Henk Blogt

Handicap

Een aantal jaren geleden was ik uitgever van het weekblad Donald Duck, het vrolijkste en best gelezen weekblad van Nederland. Zowel door jong als oud. Wie is niet opgegroeid met Donald Duck? Ik denk dat vrijwel iedereen in Nederland de stripverhalen van de meest bekende eend ter wereld kent.

In het verleden werd het lezen van stripverhalen gehekeld. Zou slecht zijn voor de kinderen. Nee, een écht boek, dat was pas echt goed voor de ontwikkeling van het kind. Een plaatje met een praatje was niet écht educatief, vonden de geleerden.

Maar zie hoe de wereld is veranderd. Beeld is de drager geworden van alle communicatie. Korte, snelle teksten, want anders haakt iedereen af.

Maar ondanks de enorme ontwikkeling van de toegankelijkheid van de informatie is er een bevolkingsgroep voor wie dit voordeel niet is weggelegd. De visueel gehandicapten. Wat mooi was het dan ook dat Donald Duck onlangs een editie heeft gemaakt in braille. Niet alleen de teksten, maar ook de vormen van de stripfiguren kon je voelen. Ik zag de visueel gehandicapte kinderen opfleuren. Heerlijk, eindelijk konden ze de Donald Duck met braille lezen en voelen hoe Donald Duck en andere stripfiguren “eruit zien”.

Onlangs ben ik zelf geopereerd aan één oog en heb ervaren dat  geen zicht  aan dat oog een behoorlijk invloed heeft op je dagelijks leven. Maar gelukkig hield ik één goed functionerend oog over en vordert het herstel van het geopereerde oog gestaag.

Gelukkig komen er voor visueel gehandicapten steeds meer innovaties die hun leven aangenamer maken. En ik was ook écht onder de indruk toen ik een keer bij een toertocht een tandemstep zag. Een echtpaar stepte er vrolijk op los, terwijl een van hen niet kon zien. Samen stepten ze voortvarend op deze unieke constructie van aluminium. Maar ook een geweldige samenwerking. Gelijktijdig afzetten. Min of meer gelijktijdig wisselen. Topprestatie!!!!! En daarvoor heb je beiden toch echt een goeie conditie nodig, anders is het te zwaar.

Of de dame die tijdens een toertocht van wel meer dan 40 km heeft gestept , terwijl ze slechts de beschikking had over één arm. Nou, probeer dat maar eens. En ook uiteraard wisselen. Nog zo’n enorme prestatie.

Ook bij andere is er veel meer aandacht voor gehandicapten. Wat te denken van de paralympische spelen. Wat een enorme prestaties worden daar neergezet door al die sporters.

Soms is het echter noodzakelijk om een handicap in te voeren om iedere sporter gelijke kansen te geven. Zo kunnen deelnemers van verschillend niveau tegen elkaar strijden met min of meer gelijke winstkansen. Kijk naar de golfsport, zeilsport, autoracen, paardwedrennen, schaken, etc. Door extra gewicht, omrekenmodules, grotere afstand of bijvoorbeeld een voorgift bij het schaken, kunnen toch deelnemers met ongelijke kansen tegen elkaar strijden.

In veel sporten is er een strakke normering ter voorkoming van ongelijke kansen, bijvoorbeeld in de wielersport. Geen onsje te licht van de racefiets is toegestaan. Hoe zit dat eigenlijk in de wedstrijd stepsport? Het gewicht van de step, de maat van de wielen, etc? Zou het materiaal van de wedstrijdsteppen gelijk aan elkaar zijn? Is er überhaupt een normering? Of moet er een handicapreglement  worden ingevoerd?

Gelukkig hoeven we ons als recreatieve steppers daarover niet druk te maken. Het gaat bij ons om het stepplezier en niet zozeer om de prestatie. Wel om de uitdaging, toch??!! En dat is mooi, met of zonder handicap. Dan kun je ook als (visueel) gehandicapte mooie prestaties neerzetten.

Sluit ook tijdens het steppen eens héél even je ogen, luister naar je omgeving, adem diep in en wellicht  “zie” dan de meest opvliegende eend ter wereld op de step.

 METEN IS WETEN

Mijn vader was timmerman, althans zo werd dat in de volksmond genoemd. Nee, hij was geen timmerman, maar meubelmaker. Dat maakte een groot verschil. Hij was trots op zijn vak en een échte vakman. Ooit in Zuid Limburg bij een meubelfabriek begonnen als gezel meubelmaker, later een volwaardig leermeester. In ons (kleine) huisje waren alle hoekjes en gaatjes benut met zelf gemaakte kastjes en meubeltjes. Het huisje was zeer klein en we leefden, studeerden, etc. er met 6 personen. Geen luxe, maar we waren gelukkig en tevreden. Beetje passen en meten was het wel.

Kijk en in dat meten was mijn vader een kei. Hij had een echt “timmermansoog”. Hij kon niet alleen goed meten, maar ook recht zagen, schaven,vijlen, boren, enzovoorts. Allemaal met het handje, want de elektronische hulpmiddelen stonden hem nog niet ter beschikking.

In  Amersfoort zijn waarschijnlijk nog veel huizen te vinden waar mijn vader meubeltjes heeft gemaakt. ’s Avonds bijklussen, want dat was wel nodig met 4 studerende kinderen.

“Meten is weten” zei mijn vader altijd. Met de duimstok in een smalle zak aan de zijkant van zijn overall. Hoe vaak zou ie die eruit hebben gehaald en er weer ingestoken? Duizenden keren!! En met zijn parool had ie gelijk. Dat was toen zo (zo’n 50 jaar geleden) en nog steeds!!!

Gelukkig is in de huidige tijd dit motto meer van toepassing dan ooit. Zelfs de zakkenvullers van de FIFA zijn overstag gegaan. Ja, de doellijntechnologie wordt geïntroduceerd en op het WK in Rusland gaat zelfs de videoscheidsrechter een belangrijke rol spelen. Hulde voor die bobo’s dat ze eindelijk het licht hebben gezien. In de hockeywereld en bij het shorttrack waren ze er lang achter. En ook de finishfoto bij vele sporten heeft alom zijn vruchten afgeworpen. Wellicht toch allemaal slimmer dan het voetbalvolk.

Maar het is ook hard nodig in deze tijd van technologische vooruitgang. Recent is er een mobiel röntgenapparaat geïntroduceerd om racefietsen door te lichten op mechanische fraude. Kost wat,    € 250.000,- , maar dan heb je ook wat. En de sport wordt hopelijk eerlijker. Zelfs een chip wordt er in de racefiets gedaan, omdat wielrenners onderweg nog weleens van fiets willen wisselen.

Het sterft in Nederland van de camera’s. Overal word je gevolgd. Maakt niet uit qua privacy, want vrijwel iedereen zet z’n hele hebben en houwen op Facebook. Hoezo privacy probleem?En dan slaat heel Nederland op hol vanwege de sleepwet. De helft voor en de helft tegen. Ik zou wel eens een kijkje willen nemen bij al de tegenstemmers in hun Facebook-gedrag. Ik vrees het ergste.

Maar als je niets meet, dan weet je ook niets. Daarom is het goed dat er op snelheid, rijden onder invloed en appen achter het stuur wordt gecontroleerd. Met drones de zaak in de gaten houden, lijkt me prima. En de cybercriminelen opsporen is bittere noodzaak, want er komt zeker een zwarte dag.  Het kan een willekeurige dag in de week zijn. Het is niet de vraag of die er komt, maar wanneer. En daarvan  zouden we weleens allemaal flink last kunnen gaan hebben.

“Big brother is watching you”. Hebben we een keus? Nee, waarschijnlijk is het bittere noodzaak. En zullen we in 2050 zeggen: “waar maakten we ons destijds toch druk over”.

Ik meet ook graag. Probeer veel zaken te vatten in ratio’s. Iets kost veel!! Hoezo? Als je het deelt door het aantal gebruiksjaren, per dag, per uur, dan blijkt ’t eigenlijk héél goedkoop te zijn voor het genot dat je er dagelijks van hebt.

Ook met de step meet ik graag alles. Bandjes op de juiste spanning. De route, de (gemiddelde)snelheid, de tijd, de rit- en ODO-afstand, verbruikte calorieën, hoogteverschil, etc. Heerlijk, het geeft me een goed gevoel. Maar het is ook handig. Ik ben namelijk zo’n type die veel te voortvarend van start gaat. En als ik het honk ruik, ga ik ook steeds harder steppen. Dus ben ik blij dat ik mezelf in bedwang kan houden middels mijn MIO. Waarschijnlijk houdt big brother MIO mij ook in de gaten via de ingebouwde GPS. Maakt mij niets uit, want ik heb toch niks te verbergen.

Mijn MIO is goed voor mij en mijn mede-steppers. Een finishfoto of röntgenapparaat hebben we niet nodig, want we zijn en blijven recreatieve steppers. Maar mijn vaders motto blijft erg handig en verstandig: “meten is weten!!

GRATIS

Als je praat over het imago van Nederlanders dan valt al snel het woord “zuinig”. Maar ook worden tulpen, klompen, schaatsen en de fiets vooral geassocieerd met ons kikkerlandje. Maar de krenterigheid voert toch wel de boventoon. Evenals onze nuchterheid en “doe maar gewoon, dan doe je al gek genoeg-mentaliteit”,  zijn ook ver buiten onze landsgrens bekend.

En overal wordt ingespeeld op onze zuinigheid. Als het maar gratis is, dan staan we met de neus vooraan.

