werk als vertaler van onder meer de biografie van Carlo Acutis, de op vijftienjarige leeftijd overleden Italiaanse tiener die inmiddels zalig is verklaard.
Enkele maanden geleden bleek Christophe een ernstige ziekte te hebben. Die mededeling en de wetenschap dat hij mogelijk binnen korte tijd zou komen te overlijden, heeft hij manmoedig en in overgave gedragen. Tot zijn grote geluk heeft hij zijn liefde voor Sosina nog - in aanwezigheid van zijn naasten - met een huwelijk kunnen bezegelen. Tot het einde toe werd hij liefdevol omringd door zijn dierbaren. Ondanks het verdriet bracht deze intense periode ook veel verbondenheid en warmte met zich mee, een kostbare tijd die voor altijd in hun en onze herinnering zal voortleven.
Wij herdenken een bijzonder mens.
Hij ruste in vrede.
Paul de Meijer
Afdeling Leiden
In Utrecht is de winnaar van de vijfde Olympiade Nederlands bekendgemaakt. Lies De Schepper uit Kontich won de scholierenwedstrijd met een sociolinguïstisch onderzoek naar de naam die mensen voor hun huisdier kiezen.
De Olympiade wordt ondersteund door de OvdP.
De eerste prijs ging naar Lies De Schepper, zesdeklasser van het Sint-Ritacollege in Kontich. Onder begeleiding van Melissa Schuring en Karlien Franco (KU Leuven) deed ze een sociolinguïstisch onderzoek naar dierennamen in de Lage Landen. Ruim zevenhonderd mensen vulden haar enquête in en dat leverde een databank met 1.150 namen voor huisdieren op. Volgens de jury bracht zij de beste presentatie van haar onderzoek, ook al waren de resultaten niet helemaal wat ze had verwacht. Het winnende filmpje kun je hieronder bekijken.
De tweede prijs ging naar zesdeklasser Ben Geivaerts van het GO! Atheneum in Malle. Hij onderzocht de status van het voorwerp bij de werkwoorden gehoorzamen, verzaken en weerstaan: is dat een lijdend of meewerkend voorwerp? Zijn begeleiders waren Dirk Pijpops en Alexander Van Herpe (Universiteit Antwerpen).
De derde prijs was voor vijfdeklasser Junxiang Ni van het Lorentz Casimir Lyceum in Eindhoven, voor zijn kwantitatieve analyse van de emoties in Middelnederlandse ridderromans. Hij werd begeleid door Elisabeth de Bruijn en Laurent Breeus-Loos (Universiteit Antwerpen).
2.228 deelnemers
Voor de vijfde editie van de Olympiade Nederlands hadden zich 2.228 vijfde- en zesdejaars uit Vlaanderen en Nederland ingeschreven, een nieuw record. Zeventig scholen namen deel aan de voorrondes. Bij uitzondering mochten niet de gebruikelijke tien, maar elf deelnemers meedoen aan de finale, wegens een ex aequo op de tiende plaats.
In de finaleronde moesten de deelnemers een taalkundig of literatuurwetenschappelijk onderzoek uitvoeren. Daarvoor werden ze gekoppeld aan medewerkers van verschillende universiteiten in Vlaanderen en Nederland. De scholieren kropen in de huid van een onderzoeker, lazen zich in over een bepaald onderwerp, formuleerden een onderzoeksvraag, voerden een klein onderzoek uit en formuleerden hun conclusies.
De resultaten van hun onderzoek moesten ze presenteren in een videofilmpje. Om zich daarop voor te bereiden kregen ze een training bij VRT over stemgebruik, wetenschapscommunicatie en het gebruik van opnameapparatuur. Uit de elf filmpjes koos de jury de winnaar.
Steun van de OvdP
De OvdP is nauw betrokken bij de Olympiade Nederlands. De wedstrijd wordt gesponsord door de OvdP. Geertje Slangen (afd. Leuven-Arenberg) maakte deel uit van de zevenkoppige jury en de hoofdprijzen werden uitgereikt door OvdP-bestuurslid Ruud Hendrickx. De winnaar kreeg een trofee als 'Kampioen van de gymnastiek van de neerlandistiek 2025' en een cheque van 750 euro van de OvdP.
Op de prijsuitreiking beklemtoonden we als vertegenwoordigers van de OvdP waarom de Olympiade zo goed past bij onze missie: het bevorderen en beleven van de Nederlandse taal en cultuur. Het is bijzonder verheugend te zien dat zoveel jonge mensen, vaak gestimuleerd door hun leraren en docenten, zich verdiepen in taal en cultuur. Lies De Schepper is in elk geval van plan taalkunde te gaan studeren.
Ruud Hendrickx
Portefeuillehouder Communicatie in het Bestuur
Bekijk hieronder het winnende filmpje.
