De sonnetten‎ > ‎

Sonnet 144

Shakespeare


Two loves I have, of comfort and despair,
Which like two spirits do suggest me still.
The better angel is a man right fair,
The worser spirit a woman coloured ill.
To win me soon to hell my female evil
Tempteth my better angel from my side,
And would corrupt my saint to be a devil,
Wooing his purity with her foul pride;
And whether that my angel be turned fiend
Suspect I may, but not directly tell;
But being both from me, both to each friend,
I guess one angel in another's hell.
  Yet this shall I ne'er know, but live in doubt
  Till my bad angel fire my good one out.
Vertaling Jules Grandgagnage (2015)


Twee liefdes heb ik: vertroosting en smart,
Twee geesten waarmee ik mijn leven leid:
De goede engel, een man met deugdzaam hart,
de slechte geest een vrouw die donker dreigt;
Om me nog sneller in haar hel te krijgen,
lokt zij mijn engel weg met veel vertoon.
en wil met wulpsheid hem tot 't kwade neigen;
Verleidt haar zwarte trots zijn pure schoon?
En of mijn engel reeds de duivel dient,
dat weet ik niet, al neem ik het wel aan;
Maar beiden weg van mij, en elkaars vriend,
doen ze, denk ik, elkaar de duivel aan.
  Met die onzekerheid vind ik in wachten baat
  tot ooit mijn slechte geest de goede geest ontslaat.