Blog

A.E.W.B.

Ja, je leest het goed. De A.E.W.B. ofwel de Anti Elektrische Wielrijders Bond. Zojuist notarieel opgericht. Je kunt je onmiddellijk aanmelden. Deze bond streeft namelijk een prachtig doel na.

Je kent ze wel. Die grijze duiven die massaal door onze bossen suizen op hun geruisloze elektrische fietsen met een snelheid die onverantwoord hoog ligt. Voorzien van die zéér brede stevige fietstassen, waarin blijkbaar proviand voor een hele week moet passen of nog wat schone onderbroeken voor het geval dat. En vaak ook nog twee flink uitstekende spiegels aan weerszijden van het stuur, die op een tractor niet zouden misstaan. Ze zouden beter een helm op hun grijze hoofd kunnen zetten en van die elleboog- en kniebeschermers omdoen, zoals de skaters.

Vreselijk. Met hoge snelheid komen ze aanscheuren. Met een motoriek van een krakende staldeur en een reactievermogen van de traagste slak ter wereld. De naam van die slak is me trouwens even ontschoten. Zo maken ze ónze bossen onveilig.  En dan ook nog op die super gevaarlijke bosfietspaden met van die lage paaltjes aan beide kanten. Het moest verboden worden. Sterker nog: bekeuringen van de BOA’s wegens onverantwoord rijgedrag.

Natuurlijk wrijft de fietshandel zich in de handen. Heerlijk wat een omzet. Gemiddeld algauw twee ruggen per fiets. En uiteraard lekker veel onderhoud aan die elektrische onderdelen. Kassa!! Want de doorsnee grijze duif heeft toch geen verstand van de hedendaagse elektronica.

Een plaag is het. Erger dan een muggenplaag. Die kun je tenminste nog van je afslaan. Maar zo’n grijze duif van het bosfietspad tikken, is vragen om moeilijkheden.

Dus er zit niets anders op dan de A.E.W.B. op te richten. Met als nobel doel om al die levensgevaarlijke projectielen uit onze bossen te weren. Laten ze net als vroeger lekker gaan fietsen rond de kerk zonder trapondersteuning. Gewoon gezond. Even lekker inspannen. Ook goed voor het middagdutje.

Wij hebben er maar last van op zo’n smal bosfietspad van nauwelijks een meter breed als ze komen aansjezen met een vaartje van zo’n 25 km p/u. Schreeuwen dat ze moeten opletten helpt niet, want de meesten hebben hun gehoorapparaat thuisgelaten omdat het teveel suist in hun oren tijdens het fietsen. En dan beginnen ze uit angst ook nog met die brede spiegels en fietstassen te slingeren als ze een groep steppers zien aankomen. Erger, ze springen abrupt van hun vierkante fiets met lage instap en staan midden op het bosfietspad stil. Daar komen ongelukken van. De helmplicht moet worden ingevoerd.

Je begrijpt het nu wel. De A.E.W.B. is bepaald geen luxe. Gewoon bittere noodzaak. Hoe meer aanmeldingen, hoe eerder dit probleem is opgelost.

Of bekijk ik het nu te éénzijdig? Zie ik het verkeerd? Moeten we juist blij zijn dat de ouder wordende of minder valide mens in beweging komt. En er juist lekker op uit trekken met de elektrische fiets. Want ieder van ons weet dat bewegen gezond is. Is het niet prachtig dat ze juist door deze innovatie achter de geraniums vandaan komen en massaal de frisse boslucht in de longen krijgen?

Ik vrees dat ik me toch een beetje teveel heb laten gaan. Neem me niet kwalijk. Ik zal onmiddellijk de oprichting van A.E.W.B ongedaan maken.

Maar hoe lossen we dit probleem dan wel op? Zouden we er zelf ook wat aan kunnen doen? Zouden we wellicht op die smalle (bos)fietspaden iets beter moeten uitkijken en alerter steppen? In ieder geval op smalle fietspaden achter elkaar steppen? Meer rekening met elkaar houden? Meer respect moeten hebben voor onze ouder wordende mede weggebruikers?