Neem nou een kopje koffie. Bij de supermarkten gratis te verkrijgen. En bij zo’n koffieautomaat zit altijd wel iemand gezellig een bakkie te doen en de krant te lezen die daar gratis ligt. Maar ook in vele horecavestigingen kun je een tweede kopje koffie gratis krijgen. Leidt altijd tot meer omzet, want een stuk appeltaart smaakt prima bij een paar kopjes koffie.

Wekelijks worden we doodgegooid met reclamefolders, die volstaan met allerlei soorten aanbiedingen. Het lijkt wel of alles in de aanbieding is. Tweede fles wijn gratis, etc. U kent die aanbiedingen wel, waar je uiteraard ook weer geweldig mee moet oppassen. Want eerst is de prijs flink opgevoerd, om vervolgens een fikse korting te kunnen geven. Tijdens mijn actieve arbeidsverleden noemden we dat gewoon “prijsmistificatie”.  Je wordt als consument op het verkeerde been gezet. En we trappen er allemaal in. 

Nee, wij Hollanders worden allemaal erg hebberig als we het woord GRATIS valt. Er zijn zelfs sites waar je spullen gratis kunt afhalen. Maar ook de kringloop is uitermate succesvol. Voor een habbekrats leuke dingen op de kop tikken. En soms zit er ook nog eens iets zeer waardevols tussen.

Het stikt van de klantenkaarten en zegeltjesacties. Allemaal om iets gratis te sparen. In vele huishoudens zijn de handdoeken van Shell nog steeds in gebruik. Van de Chinees met z’n stempelkaart tot en met de zegelacties voor gratis bestek of dagjes uit. En wat te denken van Airmiles of de rentepunten bij de bank.

Onlangs was ik nog bij de IKEA. Het restaurant zat barstensvol met consumenten. Allemaal voor het ontbijtje voor € 1,- met een gratis kopje koffie dat je onbeperkt mag bijvullen. Dikke rijen voor de kassa van het restaurant, terwijl de winkel nog open moest gaan.  Het is me ook wel eens opgevallen dat er sportgroepen o.a. nordic walking gezellig even bij Ikea binnenwippen voor een gratis kopje koffie met de Family Kaart en daar heerlijk zitten te beppen. Dan zijn we als Nederlanders pas echt gelukkig, denk ik zo.

Ook de opticiens doen er alles aan om hun klantjes binnen te krijgen. Je hebt het gewoon voor het uitkiezen waar je de tweede bril of soms zelfs je derde (zonne)bril gratis krijgt. De concurrentie is moordend. En wie kent ze niet? De beursbezoekers die met tassenvol lopen te zeulen gevuld met allemaal gratis producten.

Maar wat écht helemaal gratis is, is onze buitenlucht. Gratis en voor niks. Heerlijk! Gelukkig worden we ons steeds meer bewust dat we onze levenswijze moeten veranderen, zodat ook toekomstige generaties kunnen blijven genieten van deze (schone) gratis buitenlucht. Onze levensader.

En wat is het niet heerlijk om een avondje te steppen in die gezonde buitenlucht, gecombineerd met een gratis stepclub. Het lidmaatschap van veel stepclubs in Nederland is gelukkig ook gratis. En zo’n gratis stepclub kan makkelijk, want je hebt namelijk totaal geen kosten. En de stepsport wordt daarmee toegankelijk en laagdrempelig gemaakt voor iedereen. Ook voor hen die een minder dikke portemonnee hebben.

Gratis buitenlucht en een gratis stepclub. Dat moet toch menig Nederlander aanspreken. Da’s dubbelop. Ik zou bijna zeggen kwadratisch. Gezond bewegen, gratis en voor niets. Dat is toch het ultieme voor ons Nederlanders. Daar worden we toch allemaal blij van.  En dat op de step. Oer Hollandser  kan bijna niet. Dus laten we vooral zuinig zijn op onze gratis buitenlucht.

RAKE KLAPPEN

Mijn studietijd in Amsterdam is alweer even geleden. Ook toen waren er studentenverenigingen waarvan je lid kon of mocht worden. Uiteraard waren er ontgroeningen. En wellicht nog heftiger dan tegenwoordig. Maar dat kwam niet in het nieuws. Sociale media noch mobieltjes waarmee je alles kunt filmen, waren nog niet uitgevonden.

Zelf ben ik geen lid geworden van zo’n vereniging. Maar een biertje drinken in de sociëteit kon altijd. Helaas had ik daarvoor weinig geld. Ik leefde van een studiebeurs, die eens per kwartaal werd overgemaakt. Dan was het feest en bezatte ik me in de sociëteit, om de eerste ochtendtrein weer naar mijn woonplaats te nemen. De rest van dat kwartaal kon ik me zo’n uitspatting niet veroorloven.

En het was op één van die memorabele kroegdagen dat er rake klappen vielen. De rijkeluis corpsleden , in blauwe blazer, stropdas en grijze broek met omslag waren dagelijks in de kroeg te vinden en gingen met elkaar op de vuist. “Alcohol in de man, geest in de kan”.  Een paar voortanden volgen over de aftandse houten vloer met zaagsel. Waarom? Geen idee. Te hoog testeron gehalte, vermoed ik. De volgende ochtend liep het heerschap met een beugelbek en flink wat blauwe plekken weer vrolijk rond in zijn blauwe blazer. Paste qua kleur prima bij elkaar.

Dezelfde heren speelden in die tijd tevens al golf en troefden elkaar af met hun handicap. Daar werden ook rake klappen gegeven met de houten golfclubs. Niet dat ze van hout zijn, hoor! Welnee, zo worden ze nou eenmaal genoemd. Net zo vreemd als de uitdrukking “fore”,  dan moet je niet naar voren kijken, maar juist achterom vanwege een naderende golfbal. Een sport kun je dat golfen natuurlijk niet noemen. Voor die heren met hun dikke buiken was het vanzelfsprekend een hele uitdaging om 18 holes te lopen, na al die kroeguren. Nee, het wordt pas een sport als we er een soort biathlon van maken. Een golfparcours lopen op snelheid. Fysieke inspanning gecombineerd met concentratie. Voor die echte biathlon sporters heb ik pas echt respect op hun langlaufski’s en met hun geweer.

Ik heb niet zoveel met die boys die rake klappen uitdelen. Neem nou Camiel Eurlings. De mooiste en betaalde vrijwilligersbaan van de wereld bij het IOC, die zich permitteert om zijn vriendin in elkaar te slaan. Vervolgens een persbericht doet uitgaan dat het een “eenvoudige mishandeling” betrof. De kroonprins van het CDA die met betraande ogen salueert “at your service” naar Maxim Verhagen en zichzelf een mooi baantje bezorgde bij de KLM (vertrokken wegens mismanagement), denkt wellicht dat  ie boven de wet staat. Deze wonderboy is “back to earth”, net zoals die golfbal. Hij dacht even alleen naar voren te kunnen kijken, maar de echte topsporters dwongen hem om toch nog even om achterom te kijken en de consequenties te aanvaarden. Zelf had ie niet de moed om op te stappen. Een terechte rake klap tussen de ogen, toch!! Je zult maar op de OS een medaille om je nek gehangen krijgen door zo’n loser. Waarschijnlijk heeft  ie bij paps en mams in Valkenburg gezellig op de bank met het bordje op schoot naar de OS gekeken. Eigenlijk een zielige man.

De échte wonderboys and – girls zijn natuurlijk onze deelnemers aan de Olympische winterspelen. Die (shorttrack-) schaatsers delen pas écht rake klappen uit. Rake klappen. Maar dan op sportief gebied. Wat een sensatie. Wat een sporters. Ongelooflijk, wat een respect heb ik voor die sporters. De ene na de andere medaille wordt omgehangen. Deze sporters hebben jarenlang keihard moeten werken om zover te komen en om hun conditie te behouden, in plaats van via het Haagse pluche mooie baantjes in de schoot geworpen te krijgen. “Geen woorden, maar daden”, een zeer toepasselijke uitdrukking die me na aan ’t hart ligt, hoewel ik geen echte fan van Feyenoord ben.

En dat alles mede dankzij de ontwikkeling van de klapschaats. We zouden het bijna vergeten dat deze uitvinding borg stond voor een ware regen van wereldrecords in Nagano in 1998. Gewoon omdat je met deze schaats langer in contact kon blijven met het ijs en niet de remming had van het zogenaamde “punteren” bij de conventionele schaats. De strekking van de kuitspier werd als het ware vergroot. Dus met de klapschaats deel je inderdaad rake klappen uit.

Het was zo’n fenomeen dat er allerlei artikelen op de markt kwamen, zoals de ouderwetse schaatsmuts. We noemden het een “klapmuts”. De puntjes aan weerszijden kunnen namelijk omhoog geklapt worden. Ik was op een internationale conferentie in St. Maarten en hadden voor alle deelnemers zo’n klapmuts meegenomen. Het is een écht collectors item geworden voor het internationale gezelschap dat nog nooit van de klapschaats had gehoord..

Ook bij het steppen kunnen nog veel leren van deze klapschaats-techniek. Een prachtige en soepele cadans, gecombineerd met  een zolang mogelijk contact met de wegdek. Dat levert snelheid op. Dan deel je rake klappen uit. Zou er nog eens een functionele “klapschoen” worden ontwikkeld, zodat je langer in contact kunt blijven met de weg? En de stepsport  gekwalificeerd wordt als een Olympische sport!!Zowel bij de winterspelen met het sleesteppen als met de klassieke step bij de zomerspelen. En dan maar hopen dat de medailles niet worden omgehangen door zo’n onsportieve plucheplakker die zijn handjes niet kan thuishouden,maar door onze eigen Erica die het geheel complementeert met een enorme klapzoen. Een meesterlijk klapstuk!  “Da’s pas echt mooi, man!!”.