In de loop van de geschiedenis heeft Tienen op allerlei manieren te maken gehad met de 'Hollanders' - of zoals ze in Tienen zeggen, d’Ollanders. Om alle misverstanden uit de wereld te helpen: voor een Tienenaar zijn alle Nederlanders Ollanders. De relatie was allesbehalve eenduidig. Soms waren de Hollanders toevallige passanten, soms vijanden, soms religieuze vernieuwers en soms economische partners.
Voormalig archivaris en museumconservator Staf Thomas vertelde het verhaal op een ontmoeting tussen de afdeling Tienen en de afdeling Leiden.
In 1173, het jaar waarin de bouw van de toren van Pisa begon, passeerde ene Diederik van Kampen, een filosofiestudent uit Overijssel, door Tienen. Hij studeerde in Parijs en was op weg naar huis voor de paasdagen. Zijn verblijf in Tienen eindigde tragisch, toen een herbergier hem vermoordde om extra 'inkomsten' te verkrijgen. Het lichaam van Diederik werd in een poel gegooid, die op de plek van de huidige Grote Markt lag.
Volgens de legende begonnen er daarna mysterieuze lichten boven het water te zweven, wat de inwoners ervan overtuigde dat hier een kerk ter ere van Maria moest komen. Dat leidde uiteindelijk tot de bouw van de gotische Onze-Lieve-Vrouw-ten-Poel-kerk, vanaf het midden van de veertiende eeuw.
Bloeiende stad
Tienen was in de middeleeuwen een bloeiende stad, die qua aantal inwoners maar een paar steden in Brabant moest laten voorgaan: Brussel, Leuven, Den Bosch, Mechelen en Breda. Belangrijke inwoners droegen bij aan het intellectuele erfgoed van de stad. Beatrijs van Nazareth, een cisterciënzer non, schreef het mystieke Middelnederlandse werk Van seven manieren van heiliger minnen. Thomas Scellinck bezorgde met zijn Boeck van Surgien een baanbrekend werk over geneeskunde. Beide handschriften worden bewaard in de Koninklijke Bibliotheek in Den Haag.
Diepenveen
Aan het begin van de vijftiende eeuw trokken vier vrouwen uit Diepenveen (bij Deventer) naar Tienen, geïnspireerd door de moderne devotie van de theoloog Geert Grote. De stad had haar hoogtepunt toen al gehad en het aantal inwoners was gedaald tot 8.200 in 1437, maar ze had toch nog genoeg aantrekkingskracht om kloosterstichtingen te begunstigen.
De moderne devotie was een beweging die een levenswijze geïnspireerd op de eerste christenen propageerde. Ze trok vrouwen aan die een religieus leven wilden leiden zonder zich volledig van de wereld af te scheiden. In Tienen ontstonden in die tijd twee vrouwenconventen: Barberendal en Kabbeek.
In Barberendal verbleef priorin Griete Dagens vijf jaar om de vrouwen aldaar te begeleiden. Het succesrijke convent werd uiteindelijk opgenomen in de Congregatie van Windesheim. Kabbeek werd opgericht in 1414, met directe invloed van drie Diepenveense zusters: Elseke Stockvisches, Stijne Roevers en Lamme Santings. Elseke werd zelfs de eerste priorin. Het convent had nauwe banden met de graven van Nassau, de toenmalige heren van Diest.
Bourgondische Nederlanden
Later in de vijftiende eeuw werden de Brabantse steden, waaronder Tienen, steeds meer ingelijfd in de Bourgondische Nederlanden. De dood van Karel de Stoute, hertog van Brabant, in 1477 leidde tot een machtsstrijd. Brabantse ambachtsgilden probeerden meer macht te verkrijgen, maar werden uiteindelijk onderworpen door aartshertog Maximiliaan van Oostenrijk. Tienen werd zwaar getroffen door de economische gevolgen hiervan. Hoge boetes en schadevergoedingen legden de stedelijke financiën lam, de stad verloor haar autonomie en werd voortaan afhankelijk van Habsburgse bestuurders.
Dat proces werd versneld door militaire conflicten en rampen, waaronder de gewelddadige plundering door de troepen van Karel van Egmond, hertog van Gelre en graaf van Zutphen, in 1507.
Religieuze spanningen
De zestiende eeuw bracht religieuze spanningen, onder meer door de opkomst van de reformatie. Twee Hollandse vrouwen in Tienen, Anna Adriaens en Barbara Beckers, werden gearresteerd op verdenking van ketterij. Hun huis werd doorzocht en er werden vijf lutherse boeken gevonden, verstopt in de houtvoorraad. Uiteindelijk werden ze vrijgelaten, maar hun zaak illustreerde de veranderende godsdienstige sfeer in de stad. Zeker welgestelde burgers waren de reformatie niet ongunstig gezind.