Zoals gezegd, de A.E.W.B. heb ik inmiddels via de notaris weer opgeheven, maar gelukkig is er nog een officiële bond die de belangen van alle weggebruikers behartigd.

De “Algemene Nederlandse Wielrijders Bond” ofwel A.N.W.B. Die is er ten slotte voor ons allemaal. Wellicht hebben zij goede ideeën om het fietsen en steppen voor iedereen zo aangenaam en veilig mogelijk te maken. En dan vooral op die smalle (bos) fietspaden.

 Henk Roelofs

JONG GELEERD, OUD GEDAAN

Als kind had ik in de zestiger jaren uiteraard ook een step. Zo’n eentje met van die dikke luchtbanden. Ieder kind had er wel een. De luxere uitvoering had een rem op het achterwiel. Simpel edoch uiterst effectief. Je trapte gewoon met je hak van je schoen op de rem bij je achterspatbord. En stil stond je.

Het was ook de tijd dat een step een heel normaal vervoermiddel was. Je ging ermee naar school, de sportvereniging, muziekles, etc. Op slot hoefde niet, want in die tijd werd er nauwelijks gejat. Het was ook de tijd van de eenvoudige spelletjes op straat. Hinkelen, katterikken, twisten, landje pik, polstok springen over sloten, etc. Heerlijk, lekker rauzen in de buitenlucht.

Met de step werd je geacht op de stoep te blijven. Veel auto’s waren er in die tijd uiteraard niet, maar volgens de verkeerswet vielen de steppers onder de categorie voetgangers. En dat is nog steeds zo.

Officieel behoren mensen op een step (ofwel autoped zonder motoraandrijving), skeelers, skates, rolschaatsen, skateboard of met een kruiwagen, kinderwagen, skelter, gehandicaptenvoertuig  tot de voetgangers. De wetgeving loopt, zoals vele andere wetten in Nederland, hopeloos achter.

Want stel je eens voor dat je met de step op het trottoir moet steppen. Onlangs heb ik de proef op de som genomen. Vreselijk. Geen doen. Stoepje op, stoepje af. Van een stepvriendelijke stoep heeft men nog nooit gehoord. Het ontbreken van op- en afritjes,  de heilige koe geparkeerd op de stoep,  hondenstront aan je wielen , ongelijke tegels, te smal, etc. Zo kan ik nog wel even doorgaan. Het leek wel op een nieuwe sportdiscipline ”hordensteppen”. 

Ineens kreeg ik medelijden met alle mensen in een scootmobiel of rolstoel. En wat te denken mensen met een rollator of kinderwagen. Hoe is het mogelijk dat we in de huidige tijd nog zo’n enorme doelgroep discrimineren. Ach ja, ook wel begrijpelijk. Want onze overheid is niet in staat zaken voortvarend aan te pakken. Tenzij de verkiezingen in aantocht zijn. Dan vliegen de miljarden je om de oren en heeft men ineens oog voor al die gescheurde panden in de provincie Groningen, de zorg, het onderwijs, etc. Alles wat voorheen niet kon, kan nu ineens wel. Wat een verkiezingsretoriek. En met rekenkundige foefjes houden de politici je finaal voor de gek. Wat een disrespect voor de kiezer.

Wellicht is steppen de grootste sport van Nederland. Waarschijnlijk groter dan voetbal. Want ieder kind heeft wel op een step gestaan, toch!? En dat is niet alleen voorbehouden voor jongens. Het aanbod kindersteps is gigantisch. Ook bij mij in de garage staan, naast een 10-tal steps voor volwassenen, een viertal kindersteps voor onze kleinkinderen.

Zonder motor, uiteraard. Waar de huidige jeugd in toenemende mate met de E-bike en scooter nog te lui is om een stukje te fietsen, is de step gelukkig gebaseerd op een basale inspanning. Goed voor alle spiergroepen en uithoudingsvermogen.

Het woord “autoped” komt uit Amerika, afgeleid van “Autpède” (zelf  + voet).

 Inderdaad, een gemotoriseerde step van de Autoped Company of America (155cc-eencilindermotor). Merkwaardig dat de NAF (Nederlandse Autoped Federatie) derhalve deze naam gebruikt, tenzij alle wedstrijdsteppers stiekem een motortje in hun as hebben. Je weet ‘t maar nooit met die snelheden.