Appongeluk

Helaas bestaat het programma niet meer. Maar Hints stond een aantal jaren geleden borg voor hoge kijkcijfers met Anita Witzier. Hilariteit met bekende Nederlanders. Nog steeds is het spel te koop en wordt in familiaire- of vriendenkring veelvuldig gespeeld. Altijd goed voor een avondje lol.

Aantal vingers op de bovenarm. Dat betekent dus zoveel lettergrepen. Trekken aan je oorlel………..Klinkt als…….. etc. Associëren en interpreteren, daar komt het op aan.

In de huidige tijd  verloopt de communicatie via instagram, app, vlog, mail, etc. En met emoticons wordt aangegeven wat je ervan vindt. Wie kent ze niet. Een geheel nieuwe taal om je gevoelens uit te drukken.

Maar aan dat appen wordt wel de meeste tijd besteed. Heel de wereld appt. We kunnen ons een wereld zonder appen niet meer voorstellen. Er zijn zelfs mensen die er volledig aan verslaafd zijn. Ze hebben vierkante vingers. En na de muisarm, tenniselleboog, kantoorknie en de sms-duim, zijn er nu steeds meer klachten over een Whatsapp-vinger.

In het verleden mocht je nog roken in een restaurant. Dus het eerste wat op tafel kwam was een pakje sigaretten, want ja, wat moet  je anders met je handen doen. Uit je neus eten in een restaurant is niet zo smakelijk. Gelukkig is die tijd voorbij. Maar tegenwoordig liggen de smartphones naast het bord. Het is zelfs zo erg dat men aan één tafel  met elkaar appt. Gelukkig komen er restaurants waar het gebruik van een smartphone verboden is.

Recent reisde ik met de trein en zat er een jong setje naast me die gedurende de hele treinreis met elkaar hebben ge-appt. Ze hadden vreselijke lol. Kregen er een kleur van.  Ik mocht het onderwerp kennelijk niet horen. Ik vraag me dan altijd  af waar ze het over hebben? Dan begin ik te associëren. Zou het zoals altijd over neu……….Nee, laat maar, dat is hun geheim. Maar ze genoten erg van elkaar.

Maar zolang het de medemens niet stoort vind ik het prima. Kwalijk wordt het als je iemand in gevaar brengt, zoals appen tijdens het autorijden of op de fiets. De zorgkosten zouden aanzienlijk lager zijn als dat wordt verboden. Dat geldt niet alleen voor appen, maar ook voor het bellen.

Het moet verboden worden. Onlangs reed een fietser op de linker rijhelft van een fietspad vanwege het appen en knalde bovenop een auto die daar netjes stond te wachten om voorrang te verlenen.  Grote schade. De fietser loog doodleuk dat ie niet bezig was met zijn telefoon, zei dat fietsers toch altijd in   het gelijk worden gesteld en de gealarmeerde politie stond er schaapachtig bij en waren niet bevoegd tot nader onderzoek vanwege de privacywet of zo. En de verzekeringsmaatschappij was ook niet van ’t zin om de tegenpartij aansprakelijk te stellen. Namelijk geen schijn van kans. Conclusie: grote financiële gevolgen voor de automobilist.

Er zal wel een moment komen om handsfree te appen. Dan wordt de spraak omgezet in een app-bericht. Handsfree bellen kennen we tegenwoordig al. In de auto, op de fiets, etc.  Dan kun je je handen gewoon aan het stuur houden. Minder gevaarlijk. Moslima’s hebben het maar wat makkelijk. Die steken nl. gewoon de smartphone tussen hun oor en hun hoofddoek. Daar is natuurlijk die hijab niet voor bedoeld, maar gemak dient de mens. Ook veel vrouwen steken de smartphone gewoon in hun BH. Beetje afhankelijk van de cup, uiteraaard. Die is daar natuurlijk ook niet voor bedoeld. En  bovendien communiceert het ook vrij onhandig, lijkt me. Ik ben geen ervaringsdeskundige.

Overigens zie ik weinig moslima’s in de stepwereld. Héél opvallend. Zou toch prima kunnen, want met een hoofddoek kun je prima steppen en onder een helm past die zeker. Nog lekker warm in de winter, toch!!?? En bovendien is het dan mogelijk om handsfree te telefoneren tijdens het steppen. Nike introduceerde recent de sporthoofddoek Pro Hijab. Zit strak en gemaakt van ademend materiaal. Ik durf te wedden dat er eerdaags zo’n hoofddoek komt met een klein zakje voor je telefoon, zoals in alle sportkleding gewoon is. Of zullen we maar hopen van niet.

Maar appen blijft toch een moeilijk punt tijdens het steppen. We hadden iemand in onze stepclub die toch bezig was met zijn telefoon tijdens het steppen. Dus één hand aan het stuur, dat is vragen om moeilijkheden. En ja hoor, het ding glipt uit de handen. Finaal naar de filistijnen. Grote schade. Dat gebeurt dus nooit meer.

Appongeluk!!! Het woord van 2017. Wie had dat ooit kunnen bedenken!!??

SJOEMELSTEP

Heeft U weleens gesjoemeld? Eigenlijk hoef ik dat waarschijnlijk niet te vragen, want het antwoord is gewoon volmondig JA. Onlangs vroeg ik in een groot gezelschap of er iemand was die nog NOOIT had gesjoemeld. Steek Uw hand op. Het bleef angstvallig stil en alle handen bleven gewoon waar ze waren.

Heerlijk dat er zoveel gesjoemeld wordt in Nederland. Een prachtig woord. Klinkt zo lekker ondeugend. Aanvankelijk dacht ik dat het woord afkomstig was uit het Jiddisch. Maar nee, het komt uit Duitsland. “Schummeln” oftewel schommelen.

En dat sjoemelen begint al op jonge leeftijd. Het lijkt wel of het bij de mens genetisch is ingebouwd. Als ik met mijn kleinkinderen een potje kaart of een ander spelletje doe, dan moet ik steevast opletten dat er niet wordt gesjoemeld. Van vals spelen kan ik nog niet spreken, maar het randje opzoeken dat kennen ze al vroeg.

En dat sjoemelen is niet voorbehouden voor alleen Nederland of een bepaalde sector. De hele wereld lijdt eraan. Wat dacht U van de sjoemelsigaret. Advocaat Bénédicte Ficq is een strafzaak begonnen tegen de tabaksindustrie. Ze vindt dat er zelfs sprake is van moord. Van alle technische feiten ben ik niet op de hoogte, maar duidelijk is dat de tabaksindustrie op grote schaal er alles aan heeft gedaan om de nicotineverslaving zo groot mogelijk te maken en te houden.

En dan VW met de sjoemelsoftware in de auto’s. Ook daar een rechtszaak. Niet alleen vanwege de fraude die gepleegd is jegens de bezitters van zo’n diesel, maar tevens een ongekend disrespect voor het milieu. Niet geheel onterecht werd “sjoemelsoftware” tot het woord van het jaar gekozen. En VW is er nog niet vanaf.

En zo kunnen we nog heel wat voorbeelden aanhalen. Banken, verzekeringsmaatschappijen, vleesindustrie etc. hebben hun creativiteit ook volop gebruikt om de klanten te belazeren. Wat dacht U trouwens van sjoemelaanbiedingen. Gewoon via reclame zeggen dat een product in de aanbieding is, maar in werkelijkheid ligt de prijs op hetzelfde niveau of soms zelfs hoger. Bij ons thuis noemde we dat gewoon: “Verneuk de massa, grijp de kassa”. Minachting voor de klant.

Maar erger wordt als het gaat om een sjoemelbaby uit Sri Lanka. Of als wetenschappers gaan sjoemelen. Wie kent niet onze sjoemelprofessor Diederik Stapel. Gewoon harde data weggooien omdat het beter uitkomt. Maar als Justitie gaat sjoemelen, dan zijn de rapen gaar. Ik viel van mijn stoel toen ik hoorde dat er bij het ministerie van Justitie met onderzoeksresultaten is gesjoemeld omdat het politiek beter uitkwam. Sjoemeljustitie!! Hoe kun je het vertrouwen in onze politici en ons rechtssysteem nog ernstiger beschamen. Of zou er ook soms met de cyaankali gesjoemeld zijn die is binnengesmokkeld om Slobodan Praljak zijn verdiende straf te laten ontlopen?

Sjoemelen hoort kennelijk bij ons dagelijks leven. U, ik en alle anderen hebben ook weleens gesjoemeld. Toch!!?? Met één glaasje teveel achter het stuur, iets te hard rijden, een creatieve belastingaangifte, zwart werken, sjoemelen met je leeftijd of dat van je (klein)kind, illegaal kopiëren of downloaden van cd’s, dvd’s,e-books of andere software, bij een spelletje, spieken op school, indienen van schadeclaims bij de verzekering of andere declaraties,   etc. Op velerlei wijzen komen we in de verleiding om een beetje oneerlijke trucjes toe te passen.

En ach, niet alles is even erg. Soms is het ook een beetje ’n sport.  Maar het is schandalig als je een ander ernstig benadeelt. Zoals in de échte sportwereld. Hoe erg is het niet dat Lance Armstrong en al die andere wielrenners de zaak zwaar hebben belazerd en daarmee andere wielrenners vreselijk hebben benadeeld. En wat dacht U van het veel besproken moment van Fabian Cancellara in de Ronde van Vlaanderen op de Muur van Geraardsbergen. Nog steeds is men van mening dat een klein elektro motortje in de trapas van zijn fiets ervoor heeft gezorgd dat hij op deze muur van Tom Boonen weg kon springen. Of je hebt last van astma en neemt een dubbele dosis salbutamolwaarde zoals Chris Froome. Zou ie sjoemelvrij zijn?