Een ander voorbeeld is het turbulente levensverhaal van Hendrik Boxhorn of Henricus Boxhornius. Hij werd priester en landdeken in Tienen, maar vluchtte later naar Duitsland. Daar bekeerde hij zich tot het lutheranisme en uiteindelijk verhuisde hij naar Nederland, waar hij calvinist werd. Zijn kleinzoon, Marcus Zuerius Boxhornius, werd een vooraanstaand linguïst en hoogleraar in Leiden.
De conflicten en religieuze onzekerheid bereikten een hoogtepunt tijdens de Tachtigjarige Oorlog, tussen 1568 en 1648. Tienen werd 31 keer aangevallen door zowel Spaanse als Nederlandse troepen en kende 23 pestjaren en 15 hongercrisissen.
Tiense Furie
De meest verwoestende episode vond plaats op 9 en 10 juni 1635. Franse en Hollandse troepen onder prins Frederik Hendrik en maarschalk Brézé bestormden de stad. Na een korte weerstand werd Tienen ingenomen, geplunderd en platgebrand. Die gebeurtenis staat bekend als de Tiense Furie.
Ooggetuigenverslagen van Jan Jakinet, Anna Wielant en Walter Gipsius beschrijven de gruwelijkheden. Anna Wielant, overste van de annunciaten, vertelde hoe de Hollanders haar klooster plunderden. Jan Jakinet noteerde dat de stad zonder verzet werd ingenomen. Walter Gipsius, prior van het augustijnenklooster, legde vast hoe de inwoners probeerden te vluchten.
Gruwelijkheden
Pamfletten over de gruwelijkheden circuleerden door heel Europa, waarbij de schuld werd toegeschreven aan de Hollanders, de Fransen of de Spaanse commandant. De Hollandse dichter Constantijn Huygens toonde zich zeer ontstemd over de gebeurtenissen in Tienen. Vooral de wreedheden begaan door het soldatenvolk maakten een blijvende indruk op hem: dit was zeer bedroeffelyck ende nyet excusabel.
Belgische onafhankelijkheid
Tienen speelde ook een rol in de Brabantse Omwenteling van 1790 en de Belgische onafhankelijkheid. In 1830 werd de stad, voor de laatste keer, belegerd door Hollandse troepen, maar ze wist haar autonomie te behouden door een slimme list: vrouwen plaatsten lege boterkroegen op de vestingwerken, waardoor de Hollanders dachten dat de stad een groot aantal kanonnen had.
Suiker
Wie Tienen zegt, zegt suiker. Op 16 mei 1836 zag de Tiense Suikerraffinaderij het levenslicht. De groei van de stad was sterk verbonden met de opkomende suikerbietenindustrie. Ook daar hebben Hollanders een rol in gespeeld. De Amsterdamse ingenieur Cornelis Springer vestigde zich in Tienen en werd directeur van de suikerfabriek. Hij was de jongste zoon van de schilder Cornelis Springer, bekend om zijn stadsgezichten. Zijn nazaten wonen nog steeds in de stad.
Turbulente relatie
Door de eeuwen heen heeft Tienen een afwisselende en soms turbulente relatie gehad met Ollanders. Van religieuze hervormers tot militairen, handelaren en ondernemers, hun aanwezigheid liet een blijvende erfenis achter in de stad. Hoewel oorlogen en conflicten soms de boventoon voerden, waren er ook momenten van culturele en economische samenwerking die de stad mede vormgaven.
Ruud Hendrickx
Geboren Tienenaar
Dit artikel is gebaseerd op de lezing die het Tiense lid Staf Thomas, voormalig conservator-archivaris van het Museum het Toreke in Tienen, gaf tijdens het weekeindbezoek van de afdeling Leiden aan Tienen begin april. Op de afdelingspagina van Tienen staat een verslag van dat weekeind en een uitgebreide reeks foto's.
Wil je een grote activiteit van je gewest of afdeling plannen? Kijk dan eerst in de kalender welke activiteiten andere gewesten en afdelingen al gepland hebben.
De volgende PrincEzine komt uit op 27 juni. Om meegenomen te kunnen worden in die nieuwsbrief dienen artikelen uiterlijk maandag 23 juni (liefst eerder) binnen te zijn op het secretariaat of bij de portefeuillehouder Communicatie, Ruud Hendrickx. De redactie beslist, waar mogelijk in overleg, of en hoe een artikel wordt opgenomen in PrincEzine.
Volg de richtlijnen voor het aanleveren van artikelen en foto's voor PrincEzine. De redactie gebruikt alleen foto's die rechtenvrij zijn of waarvoor de rechthebbende toestemming heeft gegeven. Het plaatsen van foto's waar copyright op rust, kan tot hoge schadeclaims leiden.
Portefeuillehouder Communicatie Ruud Hendrickx geeft in een video van de Prince-Academie tips voor het schrijven van webteksten.
Elwin Lammers, Ruud Hendrickx, Marianne van Scherpenzeel en Chris Vermuyten.