Jong geleerd, oud gedaan! Dat is de right spirit. Steppen is voor alle leeftijden. En dat laatste zag ik onlangs toen ik op vakantie was. Een oud dametje, zeker 80 jaar, bewoog zich voort met een steprollator. Gewoon aan weerszijde, tussen de voor- en achterwielen een plankje. En zo stepte dit oude dametje op haar gemak naar de winkel, boodschappenmandje aan het stuur. Fantastisch om te zien. Goed voor de beweging en sneller dan te voet. Maar helaas, ook daar was het “hordensteppen”.

Gelukkig kunnen wij steppers ons gewoon gedragen als fietsers en gebruikmaken van de fietspaden en/of de rijbaan. En zo tot op hoge leeftijd blijven steppen. Mocht dat echter niet meer lukken, dan kan de overheid hopelijk meer aandacht besteden aan de vele obstakels voor alle  mensen die wel van de stoep gebruik moeten maken. Dan kunnen de ouderen onder ons ook nog met veel plezier gebruik maken van de steprollator. Misschien is het ’n beter  idee om daarvoor een one-issue  partij op te richten. Want zo moeilijk is dat niet. Een verkiezingsprogramma op een A-4tje en voor de rest verkondig je gewoon allemaal halve waarheden.

Henk Roelofs, Stepclub Amersfoort

TANGO-4-TWO

Wie kent ‘t niet? Monty Python’s Flying Circus met in de hoofdrol John Cleese in de wereldbefaamde aflevering over “The Ministry of Silly Walks”(ministerie van rare loopjes). Absurde humor, waarin de ambtenaren zich voortbewegen door voortdurend een been boven de heup omhoog te zwaaien. Vrijwel vergelijkbaar met de stepsport.

Een prachtig ministerie. Zo’n  ministerie zou ook wat voor Nederland zijn. Een ministerie waar alleen van belang is hoe je loopt. Hoe gekker, hoe beter. Dat gecombineerd met hetgeen je zegt, maakt het ideale ministerie compleet. Dan noemen we het gewoon het “ministry of silly  walks and talks” ofwel het “ministerie van rare loopjes en praatjes”.

Wellicht zitten we met zo’n ministerie niet ver naast de huidige situatie. Politici die vaak de meest idiote gedachten en praatjes hebben (nog erger in  verkiezingstijd), waar allemaal trouwens geen spaan van terecht komt. Bovendien hun uiterste best doen om zich zo opvallend mogelijk te gedragen en voor de camera te verschijnen. Hun ego is groter dan deze hele planeet en ze weten allemaal dat er maar één ding belangrijk is: OPVALLEN. Althans in woorden, maar niet in daden. Want daar is over het algemeen groot gebrek aan. Veel geschreeuw, maar weinig wol. Praatjes vullen geen gaatjes. Veel vliegen bij elkaar afvangen. Veel geld uitgeven, waarvan je je  werkelijk afvraagt wat het doel is. Maar het is natuurlijk lekker makkelijk om andermans geld (lees: belasting) uit te geven. Bovendien is er meestal nauwelijks sprake van enige visie. Alles is gebaseerd op de “dagkoers” die in de kranten staat. Het beleid is meestal re-actief in plaats van pro-actief. Van lange termijn denken hebben politici nog nooit gehoord.

Dus laten we vooral een “ministry of silly  talks”  (ministerie van rare praatjes) in het leven roepen, dan kunnen alle politici daar hun rare praatjes stallen  en zich uitsluitend bezig houden met een beleid waar Nederland écht wat aan heeft. Of zich daadwerkelijk verdiepen hoe ze ons zuur verdiende geld op een zinnige manier kunnen besteden in plaats van het met bakken tegelijk te verspillen.

Ik ben bang dat ik me een beetje heb laten gaan. Terug naar het “ministry of silly  walks”. Met deze sketch werd in een interview met mij de stepsport vergeleken. Het afzetbeen met een flinke zwaai naar voren brengen en op trekken zodat de knie ruimschoots boven het stuur uitkomt. Het ziet er inderdaad erg koddig uit en je valt bovendien op. Je bent van maximale aandacht verzekerd langs de route die je stept.