Ontgoocheld was ook iedereen toen de jonge Belgische belofte Femke Van den Driessche tijdens het WK veldrijden in Zolder (onder de 23 jaar) is betrapt op mechanische doping ofwel een motortje in de trapas. Het meiske was compleet overstuur. Twee mogelijkheden: ze is inderdaad belazerd door haar eigen technische staf of ze slaagt cum laude voor de toneelschool. Hoe dan ook, einde carrière. Ze hield het per direct voor gezien en kreeg later van de UCI  sowieso een schorsing van 6 jaar en een stevige boete.

Maar hoe erg is het als de overheid zich op grote schaal bezighoudt met doping, zoals in Rusland. En terecht zijn alle sporters voor de OS 2018 geschorst, tenzij het tegendeel kan worden bewezen. Behalve in de toenmalige DDR heb ik nog nooit zoiets grootschaligs en schandaligs meegemaakt.

En het gaat altijd en allemaal om geld en/of aanzien.

Gelukkig is de stepsport een “kleine” sport waar niet zoveel geld in omgaat. Noch aanzien. En dat is maar goed ook. Anders kunnen we wachten op de eerste sjoemelstep (als ie er al niet is). Een step die extra power krijgt van een motortje in de as. Sommige e-bikes rijden tenslotte ook al vanzelf, zonder ook maar één omwenteling van de trapas. Een klein beetje extra kW kan net het verschil maken, toch!!??

Maar er is één groot voordeel bij de stepsport. De meeste steppers genieten vooral van het toersteppen, waarbij snelheid of prestige er totaal niet toedoet. Gewoon lekker steppen en je conditie op peil houden. Genieten van elkaar en van de natuur. In een heerlijke flow met prachtige swing. Een heerlijk  buikgevoel krijgen zoals bij het schommelen.

IK WENS U ALLEMAAL EEN SJOEMELVRIJ 2018!!!

Henk Roelofs, Stepclub Amersfoort


EN ER WAS LICHT..............

Op de jongens-basisschool (lagere school), gerund door fraters, was ik géén licht. In de hoogste klas zat ik bij frater Alexius . Een geweldige vent  en naar mijn mening hoeft ie niet tegen het licht  gehouden te worden. Laten we  het maar hopen, anders ben ik alweer een illusie armer. Het voortgezet onderwijs kwam dus in ’t zicht. Ik weet niet of er destijds al CITO-toetsen waren, die de capaciteiten van de kinderen enigszins objectiveerde, maar voor mij lag de technische school in het verschiet. Frater Alexius had een gesprek met mijn ouders en mijn vader zei: “Nu heb ik maar één ‘jong’ en dan moet ie naar de technische school”. Zelf had hij ook verder willen leren, maar er moest thuis brood op de plank komen, dus werken. Hij werd meubelmaker. Mijn oudere zussen keken op mij neer, want hadden kennelijk méér IQ meegekregen.  Althans dat dachten ze in die leeftijdsfase. Een gesprek van mijn ouders met frater Alexius leidde ertoe dat ik toch maar de MULO mocht proberen. Ik was een “jonge” leerling (geboren eind augustus) en liep inderdaad wel enigszins op mijn tenen. Dat merkte pas toen ik in de 3e van de MULO bleef zitten. Vanaf dat moment zag ik het licht. Wel ging ik naar een andere MULO, ruim 10 km fietsen. Door weer en wind. ’s Morgensvroeg en einde middag in het donker over een onverlichte binnenweg. Een uitstekende verlichting was bitter noodzaak, anders was je je leven niet geheel zeker. Ik was weliswaar géén licht, maar het lampje is precies op tijd gaan branden met een goeie verlichting op mijn klassieke dynamofiets. Vanaf dat moment is twee vingers in de neus.

Ook de komende maand zullen er weer heel wat lampjes gaan branden. Op weg naar de zonnewende en de kerst zal het in de donkerste dagen van het jaar weer belangrijk zijn om met goede verlichting de weg op te gaan. De ANWB heeft er zelfs een landelijke actie van gemaakt.  Ook op je step., uiteraard. Je kunt een  kerstverlichting om je stuur of in je voorwiel aan toevoegen om een beetje in de kerstsfeer te komen. Wordt het steppen nog gezelliger!

Gelukkig hebben we tegenwoordig veel ledverlichting, zodat fietsdynamo niet meer nodig is en de opwarming van de aarde wordt beperkt. Maar hoe dan ook, het kost wel energie. En in sommige bevolkingsgroepen neemt het stroomverbruik aanmerkelijk toe. Daar wordt niet op een eurootje gekeken. Of ze nou wel of niet kunnen betalen. Het geeft wel warmte. En of onze regering ermee zit? Welnee, het zal ze aan hun reet roesten. Een jaartje eerder of later de CO2 doelstellingen halen, maakt niet uit. Daar maken zij zich niet druk over. Veel woorden, weinig daden.

En dan zijn er in den lande heel wat lichtjestochten. Zo ook bij ons in het bos. Rijkelijk versierd met waxinelichtjes in wekpotten, kun je een tocht lopen door het bos op weg naar de kerststal. We moeten het licht volgen en onderweg komen we alle figuren uit het kerstverhaal tegen. De herders, de drie koningen, en de herberg waar géén plaats meer is. De herbergier en zijn vrouw koken  een heerlijke pan soep. Het is onze eigen Ellen van de stepgroep. Een geweldig leuke vrouw, die absoluut het hart op de juiste plek heeft zitten.

Ook onze stepclub houdt jaarlijks een lichtjestocht door de bekende wijken, die bovendien onderling een competitie houden. Wat is de meest sfeervolle straat of huis. Een soort Oranje-straat-competitie, maar dat is de komende jaren niet meer nodig sinds de uitschakeling van die ongemotiveerde multimiljonairs. Nadien warme chocolade, glühwein en kerststol met spijs besmeerd met roomboter. Altijd een mooie afsluiting van het stepjaar. Kost niks, maar reuze gezellig.

En er was licht………! Genesis, geloof ik. Zo Bijbelvast ben ik niet. Genesis ken ik vooral als progressieve rockband in de jaren 70 van de vorige eeuw.  Maar licht is voor ons allemaal een geschenk. Van licht word je blij, krijg je  goeie zin, word je lichter in je hoofd. Lichttherapie is zelfs een geaccepteerde ofwel bewezen methode. Ook de band Genesis deed zijn naam eer aan, waarschijnlijk geholpen door de nodige speed werd je er wel een beetje licht van in je hoofd.

Op weg naar het licht. Steppend als een mantra, dan word je vanzelf licht in je hoofd. Maar hoe heerlijk is dat. Dat gevoel van zweven. Dat steeds terugkerende ritme. Temidden van de prachtig verlichte omgeving. Het geeft je een warm gevoel en dat straal je dan ook uit. Geef elkaar die warmte. Volg de sterren. Ga op weg. En step het licht tegemoet. Dan blijk je een groter licht te zijn dan je denkt en wellicht gaat er ook nog een ander lichtje branden.

En, niet vergeten, kijk op de stepkalender van www.toersteppen.nl  om je te laven aan de warmte van de lichtjestochten ofwel midwintertochten die worden georganiseerd.

Henk Roelofs, december 2017

Helm op je kop

U kent ze wel die beelden van de Tour de France in de vorige eeuw. Nog niet zolang geleden. Keihard koersen op van die racefietsen met de “shifters” nog op het frame. Het was in ieder geval goed zichtbaar of een renner schakelde. Met de huidige technische ontwikkeling is alleen voor een getraind oog het schakelen nog zichtbaar. Destijds geen oortjes in, dus alles in eigen hand.

Ook werd er in die periode nog met een petje op gekoerst. Klepje omhoog vanwege de reclame, of voor de stroomlijning achterstevoren met de lange haren er onderuit. Mooi gezicht. Nog steeds zijn die petjes voor verzamelaars een grote hobby. Zo’n petje van Eddy Merckx , Bernard Hinault of onze eigen Joop Zoetemelk, Rene Pijnen of Hennie Kuiper.

Maar in mei 2003 was het gedaan met de petjes tijdens het koersen. De helmplicht werd ingevoerd. De maatregel werd genomen naar aanleiding van de val van de Kazachse renner Andrej Kivilev tijdens Parijs-Nice, die daaraan overleed. Kort daarvoor had ie zijn “pothelm” afgezet, omdat hij het te warm vond.

Hoewel de helm geen absolute zekerheid biedt, zoals blijkt uit het overlijden van Wouter Weylandt (met helm op) na een ernstige val, geeft het wel voldoende bescherming voor ons meest vitale lichaamsdeel. En de huidige helm weegt nog slechts 200 gram en heeft voldoende ventilatie. Een ware (r)evolutie, evenals het gewicht van de racefiets, het draadloos schakelen met shifters aan het stuur en zo kan ik nog wel even doorgaan.

En niet alleen in de wielrensport is de helm de normaalste zaak van de wereld, ook andere (niet-gemotoriseerde) sporten wordt de noodzaak gezien. Kijk bijvoorbeeld naar de schaatssport (peloton), skaten, skeeleren, paardensport, skiën, schansspringen, etc. Uiteraard zijn er nog steeds van die malloten die vinden dat ze wel zonder kunnen. Je kent ze wel, die dikbuikige weekend-wielrenners of skaters.  Natuurlijk is bewegen goed, maar neem wel de moeite om een helm op te zetten. De eerste hulp in het weekend heeft het al druk genoeg met al die voetbalblessures, comazuipers, etc

Duitsers hebben genoeg fietsen (!) en in Duitsland ( als ook andere landen) is het dragen van een helm tijdens het fietsen de normaalste zaak van de wereld. Je herkent ze onmiddellijk. Gedegen en “gründlich”. Daar wordt tenminste niet mee gesjoemeld. Althans dat hopen we maar. En ook kinderen dragen een helm. Gelukkig zie je dat in Nederland ook steeds meer. Want met een vaartje van ca. 10 à 20 km p/u tegen een paal aan, is vragen om problemen

En dan die E-bikers zonder helm. Gemiddeld harder dan 20 km p/u. Recente statistieken wijzen op veel ongevallen in deze doelgroep. Onverantwoord. Wat een stelletje idioten. En uit een enquête  werd duidelijk waarom. “Mijn haar, mijn permanentje, te warm, niet stoer, ga een beetje voor gek lopen, etc. “Tja, te warm” dacht Andrej Kivilev ook.

Maar ook steppers zien we nog steeds  veelal zonder helm. Het is niet verplicht, maar wel verstandig. Zowel op de normale weg, als bergje af. Snelheden van 40 km p/u zijn dan niet abnormaal. Maar wel als je zonder helm onderuit schuift. Dan ziet je hoofd er wél abnormaal uit als het tegenzit. Laat staan als je tegen een boom of zo gaat. Op een paar nieuwe fontanellen zit je toch niet te wachten. Die heb je tenslotte allang geleden laten dichtgroeien. En er is zo’n formule (Newton)die kan uitrekenen hoe hard dat is met een bepaalde snelheid en je gewicht. Dat wil je niet weten. Maar mocht je toch benieuwd zijn of jouw hoofd er wel tegen bestand is, maak dan eerst de berekening middels die formule. In de praktijk uittesten lijkt me minder verstandig.

DUS WEES ZUINIG OP JE KOP, ZET EEN PASSENDE HELM OP!!!

Henk Roelofs, november 2017

PILLEN OF BEWEGEN?

De R is weer in de maand. Dat betekent dat alle scholen weer zijn begonnen. Iedereen weer in het normale ritme. Tevens tijd, tenminste als je de commercials moet geloven, om wat extra vitaminepillen te nemen. Want oh, dat najaar met al die regen en storm. Niet te vergeten onze strenge winters. Als je niet oppast loop je de kans ernstig ziek te worden.

“Gewoon gezond eten, rust en regelmaat”,  zou mijn moeder zeggen. Dat is het beste remedie om deze periode met weinig zon goed door te komen. Dan heb je geen pillen nodig.

En sporten? Ja, uiteraard. Bewegen is een van de beste methodes om gezond te blijven. En als de R in de maand is, beginnen de sportscholen weer  vol te stromen. Met mensen die allemaal een geweldig voornemen hebben om wat aan de conditie te gaan doen of om af te vallen. Want een hele zomer lang BBQ-en,  bier, wijn en weinig bewegen doet er geen goed aan.  Helaas haakt na enkele weken weer het grootste deel van de enthousiastelingen af. Hetzelfde patroon in de maand januari. Volgevreten na de feestdagen vlug naar de sportschool om de nodig kilo’s kwijt te raken.

Maar hoe kom je dan van die kilo’s af. In plaats van bewegen zijn er tientallen bedrijven of goeroes die goed garen spinnen bij de verkoop van pillen of andere afvalmethodes. Kost klauwen met geld en leidt tot niets. Zo’n crash dieet helpt zeker  op korte termijn, maar als je je levensstijl niet aanpast, zitten de kilo’s er binnen te kortste keren weer  net zo hard aan. En de zakkenvullers hebben precies bereikt wat ze willen, want er komt weer een volgende periode om te gaan afvallen.

Hopelijk krijgen we in Nederland geen Amerikaanse toestanden hier. Maar ik vrees het ergste. Bijna de helft van de Nederlanders heeft matig tot ernstig overgewicht. Een soort tweedeling in de maatschappij. En dat is in de laatste jaren aanzienlijk toegenomen.

En dat overgewicht is echt een groot probleem. Niet alleen bij volwassenen. Het begint al op jonge leeftijd. Teveel en ongezond eten. Chips, cola, pizza’s, fast food, etc. Allemaal ingrediënten die tot overgewicht leiden. En bovendien bij kinderen meestal weinig goeds betekent voor het gewicht op latere leeftijd. Zo’n 15% van de jongeren tussen de 4 en 17 jaar heeft overgewicht. Zelfs in China is er veel sprake van obesitas bij kinderen. Er worden daar zelfs zomerkampen georganiseerd om kinderen te laten afvallen door gezond te eten en te bewegen. De verwencultuur door het één kind beleid eist daar z’n tol.

Natuurlijk is het niet nodig om allemaal met een 6-pack rond te lopen, maar een goed BMI (Body Mass Index) is wel verstandig. (De formule van een BMI is: Je gewicht gedeeld door het kwadraat van je lengte ). Minder kans op hart en vaatziekten, minder belasting op de gewrichten, etc.

Dus……bewegen, bewegen, en nog eens bewegen. Het enige dat écht helpt. Goed voor hart en bloedvaten, gewicht, spieren, cardio, weerstand, botten, mentale weerbaarheid en zo kan ik nog wel even doorgaan. En gelukkig is er de commercial van Specsavers die op een geheel eigen wijze een knipoog maakt naar bewegen voor ouderen. In plaats een potje bingo is lekker met de billen schudden en bewegen ook voor de ouderen heel goed.

En uiteindelijk zal het ook bijdragen aan een verlaging van de zorgkosten. En dat scheelt ook weer in de portemonnee. Daar is iedereen mee gebaat.

En wat is er dan heerlijker om een avondje te steppen. Heerlijk in de buitenlucht. Alle spieren een beurtje geven. Hoofd lekker leegmaken.  Zowel langdurige verbranding (lees: afvallen) als opbouwen van longconditie komen bij de stepsport aan de orde. Je verbrandt 40% meer calorieën met een uurtje steppen in vergelijking met een uurtje fietsen. En zo heb ik al een grote groep steppers gezien, die zijn afgevallen en een betere (long)conditie hebben opgebouwd.

Dan heb je geen pillen nodig om af te vallen of pillen voor extra vitamines. Laat de R in de maand maar komen. Die kunnen we wel trotseren, want steppen doen we het hele jaar door. Gewoon gezond eten en voldoende bewegen.  En dat geldt zowel voor jong als oud. Sterker nog, wellicht eerder voor de jongeren onder ons dan de 50 plussers.

Of zoals bij onze dokter op de muur staat geschilderd:

ALS JE NIET BEWEEGT, STA JE STIL!!

Henk Roelofs, oktober 2017

SPATLAPPEN

Mijn moeder komt van een boerderij. Eigenlijk moet ik zeggen een tuinderij. Kleinschalig. Stuk land voor tuinbouwproducten, wat vee, varkens, kippen en een boomgaard. Nog beter bekend als een gemengd bedrijf. Het was een oer katholiek gezin en de zonen zaten allemaal op het kerkkoor. En als het onweerde dan ging mijn opa met wijwater, eigenlijk Lourdeswater meegenomen op hun regelmatige kerktrip naar Lourdes, de hooizolder besprenkelen om God zijn zegening te vragen opdat de bliksem niet zou inslaan.

Regelmatig kwam meneer pastoor langs om zich te laten verwennen met allerlei producten van het land of van de jaarlijkse slacht van een varken. Tevens een goede borrel. Dan informeerde hij naar de stand van zaken en vroeg vooral aan de jongste van het gezin van 11 hoe oud ie al was. Jantje zei beleefd “ 4 jaar, meneer pastoor “ en mijn oma stond met het schaamrood op de kaken. Wat zou ie wel niet denken? Nu was mijn moeder de oudste en het lot wilde dat mijn moeder zwanger was van mijn oudste zus, terwijl mijn oma op haar 45ste moest bekennen eveneens in verwachting te zijn.

Het leven op de boerderij was zwaar en hetgeen niet voor eigen consumptie werd gebruikt ging naar de veiling. Aardbeien, bonen, peultjes, fruit, aardappelen, prei, boerenkool, etc. Jaarlijks brachten we onze vakantie door op de boerderij en fietsten we vanuit Amersfoort met het hele gezin ruim 65km naar de boerderij. En dan moesten we uiteraard ook helpen. Urenlang bonen of aardbeien sorteren op de deel. Het was er gezellig. Er werd volop gezongen van kerklied tot smartlap. Van Ave Maria tot Tulpen uit Amsterdam.  Zo vloog de tijd.  Dan werden de gevulde veilingkisten naar de veiling gebracht met een netjes ingevulde veilingbrief. Het vervoer was meestal met pony en wagen, maar soms was de oogst dermate schraal, dat mijn oom die 3 of 4 veilingkisten op het voorrek van zijn transportfiets laadde en ze naar de veiling bracht. Altijd ging ik mee, we zetten de kisten netjes met veilingbrief op het laadperron, scharrelden nog wat rond, terwijl we de keurmeester met arendsogen nauwgezet in de gaten hielden. Als die eenmaal onze levering had gekeurd, liepen we er nonchalant naar toe en keken welke kwaliteit we hadden gekregen. Export!!!! Dat gaat de hoogste prijs opleveren en uitgelaten reden we terug naar de boerderij waar het goede nieuws met veel enthousiasme werd ontvangen. Feest! Vandaag extra ballen in de soep.