Is het een rare of juist een gracieuze beweging? Ik hou het op het laatste, want de stepsport heeft het meeste baat bij een prachtige swingende beweging gelijk een pendule. Samen met je step is het eigenlijk een TANGO4TWO. Gracieus, vol passie en met een prachtig ritme. Hoe mooi kan de stepsport zijn. Het komt neer op “It takes two to tango”. Samen met je step kom je tot het mooiste resultaat. Passievol glijdend over de wegen, in een mooie cadans en perfecte harmonie. Zoals Sven Kramer onlangs tijdens de 1500 meter grotendeels met zijn handen op z’n rug reed en een beter resultaat liet noteren.

Wat zou het prachtig zijn als de politici zich ook eens een beetje zouden verdiepen in de stepsport en tot de ontdekking komen dat “it takes two to tango” méér visie, harmonie en resultaat oplevert dan al die “silly talks” die nergens opslaan en geen enkele toegevoegde waarde hebben.

Een stepclinic voor politici op het Binnenhof op tangomuziek van Carel Kraayenhof zou wel eens de basis kunnen vormen voor een daadkrachtig regeringsbeleid met minder “silly walks and talks”, bovendien een fantastische promotie voor de stepsport. En wellicht worden politici dan ook glimlachend nagekeken, zoals wij steppers gewend zijn.

 Henk Roelofs

februari 2017


DE ACHTERUITKIJK-BRIL-SPIEGEL

Wie ooit de achteruitkijkspiegel heeft uitgevonden, moet een standbeeld krijgen.Wat is het toch handig om al rijdend toch een blik te kunnen werpen op het verkeer dat achter je rijdt of staat. Handig en soms ook wel leuk.

Vooral als je stilstaat voor een verkeerslicht. Lekker gluren bij de buren. Heerlijk genieten van allerlei tafereeltjes die zich in de veiligheid van het autocompartiment afspelen. Iedereen kent de voorbeelden wel. En niemand merkt dat je zit te gluren.

Maar uiteraard is de achteruitkijkspiegel vooral bedoeld voor je eigen veiligheid en die van je medeweggebruikers.

Met name in de roeisport is de achteruitkijkspiegel zeer populair. Hoe kun je tenslotte goed roeien  als je met je rug naar de finishlijn zit? Handig gemonteerd aan je bril en dus zeer functioneel om een rechte koers te houden en je mederoeiers in de gaten te houden.

Maar omkijken doe ik niet graag. Liever kijk ik vooruit. M’n neus gericht op wat voor me ligt. Uiteraard blik ik bij de jaarwisseling wel even terug. Maar helaas heb ik niet zoveel met hetgeen achter me ligt. Vooruitkijken ligt me beter. Blik gericht op de horizon en wat voor ons ligt.

Toch is achteruitkijken best wel goed. Je ziet wat achter je is gebeurd. Je kunt alles in de gaten houden. Daarnaast kun je ook omzien naar iemand anders. Gaat het wel goed met die persoon? Kunnen we soms iemand een handje toesteken?

Wat zou het geweldig zijn om zo’n “achteruitkijk-bril-spiegel”  in de stepgroep te hebben. Alles wat achter je rijdt (stiekem) in de gaten houden. Zowel de eigen steppers, als de medeweggebruikers. Met je neus vooruit toch kunnen omzien naar anderen. Is er een gat gevallen? Rijden we niet te hard? Komt de stepper met fysieke problemen ook nog mee?

Hoe dan ook, de “achteruitkijk-bril-spiegel” verdient wellicht een plaats in de stepgroep, zodat we probleemloos kunnen omzien naar alles en iedereen, zonder onze nek te verdraaien of in gevaarlijke cq. ongewenste situaties dreigen terecht te komen.

Ik wens allen een gezond en sportief 2017. De neus naar de toekomst gericht en op het juiste moment omkijken. Zo kunnen we veilig vele stepkilometers op de teller krijgen.

Stepclub Amersfoort en het Landelijk Platform Toersteppen zal je daarbij stimuleren en van relevante informatie voorzien.

Henk Roelofs

januari 2017

Comments