Die transportfietsen zijn tegenwoordig weer helemaal in. Vooral bij de schoolgaande schooljeugd. Tas voor in de bak en fietsen maar. Hordes, in lange colonnes zie je ze  bij ons in de omgeving, waar de bible belt begint. Velen op weg naar de speciale gereformeerde school. Heel veel jongelui, want in dit milieu zijn grote gezinnen anno 2017 nog steeds normaal. Twee aan twee naast en achter elkaar. Dat is zo en dat blijft zo, ongeacht de breedte van het fietspad. Soms met z’n drieën naast elkaar, zonder te wijken. Ze worden in de volksmond ook wel de “spatlappen” genoemd, wat ze hebben zowel voor als achter een spatlap, anders kom je bij regenachtig weer onder de modder te zitten. Bakvissen, gekleed in minirokjes met een legging eronder, want een broek mag niet. Samen met de jongens met enig pluis op de bovenlip, die graag hun ogen de kost geven, want die hebben ze tenslotte  niet voor niks gekregen.

Je moet ze niet tegenkomen, want ze wijken voor niets en niemand met hun brede transportfietsen. Geen millimeter. En mocht je er iets over durven te zeggen of stoïcijns jouw deel van het fietspad opeisen, dan kun je een scheldkanonnade verwachten, waarvan de dominee subiet een hartaanval zou krijgen. Nee, dat is geen pretje als je gezellig aan het steppen bent. Ook andere weggebruikers staan doodangsten uit, vooral onze ouderen op hun  e-bike. Maar wees gerust. ’s Zondags gaan ze weer netjes met hoedje op en lange rok aan naar de kerk samen met paps en mams. Alles is dan weer vergeten en vergeven. Dan zingen de “spatlappen” een ander toontje en zeker een toontje lager.

Het is een grote ergernis voor menig weggebruiker. Maar gelukkig steken we er ook iets van op. Spatlappen voor en achter op je step is ook uitermate functioneel.  Voor jezelf en je medestepper. En als je tijdens het steppen, met of zonder de gevreesde óf functionele spatlappen, gewoon gezellig de wereldberoemde “smartlap” zingt “Singin’ in the Rain” , dan is alle ergernis weer snel vergeten. En wellicht ook vergeven.

Henk Roelofs

GEWOON BELLEN

Gelukkig leven we tegenwoordig in een maatschappij waarbij de informatie- en zorgplicht hoog in het vaandel staat.

 Heel lang geleden was dat al zo. Stammen informeerden elkaar door op de tamtam te roffelen of rooksignalen te laten opstijgen. Zo werden andere stammen in naast gelegen stuk van het oerwoud geïnformeerd over een naderend onheil of een vreugdevolle / droevige mededeling. Men informeerde elkaar niet alleen, er was ook sprake van een zorgplicht. De jongere generatie zorgt voor de ouderen. Zowel binnen familieverband, als binnen de sociale omgeving.

Gelukkig zijn via de postduif, de telegrafie, etc de informatiemogelijkheden talrijk geworden. Een stadsomroeper hebben we niet meer nodig. We hebben de krant, internet, radio, tv, etc. Tot op de minuut worden we op de hoogte gehouden van alle gebeurtenissen. En tegenwoordig geven Twitter, Facebook en Whatsapp ook nog eens een kijkje in veel privélevens. Informatie is dus een belangrijk onderdeel van ons leven. Laten weten wat je bezighoudt, wat je aan het doen bent, waar je bent, wat er is gebeurd, etc. En alle informatieoverdracht in een split-second.

 Bellen is in onze huidige bestaan al voor een groot deel op de tweede plaats gekomen. Eerst  appen, twitteren, internetten, alvorens het échte gesprek met elkaar aan te gaan. Gelukkig blijft bellen een belangrijke informatiebron. Je begrijpt elkaar beter, want je krijgt de intonatie er gratis bij. Bellen is misschien wel belangrijker dan men soms denkt. 

Ook op de step. Nog steeds ontbreekt deze “informatiebron” bij veel steppers. Tja, want dat scheelt toch wel gemiddeld een microseconde op een redelijk tochtje. Of het staat niet stoer genoeg op je mooie step met 2 grote wielen. Maar onze medeweggebruikers informeren dat je er aankomt en wilt passeren is toch wel degelijk belangrijk. Dan hoef je niet agressief te schreeuwen dat je wilt passeren of minder moet slingeren, zoals onlangs een agressieve stepper tijdens een goed georganiseerde steptocht deed. Want ja, die zijn er ook. Wangedrag. Remi’s. Ze denken vooral dat ze alleen op de wereld zijn. Dan moeten ze ook vooral solo gaan steppen en niet meedoen aan een recreatieve steptocht. Ze doen me denken aan het liedje van Herman van Veen: “Opzij, opzij, opzij, maak plaats, maak plaats, maak plaats, ik heb ongelooflijke haast”.  Als je niet oppast gaan ze steeds meer lijken op wielrenners met hun 28 inch wielen en dito gedrag. Dus gewoon bellen in plaats van “aso-schreeuwen”.  Het voorkomt irritatie, ongelukken en/of hachelijke situaties.

 Ongelukken zijn van alle dag. Eén moment van onachtzaamheid en je kunt behoorlijk in de problemen komen. En dat kan heel vervelend uitpakken. Weken van herstel zijn soms noodzakelijk. Niet alleen ongelukken, maar ook spontaan fysieke problemen kunnen aanleiding zijn voor ernstige situaties.

Je zult maar bijvoorbeeld ernstig vallen of het aan je hart krijgen. Dan ben je toch behoorlijk van de kaart. Maar vaak roept het betreffende slachtoffer bij een valpartij :  “Niks aan de hand Je hoeft niet te bellen”. Gewoon opstaan, zo nodig stuurtje rechtzetten, niet lullen, flink zijn en weer verder steppen. We zijn tenslotte toch stoer. Of niet soms. Maar of je helemaal “bij de tijd bent” op dat moment is maar de vraag.

 Dus tóch maar gewoon 112 bellen. Beter eenmaal teveel, dan één keer te weinig. Gelukkig is er altijd wel een mede-stepper die de ernst van de situatie goed weet in te schatten en de verantwoordelijkheid neemt om te bellen. 

En bovendien heb je daar in onze huidige tijd geen tamtam of rooksignalen meer voor nodig. Dus in alle gevallen:  Gewoon bellen!!

Henk Roelofs, september 2017

ALPE D‘ HU-YES OR NO

That’s the question? Steppen is leuk. Je krijgt er conditie van en is eigenlijk goed voor je hele lijf. Alles krijgt een beurt, zakmazegge.

Maar verdragen bergen en de step elkaar. Ik weet het niet. Uitdagend is het zeker. Want wie wil er nu niet worden uitgedaagd. Ik wel, toen ik in 2011 als fan naar de Alpe d’Huez toog met de camper om een van onze stepclubleden  aan te moedigen bij de monsterrit “Steppen tegen Kanker”, nadat ze € 1500,- bij elkaar gesprokkeld had om überhaupt aan de start te mogen verschijnen. Dat sponsorbedrag kostte enige moeite. Van alles gedaan. Koeken bij de Lidl gekocht om ze daarna op een braderie voor de driedubbele prijs te verkopen en nog veel meer van dat soort originele acties. Uiteindelijk lukte ‘t niet helemaal en heb ik het beoogde bedrag maar dichtgetimmerd. Tenslotte gaat het om het goede doel “Stop Hersentumoren”. Een fantastisch initiatief, dat tonnen opbracht om gedegen onderzoek te kunnen doen naar hersentumoren.

Aangekomen op de camping onderaan de berg kwam ik in een warm bad van Team Kilian, een jochie met een hersentumor. Ouders, grootouders, vrienden, kennissen, familie, etc. De hele hoek van de camping was ingericht als een grote feestzaal met vlaggetjes, ballonnen, slingers, etc. Wat een gezelligheid en motivatie.

De grote dag was daar en ons lid, tevens masseuse voor verkrampte steppers bij de finish, was er klaar voor. Maar ik ook, omdat ik inmiddels toch nog een step had weten te regelen. ’s Morgens om 6 uur de start. Een gedenkwaardig moment met een minuut stilte voor allen die niet meer in ons midden waren.

Het startschot valt en de meute gaat op pad. Ondanks slechte weersomstandigheden vol enthousiasme en goede moed. We tellen af. 21, 20 19, ………maar oei, bij de eerste bochten zie ik al lopers, ik bedoel steppers die met hun step lopen. Tja, het valt niet mee. 14 km omhoog met 21 bochten. Als je niet oppast sta je al na een paar bochten kotsend in de berm, want je moet wel bijna 1100 hoogtemeters overbruggen met een gemiddeld stijgingspercentage van 7,9 %. Dus de “hupwissel” hanteren, want de klassieke wissel is geen optie, dan val je onmiddellijk stil. Zeker bij de steilste stukken van ruim 11%. Na de bekende Nederlandse bocht (7) ben ik uiteindelijk  in ca. 1 uur en 50 minuten boven. Niet slecht voor een gemiddelde recreatieve stepper.

Was het leuk? Nee! Uitdagend? Ja! Bergen op steppen is voor een stepper als ik niet écht weggelegd. Wel een goede cardio training, zoals onze stepclub regelmatig doet op de Amersfoortse berg.

Helaas is het doek na 2012 gevallen voor deze jaarlijkse monstertocht voor het goede doel. De reden is mij niet bekend. Maar één ding weet ik wel zeker, voor veel enthousiaste steppers inderdaad veel te hoog gegrepen. Op alle fronten. Startgeld van € 1500,-, zeker  5 vrije dagen opnemen, niet onaanzienlijke reis- en verblijfskosten, loodzware beklimming, etc. Mijn suggestie om dan maar gewoon in Nederland zoiets te organiseren bijvoorbeeld bij het Drielandenpunt bij Vaals kreeg geen gehoor. Internationale allure, geen vrije dagen opnemen, nauwelijks reis- en verblijfskosten en flinke heuvels maar wel voor iedereen haalbaar. Maak van het sponsorgeld ook een haalbaar bedrag en je bent verzekerd van een grote deelname. Want wie wil er nou niet voor het goede doel een flinke uitdaging aangaan à la de Amstel Goldrace. Wil je één keer over de Cauberg in Valkenburg, krijg je brons. Maar ga je er vier keer over heen, dan heb je platina te pakken.

Nee, zelfs in het jubileumjaar 2012 van de NAF (opgericht op 10 april 1987) was het geen optie om mijn idee te omarmen. Nog nooit was er zelfs, om wellicht plausibele redenen,  aandacht geschonken aan dit geweldige evenement van de Stichting Stop Hersentumoren. Wat zou het toch prachtig zijn als je over je eigen schaduw kunt springen en een boost kunt geven aan de stepsport door het organiseren van zo’n monsterrit in eigen land. Een gemiste kans. Of……….wellicht een mooie uitdaging voor een verlengd jubileumjaar in 2018??? Ik kijk niet op een jaartje. Wat zou het toch geweldig zijn om een jaarlijks nationaal evenement te hebben. Een soort Amstel Goldrace voor wedstrijd- en recreatieve steppers over de heuvels in het Zuid Limburgse landschap.

Hoe dan ook,  mooi dat er de gemotiveerde mensen van o.a. Team Kilian zijn,  die het goede doel blijven ondersteunen en de Bergentocht voor het vijfde keer organiseren. En jaarlijks zomaar een ton ophalen. Het streven is om op 25 juni 2017 zelfs op anderhalve ton uit te komen. Wat een respect heb ik voor deze mensen die  oog hebben voor het samenbrengen van de recreatieve (step)sport en een goed doel.

Alpe d’Huez? YES or NO?  YES, voor degene die sportief een enorme uitdaging willen aangaan (wel of niet gecombineerd met een goed doel) en er héél véél voor over hebben. NO, voor wie gewoon lekker recreatief wil steppen en een heerlijke uitdaging zoekt in de directe omgeving. Ga dan naar Zuid Limburg en volg de drie gepijlde lussen van de Amstel Goldrace of doe mee met de Bergentocht op 25 juni. www.bergentocht.nl

Henk Roelofs


A.E.W.B.

Ja, je leest het goed. De A.E.W.B. ofwel de Anti Elektrische Wielrijders Bond. Zojuist notarieel opgericht. Je kunt je onmiddellijk aanmelden. Deze bond streeft namelijk een prachtig doel na.

Je kent ze wel. Die grijze duiven die massaal door onze bossen suizen op hun geruisloze elektrische fietsen met een snelheid die onverantwoord hoog ligt. Voorzien van die zéér brede stevige fietstassen, waarin blijkbaar proviand voor een hele week moet passen of nog wat schone onderbroeken voor het geval dat. En vaak ook nog twee flink uitstekende spiegels aan weerszijden van het stuur, die op een tractor niet zouden misstaan. Ze zouden beter een helm op hun grijze hoofd kunnen zetten en van die elleboog- en kniebeschermers omdoen, zoals de skaters.

Vreselijk. Met hoge snelheid komen ze aanscheuren. Met een motoriek van een krakende staldeur en een reactievermogen van de traagste slak ter wereld. De naam van die slak is me trouwens even ontschoten. Zo maken ze ónze bossen onveilig.  En dan ook nog op die super gevaarlijke bosfietspaden met van die lage paaltjes aan beide kanten. Het moest verboden worden. Sterker nog: bekeuringen van de BOA’s wegens onverantwoord rijgedrag.

Natuurlijk wrijft de fietshandel zich in de handen. Heerlijk wat een omzet. Gemiddeld algauw twee ruggen per fiets. En uiteraard lekker veel onderhoud aan die elektrische onderdelen. Kassa!! Want de doorsnee grijze duif heeft toch geen verstand van de hedendaagse elektronica.

Een plaag is het. Erger dan een muggenplaag. Die kun je tenminste nog van je afslaan. Maar zo’n grijze duif van het bosfietspad tikken, is vragen om moeilijkheden.

Dus er zit niets anders op dan de A.E.W.B. op te richten. Met als nobel doel om al die levensgevaarlijke projectielen uit onze bossen te weren. Laten ze net als vroeger lekker gaan fietsen rond de kerk zonder trapondersteuning. Gewoon gezond. Even lekker inspannen. Ook goed voor het middagdutje.

Wij hebben er maar last van op zo’n smal bosfietspad van nauwelijks een meter breed als ze komen aansjezen met een vaartje van zo’n 25 km p/u. Schreeuwen dat ze moeten opletten helpt niet, want de meesten hebben hun gehoorapparaat thuisgelaten omdat het teveel suist in hun oren tijdens het fietsen. En dan beginnen ze uit angst ook nog met die brede spiegels en fietstassen te slingeren als ze een groep steppers zien aankomen. Erger, ze springen abrupt van hun vierkante fiets met lage instap en staan midden op het bosfietspad stil. Daar komen ongelukken van. De helmplicht moet worden ingevoerd.

Je begrijpt het nu wel. De A.E.W.B. is bepaald geen luxe. Gewoon bittere noodzaak. Hoe meer aanmeldingen, hoe eerder dit probleem is opgelost.

Of bekijk ik het nu te éénzijdig? Zie ik het verkeerd? Moeten we juist blij zijn dat de ouder wordende of minder valide mens in beweging komt. En er juist lekker op uit trekken met de elektrische fiets. Want ieder van ons weet dat bewegen gezond is. Is het niet prachtig dat ze juist door deze innovatie achter de geraniums vandaan komen en massaal de frisse boslucht in de longen krijgen?

Ik vrees dat ik me toch een beetje teveel heb laten gaan. Neem me niet kwalijk. Ik zal onmiddellijk de oprichting van A.E.W.B ongedaan maken.

Maar hoe lossen we dit probleem dan wel op? Zouden we er zelf ook wat aan kunnen doen? Zouden we wellicht op die smalle (bos)fietspaden iets beter moeten uitkijken en alerter steppen? In ieder geval op smalle fietspaden achter elkaar steppen? Meer rekening met elkaar houden? Meer respect moeten hebben voor onze ouder wordende mede weggebruikers?

Zoals gezegd, de A.E.W.B. heb ik inmiddels via de notaris weer opgeheven, maar gelukkig is er nog een officiële bond die de belangen van alle weggebruikers behartigd.

De “Algemene Nederlandse Wielrijders Bond” ofwel A.N.W.B. Die is er ten slotte voor ons allemaal. Wellicht hebben zij goede ideeën om het fietsen en steppen voor iedereen zo aangenaam en veilig mogelijk te maken. En dan vooral op die smalle (bos) fietspaden.

 Henk Roelofs

JONG GELEERD, OUD GEDAAN

Als kind had ik in de zestiger jaren uiteraard ook een step. Zo’n eentje met van die dikke luchtbanden. Ieder kind had er wel een. De luxere uitvoering had een rem op het achterwiel. Simpel edoch uiterst effectief. Je trapte gewoon met je hak van je schoen op de rem bij je achterspatbord. En stil stond je.

Het was ook de tijd dat een step een heel normaal vervoermiddel was. Je ging ermee naar school, de sportvereniging, muziekles, etc. Op slot hoefde niet, want in die tijd werd er nauwelijks gejat. Het was ook de tijd van de eenvoudige spelletjes op straat. Hinkelen, katterikken, twisten, landje pik, polstok springen over sloten, etc. Heerlijk, lekker rauzen in de buitenlucht.

Met de step werd je geacht op de stoep te blijven. Veel auto’s waren er in die tijd uiteraard niet, maar volgens de verkeerswet vielen de steppers onder de categorie voetgangers. En dat is nog steeds zo.

Officieel behoren mensen op een step (ofwel autoped zonder motoraandrijving), skeelers, skates, rolschaatsen, skateboard of met een kruiwagen, kinderwagen, skelter, gehandicaptenvoertuig  tot de voetgangers. De wetgeving loopt, zoals vele andere wetten in Nederland, hopeloos achter.

Want stel je eens voor dat je met de step op het trottoir moet steppen. Onlangs heb ik de proef op de som genomen. Vreselijk. Geen doen. Stoepje op, stoepje af. Van een stepvriendelijke stoep heeft men nog nooit gehoord. Het ontbreken van op- en afritjes,  de heilige koe geparkeerd op de stoep,  hondenstront aan je wielen , ongelijke tegels, te smal, etc. Zo kan ik nog wel even doorgaan. Het leek wel op een nieuwe sportdiscipline ”hordensteppen”. 

Ineens kreeg ik medelijden met alle mensen in een scootmobiel of rolstoel. En wat te denken mensen met een rollator of kinderwagen. Hoe is het mogelijk dat we in de huidige tijd nog zo’n enorme doelgroep discrimineren. Ach ja, ook wel begrijpelijk. Want onze overheid is niet in staat zaken voortvarend aan te pakken. Tenzij de verkiezingen in aantocht zijn. Dan vliegen de miljarden je om de oren en heeft men ineens oog voor al die gescheurde panden in de provincie Groningen, de zorg, het onderwijs, etc. Alles wat voorheen niet kon, kan nu ineens wel. Wat een verkiezingsretoriek. En met rekenkundige foefjes houden de politici je finaal voor de gek. Wat een disrespect voor de kiezer.

Wellicht is steppen de grootste sport van Nederland. Waarschijnlijk groter dan voetbal. Want ieder kind heeft wel op een step gestaan, toch!? En dat is niet alleen voorbehouden voor jongens. Het aanbod kindersteps is gigantisch. Ook bij mij in de garage staan, naast een 10-tal steps voor volwassenen, een viertal kindersteps voor onze kleinkinderen.

Zonder motor, uiteraard. Waar de huidige jeugd in toenemende mate met de E-bike en scooter nog te lui is om een stukje te fietsen, is de step gelukkig gebaseerd op een basale inspanning. Goed voor alle spiergroepen en uithoudingsvermogen.

Het woord “autoped” komt uit Amerika, afgeleid van “Autpède” (zelf  + voet).

 Inderdaad, een gemotoriseerde step van de Autoped Company of America (155cc-eencilindermotor). Merkwaardig dat de NAF (Nederlandse Autoped Federatie) derhalve deze naam gebruikt, tenzij alle wedstrijdsteppers stiekem een motortje in hun as hebben. Je weet ‘t maar nooit met die snelheden.

Jong geleerd, oud gedaan! Dat is de right spirit. Steppen is voor alle leeftijden. En dat laatste zag ik onlangs toen ik op vakantie was. Een oud dametje, zeker 80 jaar, bewoog zich voort met een steprollator. Gewoon aan weerszijde, tussen de voor- en achterwielen een plankje. En zo stepte dit oude dametje op haar gemak naar de winkel, boodschappenmandje aan het stuur. Fantastisch om te zien. Goed voor de beweging en sneller dan te voet. Maar helaas, ook daar was het “hordensteppen”.

Gelukkig kunnen wij steppers ons gewoon gedragen als fietsers en gebruikmaken van de fietspaden en/of de rijbaan. En zo tot op hoge leeftijd blijven steppen. Mocht dat echter niet meer lukken, dan kan de overheid hopelijk meer aandacht besteden aan de vele obstakels voor alle  mensen die wel van de stoep gebruik moeten maken. Dan kunnen de ouderen onder ons ook nog met veel plezier gebruik maken van de steprollator. Misschien is het ’n beter  idee om daarvoor een one-issue  partij op te richten. Want zo moeilijk is dat niet. Een verkiezingsprogramma op een A-4tje en voor de rest verkondig je gewoon allemaal halve waarheden.

Henk Roelofs

TANGO-4-TWO

Wie kent ‘t niet? Monty Python’s Flying Circus met in de hoofdrol John Cleese in de wereldbefaamde aflevering over “The Ministry of Silly Walks”(ministerie van rare loopjes). Absurde humor, waarin de ambtenaren zich voortbewegen door voortdurend een been boven de heup omhoog te zwaaien. Vrijwel vergelijkbaar met de stepsport.

Een prachtig ministerie. Zo’n  ministerie zou ook wat voor Nederland zijn. Een ministerie waar alleen van belang is hoe je loopt. Hoe gekker, hoe beter. Dat gecombineerd met hetgeen je zegt, maakt het ideale ministerie compleet. Dan noemen we het gewoon het “ministry of silly  walks and talks” ofwel het “ministerie van rare loopjes en praatjes”.

Wellicht zitten we met zo’n ministerie niet ver naast de huidige situatie. Politici die vaak de meest idiote gedachten en praatjes hebben (nog erger in  verkiezingstijd), waar allemaal trouwens geen spaan van terecht komt. Bovendien hun uiterste best doen om zich zo opvallend mogelijk te gedragen en voor de camera te verschijnen. Hun ego is groter dan deze hele planeet en ze weten allemaal dat er maar één ding belangrijk is: OPVALLEN. Althans in woorden, maar niet in daden. Want daar is over het algemeen groot gebrek aan. Veel geschreeuw, maar weinig wol. Praatjes vullen geen gaatjes. Veel vliegen bij elkaar afvangen. Veel geld uitgeven, waarvan je je  werkelijk afvraagt wat het doel is. Maar het is natuurlijk lekker makkelijk om andermans geld (lees: belasting) uit te geven. Bovendien is er meestal nauwelijks sprake van enige visie. Alles is gebaseerd op de “dagkoers” die in de kranten staat. Het beleid is meestal re-actief in plaats van pro-actief. Van lange termijn denken hebben politici nog nooit gehoord.

Dus laten we vooral een “ministry of silly  talks”  (ministerie van rare praatjes) in het leven roepen, dan kunnen alle politici daar hun rare praatjes stallen  en zich uitsluitend bezig houden met een beleid waar Nederland écht wat aan heeft. Of zich daadwerkelijk verdiepen hoe ze ons zuur verdiende geld op een zinnige manier kunnen besteden in plaats van het met bakken tegelijk te verspillen.

Ik ben bang dat ik me een beetje heb laten gaan. Terug naar het “ministry of silly  walks”. Met deze sketch werd in een interview met mij de stepsport vergeleken. Het afzetbeen met een flinke zwaai naar voren brengen en op trekken zodat de knie ruimschoots boven het stuur uitkomt. Het ziet er inderdaad erg koddig uit en je valt bovendien op. Je bent van maximale aandacht verzekerd langs de route die je stept.

Is het een rare of juist een gracieuze beweging? Ik hou het op het laatste, want de stepsport heeft het meeste baat bij een prachtige swingende beweging gelijk een pendule. Samen met je step is het eigenlijk een TANGO4TWO. Gracieus, vol passie en met een prachtig ritme. Hoe mooi kan de stepsport zijn. Het komt neer op “It takes two to tango”. Samen met je step kom je tot het mooiste resultaat. Passievol glijdend over de wegen, in een mooie cadans en perfecte harmonie. Zoals Sven Kramer onlangs tijdens de 1500 meter grotendeels met zijn handen op z’n rug reed en een beter resultaat liet noteren.

Wat zou het prachtig zijn als de politici zich ook eens een beetje zouden verdiepen in de stepsport en tot de ontdekking komen dat “it takes two to tango” méér visie, harmonie en resultaat oplevert dan al die “silly talks” die nergens opslaan en geen enkele toegevoegde waarde hebben.

Een stepclinic voor politici op het Binnenhof op tangomuziek van Carel Kraayenhof zou wel eens de basis kunnen vormen voor een daadkrachtig regeringsbeleid met minder “silly walks and talks”, bovendien een fantastische promotie voor de stepsport. En wellicht worden politici dan ook glimlachend nagekeken, zoals wij steppers gewend zijn.

 Henk Roelofs, februari 2017

DE ACHTERUITKIJK-BRIL-SPIEGEL

Wie ooit de achteruitkijkspiegel heeft uitgevonden, moet een standbeeld krijgen.Wat is het toch handig om al rijdend toch een blik te kunnen werpen op het verkeer dat achter je rijdt of staat. Handig en soms ook wel leuk.

Vooral als je stilstaat voor een verkeerslicht. Lekker gluren bij de buren. Heerlijk genieten van allerlei tafereeltjes die zich in de veiligheid van het autocompartiment afspelen. Iedereen kent de voorbeelden wel. En niemand merkt dat je zit te gluren.

Maar uiteraard is de achteruitkijkspiegel vooral bedoeld voor je eigen veiligheid en die van je medeweggebruikers.

Met name in de roeisport is de achteruitkijkspiegel zeer populair. Hoe kun je tenslotte goed roeien  als je met je rug naar de finishlijn zit? Handig gemonteerd aan je bril en dus zeer functioneel om een rechte koers te houden en je mederoeiers in de gaten te houden.

Maar omkijken doe ik niet graag. Liever kijk ik vooruit. M’n neus gericht op wat voor me ligt. Uiteraard blik ik bij de jaarwisseling wel even terug. Maar helaas heb ik niet zoveel met hetgeen achter me ligt. Vooruitkijken ligt me beter. Blik gericht op de horizon en wat voor ons ligt.

Toch is achteruitkijken best wel goed. Je ziet wat achter je is gebeurd. Je kunt alles in de gaten houden. Daarnaast kun je ook omzien naar iemand anders. Gaat het wel goed met die persoon? Kunnen we soms iemand een handje toesteken?

Wat zou het geweldig zijn om zo’n “achteruitkijk-bril-spiegel”  in de stepgroep te hebben. Alles wat achter je rijdt (stiekem) in de gaten houden. Zowel de eigen steppers, als de medeweggebruikers. Met je neus vooruit toch kunnen omzien naar anderen. Is er een gat gevallen? Rijden we niet te hard? Komt de stepper met fysieke problemen ook nog mee?

Hoe dan ook, de “achteruitkijk-bril-spiegel” verdient wellicht een plaats in de stepgroep, zodat we probleemloos kunnen omzien naar alles en iedereen, zonder onze nek te verdraaien of in gevaarlijke cq. ongewenste situaties dreigen terecht te komen.

Ik wens allen een gezond en sportief 2017. De neus naar de toekomst gericht en op het juiste moment omkijken. Zo kunnen we veilig vele stepkilometers op de teller krijgen.

Stepclub Amersfoort en het Landelijk Platform Toersteppen zal je daarbij stimuleren en van relevante informatie voorzien.

Henk Roelofs, januari 2017

Comments